De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

12 minuten leestijd

Hoe lezen we de Bijbel?
Onlangs werd het 'Jaar met de Bijbel' afgesloten. Uiteraard werd zoiets als een balans opgemaakt. Wordt de Bijbel nog gelezen? Aan de verkoopcijfers af te lezen zou je het wel denken. Toch klinkt de verontrusting over het gebrek aan inhoudelijke kennis van de Bijbel al luider. Kontekstueel besteedt in het laatst verschenen nummer (14e jaargang nr. 1 – oktober 1999) aandacht aan de vraag: staat de Bijbel werkelijk centraal in ons geloofsleven? Hoe lezen we de Bijbel dan? In hoeverre bepaalt de tijd waarin wij vandaag de Bijbel lezen en proberen te verstaan onze omgang met de Bijbel? Dr. G. C. den Hertog, christelijk gereformeerd predikant te Leiden, gaat uitvoerig in op deze vragen in een bijdrage onder de titel 'Bijbellezen tussen belofte en aanvechting'.
Na eerst geschreven te hebben hoe in zijn eigen jeugd de omgang met de Bijbel zich voltrok, probeert hij te analyseren wat er in orthodox-gereformeerde kring veranderd is:

'Een eerste, grote verschil is voor mijn besef dat we er vandaag stilzwijgend van uitgaan dat de Bijbel vooral ons gevoel wil raken. De meeste bijbelstudies die ik onder ogen krijg, mikken niet op een eens even stevig met elkaar doorpraten, maar meer op het op gang brengen van persoonlijke gesprekken over ervaringen die je opdoet, en over levensvragen. Als ik die verschuiving naast de ontwikkelingen in de cultuur leg, vallen de parallellen op. Waar is de maatschappij-betrokken theologie gebleven? Het is alles ervaring, levensverhaal, enz., wat de klok slaat. De Bijbel wordt gelezen, toegesneden op het innerlijk, op de vragen waar je als jongere mee zit (als je er niet mee zit, is dat vaak ook een reden om af te haken: wat heb je dan in de kerk te zoeken?).
Dat heeft nogal wat gevolgen. Als we in onze manier van bijbellezen de wending naar binnen zoals die zich in de cultuur voltrekt volgen krijgen we aansluiting, maar onvermijdelijk ook aanpassing aan de cultuur. Een verinnerlijking van de boodschap is verleidelijk. De vragen wat de boodschap toen gedaan heeft, en in het kielzog daarvan de vraag naar wat er aan geschiedenis in de Bijbel zit, kun je laten zitten. Je hoeft er in ieder geval niet echt een punt van te maken. Het moderne piëtisme trekt zich terug op het innerlijk, en herhaalt zodoende de beweging die zich in de 19e eeuw heeft voltrokken, en die – zoals bekend – niet alleen de wereld, maar ook de christenheid aan zichzelf heeft overgelaten. Het heeft de geschiedenis van de 20e eeuw diepgaand en op fatale wijze bepaald.
Een tweede gevolg van de gesignaleerde manier van bijbellezen is dat je voedsel geeft aan de idee dat je van het lezen van de Bijbel mag vragen dat je er wat aan hebt. Is dat dan niet zo? Ja, maar er moet wel wat bij gezegd. Vandaag meen ik aan te voelen dat men vindt dat de Bijbel direct antwoord moet geven op onze vragen. Ik ken veelgebruikte bijbelstudies waarvan de makers zich niet of nauwelijks moeite geven om na te gaan wat de boodschap toen was, en tot wat voor Israël of gemeente een bijbelboek of brief precies gericht was – nee, kort door de bocht de vragen van jongeren ertegenaan gelegd, en ziedaar de antwoorden. Een soort cup a soup-methode.
Deze twee elementen – verinnerlijking van de boodschap en bijbellezen vanuit onze (echte of geconstrueerde?) vragen – zijn voor mijn besef vandaag in hoge mate bepalend voor de omgang met de Bijbel in het orthodoxe protestantisme. Waag het niet er wat van te zeggen! Je bent toch al blij als jongeren met de Bijbel bezig zijn?! Ze kunnen toch beter Opwekking zingen dan dat ze in een disco rondhangen? Wat zou je dan zeuren?

