De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Journalistiek met een gouden pennetje

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Journalistiek met een gouden pennetje

11 minuten leestijd

Tijdens een verblijf op de Olijfberg in Jeruzalem enkele jaren geleden, ontwaarde ik plotseling onder mijn kamerraam, aan de weg, die daarlangs loopt, een televisieploeg, die bezig was opnamen te maken van 'straatrellen' van de Palestijnse bewoners tegen de Israëlische politie. De weg lag bezaaid met stenen en jongelui gooiden er lustig op los. Bij nader onderzoek bleek het een ploeg van de VPRO te zijn, die bij gemis aan rellen er zelf één in scène zette. De uitzending later in Nederland bleek louter fictie te zijn, al was de feitelijke achtergrond ervan de intifadah, de binnenlandse oorlog die toen speelde. In Nederland schreef ik er een artikel over, dat toen door de verantwoordelijke programmamakers met verontwaardiging van de hand werd gewezen.
Op dat moment wist ik nog niet, dat het kennelijk tot het vak behoort om soms zo te werk gaan. De bevestiging ervan vond ik dezer dagen in een recent verschenen boek, getiteld Het gouden pennetje, waarin zeventien gerenommeerde journalisten schrijven over 'hun fascinerend vak'. In een bijdrage, getiteld Een fascinatie voor geweld, schrijft Caroline de Gruyter (NRC): 'Als er geen nieuws is, maken correspondenten het soms zelf.' 'Voorbeelden te over', zegt ze. Ze vertelt dan dat, toen in 1995 de Israëlische premier Rabin werd vermoord, een correspondent van een groot Amerikaans tv-kanaal Palestijnen wilde filmen, die in de Gazastrook op de daken dansten van vreugde. Maar er waren in Gaza helemaal geen Palestijnen die op de daken dansten. 'De meeste Palestijnen zijn net zo geschokt als de Israëli's', meldde hem zelfs zijn cameraman. De Amerikaan woonde in Jeruzalem, niet zo ver rijden van Gaza. Toen hij zelf ook in Gaza geen dansende Palestijnen kon ontwaren, liet hij beelden monteren uit een Palestijns vluchtelingenkamp in Libanon, waar dat wèl gebeurde. De montage geschiedde op een zodanige wijze, dat het echt Gaza leek. Het echte nieuws, zegt de schrijfster, namelijk dat de Palestijnen, kort na de Oslo-akkoorden óók geschokt waren, haalde het journaal niet. De schrijfster gaat zelfs zo ver, dat 'veel journalisten' op deze wijze, bewust of onbewust, de politieke agenda in het Midden-Oosten manipuleren. Hier speelt zelfs competitie tussen journalisten een rol.
Tijdens een orthodox-joodse demonstratie tegen de Israëlische politie in april 1997 - om nog een voorbeeld te noemen - vloog er in vier uur tijd maar één steen door de lucht. De rest van de tijd zaten tientallen journalisten in de zon op een vluchtheuvel. Ze klaagden dat de orthodoxen zich zo rustig hielden en er derhalve voor hen niets te doen was. Maar op de vraag aan een tv-correspondent of hij van die ene steen, die hij wél had gefilmd, een reportage zou maken, zei hij: 'Ja natuurlijk! Je moet toch laten zien hoe gevaarlijk die orthodoxen zijn.'

Leugen
Verhalen zijn dus niet altijd waar omdat ze in de krant staan. We behoeven dan niet eens te denken aan verhalen, waarmee de roddelbladen worden gevuld. In bovengenoemd boek wordt daar ook een boekje over open gedaan in een hoofdstuk, getiteld Roddeljournalistiek in Nederland. 'Bescherming van de beslotenheid van het persoonlijk leven van bekende Nederlanders wordt ondergeschikt gemaakt aan het commerciële belang van het blad.' Maar vandaag spelen ook 'pure privé-aangelegenheden zich af in het hart van het nieuws', dus niet alleen in de boulevardbladen. Het Koningshuis weet ervan mee te praten, met name ook als het gaat om het strikte privé-leven. Hofvrees. Op kousenvoeten rond het Koninklijk huis, is de titel van een bijdrage. Achter die kousenvoeten valt naar onze waarneming wel een vraagteken te zetten. Vandaag trekt men ook de klompen aan.

Een hoofdstuk draagt echter expliciet de titel Het liegen dat gedrukt staat. Dan gaat het vooral om damesbladen, waarvan 'bijna geen van de lezeressen zich ooit afvraagt hoe het met het waarheidsgehalte zit'. Negentig procent van de lezers neemt klakkeloos aan wat er staat. Dames schrijven in genoemde bladen rubrieken onder een naam die gefingeerd is, dit tot grote teleurstelling bij de lezers als het uitkomt. Margriet had een paar jaar lang een juridische rubriek, met 'juridische avonturen' van ene mr. Erica Rietveld. In Nederland bleek slechts één journaliste van die achternaam te bestaan maar die wist van niets. 'De rubriek heeft een hoog fantasiegehalte', meldde de eindredacteur. 'Er wordt zo nu en dan wat onder advocaten rondgebeld en hun avonturen worden die van de fictieve Erica', zei hij.
Vragen voor een vragenrubriek worden ook vaak vooraf bedacht. Of verhalen van verschillende mensen worden gecombineerd en aan één persoon toegeschreven. 'Maar je moet er als lezer van het tijdschrift toch vanuit kunnen gaan dat de dingen die je leest echt aan die persoon zijn toe te schrijven? ' Zo echter denkt de lezer niet. Waarom niet het echte verhaal verteld? Omdat dat niet echt genóég is. Het lezersvolk wil ook nog een keer bedrogen wezen.

