Millenniumgebed
Op vrijdagavond 29 november wordt in de Utrechtse Domkerk, 'waar ooit Willibrord de basis heeft gelegd voor het christelijk geloof in onze streken', een Millenniumgebedsdienst gehouden, nadat al eerder zulke diensten werden gehouden in Leeuwarden, Deventer en Middelburg. De bedoeling ervan is als volgt aangekondigd:
Het 'Millennium-gebed' is een moment van inkeer en schulderkenning.
Het ontvangen van Gods beloften voor de toekomst, en het daadwerkelijk leven uit die beloften, staat niet los van het belijden van schuld over het verleden. Christenen hebben actief meewerkend, bijval gevend of wegkijkend, het grote lijden van miljoenen veroorzaakt en niet verhoed.
Enkele voorbeelden:
– alle eeuwen door het antisemitisme, met verbijsterend dieptepunt de Holocaust;
– het neerkijken op en onderdrukken van anderen, op basis van sekse of ras, door onder andere slavernij, slavenhandel en kolonialisme; wreedheden begaan tegenover belijders van andere godsdiensten, het te vaak en te makkelijk betrekken van Gods naam in oorlogen, het zo vaak schuwen van een profetisch getuigenis en daadkracht in het zoeken naar vrede, en het verminderen van de onaanvaardbare en nog steeds toenemende tegenstelling tussen arm en rijk;
– de overmatige en eenzijdige nadruk op economische groei te vaak ten koste van het milieu en uitmondend in dolgedraaid consumentisme;
– in de privé-sfeer: het onvermogen tot trouw in relaties, en de verheerlijking van individuele vrijheid als onaantastbaar recht op praktisch alle gebieden.
In de Domkerk willen christenen hun eigen rol in het verleden en in deze doorlopende trends voor God belijden. Daarenboven belijden zij dat het helder getuigenis van het evangelie, dat haaks staat op deze eerder genoemde zaken, door onderlinge verdeeldheid en onverdraagzaamheid ernstig verzwakt werd. Daarom zal ook, rond het teken van het kruis, de fundamentele eenheid van het geloof in Jezus Christus uitgesproken worden en gebeden worden om Gods hulp voor de toekomst van onze samenleving, en kracht om te leven vanuit evangelische normen en waarden.
Initiatiefnemer voor deze diensten is Otto de Bruijne, presentator bij de Evangelische Omroep. In totaal 135 personen betuigden op persoonlijke titel adhesie met deze omroep; een geschakeerd gezelschap van bisschop Simonis tot Bas de Gaay Fortman, van Albert van den Heuvel tot Bas Plaisier, van Barend Wallet tot Willem Ouweneel, van majoor Bosshard tot Herman Hegger, van Jurrien Beumer tot Bob Goudzwaard, van Teun van der Weijden tot Jan Maasland. Merkwaardig dat alleen Simonis en Bosshard in hun functie, alle anderen bij de voornaam worden aangeduid. Uit hervormd gereformeerde kring tekenden behalve ds. Maasland ook de predikanten W. Dekker, H. de Leede, P. L. de Jong, D. Ph. C. Looyen.
De belangstelling voor de Utrechtse dienst is zo groot, dat een tweede kerk moet worden bijgetrokken om de deelnemers plaats te kunnen bieden. De liturgie voor de gebedsdienst is reeds op brede schaal verspreid, alsook een geschrift, waarin een aantal ondertekenaars van de oproep een korte meditatie schreven, onder de titel Millenniumgebed 1999-2000 (uitgave Kok/Voorhoeve, Kampen).
Breed
Een dergelijke breed opgezette gebedsdienst is alleen mogelijk wanneer dat op persoonlijke titel geschiedt. Dan moet de beoordeling ook voorzichtiger uitvallen dan wanneer allerlei kerken en verbanden, waarvan de identiteit of de doelstelling nauwkeurig bekend zijn, zich tot zo'n initiatief zetten. Over het hart valt niet te oordelen. Als personen elkaar samen vinden in een gemeenschappelijke aandrang tot schuldbelijdenis dan past terughoudendheid in de beoordeling. Al geldt ook hier dat een kerkelijke bidstond een meerwaarde heeft.