Deze manier van omgang met de Bijbel kan niet zonder gevolgen blijven, aldus dr. Den Hertog.

'Intussen heeft het ook vandaag wel zijn gevolgen. Hoe gaat het met de jongeren die zo de Bijbel hebben leren lezen als ze ouder worden? Op de leeftijd van 25 à 30 jaar openbaren zich vaak de eerste problemen met bijbellezen, kerkgang, gebed. Een paar jaar geleden maakten ze nog deel uit van de jeugd, kwamen ze samen met andere jongeren de kerk binnen, zaten bij elkaar, waren trouwer in kerkbezoek dan vele ouderen, maar nu ze wat ouder worden, gesettled zijn, een paar kinderen hebben, worden de contacten in de kerk minder, bovendien eist het werk steeds meer van hen, en je wilt wat verdienen voor je huis en voor leuke dingen.
Is het vreemd, dat deze generatie eenvoudige en aansprekende preken wenst? En weer kijkt een oudere generatie je verwijtend en/of verwachtingsvol aan. Nee, de vraag of het goed is, of ze gelijk hebben wordt niet gesteld. "Doe er iets aan, je ziet toch hoe ze zich langzaam maar zeker naar de rand bewegen…"
Neem het deze dertigers en hun ouders eens kwalijk… Wie heeft hun geleerd dat de Bijbel een weerbarstig boek is, dat het in het geloof niet "werkt" zoals bepaalde populaire liederen suggereren? Maar is er ook iemand, die de vinger aan de pols houdt, als deze dertigers ineens bij zichzelf bespeuren dat dat innerlijk van hen ook zonder bijbellezen en gebed zich nog heel prima voelt, en dat ze verder ook heel "lekker in hun vel zitten"?
En als ze dan inmiddels de NRC voor hun werk lezen, en blootstaan aan een constante confrontatie met een moderne kritische benadering van de Bijbel, of eigenlijk: de stelselmatige negatie, de niet-relevant-verklaring van de Bijbel, is er vaak geen houden meer aan. De gestadige druppel heeft de steen al té ver uitgehold.'

De wending naar het gevoel, aldus dr. Den Hertog, kwam niet zomaar uit de lucht vallen en heeft zelfs een legitiem element. Toch, hoe wapenen we ons tegen een eenzijdige omgang met de Bijbel?

'"Hoofd" en "hart" – we zullen ze weer bij elkaar moeten krijgen. Met ons "hoofd" denken we na, en we beseffen dat de Bijbel een "vreemd" boek is, d.w.z. afkomstig uit een andere cultuur en een andere tijd. We stellen vragen. We vergelijken Schrift met Schrift, maar ook met wetenschap en levensgevoel. Dat is een proces dat ons vragen oplevert, en inspanning kost. Het kon vroeger thuis aan tafel gesprekken uitlokken. Door die benadering van het "hoofd" in ere te houden doen we recht aan het gegeven dat de Bijbel een boek is dat tegenover ons staat. Het laat zich niet omzetten in herkenbare ervaringen, en het gaat er al helemaal niet in op. Het "hoofd" houdt de Bijbel op heilzame afstand. Heilzaam, want God is in de geschiedenis bezig en Hij is de levende God.
Met ons "hart" geloven wij. Het "hart" is vol­ gens Calvijn en de Heidelbergse Catechismus nummer twee. Dat wil niet zeggen, dat het van minder belang is dan het "hoofd". In een bepaald opzicht is het "hart" zelfs eerder nummer een, want in dat "hart" vallen de beslissingen. Maar dat "hart" kan zich niet vanuit zichzelf verlossen. Het heil komt van buiten, uit de joden, uit Christus, en wordt ons door de Heilige Geest toegeëigend. Maar levenslang blijft het buiten ons, of beter: voortdurend moet God ons omzetten in Zijn Woord, zoals Luther het zegt.'

