Globaal bekeken
Dagblad Trouw had een vraaggesprek met mevr. Hebe Kohlbrugge, die én in de Tweede Wereldoorlog én in Oost-Europa ten tijde van het communisme haar sporen heeft verdiend. Hier volgen twee passages:
• 'Toen Hebe Kohlbrugge, als vrouw in 't verzet eens onderweg was met een pak kranten van Vrij Nederland merkte ze dat de Sperrzeit al was ingegaan. In haar onberispelijk Duits zegt ze tegen een paar Duitse soldaten die bij het Centraal Station te Amsterdam bij hun legerwagen staan, dat ze als Reichsdeutsche hulp nodig heeft van de Wehrmacht en of ze haar maar even snel naar de Marathonweg in Zuid willen brengen.
Ze overhandigt haar pakket aan de soldaten die het in de laadbak van de auto leggen en instappen. Hebe zelf neemt ook plaats in de auto. Als ze bij het betreffende adres zijn, neemt de eigenaar die de Duitsers aan ziet komen alvast de benen, maar later hoort hij dat het Hebe Kohlbrugge was met een pak illegale kranten, gebracht door Duitse soldaten.
Op mijn vraag "Hoe kwam u aan die moed" reageert ze met "Dat weet onze lieve Heer". Die moed, zegt ze, werd gevoed door preken van Oorthuys, Koopmans en Miskotte.'
• 'In 1975 wordt zij Hongarije en Tsjechoslowakije uitgezet. Ze wil daar niets over zeggen maar het is zonneklaar dat de communistische parti haar bezigheden staatsgevaarlijk vond.
"Verhalen van toen met een boodschap voor het heden." Welke boodschap? Nog altijd meent ze dat de bede in de kerk voor regering en koningin een belijdenis voor "de rechte staat" moet zijn. En nog altijd geldt voor haar de waarheidsvraag: dat wij aan God en zijn wetten onderworpen zijn en dat de objectieve stand van zaken dan vers twee is.
Als voorbeeld geeft ze ds. Koopmans' brochure: Vragen, die je niet mag beantwoorden, waarbij hij doelde op de Ariër-verklaring, die velen "naar waarheid" hebben ingevuld waarna de jodenjacht kon beginnen. In de huidige wereld beangstigt haar "de totale heerschappij van de zogenaamde objectiviteit" die ons omringt en ons de juiste keuzes ontneemt. Ze legt uit: "Mijn zuster Hanna en ik hadden geen tv. Achterlijke mensen, heet je dan, maar die tv is het begin van het einde. Daarna kwam de computer en de globalisering op internet. Dat leidt tot manipulatie van onze werkelijkheid; het gaat ons over heersen. Ook de fabrieken globaliseren, gaan steeds meer samen. Er is geen overzicht meer voor de mensen wat ze aan het doen zijn. En wanneer horen we over dit alles nou iets in de kerken?"
Over mensen als Hebe Kohlbrugge heeft Buskes eens gezegd: Lastige mensen die van tijd tot tijd wat verwarring stichten zijn goed voor de kerk omdat zij anders nergens naar toe gaat! Toen Hebe Kohlbrugge in 1991 doctor honoris causa werd in Praag, sloot ze haar toespraak af met een vers van een andere dissident, te weten Johannes Hus: Geloofd zij God die eeuwig leeft/ om wat Hij aan de wereld geeft; / de Zoon in Wie Hij ons ontmoet, / de Geest, die ons Hem kennen doet!'
*****
Omstreeks 1200 stelde Caesarius, een monnik in Heisterbach, honderden verhalen te boek over 'wonderen en andere merkwaardigheden' van zijn tijd. Zestig verhalen gingen over Nederland. Jaap van Moolenbroek, .universitair docent aan de faculteit der letteren van de VU, heeft deze verhalen, waarvan de meeste typisch middeleeuws-rooms zijn, vertaald en van historisch commentaar voorzien, uitgegeven onder de titel 'Mirakels historisch' (uitgave Verloren, Hilversum). Hier volgt een verhaal, getiteld 'hoe een oude vrouw die met haar dansen de kruisprediking van magister Arnold belemmerde, binnen drie dagen stierf':
'Arnold was pastoor van Borne, een dorp in Twente. Op de feestdag van de apostelen Petrus en Paulus vierden zijn parochianen weer zoals elk jaar een feest met reidans en instrumentale muziek. Arnold, die toen al gemachtigd was te preken, ging met het kruis op de dansende schare af, en vermaande, verzocht, beval allen het duivelse feest te staken. Ter plekke begon hij zijn preek af te steken. Sommige mensen gehoorzaamden en kwamen naar zijn prediking luisteren. Anderen weken hevig ontstemd terug en gingen tegenover de dansers staan. Nog weer anderen gingen hardnekkig door, onder wie de dwaze, hoogmoedige oude vrouw. Telkens wanneer ze in de rondedans bij de priester des Heren kwam, keek ze hem recht in het gezicht en stak al zingend de draak met hem. Binnen drie dagen stierf ze onverwacht. De heilige man beweende haar alsof hij haar met zijn eigen handen had gedood.
Door de zonde van de hoogmoed brengt de duivel velen in verzoeking. Daarom moeten alle mensen, maar religieuzen en kloosterlingen het allermeest, hun best doen zich zo te gedragen in woorden, in houding, in kleding, en in al wat verder de omgang met de buitenwereld raakt, dat ze bij de mensen in de wereld niet door de zonde van de hoogmoed in het oog vallen.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's