Wat goed is
'Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de Heere van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?'Micha 6 : 8
Hij heeft u bekend gemaakt, wat goed is.
Bij ons wordt 'goed' gewaardeerd met een acht. En wij hebben het over 'goed weer' en over een goed inkomen. Maar in de Bijbel heeft dit woord er nog een dimensie bij; of liever: in de Bijbel komen wij met dit woordje 'goed' in een heel ander klimaat terecht. In de Bijbel heeft 'goed' alles te maken met Gods recht. En met het werk van Christus. En we denken eraan, dat eens het voorhangsel van de tempel scheurde en de weg openviel: de weg tot het Heilige der heiligen, de weg tot de levende en rechtvaardige God, de weg tot Hem die geen tittel of jota van Zijn geboden kan laten vallen en voor Wie het verzoenend werk van Christus was als een liefelijke offerande: viel het woord, de nodiging nooit in uw hart, door de genade van de Heilige Geest: laat ons toegaan? Hij heeft u bekend gemaakt, wat goed is.
Wat werkte het in uw leven uit?
Hij heeft u bekend gemaakt.
De woorden kunnen ook zó vertaald worden: mén heeft u bekend gemaakt. En dan kunnen we denken aan de profeten en aan al die mensen, die Israël het woord en de wil van God hebben verkondigd. En wij zouden dan kunnen denken (en dan breid ik de betekenis van deze woorden wat uit) aan al die roepstemmen en vermaningen die tot ons kwamen van de kant van vader en moeder, van de kant van de voorgangers, van de kant van goede vrienden. Men heeft u bekend gemaakt. Wat bekend gemaakt? Dat, vaders en moeders, de wijsheid om uw kinderen op te voeden en op het juiste moment het juiste woord te spreken alleen te vinden is in Hem en bij Hem. Dat, jongens, meisjes, je leven zó kostbaar is, dat Hij je aan de wereld en aan de duivel en aan de machten van deze en van alle tijden niet gunt en daarom zegt Hij: verspil je dagen en je jaren niet in ik wéét niet wat voor leegheid, maar vraag naar Hém en zoek het leven in Hem, want het kan nog. En Hij heeft u bekend gemaakt… och, wat zouden we verder nog moeten noemen als alles samengevat kan worden in die eenvoudige en toch zo diep doordringende vraag: heb je de Heere Jezus lief? Of zou je leven in wezen niet verarmen wanneer Hij er niet zou zijn?
En nu zou de profeet, en door hem de Heere, kunnen zeggen: nu heb ik het duidelijk genoeg gezegd. Zoals een vader tegen een zoon kan zeggen: nu zeg ik het niet meer. 'k Heb het nu zó vaak gezegd, nu is het uit. Ga dan maar verder, je eigen weg. Ik trek mijn handen van je af. Of: kan dat? Kan een vader dat doen? De Heere God in elk geval niet. En wat zien we? Dat dat woordje 'goed' nog eens ontleed wordt en dat nu drie dingen genoemd worden, die samen de ware dienst van de levende God uitmaken. En het eerste is dan: recht doen. Wat eist de Heere van u, dan récht te doen.
Dat is: heel Gods recht, of zegt u maar: heel Gods wet doen gelden in heel het leven. Dat eist Hij. En daarmee lopen wij vast. Zouden wij ooit zó kunnen leven, dat Hij er Zijn hoge goedkeuring over kan geven? Ziet u, hoe wij hier gedrongen worden naar Hem, Wiens leven een recht doen was en een recht handelen, zozeer zelfs, dat Hij kon zeggen: Wie van u overtuigt Mij van zonde?
En méér.
Want de Heere eist ook van Zijn volk, dat het weldadigheid zal liefhebben. En weldadigheid is niet een soort liefdadigheid of milddadigheid. Eerder hebben wij er aan te denken, dat de Heere met Zijn volk een verbond gesloten heeft. En nu heeft Hij Zich altijd aan dat verbond gehouden. Nooit heeft Hij Zijn volk laten vallen, en dat zou gekund hebben, want het was een hardnekkig volk, een weerspannig volk. En wat vraagt de Heere nu in onze tekst? Dat het volk ook Hém niet zal loslaten en inruilen voor de valse goden, die nog nooit wat voor het volk hebben gedaan en die dat ook nooit zullen doen. Heb weldadigheid lief. Heb Hém lief. Hoe kan ik het weten (de vraag, zo vaak gesteld), of ik genade bij God gevonden heb? Hieraan kunt u het weten: heb je de Heere lief? Heb je de Heere Jezus lief, heb je Zijn woord lief. Zijn dienst. Zijn Naam, Zijn eer? Maar daar kom ik pas achter als de Heilige Geest het mij gaat leren. Uit het Woord, want de Heilige Geest is de Geest van het Woord. Och, drijft u toch nooit op uw gevoelens, hoe vroom en innig ook, want het waarachtige leven is alleen in Christus. O wat een genade dan, om leerlingen te mogen zijn. Leerlingen van de Heilige Geest, die in alle waarheid leidt; leerlingen, leerjongeren van Christus. Die moeizaam de lessen zich eigen maken, want wie heeft hierin zijn hart mee? Leer mij, naar Uw wil te hand'len… En dan: 'k Zal dan in Uw waarheid wand'len.
Wandelen.
Het laatste van de drie: en ootmoediglijk te wandelen met uw God.
Niet: náwandelen. Náwandelen kun je alleen de afgoden. Maar wándelen veronderstelt een ontmoeting. Aan het wandelen met God gaat wat vooraf. En dan: ootmoedig. Of ook: nauwgezet. Oplettend. Bij het wandelen met God gaat het om de kleine dingen. Bij dat wandelen zeggen wij niet van bepaalde zaken: dat maak ik wel uit. Neen, want wie het wandelen met God mag beoefenen, als Henoch eens, weet er iets van, dat hij opgezocht wordt door Hem, die hij verlaten had en van Wie onze belijdenis zegt, dat Hij Zich begeven heeft om de mens te zoeken, toen deze al bevende voor Hem vlood. En dan is er een Leermeester: de Heilige Geest. Een geduldige Leermeester. Ook een volhardende Leermeester. Laat ons die Geest niet weerstaan: waar Hij werkt, liggen de dingen teer. Laat het in uw hart zijn: Leer mij Uw weg; leid mij in Uw waarheid. Tot ere van Uw heilige Naam.
J. Wieman, Zwijndrecht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1999
De Waarheidsvriend | 19 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1999
De Waarheidsvriend | 19 Pagina's