In het vervolg van zijn bijdrage in Kontekstueel stelt dr. Den Hertog nog een probleem aan de orde dat vandaag de nodige spanning oproept: de kloof tussen de moderne bijbelwetenschap en het geloof in orthodox-gereformeerde kerken. We kunnen ons daar niet zomaar van afmaken. Het is ook niet gewenst, aldus dr. Den Hertog. We moeten ons verstand durven gebruiken. Het historisch-kritisch onderzoek van de Bijbel hoeft niet te leiden tot ondermijning van het geloof, het kan het geloof soms zelfs tot een dieper inzicht brengen.
Het voert te ver om uit dit onderdeel te gaan citeren. In het Nederlands Dagblad van 30 oktober staat een gesprek te lezen dat Koos van Noppen met dr. Den Hertog had. Hij haakt in op het artikel uit Kontekstueel waar we hierboven uit citeerden. Den Hertog doet de uitspraak dat veel bijbelstudies zich vandaag door een cup a soup-methode kermierken van concrete directe antwoorden. Er wordt nauwelijks rekenschap gegeven van de vraag naar de oorspronkelijke bedoeling en betekenis van het bijbelwoord. Direct komt de vraag op tafel: wat heb ik daar nu aan, wat kan ik daar mee, 'werkt' het nog? Den Hertog vindt dat veel te goedkoop en te makkelijk.

Maar wat is er tegen om de Bijbel te lezen vanuit de vraag: wat nut mij dit?
'Niets. De catechismus doet dat ook. Maar het verschil tussen de tijd van de Reformatie en nu is dat mensen vandaag zeggen: ik kan toch zeker zelf de Bijbel lezen? Vandaag hanteert men die vraag vaak als een filter, die bepaalt wat ik nog wel en niet wil horen. Niet voor niets hebben de reformatoren mensen een catechismus meegegeven, als leidraad om te voorkomen dat de lezer helemaal de mist in ging.'

Het zijn niet de minst gemotiveerde gemeenteleden die bijbellezen volgens die 'cup a soup-methode'; vaak jongeren, die er radicaal 'voor gaan'. Is het wel nodig om daar dan zo de vingerbij te leggen?
'Vooraf dit: Ik word er nijdig van als ik zie hoe allerlei mensen er vandaag op uit zijn om oprechte gelovigen aan het wankelen te brengen. Dan denk ik: dat moeten jullie nog wel een keer verantwoorden. Ik wens mij allerminst in dat koor te scharen. De moet er niet aan denken dat mensen tegen me zouden zeggen: Je wordt bedankt, je hebt me mijn geloof afgenomen. Dáár zou ik echt nachten van wakker liggen.
Ik constateer alleen dat jongeren van 16, 17 jaar nog zeer betrokken zijn op het geloof en de kerk, naar de EO-jongerendag gaan, etc. Maar als ze ouder worden, gaan studeren en een baan hebben, laten ze dat alles achter zich, als een fase in hun leven. Het probleem is dat ze zich met hun eigen kleine bijbel hebben opgesloten in de wereld van de innerlijkheid en de sleutel door het raam naar buiten hebben gegooid.
Als het Woord niet landt midden in het leven, kom je vroeg of laat voor een heleboel vragen te staan. Wat betekent Shoah (Auschwitz)? Wat gebeurt er in Kosovo? Waar is God in onze cultuur? Daar kun je dan niets mee, want je leest de Bijbel slechts voor je privé-leven. Terwijl het Woord beslag wil leggen op heel het leven. De kerk wordt niet gebouwd met mensen die 's zondags naar de kerk komen, hun kinderen laten dopen, maar door de week met hun hart alleen maar bij hun carrière zitten. Die "moderne piëtisten" laten in feite de wereld over aan het vrije spel van de krachten. Daar zullen we vroeg of laat de rekening voor betalen.
In de kerkdienst moet je de goden van deze tijd aanwijzen en ontmaskeren, om de mensen te brengen tot de eenvoudige gehoorzaamheid van zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus ("… om voortaan voor Hem te leven"). Dat gaat over het volle leven, niet slechts over het innerlijk.'

