Boekbespreking
Prof. dr. Walter Goddijn e.a., Katholieken in Nederland 1945-2000, uitg. Ten Have, Baarn, 560 pag., ƒ 69, 90. Ronald Westerbeek, Gods terrarium (Verhalen), uitg. Boekencentrum (Mozaïek), 170 pag., ƒ 24, 90.
Prof. dr. Walter Goddijn e.a., Katholieken in Nederland 1945-2000, uitg. Ten Have, Baarn, 560 pag., ƒ 69, 90.
De rooms katholieke kerk in Nederland is in de naoorlogse jaren sterk aan verandering onderhevig geweest. In 1953 verscheen over het rooms katholicisme in ons land een standaardwerk van L. J. Rogier en N. de Rooy 'In vrijheid herboren'. Er was nu, gegeven de grote veranderingen, behoefte om te weten hoe het er vandaag met de rooms katholieken voorstaat. Vandaar dit lijvige boek, in vier delen: 'Jaren van bloei en bewustwording. Het katholieke volksdeel tussen herstel en wederopbouw contra doorbraak en vernieuwing (1945-1960)', 'De restauratie overwonnen. Vernieuwingsdrang en experimenteerdrift krijgen volop kans (1960-1970)', 'Verscheidenheid en verbrokkeling. Een richtingstrijd leidend tot politisering en polarisatie (1970-1985)' en "Tussen onverschilligheid en engagement. Op zoek naar de waarde van het christelijk erfgoed aan het eind van de twintigste eeuw (1985-1999)'. Het boek werd geschreven in opdracht van het Katholiek Instituut voor Massamedia, ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van dit instituut.
Het gaat in dit boek over kerkelijk leiderschap, de verhouding tussen priesters en leken en het kerkelijke organisatieleven. Aan de orde komen - om maar een greep te doen - kerkenbouw en kerkelijke kunst, de r.k. media zoals de Volkskrant en de KRO en de Nieuwe Linie, het Tweede Vaticaans Concilie, het mandement van de bisschoppen, de oecumenische beweging, het verval van de zuilen, 'postmodernisme en nieuwe tijdsdenken', de eigen weg van theologen als Schillebeeckx. Aparte aandacht krijgt de katholieke literatuur, met Toon van Reen, Renate Dorrestein, Connie Palmen, Godfried Bomans. Dat geschiedt met grote onbevangenheid, ook wanneer het gaat om een decadent schrijver als Gerard Reve. Maar vooral ook baanbrekers van een nieuwe koers als Anton van Duinkerken, Michel van der Plas en Frits van der Meer komen voor het voetlicht, hoewel ook uiteraard klassieke rooms katholieken als Antoine Bodar. In totaal werkten zeven auteurs mee aan dit monumentale werk. Bij elk hoofdstuk treft men 'een staalkaart van invloedrijke katholieken' in de beschreven periode.
We volstaan met deze aankondiging. De teneur van het boek wordt duidelijk aan de presentatie op de achterflap: 'Heeft de Romeinse Curie beseft wat er aan elan, trouw aan de wereldkerk en goede wil in katholiek Nederland bestond? Hadden zij niet kunnen voorzien hoe hun ingrepen, bijvoorbeeld door middel van bisschopsbenoemingen, die nu eenmaal voorbehouden zijn aan de paus, tot een grote onverschilligheid van duizenden katholieken zouden leiden? ' Op die vragen geeft het boek 'een intelligent en veelzijdig antwoord'. Het boek is grosso modo vanuit de nieuwe koers geschreven. Veranderingen in de r.k. kerk zijn niet altijd vernieuwingen in protestantse zin, hoewel dit t.a.v. bepaalde themata wel het geval was. In vele opzichten schoven rooms katholieken echter ook op in de richting van een nieuwe vrijzinnigheid. Over dit alles geeft dit boek brede informatie.
v. d. G.
Ronald Westerbeek, Gods terrarium (Verhalen), uitg. Boekencentrum (Mozaïek), 170 pag., ƒ 24, 90.
