De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Pinkster-Geest en de voorbereiding van de preek (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Pinkster-Geest en de voorbereiding van de preek (2)

8 minuten leestijd

Het voorgaande betekent ook dat we er langzamerhand klaar voor zijn om aan de preek te beginnen. Vrije mensen die het vrije en bevrijdende Woord van Gods vrije genade vrij zullen laten klinken, zoals de geest wil dat het zal klinken.
Doch voor we er echt aan toe zijn, moet er nog het één en ander gebeuren.
En het eerste is wel: exegese, exegese, exegese... Persoonlijk zou ik alle predikers die hier de hand mee lichten, heilzaam willen geselen. Het is toch Godgeklaagd om, wanneer wij geroepen worden dienaar van het Goddelijk Woord te zijn, slordig en onzorgvuldig om te gaan met de exegese?
En de tijdsfactor dan? Hebben we altijd voldoende tijd voor zorgvuldige exegese uit oude en moderne commentaren? Een concrete suggestie ter navolging: laten we afstappen van exegese per tekst, elke week weer. Laten we daarentegen exegese bedrijven in groepen van bv. tien teksten tegelijk. Teksten of uit één bepaald bijbelboek of uit bijbelboeken die dicht bij elkaar liggen. Zodat we telkens maar één commentaar hoeven op te slaan. Dat is even een kwestie van inlopen, doch bespaart op den duur zeeën tijd. Je hoeft dan nl. niet voor elke tekst zeg maar tien commentaren tegelijk te pakken, maar je kunt voor tien teksten (telkens) tienmaal één commentaar ter hand nemen. Dus: tel uit je (tijd)winst.
Bovendien kun je dan iets van een voorraad exegese aanleggen, zodat de spanning van elke week exegese voor de preek van komende zondag gaat verdwijnen. Terwijl het preken in lectio continua (= vervolgstof behandelen) ook veel beter zal gaan.

Studie
Exegese dus. Maar ook, indien maar even mogelijk, andere studie.
Studeren. Bijblijven en dieper trachten door te dringen in de heilige Godgeleerdr heid. Geen tijd ervoor? Gewoon plannen! Aangepast aan wat voor ons mogelijk is. Lukt een dag in de week niet, dan een halve dag. Lukt een halve dag niet, dan een paar uur. Lukt dat niet, dan een uur of desnoods een halfuur. In ieder geval: plannen, regelmaat... als een gestage drup die de steen gaat hollen. En je staat ervan te kijken wat je dan nog kunt doen in het tijdsbestek van bv. een jaar. En het komt de prediking onvoorstelbaar ten goede. Want de Heilige Geest zegent het zo wanneer we ijverig zijn als de mieren. En nu aan de preek zeker?

De kudde
Neen, nog even wachten. Hoe zit het bij ons met het kennen van de kudde? Weten we waar de schapen gelegerd zijn? Dus: wordt onze preekarbeid gedragen door gedegen en trouw pastoraat? Weten we van de noden in de gemeente, van geestelijke strijd, aanvechting of duisternis? Zijn we op de hoogte van stresstoestanden in het bedrijfsleven, in de gezinnen? Kennen we de stillen in den lande die worstelen om geloofsdoorbraak, die hunkeren naar volle gemeenschap met Christus, die uitzien naar geloofszekerheid? Hebben we feeling voor zoeken en vragen, voor twijfel en onzekerheid onder de jongeren? En hoe zit het met onze antenne voor de tijdgeest, voor de boze geesten in de lucht? Trachten we die te peilen zodat we in de prediking als stoorzender kunnen fungeren? Vooral ook opdat we aansluitend bij de belevingswereld van de kudde, zullen doorstoten naar het kernprobleem, nl. om als goddeloze gerechtvaardigd te worden door het bloed van Christus en als vijand met God verzoend.

Landingsbaan
Want het eigenlijke landen van de preek in het midden der gemeente moeten we toch hier zoeken. Het is werk van de Geest, Die Zelf zorgt voor de landingsbaan waarin Christus verheerlijkt wordt in zondaarsharten. Het gaat erom dat elke vorm van menselijke zelfverlossing uitgeroeid wordt en dat de verlossing door God alleen, als God de Vader in Zijn verkiezende liefde, als God de Zoon in Zijn verlossend werk, als God de Heilige Geest in Zijn herscheppende arbeid, huizenhoog wordt geproclameerd. De worsteling van de prediker bij de voorbereiding van de preek is toch altijd weer, om brood voor het hart te mogen uitdelen i.p.v. (zwerf-)stenen. Jezus Christus als het brood des levens mag niet verduisterd worden door de actualiteitenrubriek van dagelijkse gebeurtenissen. Én deze worsteling van de prediker mag, als krachtig appèl op het geweten, vertaald worden naar de gemeente toe als worsteling van God om ons eeuwig behoud.