Uit uw kritiek op het 'instant-bijbellezen' krijg je de indruk dat we allemaal bijbelwetenschappers moeten worden…
'Dat bedoel ik niet. Maar we weten allemaal dat je bij het persoonlijk bijbellezen voor problemen komt te staan. Als je moeilijke gedeelten overslaat, houd je een klein bijbeltje over, want er is een aantal gedeelten die je niet "prettig" voor jezelf gaat zitten lezen. Neem het voorbeeld van de 42 kinderen die door de beren worden verscheurd. Ondertussen staat het wel in de Bijbel, dus je hebt een probleem, maar je wenst het alleen niet te zien. Bovendien, als je alleen leest wat jou aanspreekt of smaakt, kom je vroeg of laat voor de vraag te staan: Geloof ik in God of in mijn eigen geloof? Ben ik misschien bezig mezelf aan mijn eigen haren uit het moeras te trekken?
Nietzsche nam het de wetenschappers van zijn tijd kwalijk dat ze zichzelf tot maatstaf namen en met een meewarige glimlach teksten uit het verleden beoordeelden, terwijl ze zelf buiten schot bleven. Nee, zei Nietzsche terecht, die tekst uit het verleden zou mij wel eens veel kunnen uitleggen.
Iets dergelijks zie je op dit moment in het orthodox-protestantisme. Als je de Bijbel onderwerpt aan jouw levensgevoel, aan jouw inzichten van dit moment, aan wat er op je bijbelkring of EO-mannengroep leeft, dan is dat je maatstaf. Maar wat je dan per saldo overhoudt, is niets anders dan wat rondzingt in het circuit waarin je je bevindt.
Je ziet het ook breder in de kerk. Een preek, zei Schleiermacher in de vorige eeuw, is een vrome toespraak waarbij je het aanwezige vrome gevoel in de harten van de toehoorders versterkt. Ik zou geen gereformeerd theoloog weten die daar "amen" op zegt, maar in de praktijk denk ik dat deze opvatting zijn duizenden verslaat. In theorie wordt ze volstrekt afgewezen, maar in praktijk zwaar omhelsd. Waar dat gebeurt, warmen mensen zich aan elkaar, maar worden geloof en kerk verbannen naar de wereld van de hobby. Dan kan het weinig meer uitrichten. Preken zijn soft, lievig, dicht bij het hart. Mensen willen een "fijne" dienst. Maar was het gezellig toen Jezus tegen Petrus zei: Volg Mij? Was het een "fijne preek" toen Hij zei: Simon, ik heb u iets te zeggen?
De inzet van de Reformatie was: "God verandert ons in Zijn Woord". Dat is een proces, waarin dat Woord als een kracht met majesteit je leven werkt, je helemaal in beslag neemt, je een nieuw bestaan geeft. Het uiteindelijke doel is, niet maar mensen versterken in datgene wat er is. Want als je daar doorheen prikt, denk ik dat veel vrome en betrokken kerkmensen huiveren van de leegte die ze in zich ervaren. In die leegte moet gesproken worden over God, die het licht heeft doen worden in onze harten. Reformatie betekent naar mijn overtuiging dat we dat weer centraal stellen.'

Behartigenswaardige woorden zijn dit en verhelderend tegelijk.

Je kunt de Bijbel niet alleen op een vrijzinnige manier kwijtraken, het kan ook langs een zogenaamde orthodox-gereformeerde weg. 'Er is inderdaad alle reden voor om de plaats van de Bijbel in het orthodox-protestantisme tegen het licht te houden.

J. Maasland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 november 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 november 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's