Een terrarium is een bak met aarde, waarin men reptielen houdt om die gade te slaan. Die verklaring staat op de achterflap van dit boek te lezen. In het tweede verhaal Camille geeft Westerheek nadere uitleg van deze keuze als titel voor zijn verhalenbundel. Midden in het oerwoud heeft een neger een terrarium gebouwd. Hij houdt er krokodillen, slangen en nog andere reptielen. Hij is geboeid door deze schepselen. Maar de liefde komt van één kant. Als hij ze vanaf een loopbrug eten geeft, kruipen ze weg in het struikgewas. Hij wil zijn liefde nog nader laten blijken. Hij loopt het terrarium in om de reptielen te laten merken hoezeer hij van hen houdt. Maar hij wordt gegrepen en levend verscheurd. Toen bracht niemand de dieren eten meer, waarna ze elkaar begonnen te verscheuren en op te eten. Een opmerkelijk verhaal waarmee Westerbeek de toon zet van de vijf verhalen die hij in dit boek bijeenbrengt. Hij geeft er min of meer direct mee aan hoe hij tegen het leven van God en mensen aankijkt: pessimistisch, ze begrijpen elkaar niet of nauwelijks, in mensen schuilt bij tijden een verscheurend beest. God echter zoekt Zijn schepsel, wil bij hem zijn en Zijn zorg aan hen kwijt. En dat loopt uiterst moeizaam tussen
die twee.
Ik heb bewondering voor de auteur dat hij het aandurft vanuit deze onderliggende visie verhalen te vertellen waarin blijkt hoe dat dan gaat in de praktijk van mensen. Er wordt veel gereisd, diepgaande gesprekken worden gevoerd, Praag, Riga, Padangbai, Ampurdan. Mij trof de jachtige haast die in.veel passage’s beschreven wordt. Mensen zijn onderweg en vinden het niet wat ze zoekeq. Onrust drijft velen voort, gebeurtenissen uit het verleden zijn moeilijk meer terug te draaien. Vragen die het christelijk geloof oproepen door aangrijpende gebeurtenissen in mensenlevens
komen openlijk of onderhüids aan de orde. Soms gebeurt dat mij té expliciet. In het al genoemde verhaal Camille reist de hoofdpersoon Rob met de uit Turijn afkomstige jonge vrouw. Ze raken in gesprek over wat Rob is overkomen: hij verloor op jonge leeftijd zijn vrouw aan een vreselijke ziekte. Camille is haar broer bij een verkeersongeluk verloren. Hoe rijm je dat? Hoe ga je daarmee om? Rob bekent niet meer te kunnen geloven dat God er wat mee te maken heeft als zulke dingen mensen treffen. En dan het citaat waar het mij om gaat: ‘Men kan er nauwelijks aan twijfelen, dat de reformatie de sadistische accenten in de theologie heeft versterkt’. Zou de jonge Turijnse daar iets van begrepen hebben? Dat kan toch nauwelijks? De schrijver wil dat citaat kennelijk kwijt en dat mag van mij. Er zou het nodige over te zeggèn zijn. Maar de plek waarop het staat is mij te geforceerd. Dat laat onverlet dat ik met toenemende bewondering deze verhalen heb gelezen en nog weer eens herlezen. Westerbeek schreef eerder de novelle Kaj en korte tijd later de roman De val van de pelikaan. En nu deze vijf verhalen. Het is niet
het makkelijkste genre. Je moet in kort bestek je verhaal kwijt. Het vraagt om concentratie, om dichtheid van taal. Ik vind dat Westerbeek daarin is geslaagd. Er is in onze tijd lef voor nodig om zo’n verhalenbundel op de markt te brengen. Alleen al de naam yan God in de titel zorgt ervoor dat het seculiere circuit hooghartig aan je voorbijgaat.
Wie van lezen houdt, zal zich niet miskocht weten met dit boek.
J. Maasland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 januari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 januari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's