De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Naar uw tenten, o Israël

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Naar uw tenten, o Israël

9 minuten leestijd

Drie maal komt de uitdrukking in bovenstaande titel in de Schrift voor, n.a.v. hetzelfde gebeuren, de scheuring van het twaalfstammenrijk. Ik haalde eerder dit Schriftwoord aan maar ga er nu wat breder op in.

'Een iegelijk naar zijn tenten, o Israël', roept Seba, 'een belialsman' het volk toe. In 1 Kon. 12: 16 heet het: 'Wat deel hebben wij aan David? Ja, geen erve hebben wij aan de zoon van Isaï; naar uw tenten, o Israël'. In 2 Kron. 10: 16 staat het in dezelfde bewoordingen.
Het volk vroeg Rehabeam, de zoon van Salomo, lastenverlichting. Deze raadpleegde de oudsten, 'die gestaan hadden voor het aangezicht van zijn vader Salomo'. Hij ging niet in op hun adviezen maar luisterde wel naar de 'jongelingen', zijn leeftijdgenoten. Die raadden hem aan de lasten nog zwaarder te maken. En dan vallen de vermaarde woorden 'Mijn kleinste vinger zal dikker zijn dan mijns vaders lenden. Indien nu mijn vader een zwaar juk op u heeft doen laden, zo zal ik boven uw juk nog daartoe doen; mijn vader heeft u met geselen gekastijd, maar ik zal u met schorpioenen kastijden'.
Rehabeam luisterde meer naar de jongeren dan naar de ouderen. En zo liep het uit op een scheuring tussen de twee stammen Juda en Benjamin en de tien overige stammen. Rehabeam hield alleen de twee stammen over. Jerobeam, de zoon van Nebat, die tijdens het koningschap van Salomo opzichter was over de arbeiders uit de stam van Jozef, was als woordvoerder van het volk opgetreden en werd koning over de tien stammen. Dat had de profeet Ahia al voorzegd. Daarom had Salomo hem willen doden en had Jerobeam de wijk genomen naar Egypte (1 Kon. 11: 26-40), vanwaar hij nu teruggekomen was.

Dan staat daar echter wel het opmerkelijke zinnetje, dat die omwending 'van God' was. In de bijbelverklaring Tekst voor tekst zegt drs. J. M. Kruis hierover: 'Het handelen van God en het bezig zijn van zondige mensen sluiten hier bij elkaar aan. Men kan de scheuring toeschrijven aan het onverstandige optreden van Rehabeam en aan het verzet van Jerobeam, maar tenslotte is het God die door middel van het menselijk handelen, waarvoor de mensen hun eigen verantwoordelijkheid blijven dragen, zijn plannen uitvoert. Die plannen zijn het gevolg van Salomo's zonden'.
God liet de scheuring dus toe. Maar het was vanwege de zonde van Salomo en van Rehabeam en niet minder vanwege de revolutie van het volk onder leiding van Jerobeam. Desalniettemin bleef het tweestammenrijk de basis van het Joodse volk. Juda bleef een staat, waar de God van Israël werd gediend, terwijl Jerobeam de kalverendienst invoerde om er nog een beetje bij te blijven horen. Uit Juda zou uiteindelijk de Christus, de Messias van Israël voortkomen. Dat was ook beloofd. Jacob had op zijn sterfbed gezegd: 'Juda! Gij zijt het... De scepter zal van Juda niet wijken' (Gen. 48: 4 e.v.; zie ook Micha 5: 1).

Staande uitdrukking
Temidden van deze dramatische gebeurtenissen, waardoor het volk Israël in tweeën wordt gescheurd, staat er dan 'naar uw tenten, o Israël'. Weinig commentaren gaan op deze uitdrukking echt of uitgebreid in. Het was echter in Israël een staande uitdrukking, die herinnerde aan de nomadentijd (1 Kon. 8: 66, 2 Sam. 20: 22). Men ging naar huis om zich te bezinnen en te overleggen.
In een Engelse commentaar (Banner of Truth Trust) bij deze woorden las ik: 'Laat ons naar onze huizen gaan, om daar te overleggen en dan samen te komen en conclusies te trekken hoe we ons moeten opstellen'. Deze uitleg mag beslissend zijn voor de toepassing van dit Schriftwoord, ten tijde van de grote scheuring, die zich in Israël voltrok. 'Naar uw tenten, o Israël!' Overleg daar wat u doen wilt. Het ging om ernstige zaken. De scheuring van het rijk was ophanden.

Als zodanig is de uitdrukking 'Naar uw tenten, o Israël' in meerderlei zin toepasbaar. De 'staande uitdrukking' slaat op crisissituaties en roept dan op tot persoonlijke bezinning in de binnenkamer. Daarom neem ik dit woord op in de crisissituatie, waarin de kerk zich op dit moment bevindt.
Het staat onuitwisbaar in mijn geheugen gegrift, hoe prof. dr. G. C. van Niftrik dit woord in 1971 met profetische geladenheid de hervormde synode inwierp, bij de behandeling van Het Getuigenis, toen de leer van de kerk der eeuwen werd aangerand door de maatschappijkritische theologie: 'Naar uw tenten, o Israël!' Het was een profetische oproep aan de kerk tot inkeer. De 'staande uitdrukking' in Israël werd omgebogen tot een profetisch woord van inkeer. De situatie was zo ernstig, dat ieder tot inkeer moest komen, om voor Gods Aangezicht tot klaarheid te komen in de crisis, die gaande was. De Schrift meldt verder niet hoe het binnenskamerse beraad afliep. Maar de afloop telde. Een groot deel van het volk zei geen deel meer te hebben aan het huis van David. De scheuring kreeg zijn beslag. Nochtans zette God Zijn werk met Juda en Benjamin voort, ten spijt de lasten, die Rehabeam het volk oplegde.

