Muren van onbegrip
Goede voornemens met het oog op jeugd en jongeren (3)
Onbegrip
Wie met nieuwe moed terugkeert vanuit een conferentie, waarin veel herkenning en begrip voor 'elkaar was naar de plaatselijke gemeente kan spoedig teleurgesteld raken. Telkens blijkt dat het niet eenvoudig is om jeugdambtsdrager te zijn. Je kunt je alleen en er tussen in voelen staan: tussen jongeren èn ouderen, tussen de jeugd èn de kerkenraad. Delen met anderen wat je bezig houdt, is niet altijd mogelijk. Je kunt verkeerd verstaan worden. Er is onbegrip. Jeugdraadsleden en leidinggevenden in het jeugdwerk kunnen hun ervaringen met elkaar delen. Maar hun werk wordt in de gemeente niet altijd op waarde geschat. Het doet toch pijn wanneer je inzet en je werk voor jeugd en jongeren in de gemeente gewaardeerd wordt als een leuke hobby en een aardige bijdrage om jeugd van de straat te houden. Dat de motivatie veel dieper gaat, wordt niet begrepen.
Zorgen
Wat houdt ons - jeugdambtsdragers, jeugdraadsleden, leidinggevenden jeugdwerk en HGJB-ers dan bezig? Wie intensief met kinderen en jongeren optrekt, ziet en hoort heel veel. We ontdekken dat er in de christelijke gemeente moeite is om in het gezin inhoud te geven aan opvoeden in geloof. Het aantal kinderen en jongeren dat van nabij meemaakt en ervaart wat het betekent de Heere te vrezen en te dienen in het dagelijkse leven is niet zo groot. Wat een onrust is er in de gezinnen. Ook in christelijke gezinnen is het voor kinderen niet altijd veilig. In de gemeenten worden we geschokt door aangrijpende verhalen. Wat blijkt er een wereldgelijkvormigheid in de gemeente in hoe we elkaar waarderen. We waarderen elkaar op wat we presteren en bereiken en niet op wie we zijn, schepsel van God. Wie niet beantwoordt aan onze idealen schrijven we af. We ontdekken tot onze schrik dat jongeren die christelijk opgevoed zijn en christelijk onderwijs ontvangen hebben zo weinig kunnen met het Woord van God in hun leven. Voor veel jongeren is de gemeente, de kerk, het Woord van God en zelfs God Zelf niet relevant. Het zijn geen factoren waarmee wezenlijk rekening wordt gehouden. We zijn bezorgd, wanneer we in gesprekken met jongeren merken dat kerkdiensten en preken kinderen en jongeren zo weinig zeggen. Ze horen er niet van op, het raakt hen niet, het Woord landt blijkbaar niet in hun leefwereld. Het doet ons pijn te horen dat jongeren wachten op het geschikte moment om de gemeente de rug toe te keren. We .voelen ons tekort schieten. We zouden veel meer willen doen. We zouden meer mensen willen bewust maken en willen mobiliseren. We zouden het soms 'van de daken willen roepen' dat we als christelijke gemeente kinderen en jongeren niet mogen verhinderen om tot Jezus te komen.
Muren
Maar wanneer dan ervaringen en zorgen gedeeld worden met anderen, wanneer dan verwoord wordt wat je ziet en hoort, bijvoorbeeld op een gemeenteavond, of in een vergadering van de kerkenraad, of in een gesprek met ouders en ouderen, dan verbaas je je zeer. Over
• het onbegrip: Zien mensen dan werkelijk niet verder? Waar is hun bewogenheid en liefde voor de jongeren van de gemeente? Gaat het hen dan niet aan het hart dat er jongeren afhaken?
• de oppervlakkige reacties: is de afwerende houding van jongeren vandaag de dag dezelfde houding van de ouders van vroeger? Is het uitgangsgedrag van de jongeren nu inderdaad van hetzelfde karakter als dat van de ouders vroeger? En komt het dus vanzelf wel weer goed?
• de vrome argumenten: wanneer jongeren niets in de kerk zien, is dat dan alleen maar omdat zij van nature tegen God zijn? En kun je dat verantwoorden om dan rustig achterover te leunen en af te wachten? Hebben we dan geen roeping om niet te verhinderen?
We verbazen ons over deze reacties. Maar we krijgen ook het angstige vermoeden dat deze reacties signalen zijn van de muren die we om ons heen bouwen. In de christelijke gemeenten zijn we erg gesteld op rust. We sluiten ons af voor dat wat ons kan verontrusten. En we hopen dat gewoonten, patronen, tradities, vooroordelen, opvattingen veilige muren zijn. Maar hebben we dan wel door wat er werkelijk gaande is?
N. Belo, directeur HGJB
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 maart 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 maart 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's