Serieus
Het bovenstaande wil niet de suggestie wekken, dat alle journalistiek onder het odium valt van fictie of in het uiterste geval leugen. Het boek Het gouden pennetje is geschreven door journalisten, die voor hun werk de jaarlijkse prijs 'voor jong journalistiek talent' kregen toebedeeld door het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren. Het gaat hier om in hun stiel serieuze journalisten van NRC Handelsblad, Elsevier, NOVA, De Volkskrant, Het Parool, Trouw, De Groene Amsterdammer en de Geassocieerde Persdiensten in Den Haag (GPD). Het gaat er hierbij vooral ook om hoe de journalist het nieuws, dat zich dagelijks aandient, brengt. Dient de journalist de waarheid? Welke selectie past hij toe? Hoe terughoudend is hij bijvoorbeeld bij het verslaan van rampen; of in het weergeven van wat hij ziet of hoort ten huize van een bekend persoon, die hij interviewt?
De journalist staat tussen het nieuws en de ontvanger van het nieuws in. De ontvanger van het nieuws blijkt echter zelf ook een woordje mee te spelen. In een hoofdstuk Rampjournalistiek wordt gezegd: 'Noem het rampjournalistiek, of leedjournalistiek, het genre mag zich verheugen in een grote populariteit. Uit menig lezersonderzoek blijkt dat de mediaconsument er gefascineerd door is. Maar veel programma's en kranten worstelen zichtbaar met de vraag hoe en in welke mate dit soort nieuws gebracht dient te worden. Een ramp kan ook op de redactie uitlopen op een ramp.' Zelfs bij leed van mensen zijn lezers vaak kennelijk uit op sensatie.
En neem oorlogsverslaggeving, een vak apart. Hoe de toch al gruwelijke beelden niet nog gruwelijker te maken? Hoe, terwijl de gevaren voor de journalist in oorlogsgebied levensgroot zijn, toch niet als journalist zelf de held te willen uithangen? De schrijver van een artikel in deze zegt: 'Vooral de schrijvende pers heeft wat dat betreft een taak. Beter dan onze filmende collega's kunnen we in oorlogssituaties onderzoeken wat er werkelijk gaande is, propaganda doorprikken en de wereld wakker houden. En wie weet: misschien leidt het blijven vertellen hoe oorlogshitserij, verwoesting, dood en verderf eruit zien ertoe dat onze lezers hún buren sparen'.

Politiek
Nog één categorie uit dit boek wil ik met name noemen. Hans Nijenhuis van NRC Handelsblad schrijft over De kluwen van de parlementaire journalistiek. Politiek voltrekt zich in hoge mate via en voor het forum van de media. Via de media worden politici gemaakt of gebroken.
De tv bracht met betrekking tot het politieke nieuws een revolutie teweeg. 'Niet langer was iets pas gebeurd als het in de NRC stond, zoals redacteuren van deze krant plachten te zeggen. Toen er in bijna elke huiskamer een tv stond, kon de krantenlezer zelf zien wat zich op het Binnenhof afspeelde.'
'Media en Kamerleden zijn elkaars gevangenen', zegt Nijenhuis. Er woedt een soort onderhuidse oorlpg tussen de media en de politici. Maar ze kunnen niet zonder elkaar. Politici lekken te eigen bestwil naar het hun goeddunkt actuele informatie uit naar de media. Het vragenuurtje in de Tweede Kamer, voor het front van de media, mag zich in grote betrokkenheid van de Kamerleden verheugen. Bij interviews maken overigens al te openhartige politici, bij het teruglezen van hun tekst, in toenemende mate onderscheid tussen wat ze gezégd hebben en wat ze geratificéérd (goedgekeurd) hebben. Elders in het boek wordt gezegd dat er vroeger veel directer toegang was tot ministers dan nu. 'Negen van de tien keer zat er (vroeger) niemand bij. Premier van Agt, met de benen op tafel... Bewindslieden hebben nu twee rechterhanden, van die vage adviseurs, agendabeheerders, woordvoerders. Er staat een batterij mensen tussen jou en de geïnterviewde.'

De volgende volzin van de om zijn interview-kwaliteiten bekend .staande Frenk van der Linden (Nieuwe Revue/NRC) mag ik de lezer intussen niet onthouden. Hij zegt: 'Ik ervaar steeds vaker een gevoel van teleurstelling na een gesprek met een politicus. Vroeger had je mensen als Joekes van de VVD, Aantjes van het CDA, Roethof van de PvdA. Die verdacht ik ervan dat ze wel eens een boek inkeken, een nota van a tot z lazen. Dat ze in het buitenland verder keken dan het eerste het beste strand. Het peil van de huidige kamerleden is bedroevend.' Hier is geen wóórd Frans bij.