Ook vandaag
In doorwaakte nachten komt vanwege de huidige crisis in de kerk dit woord uit de tijd van de scheuring in Israël naar me toe. 'Naar uw tenten, o Israël'. Rehabeam legde het volk lasten op, die te zwaar waren om te dragen. De pink van Rehabeam was zwaarder dan de lenden van zijn vader Salomo. Reden tot rebellerende taal en actie en tot verachting van het huis van David? God trok de gerichten door. De scheuring werd een feit. God bewilligde erin, vanwege de zonde van de leiders en van het volk. En zo gaf Hij het volk aan zichzelf over. Hoe zullen we vandaag dit Schriftgedeelte actualiseren? De kerk ging ondanks jarenlange bezwaren tegen het proces van vereniging door en legde het volk lasten op, die men geestelijk niet kon dragen. Het volk werd ontevreden. De dreigende taal is alom waarneembaar. Waarom zou God daarom niet bewilligen in een scheuring, die zich vanwege de zonde van de rebellie en de liefdeloosheid en de hardnekkigheid voltrekt? Naar uw tenten, o Israël!
Er is geen enkele reden om wie dan ook van de huidige kerkelijke crisis vrij te pleiten. Allen in de kerk, wij en onze vaderen, hebben gezondigd. Naar uw tenten, o Israël! We hebben samen de eenheid van Israël niet kunnen bewaren.
Naar uw tenten, o Israël. Dit woord laat mij niet meer los. Geen massabetogingen of harde polemieken zullen nog uitweg bieden uit de crisis, maar persoonlijke inkeer: naar uw tenten, o Israël. Scheuring zal het gericht verzwaren. Daarin is geen eigen gelijk meer.

Schuldbelijdenis
Deze tijd is vol van schuldbelijdenis. De Paus belijdt schuld omtrent kruistochten en antisemitisme. Japan beleed schuld aan Nederland. Kok maakte excuses in Israël. Het schuld belijden slaat als een golf over de wereld heen. Schuldbekentenis in de vorm van het aanbieden van excuses.
Excuus is echter zo'n alledaags woord geworden, dat het niet meer peilt de diepte van het echte schuld belijden. Schuld wordt ten diepste voor Gods Aangezicht beleden en dan ook voor elkaar: Het is bovendien 'gemakkelijk' om schuld te belijden voor wat anderen in het (verre) verleden hebben gedaan, hoe nodig dat ook zijn kan vanwege de onlosmakelijke verbinding tussen de huidige generatie en vorige geslachten: wij en onze vaderen. Het is moeilijk om in het heden schuld te belijden, die meer is dan lippentaal. Dat geldt ook voor schuld in de kerkelijke verhoudingen, tussen kerken en binnen de kerken.

Er gebeuren vandaag in de kerk van Christus, met name binnen de kerken, die zich verenigen, verschrikkelijke dingen. Er worden geesten opgeroepen, die niet meer te bezweren zijn. Het is aangrijpend om te zien wat mensen, behorend tot het Lichaam van Christus, aan het papier durven toe te vertrouwen. Een lezer schreef mij een aangrijpende brief, waarin hij opmerkte steeds meer te horen van 'verharding van standpunten'. Zo zelfs, dat 'broeders van hetzelfde huis elkaar kwetsen in hun uitlatingen'. Daarin kan ik hem alleen maar bijvallen. Hij voegt daaraan toe: 'Ik dacht dat eenvoud en nederigheid het kenmerk van christenen moet zijn en daar past geen machtsdenken in, ook niet een oproepen in het gebed dat God het tij wel keren zal'.
Er wordt zoveel geschreven dat het daglicht niet verdragen kan, ook niet wanneer het aan de openbaarheid wordt prijs gegeven. Woorden worden in hun tegendeel verkeerd, verdachtmaking wordt gezaaid, op grond van een enkele uit het verband gerichte uitspraak of van een krantenkop worden hele beschouwingen geschreven, die niet de waarheid dienen. Woorden als Christusloochening of anti-christ worden gebezigd ten aanzien van broeders van hetzelfde huis. Maar het ergst is: de liefde wijkt, de gemeenschap wordt gebroken, geluisterd wordt er niet meer, het gesprek blokkeert. Naar uw tenten, o Israël. En als doorgaat wat velen vrezen, namelijk dat de gemeente van Christus opnieuw scheurt, moet dat toch als een Godsgericht worden ervaren?

Onrecht
Het is beter onrecht te lijden dan onrecht te doen, zegt de Schrift. Koning Hiskia wist waar hij met smaadtaal naar toe moest. Toen Hiskia de smaadtaal van de koning van Assyrië per brief had aangereikt gekregen, spreidde hij deze voor Gods Aangezicht uit in de tempel. En hij bad: '...hoor de woorden van Sanherib, die dezen gezonden heeft om de levende God te honen'. En hij kreeg van de God van Israël ten antwoord: 'Dat gij tot Mij gebeden hebt tegen Sanherib, de koning van Assyrië, heb Ik gehoord'.

Hoe zal het nageslacht over het huidige geslacht, dat vandaag de kerk uitmaakt, oordelen? Zal er ook niet alle reden zijn om dan schuldbelijdenis te doen over wat het voorgeslacht deed? Zou het niet beter zijn als het nu reeds gebeurde? Of dat we nog tijdig tot inkeer kwamen? Naar uw tenten, o Israël. Welke kerk is op dit moment gediend met de broedertwisten die zich voltrekken? De Kerk van Christus?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Naar uw tenten, o Israël

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's