Rust
Nu is dan het moment gekomen dat de Pinkster-Geest ons naar de stoel verwijst. We gaan zitten om tot rust te komen. Een kort of wat langer gebed om de Heilige Geest wordt door ons gebeden. En we zetten ons tot het maken van een schets voor de preek. Mogelijk is die schets in de loop van de week al bij ons gegroeid of hebben we er al enkele dagen een minuut of tien aan gewerkt. En bij de schets zal er ook iets zijn van een meditatief element. Al zal dat per persoon verschillen. Wat niet verschillen mag, is dat de preek moet 'geboren worden'. Zeker, een preek maken heeft iets van een vak dat uitgeoefend wordt, doch het heeft nooit iets routinematigs. Er vindt een geboorte plaats. Het gaat helemaal dwars door je heen. En dat vraagt energie. Veel energie.
Daarom is met name de ochtend uitermate geschikt voor het maken van de preek. We zijn nog fris en op volle kracht. Matheid heeft nog niet toegeslagen, stresstoestanden hebben ons nog niet verlamd. Onze geest is nog zo ontspannen dat ze zich geheel opladen kan in het spanningsvolle gebeuren van het maken van een preek. De geboorte kan plaatsvinden. Zal het vlot gaan... of duurt het langer?
De ochtend is ook hierom zo geschikt voor het maken van de preek, omdat de ochtendfrisheid positief zal inwerken op fris taalgebruik. En verzorgde taal, zonder te dramatiseren of op het gevoel in te werken. Het gaat ons om de eenvoud van het Woord van God. Daarom zal bescheidenheid ons sieren en zullen we achter het Woord terug willen treden in een echtheid die bij ons past. En dan zal de één meer de boerentaal van Amos hanteren, de ander heeft de taal der geleerden van Jesaja en een derde meer de korte driftige zinnen van een kereltje als Marcus. Doch in alle gevallen is er geen gemaaktheid bij en is het toegesneden op de verstaanbaarheid van de luisteraar.
En zo gaan we het zgn. waagstuk der prediking beginnen. Doch is het wel een waagstuk wanneer we restloos op God alleen vertrouwen? Wanneer we zeggen: 'Heere ik leg het maken van de preek in Uwe handen', dan kan er toch niets fout gaan? Bij wagen valt er wat te verliezen, doch bij restloos vertrouwen op de Heere niet. Want de Heere beschaamt niet hen die Hem verwachten. Hij zal ervoor zorgen dat het Woord tot klinken komt... zodat de tekst en context helder schitteren en stralen. Immers, dat is de grote worsteling waarin de Heilige Geest ons gaat aangrijpen. Er moet niet allereerst een dogmatische verhandeling komen, en ook geen quasi bevindelijk verhaal boordevol rationaliteit. En de preek hoeft ook niet bol te staan van alle vragen die er bij mensen kunnen leven. En het hoeft zeker ook geen krentenbrood te zijn waarin we alle krenten stoppen van wat 'men' graag wil horen. Geen verwennerijen dus. Het moet gewoon brood zijn, stevige kost, of zo u wilt 'onvervalste melk' van het zuivere evangelie van het eeuwige blijvende Woord van God. Dat dat Woord tot klinken komt. En vandaaruit mogen dan allerlei nevenaccenten een rechtmatige plaats hebben. Doch het Woord blijft huizenhoog hoofdaccent. Alles moet altijd weer opkomen vanuit het Woord dat al onze schema's doorbreekt en overstijgt. Want dat Woord spreekt voor zichzelf, dat hoeven we niet op te sieren. Het is van zichzelf al een kracht Gods tot zaligheid voor ieder die gelooft.

Het Woord
Het Woord, het Woord, het Woord... Als we het daarop houden, dan kunnen we ook een preek maken als we het niet kunnen. De inspiratie ontbreekt ons. De bron in ons lijkt droog te zijn. En toch de preek maken, ook dan. Want de bron ligt niet in ons... maar ligt buiten ons in Gods eeuwig Woord. Dan maar met een opgedroogde innerlijke bron... toch de bron van Gods Woord tot stromen zien te brengen. Ook al moeten we voor ons gevoel de preek uit onze tenen en nog verder weg halen. En misschien wordt dat nog wel de beste preek die we ooit gemaakt hebben. Beter dan ooit krijgen we dan de genade om de levende Christus te schilderen als schandaal (skandalon) voor de natuurlijke mens, én... als dierbare Borg en Middelaar voor een arm en ellendig volk dat op de Heere heeft leren hopen. Het wordt een preek waar de Geest mee aan de gang kan gaan op een manier waarin wij er buiten vallen. Want er komt evangelie-ruimte voor de meest goddeloze mens. De 'gangen' van de Geest waarin Hij Zijn werk verricht in de zondaar, komen aan bod. Niet in beschrijvende zin vanaf de publieke tribune der toeschouwershouding, maar in de actualiteit van de bediening van de Geest waarin het Woord van God voor ons wordt een kracht Gods tot zaligheid. Want het Woord wordt ontvouwd. Anders gezegd: het komt tot klinken omdat het klavier van dat Woord bespeeld wordt met alle registers open, zodat de muziek van Gods genade in Christus gaat ruisen als een heerlijke melodie... en gaat mee resoneren in zondaarsharten... die op hun beurt ook een orgel worden vol van liefde en lof voor onze Heiland, nooit naar waarde te danken en te aanbidden.

Leerdam       R.H. Kieskamp

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De Pinkster-Geest en de voorbereiding van de preek (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's