Dienen
'... die Hem dienden van haar goederen.' Lukas 8: 3b
Zij dienden HEM
De Heere Jezus is samen met Zijn discipelen op weg. Hij trekt in Galilea van de ene plaats naar de andere. Rusteloos is Hij bezig. Hij verkondigt het Evangelie van het Koninkrijk van God (vers 1). Zijn discipelen zijn bij Hem. Met z'n twaalven. Zij leren van het onderwijs van de Heere Jezus. Ondertussen vormen deze mannen samen een heel gezelschap. En je kunt je afvragen: waar leven ze van? Hoe komen ze aan geld voor eten en drinken? Wie zorgt er voor de kleding en voor onderdak? Beschikt Jezus soms over een groot vermogen? Is het daardoor mogelijk dat ze zo'n rondreis maken? Hij is gekomen uit de hemelse heerlijkheid. Hij mag ten diepste alles hét Zijne noemen. Toch is Hij arm. Hij heeft niets wat Hij Zijn eigendom kan noemen. Hij heeft geen inkomen, geen uitkering, niets. En Zijn discipelen hebben hun werk neergelegd. Inkomen hebben zij niet. Ook zijn zij bepaald geen vermogende mensen. Maar hoe is het dan mogelijk om zo'n rondreis te maken? Voor zoiets heb je sponsors nodig, zouden we tegenwoordig zeggen. Mensen die zich financieel garant stellen voor zo'n project. Ander kun je het wel vergeten. Hoe gaat dat hier dan? Het zijn vrouwen, die deze rondgang van de Heere Jezus mogelijk maken. Zij dienen Hem van hun goederen. Zij mogen zo meewerken aan de uitbreiding van Gods Koninkrijk. Dat is ook dienst. Heel concreet. Goederen, geld overhebben voor de dienst des Heeren. Voor de voortgang van het kerkenwerk en ook voor het werk van zending en evangelisatie.
Een bekende Psalm die we graag zingen is Psalm 108: 1 'Mijn hart, o hemelmajesteit is tot Uw dienst en lof bereid'. We zingen dat dan luidkeels mee. Komt dat ook overeen met de dagelijkse praktijk? Dienen ligt ons ten diepste niet. Liever willen we onszelf dienen en eigen baas spelen, dan dat we zo helemaal gericht zijn op een ander, zelfs als het gaat om de Ander. Toch is dat de wil van de Heere. Dat we God dienen 'met blijdschap', ook met onze goederen. Niet als een soort afkoopsom. Maar uit liefde.
ZIJ dienen Hem
Wij kijken nu wat nauwkeuriger naar deze vrouwen. Zij bevinden zich in het gevolg van de Heere Jezus. Dat is opmerkelijk. Als er ergens in Israël een rabbi, een leraar rondtrok, dan waren het alleen mannen die hem volgden. Dat hier vrouwen de Heere Jezus volgen, gaat tegen de gewoonte van die tijd in.
Waarom doen deze vrouwen dat? Er is het een en ander met hen gebeurd. Zij zijn van 'boze geesten en krankheden genezen' (vers 2). De Heere Jezus heeft Zich voor hen een Heiland betoond in hun leven. Helend is Hij beziggeweest. Geen wonder dat deze vrouwen met Hem verbonden zijn, dat zij Hem van harte dienen. Enkelen van deze vrouwen worden met de naam genoemd. Maria Magdalena, een vrouw die verlost werd van zeven duivelen. Uit wat voor een diepte is zij weggehaald. Onvoorstelbaar. Maar hoe heeft zij juist de Heere Jezus gediend. Zij heeft Hem hartelijk lief. Dat blijkt uit haar aanwezigheid op Golgotha en bij de begrafenis. Ook op de paasmorgen is ze erbij om het lichaam van Jezus te verzorgen. Verder is daar ook Johanna, de vrouw van Cuschas, de rentmeester van Herodus en Suzanna. Allen zijn van 'boze geesten en krankheden genezen'.
Niet iedereen zal kunnen zeggen, dat iets dergelijks ook met hem of haar gebeurd is. Maar zijn wij minder bedeeld? De Heere Jezus gaat door middel van Zijn Woord ook onder ons rond. Hij komt als een Heiland tot ons, om ons te verlossen van onze zonde en schuld. Hij zoekt ons, om ons zalig te maken. Om ons de grootste weldaad te schenken die er is: verlost te worden van de heerschappij des satans en het eigendom van Hem te worden. Verder zijn er ook de dagelijkse zegeningen van eten en drinken, gezondheid en een dak boven ons hoofd. Misschien zijn we ook wel ernstig ziek geweest en mochten we weer herstellen. Ons leven werd gespaard. Er waren middelen voor. Er was een ziekenhuis om in opgenomen te kunnen worden. Zie er de goede Hand van de Heere in. Het zijn goedertierenheden van de Heere om ons tot bekering te leiden. Opdat we de Heere zullen dienen.
Zij DIENDEN Hem
En, nu dienen deze vrouwen de Heere Jezus van haar goederen. Je vraagt je daarbij wel af: waar zijn de mannen? Waar zijn de mannen om Jezus op deze wijze te dienen. De Heere Jezus heeft ook vele mannen genezen en verlost van hun bezetenheid. Ook hebben vele mannen het Evangelie van het Koninkrijk Gods mogen horen.
Komt van die mannen niemand over de brug? Trekt bij wijze van spreken niemand van die mannen z'n portemonnee? Blijkbaar laten de mannen het wat dat betreft afweten. En komt dat niet vaker voor? Dat mannen, die niet in het ambt staan, minder actief zijn dan de vrouwen. En hoe komt dat? Is de interesse soms minder? Of worden onze mannen soms zo opgeslokt door het werk? Of verkiezen zij na een dag werken de ontspanning in plaats van de inspanning voor het ene nodige?
De vrouwen Zijn vaak het meest actief in het kerkenwerk. Of is dat soms ook aan het afnemen? Komt het werk in de maatschappij vöor het dienen in de gemeente? Staat verdienen bij ons ook hoger aangeschreven dan dienen?
Deze vrouwen kunnen ten voorbeeld zijn. Zij dienen Jezus. En dienen, dat is: er helemaal zijn voor de ander. Gericht zijn op de ander. Hier gaat het om een dienen, waarbij ze hun goederen geven. Zij hebben die graag over voor de Heere Jezus, voor de uitbreiding van Gods Koninkrijk. Wij ook? Vinden we dat goed besteed? Hoe gaan we met deze dingen om? Ook de zorg voor de stoffelijke zaken van de kerk is van geestelijk belang. Wij zijn daarbij allen verantwoordelijk voor de Heere. Opdat het dienen van de Heere ook op deze wijze handen en voeten kan krijgen. Geschiedt dat ook? Of staat het aflossen van de hypotheek op ons huis bovenaan, of het bekostigen van de vakantie, of het kopen van allerlei luxeartikelen? Als de dienst van God ons hart heeft, dan kan wat we voor de kerk overhebben geen sluitpost zijn. Dan is het ook niet, zoals iemand het eens zei: weggegooid geld.
En zeker als we zien op de Heere Jezus is het niet te veel gevraagd. Zijn leven was een en al dienen. Hij kwam zelfs om Zijn ziel te geven tot een losprijs voor velen. Hij betaalde de hoogste prijs. Onze bede zij: 'Leer mij, o God van zaligheden, mijn leven in Uw dienst besteden'.
. W. G. Hulsman
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's