De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Eerste Adventsweek

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eerste Adventsweek

6 minuten leestijd

'Lijd smart en arbeid om voort te brengen, o dochter Sions! als een barende [vrouw].'(Micha 4 : 10)

Micha is een profeet, die leefde ten tijde van koning Jotham, Achaz en Hizkia.
Jotham, hij deed dat recht was in de ogen van de Heere. Hij bouwde veel aan de muur van Ofel. De Ofel was waarschijnlijk de burcht van David, die als een herderstoren boven Jeruzalem uitstak en zo kon de koning als een herder over zijn volk uitzien en de vijand al van verre zien aankomen.
Achaz, hij deed niet wat recht was in Gods ogen. Hij offerde zijn zonen aan de Moloch in het dal van Hinnom. Daarom strafte God hem door o.a. de Syriërs, het tien stammenrijk en Assyrië. Hij liet het altaar in Damaskus namaken en offerde daarop. Hij is ook de koning, die weigert een teken te vragen aan God door de profeet Jesaja, maar toch een teken ontvangt, n.l. van de komst van Immanuël.
Hizkia, hij deed dat recht was in de ogen van de Heere. Hij stelde de officiële dienst van de Heere weer in. Hij vierde het Pascha. Ook werd hij genezen van een dodelijke ziekte, zodat hij nog 15 jaar mocht leven.
Micha is een tijdgenoot van de profeet Jesaja. Het is een periode van bedreiging. Assyrië is een grootmacht en de komst van Babel bliksemt aan de horizon. God spreekt krachtig door de profeten tot Juda en Jeruzalem, maar het volk luistert erg slecht. Hun hart is niet echt met de dienst van de Heere. Dan komt ook de invloed van de gelovigen onder hoge druk te staan. In het eerste deel van Micha spreekt de Heere krachtige woorden van oordeel over de goddelozen in Samaria en Jeruzalem. Tegen valse profeten en goddeloze leidslieden. Maar in alle gerichten vergeet God Zijn kinderen niet. In hoofdstuk 4 : 1-5 wordt over de toekomst van Jeruzalem gesproken. God heeft het heil voor ogen. In deze stad zal Hij worden aanbeden door Israël en de volken.
De dochter van Sion. Dat is een troetelnaam van God voor Zijn volk, waarin Hij Zijn hartewens uitspreekt. God zal de dochter van Sion niet vernietigen, maar bewaren en aan haar al Zijn beloften heerlijk vervullen. Maar wat de Heere vreselijk vindt, wat Hem een gruwel is, dat is de schijnvertoning. Doen alsof. Een soort Sion-theologie, die met het leven uit God niets te maken heeft. Een gemeente-Gods-gevoel, dat bol staat van gevoelens voor en koestering van het egoïsme, het eigen vlees, zinnelijk genot in de breedste zin van het woord. Gods Naam wordt wel genoemd, maar in werkelijkheid wordt Hij er volkomen buiten gehouden. Hij mag de gunstige voorwaarden scheppen voor een overdadig leven, maar Hij is er niet de inhoud en het doel van. Die belediging gaat Hij nu uitroeien door zware straffen, maar het echte Sion vergeet Hij niet.
Dit is de achtergrond van Micha 4 : 10.
Lijd smart en arbeid om voort te brengen, als een barende vrouw. Deze woorden hebben de kracht om een grote angst aan te duiden. Het is een uitdrukking die wij in de Bijbel tegen komen als een teken van totale overrompeling. De handen worden slap gemaakt. Nergens kun je meer aan denken, dan aan angst voor het ongewisse. Verbonden met hetgeen God in Genesis 3 zegt, is de smart bij het baren van kinderen vol van de angst voor de dood, die overal en altijd dreigt. Door de mond van Micha laat God het volk nu weten, dat het de schijnvertoning is, die God zo vertoornd. Wie meent met God een spel te kunnen spelen, wie denkt God voor zijn karretje te kunnen spannen, die zal zich rampzalig schrikken.
Maar midden in het vreselijke oordeel, vergeet God de gelovigen. Zijn kinderen niet. Het is een lijden, dat ook Zijn kinderen treft, maar wel het lijden en de smart van een barende vrouw. Het koningschap van de dochter Sion zal komen, door de Koning die uit haar geboren zal worden. Het Kind, waarvan Jesaja en Micha mogen spreken, zal komen. Al zal de ballingschap komen, door de bedreiging van Assyrië en Babel, nochtans zal God Zijn volk terug leiden. Het gaat niet om de verwoesting, de vernietiging van de dochter van Sion, maar om de loutering. Zij zal zuiver op God gericht zijn. Zij zal zuiver dienen in het grote Heilsplan van God. De pijnen en smarten van de oordelen van God hebben het doel, dat de Zoon van God geboren zal worden. De Herder van Israël, die als een Herdersvorst zal regeren. Hij zal Zijn leven geven. God maakt plaats voor Wie geen plaats is op deze aarde.
In deze woorden van Micha 4 : 10 klinkt de geschiedenis van de barende vrouw, de dochter Sion, uit het huis van David. Maria en haar diepe woorden: Mij geschiede naar uw woord.
Zij verheugt zich met hen, die de Heere vrezen, in de grote daden van God. Tegelijk deelt zij in de strijd door de hardheid in deze wereld tegen de grote daden van God. Er was voor hen geen plaats in de herberg. Maar God maakt plaats. In Babel, in Jeruzalem, in Bethlehem. En de plaats die Hij maakt is in het hart van mensen om te delen in de zegen van God aan de dochter van Sion. Het is het machtige werk van de geboorte uit God. Godvrezend keren ze terug. De ballingen uit Babel, de herders uit Bethlehem, de door de Geest vervulden op het Pinksterfeest. U, jij en ik na de adventsprediking? Het is toch bij ons geen schijn???
Gods strijd gaat door. Want het werk van het heil is in de banden van het Lam, staande als geslacht. De ene wee na de andere zal over de aarde komen, maar de geboorte van het hemels Jeruzalem, het hemels Sion staat vast. God strijdt Zijn strijd hier op aarde. Dat is vreselijk voor wie niet met zijn of haar gehele hart uit en voor de Heere wil leven. Zij zullen met de goddelozen vergaan. Maar het is verlossend en zalig voor wie staat in de strijd van het geloof, want Gods belofte, uw hoop en zaligheid, zal zeker komen.

B. J. van de Kamp, Wageningen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Eerste Adventsweek

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's