In De Saambinder (geref. gem.) merkte ds. C. Harinck in een overigens lezenswaardig artikel op, dat de kerken, die wat dit millenniumgebed betreft vooraan willen lopen, juist de kerken zijn, die de jonge generatie de Bijbel afgenomen hebben. Ik val hem bij als hij dan verder uiteenzet wat de moderne theologie heeft aangericht en hij daaraan toevoegt, dat schuldbelijdenis wegens die zonden in het Millenniumgebed wordt gemist. Inderdaad, de kerken dragen (mede) schuld. De eerlijkheid gebiedt echter daartegenover te stellen, dat het juist personen uit diezelfde kerken zijn, die tot schuldbelijdenis oproepen. Het is geen schuldbelijdenis van kerken. Personen doen het plaatsvervangend en merken dan op, dat zij hun eigen rol in het verleden ten aanzien van de bovengenoemde zaken willen belijden. Is het dan een 'schuldbelijdenis zonder pijn' zoals ds. Harinck vermoedt? Is het een belijdenis zonder pijn aan eigen kerk? Dat zou ook te zeggen zijn bij de vele diensten van gebed en verootmoediging, die de laatste tijd gehouden zijn met betrekking tot verontrustende voorstellen van de paarse regering inzake abortus, euthanasie en het homohuwelijk. De zaken zelf, die daar aan de orde zijn, raken ook immers nog niet (direct) allen, die aan die diensten meededen? Daar zijn we kerkbreed immers tegen? Maar schuldbelijdenis vindt toch altijd plaats in solidariteit met het volk? 'Wij en onze vaderen hebben gezondigd!' In de oproep tot gebed, die het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond recent deed uitgaan, is overigens ook de hoop uitgesproken, dat het een nationaal gedragen gebed zou zijn.
Mij dunkt, dat in de thema's, die in het Millenniumgebed aan de orde zijn, evenzeer onze schuld aan de orde is als in de thema's, waarvoor we in de Gereformeerde Gezindte direct gemotiveerd worden tot gemeenschappelijk gebed. We leven in een kreunende wereld. De ganse schepping zucht en is in barensnood. Dat komt tot uitdrukking in de gevolgen ook van ònze daden en van de gebrokenheid en de zielloosheid van ònze kerken. Daarom mag een schuldebelijdenis als nu wordt beoogd en gedaan niet zonder pijn zijn.
Mes
Het artikel van ds. Harinck zet overigens (consequent) ook het mes in eigen vlees. Hij schrijft: 'Wij kunnen het als orthodoxe kerken hebben over de zondigheid van de wereld, het verval in vele kerken, de wereldgelijkvormigheid van de kerkleden en de losbandigheid van de jeugd… Maar het mes in eigen vlees zetten is wat anders'. Ten aanzien van zijn eigen gemeenten noemt hij dan zaken, die veel pijn doen, waarbij hij denkt aan de scheuring in 1953 en aan de gestage uitstroom van jonge mensen. Daar kunnen wij ook ten aanzien van eigen hervormd gereformeerde kring bij vallen, zowel als het gaat om kerkverlating als wanneer we denken aan de polarisatie, die is toegeslagen, niet in het minst rondom Samen op Weg. Zo hebben we, vanwege de uitstraling van ons kerkelijk leven, toch ook samen deel aan de noden in onze wereld, dichtbij en ver weg!
Reden
Er is alle reden om breed schuldbelijdenis te doen. Het geschiedt in vele gebedsdiensten. Als de pijn over eigen schuld niet wordt gevoeld, hebben gebedsdiensten – of ze nu gaan over wat momenteel in onze eigen samenleving speelt of over wat in de eeuwen achter ons, niet in het minst de voorbije eeuw aan kwaad is geschied – dan heeft schuldbelijdenis geen betekenis. Het gaat dan altijd over anderen. Dan zou het woord van Jeremia kunnen gelden: 'O Heere zien Uw ogen niet naar waarheid? Gij hebt hen geslagen, maar zij hebben geen pijn gevoeld; Gij hebt hen verteerd, maar zij hebben geweigerd de tucht aan te nemen; zij hebben hun aangezicht harder gemaakt dan een steenrots, zij hebben geweigerd zich te bekeren' (Jer. 5 : 3).
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1999
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1999
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's