De vaders en de broers van Putten (1)
Op 1 oktober is het 55 jaar geleden dat in Putten de razzia plaatsvond, in verband hiermee, alsook in verband met de verschijning van een boek hierover, worden enkele artikelen aan dit gebeuren gewijd.
Inleiding
In de zomer van 1964 kwamen wij als gezin in Putten wonen. Je was nog jong, maar al vrij gauw werd je gewaar dat er met dorp en kerk iets aan de hand was. Je proefde een sfeer, je hoorde verhalen; je zag 'het vrouwtje van Putten', telkens wanneer je de plaats verliet. Al deze dingen hadden te maken met de wegvoering van 600 mannen in oktober 1944. Welomlijnd stond dat alles niet voor je, althans toen niet. Maar je besefte dat Putten een unieke plaats innam op de kaart van kerkelijk en historisch Nederland.
Ongeveer een generatie 'oud' was het gebeuren halverwege de 60'er jaren. Het leefde dus nog volop, in de herinnering, in de verwerking, wellicht soms ook in verdringing en ontkenning. Het gemeentebestuur van Putten wilde in ieder geval dat wij het gebeuren niét zouden vergeten. Daarom werd ons als schoolkinderen bij de 20-jarige viering van de bevrijding een boekje uitgereikt, dat heette De vaders en de broers van Putten. De burgemeester schreef in het voorwoord: 'Wij allen leven in een tijd, waarin het leven steeds jachtiger wordt en daardoor ontstaat de mogelijkheid van het in een vergeetboek geraken. Daarom wilde het gemeentebestuur aan jullie allen dit boekje aanbieden, opdat jullie niet zullen vergeten. Geef het een ereplaats in jullie boekenkast.' Veel van mijn jeugdboeken overleefden de opruimwoede vanwege diverse verhuizingen niet. Dit kleine geschrift is er altijd aan ontkomen.
De vaders en de broers van Putten: dat is ook de titel van enkele artikelen, die ik wil schrijven in de Waarheidsvriend naar aanleiding van het boek van Madeion de Keizer. Dat verscheen vorig jaar en zal voorlopig zeer waarschijnlijk het ultieme boek zijn over de wegvoering. Putten, de razzia en de herinnering heet het. Allerlei stemmen worden erin tot klinken gebracht, allereerst van dorpelingen maar ook van anderen, die er het nodige over gezegd en geschreven hebben. Daarnaast zet de auteur het gebeurde in het bredere kader van de Nederlandse geschiedenis van de twintigste eeuw.
Wat haar studie vooral zo boeiend maakt, is dat zij oog heeft voor de geestelijke en kerkelijke achtergrond van Putten, voor 'het Putten achter het Putten'. Dat is met name de reden dat we het boek in de Waarheidsvriend voor het voetlicht halen. Beginnen willen we echter met de beschrijving van de feiten.
De aanslag
In juni 1944 begon de grote aanval op Hitlers pervers regiem: de geallieerden landden in Normandië. Hun opmars verliep voorspoedig. Bij velen in ons land ontvlamde de hoop dat de bevrijding aan staande was. Die hoop kwam tot ontlading tijdens 'de dolle dinsdag' drie maanden later. In deze zelfde septembermaand groeiden ook de illegale activiteiten op de Veluwe snel in omvang. Er waren bijvoorbeeld steeds meer bonnen en persoonsbewijzen nodig, die men bemachtigde door middel van overvallen op gemeentehuizen en distributiekantoren. Ook pleegde men sabotage en spionage.
In dit kader hebben we de opdracht te zien die omstreeks 25 september werd gegeven aan de commandant van het verzet in Putten: er moest een aanslag gepleegd worden op een Duitse auto of koerier. Door dergelijke aanslagen hoopte men belangrijke informatie te bemachtigen, alsook Duitse troepenbewegingen te belemmeren. Zodoende kon verwarring en onzekerheid worden gezaaid. Het waren voor de hand liggende acties. Want de Veluwe vormde – strategisch gezien – een zeer belangrijk achterland van het front bij Arnhem. September 1944 was immers ook de maand van 'de slag bij Arnhem', de operatie 'Market Garden'. En Putten lag in het centrum van het gebied, waarlangs – zo verwachtte men – de geallieerden zouden doorstoten naar het IJsselmeer.
