De arbeid bij Calvijn (2)
En nu Calvijn
We zagen reeds dat door Luther de samenleving werd geordend en onttrokken aan de macht van de clerus, die alleen maar het belang van kerk en klooster zag. Calvijn heeft insgelijks op bijbelse, nuchtere wijze aangegeven wat de bedoeling van God met aller leven is.
A. Het christelijk leven
Wanneer hij spreekt over het christelijk leven (Institutie, boek III hoofdstuk VII), dan wijst hij op wat Christus Zijn jongeren bijbracht. Allereerst moeten we onszelf leren verloochenen. Paulus wijst op de drie grote hoofddeugden in het christelijk leven, en wel 'matigheid, rechtvaardigheid en Godzaligheid'. Calvijn acht het een grote moeilijkheid om onze plicht te doen in het zoeken van het nut van onze naaste. Het is niet de bedoeling dat wij met alle kracht streven naar rijkdommen, fortuin en succes, hoewel 'we daartoe een razende lust en een onbegrensde begeerte hebben'. We moeten ons leven niet inrichten naar ons eigen plan maar beseffen dat alleen de zegen des Heeren rijk maakt.
B. De inrichting van ons tegenwoordige leven
We moeten daarvoor de nodige hulpmiddelen gebruiken. Calvijn waarschuwt enerzijds er voor om de gewetens niet met enger banden te binden dan Gods Woord doet. Nergens wordt ons geboden zich van alles te onthouden wat men missen kan. Dan blijft er dus niet veel anders over dan zich alleen met brood en water te voeden, concludeert de hervormer. God heeft niet alleen voor de nooddruft het voedsel bereid maar ook voor genieting en blijdschap. Prachtig merkt de hervormer op dat God als van Zijn weldaden melding maakt door te hebben gegeven 'de wijn die het hart verheugt en de olie, die het gelaat blinkende maakt' (Ps. 104: 15). Wat heeft de Heere God de bloemen een grote schoonheid gegeven en de geur die in onze reukorganen komt! Wat gaf Hij een schoonheid aan goud en zilver, aan ivoor en marmer! Veel zaken gaf Hij boven wat voor ons nodig is. Met dankzegging dient dat alles genomen en genoten te worden zonder echter de lust van het vlees te bevredigen. Daarom geeft de hervormer ook drie regels:
1. Wij moeten de wereld en haar goederen gebruiken alsof we deze niet gebruiken. Zo worden we niet afgehouden van de overdenking van het toekomstige, gelukzalige leven.
2. Hebben we weinig of povere goederen dan missen we gelaten en met overgave groter bezit om niet door onmatige begeerte ernaar gekweld te worden. En die zo doen hebben geen geringe vorderingen gemaakt in 's Heeren school!
3. Wij moeten over al wat ons is toevertrouwd ook rekenschap afleggen! We zijn geen eigenaars, slechts rentmeesters! En Hij die rekenschap van ons afeist ging ons voor in soberheid, matigheid en ingetogenheid en verfoeide alle weelde, trotsheid en praalvertoon.
C. Letten op onze roeping
Volgens Calvijn beveelt de Heere ons bij al wat we doen en laten te letten op onze roeping. Er bruist zoveel onrust in onze natuur immers. Hoe begerig is de eerzucht!
God onderscheidde de soorten van leven en wees ieder zijn roeping toe. Gods roeping is het fundament en het beginsel om in elke zaak goed te handelen. En dat is meer en anders dan dat men in de ogen van de mensen prijzenswaardig is en handelt.
Calvijn zegt zo eerlijk 'dat hij zich niet wil ophouden met de opsomming van allerlei voorbeelden'. Wie zich niet aan Gods roeping houdt zal in zijn plichten en de vervulling ervan nooit de juiste weg houden. We kunnen iets doen waarom de mensen ons prijzen maar dat voor Gods troon verworpen zal worden. We moeten in onbezonnenheid niet meer proberen dan onze roeping meebrengt want we mogen de door God gestelde grenzen niet overschrijden. Wat geeft het dan om, onopgemerkt door de mensen, het leven van een ambteloos burger te leiden en niet de plaats te verlaten waarop God ons heeft neergezet? En dat brengt ook een grote verlichting voor ons mee in zorgen, moeite en zwarigheden, wanneer we mogen weten, dat de Heere ons in dit alles een leidsman is. En wat een vertroosting is het zo we mogen weten dat geen werk zo onaanzienlijk en gering is dat, wanneer we onze roeping gehoorzaam zijn niet in Gods oog schittert en voor zeer kostbaar gehouden wordt.
Wat opvalt
Hoe eerlijk en ook pastoraal spreekt en schrijft Calvijn over de arbeid. Daarbij valt op dat hij evenals Luther in en achter alle eerbaar werk een opdracht en roeping van God ziet. Daarbij stelt hij niet het ene beroep boven het andere. Heeft Rome de verdienstelijkheid van het treden in de geestelijke stand sterk onderstreept, bij Calvijn vinden we daarvan niets terug. Een dominee is voor God niet meer dan een arbeider of huisvrouw. Natuurlijk mogen we dankbaar zijn wanneer wij en kinderen van ons in een ambtelijk leven mogen dienen maar daarmee zijn we voor de Heere niet meer dan een ander. En ook daarbij hebben we te letten op de roeping van God. Ontbreekt deze en zouden we eerzuchtig jagen naar roem en eer in een ambt, wat zijn we diep beklagenswaardig en ongelukkig er aan toe. Dan is het beter een totaal ambteloos leven te leiden in eenvoud en godsvrucht. Wat ook opvalt is dat Calvijn zo eerlijk en eenvoudig schrijft over de arbeid naar hen toe die niet uitblinken in allerlei gaven en talenten. Die weinig zich daarvan toevertrouwd zag is toch geroepen op zijn of haar bescheiden plaats bezig te zijn. We mogen niet verwaarlozen wat de Heere ons gaf, ook het ene of geringste talent mag worden aangewend in het besef verantwoording te moeten afleggen. Als eeuwigheidslicht valt over ons werk en leven dan wordt het minste nog belangrijk voor God. Wat haalt Hij de zwakbegaafden omhoog en wat staat hij, die zelf zo jong al een meesterwerk schreef als 'De Institutie' dicht bij de eenvoudigen en met weinig gaven en bezit bedeelden.
Dat doet weldadig aan in een maatschappij waar prestatiezucht en marktgericht denken de samenleving beheersen. Het lijkt het allerbelangrijkste te zijn 'in een zo kort mogelijke tijd met de minste moeite het meeste te verdienen'. Materialisme drong onze gezinnen binnen en niet zo weinig. Laat de Geneefse hervormer als dienaar van Christus ons ten voorbeeld zijn. Hij hield het voor en hij leefde het ook voor!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's