Select
Een boek als dit maakt overigens duidelijk waar vandaag de spits van de journalistiek ligt: politiek, economie, wereldvragen en verder sport en amusement. De kerk is hier volstrekt afwezig, evenals de christelijke media, die ons land nog kent. Hooguit in de marge valt er hier en daar nog een opmerking over.
Het is mij niet bekend welke hoofdredacteuren deel uitmaken van het Nederlands Genootschap, dat jaarlijks het gouden pennetje uitreikt. In ieder geval is er bij de christelijke media (EO, RD, FD EN ND) geen jeugdig talent ontdekt. De Evangelische School voor Journalistiek, al enkele jaren ondergebracht bij de Christelijke Hogeschool Ede, is eveneens buiten beeld. Ook hier blijkt, dat het christelijke leven meer en meer naar de rand schuift. Intussen kan een boek als dit ons veel leren, namelijk welke wetmatigheden, gerichtheden en attitudes het huidige journaille bepalen.

We zijn dankbaar, dat Nederland nog christelijke media rijk is. Ze hebben de hoge roeping om betrouwbare voorlichting te geven omtrent wat omgaat in kerk en samenleving, dichtbij en ver weg, met daarbij een door eigen identiteit gestempeld commentaar. Temeer geldt voor de christelijke media de opdracht om een eigen levensgedrag trouw te blijven. Het mag bijvoorbeeld niet zo zijn, dat er tussen de christelijke media en de kerken eenzelfde spanningsveld zou bestaan als tussen de media in het algemeen en de politiek dat ook hier zaken als primeur, lezersgunst, pikant nieuws, winstbejag een rol zouden spelen of dat deze media zelf, bij gebrek aan nieuws, nieuws maken of kerkelijke spanningen opjagen.
Media hebben macht. Christelijke media hebben het ook. Zij kunnen de kerk (in haar uiterlijke gestalte althans) maken of breken maar zijn ook verantwoordelijk voor het beeld, dat van de kerken naar buiten wordt gebracht, voorzover de wereld van deze media overigens (nog) kennisneemt.

Anders
Het is een bekende vraag of er zoiets bestaat als christelijke wetenschapsbeoefening of christelijke literatuur. Gaat het niet veelmeer om betrokkenheid en verantwoordelijkheid van de christen in elke discipline?
De vraag kan ook worden gesteld ten aanzien van journalistiek. Is er zoiets als christelijke journalistiek? Gaat het niet gewoon om feiten uit het bonte leven van kerk, staat en maatschappij, die zo getrouw mogelijk moeten worden weergegeven?
'Gij geheel anders, gij hebt Christus Ieren kennen', zegt Paulus (Ef. 4: 20, vertaling NBG). Het 'geheel anders' zijn van een christen leidt op beslissende momenten ook tot andere keuzen of gedragslijnen in de beroepssfeer, ook in de journalistiek. Men zal er dan niet op uit zijn om feiten te verdraaien, dus ook niet om (selectief) dingen mooier of lelijker voor te stellen dan ze zijn, al naar gelang het in eigen (groeps)kraam te pas komt. Men zal er ook niet op uit zijn om mensen te beschadigen, ook tegenstanders niet. Men zal zich ook bewust zijn, dat men geen kwalijke praktijken, bijvoorbeeld inzake de levensstijl zal mogen voeden. 'Al wat waarachtig is, al wat eerlijk is, al wat rechtvaardig is, al wat rein is, al wat liefelijk is, al wat wel luidt, zo er enige deugd is, en zo er enige lof is, bedenkt dat', zegt Paulus (Filipp. 4: 8). Dat bepaalt mede de normen en waarden in de journalistiek. Nieuws-gierigheid kan ook bij christelijke media een wereldse invulling krijgen. Bekend werd de vraag 'Kan ook een dominee zalig worden?' Die vraag valt voor elk beroep te stellen, zeker ook voor de journalist, omdat hij tot 'waarheid' geroepen is. 

Gelukkig het land, dat nog goede journalisten kent, die zich van hun verantwoordelijkheid bewust zijn met betrekking tot de vorming van de publieke opinie. Gelukkig het land, dat zo ook bekwame journalisten kent, mensen met een gouden pen. In Psalm 45 wordt van een vaardig schrijver gesproken. Ik besef dat dit niet direct met journalistiek te maken heeft. De dichter zegt hier zijn gedichten uit 'van een Koning'. Zijn tong weet hij als van een vaardig schrijver. Waarom zou die vaardige schrijver echter ook geen journalist zijn, in dienst genomen door de Koning, om Hem schrijvend te dienen in Zijn Koninkrijk. Een journalist met een Gouden Pen.

N.a.v. Rimmer Mulder, red., Het gouden pennetje, Uitgave Balans, Amsterdam, 167 pag.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 februari 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Journalistiek met een gouden pennetje

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 februari 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's