Het werd 30 september, een zaterdag. Tegen tien uur 's avonds ging de acht man tellende verzetsgroep op weg naar de plaats, waar de aanslag zou worden gepleegd. Dat was aan de (oude) rijksweg Putten-Nijkerk. Halverwege bevindt zich de Oldenallerse brug. U kunt er gaan kijken. Dan ziet u aan de zijkant van de weg, bij de brug, een klein monument, dat getuigt van het gebeuren. Wanneer we de verdere omgeving in ons opnemen, zien we dat het een uitgelezen plaats is voor een aanslag. Er is namelijk een kromming in de weg, waar een naderende auto of ordonnans goed onder schot kan worden genomen. Het is een bosrijke omgeving en naar alle kanten zijn er zijwegen, waarlangs men eventueel kan vluchten.
Die nacht, 55 jaar geleden, naderde er op een gegeven moment een militaire auto uit de richting van Nijkerk. Er werd geseind en even later geschoten. Tenminste, dat was de bedoeling. Maar de trekker van de mitrailleur weigerde. De auto bleef gewoon doorrijden. De schutter haalde opnieuw over. Toen lukte het wel. De auto botste op een paal en kwam tot stilstand. De Duitsers sprongen uit de auto en renden weg. Er klonken nog enkele schoten. Toen zetten ook de mannen van het verzet het op een lopen. Een paar kwamen toch weer terug. In een greppel vonden ze een kermende gewonde Duitser. Hem namen ze mee naar een boerderij aan de andere kant van Putten. Daar werd eerste hulp geboden. 's Morgens vroeg werd hij in de buurt van Stroe aan de kant van de weg gelegd. Een boer, die ging melken, ontdekte hem en waarschuwde de Duitsers, die hem naar het militair hospitaal in Apeldoorn brachten.
Eén ding was op dat moment in ieder geval al zeker: de opzet van de aanslag – overmeestering van de Duitsers, ontwapening en onderzoek op belangrijke papieren – was mislukt. De beschoten auto kon namelijk niet meer verborgen worden. Open en bloot stond hij langs de kant van de weg. Voor de Duitsers daarom geen vraag waar de aanslag had plaatsgevonden. Bovendien, drie van de vier inzittenden waren ontsnapt.
Sühnemaßnahmen
Intussen was het zondagmorgen geworden, 1 oktober. Het bericht van de aanslag had de Duitse bezetter bereikt. Geen wonder, want de twee korporaals uit de legerauto konden wegkomen. En een luitenant had, zwaargewond, vlakbij de plaats van de aanslag, bij een boer aangeklopt. Die had hem binnengelaten en wat geholpen. Even later werd hij door de officier eropuit gestuurd om aan de rijksweg een Duitse auto aan te houden. 'Jullie kameraad is gewond!' riep hij de inzittenden toe. Dat begrepen ze. Ze kwamen, verbonden hun collega en brachten hem naar het ziekenhuis in Ermelo.
Langzaam maar zeker begon het raderwerk met het oog op 'Sühnemaßnahmen' (vergeldingsmaatregelen) te draaien. Generaal Christiansen, opperbevelhebber 'in den Niederlanden', werd op de hoogte gesteld van het gebeurde in Putten. 'Das ganze Nest muß angesteckt werden und die ganze Bande an die Wand gestellt,' gelastte hij. (Het hele nest moet in brand gestoken worden en heel de meute tegen de muur gezet.) Vervolgens werd overste FulIriede, een bekwaam militair, belast met de uitvoering van de represailles. Zodoende was een paar uur later Putten totaal omsingeld.
Eén ding stond de legertop van meet af voor ogen: er moesten harde maatregelen genomien worden. Al lang hadden de Duitsers het gevoel dat het in en rond Putten wemelde van de partizanen. Door deze aanslag was voor hen het doorslaggevende bewijs hiervan geleverd. Dit was een prima gelegenheid eens en voor altijd orde op zaken te stellen. Het kwam dan ook goed uit dat niet ver van Putten, in Harderwijk, het Hermann Göringregiment gelegerd was, geoefend in het nemen van represaillemaatregelen. De manschappen daarvan waren het die die zondagmorgen vroeg naar Putten trokken, de plaats hermetisch van de buitenwereld afsloten – met het uitgestrekte buitengebied erbij – en tal van dorpelingen dwongen naar het centrum te gaan. Het 'draaiboek' kenden deze commando's: het doodschieten van wie vlucht, het in brand steken van huizen en het afvoeren van de weerbare mannelijke bevolking.
H. J. Lam, N. a/d IJ.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 1999
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 1999
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's