Globaal bekeken
Dezer dagen verscheen bij uitgeverij Groen te Heerenveen het Dagboekje van Hanna da Costa Belmonte, de echtgenote van Isaac da Costa, in bewerking van dr. O. W. Dubois. Hier volgen twee passages.
Dezer dagen verscheen bij uitgeverij Groen te Heerenveen het Dagboekje van Hanna da Costa Belmonte, de echtgenote van Isaac da Costa, in bewerking van dr. O. W. Dubois.
Hier volgen twee passages.
• De begrafenis van Willem Bilderdijk (1831) '
Deze begravenis is allerplechtigst geweest. E was een zeer groote schare bijeen en ik wil hiernevens zetten hetgeen men vind beschreven in het Handelsblad van de 24 december 1831, in het artikel Haarlem: 'Een aanzienlijke schare van onze stedelingen en vele anderen uit verschillende plaatsen van ons vaderland zaamgevloeid, waren hedenmorgen getuigen van eene allerbelangrijkste en hoogst aandoenlijke plegtigheid. Het stoffelijk overschot van onzen onvergelijkbaren Bilderdijk werd ten 10 uure in de Groote Kerk ter aarde besteld.
Het lijk van den overledene, verzeld van eene menigte personen, daartoe uit eigen beweging zaamgekomen, onder plegtig treurmuzijk door de kerk gedragen, was naauwelijks tot het graf genaderd, of de zeer menigvuldige schare der aanwezigen, verzamelde zich om hetzelve, en nu trad de heer Da Costa, Bilderdijks waardige kweekeling, voor, hield eene allertreffendste rede over de ontslapene- roemende niet zozeer in hem den mens, maar de genade Gods, die den vereeuwigden zanger door leed en lijden, temidden der ontzettendste rampen van moeders knieën af tot aan dit graf, had geleid, gerust alléén in den zoendood zijn Heilands.
En hier sprak hij van Bilderdijk als Nederland christendichter, die hem de Messias zijner vaderen had leeren kennen, en ook het vaderland, steeds gewezen op de éénige redding voor het volk, en het éénige heil van 's lands beschermers: het Huis van Oranje.
Daarna deed de heer Willekes 173) uit naam der familie eene korte aanspraak aan de begeleiders van het lijk, om hen voor de bewezene eer aan de ontslapene te bedanken. Bij het verlaten des heiligdoms vergaste de heer W. de Clercq de zaamgekomenen heeren op eene uitmuntende proeve van zijn heerlijk talent in een vers over de eenheid van Bilderdijks werkken, hij hun onvergelijkelijken rijkdom als een bewijs hunner hooge waarheid, en de redding van Nederland als alléén mogelijk in de terugkeering tot de waarheid die uit God is, (beschouwde). 174) Zeldzame belangstelling en eene diepe eerbied onder de aanwezige personen kenmerkten deze merkwaardige lijkfeestviering.'
• Na de begrafenis van Da Costa (nov. 1859)
'Terugblik op een gelukkig huwelijk en verlangen naar wederzien
Mijn pen is niet in staat over dit onuitsprekelijk geval verder iets ter neder te stellen. God alleen kent de groote van mijn verlies. Negendertig jaren leefden wij te zamen. Gij alleen o mijn God, Gij weet door welke tedere banden wij vereenigd waren, wat hij voor mij was: mijn leidsman, mijn trouwe raadgever. Zou ik hem terugwenschen? Neen, dierbaren Heiland, maar breng mij bij hem op Uwen tijd opdat wij te zamen, vereenigt bij U, U te zamen de lof en aanbidding mogen toebrengen. Indien het U wille is mij nog eenige tijd bij mijne kinderen te laten, bouw mij dan meer en meer op, vermeerder mijn geloof, en dat mijn leven te Uwer eere moge besteed worden. Wilt Gij de leegen plaats aanvullen. O Heere, wees Gij de man der weduwe, de vader der weezen.'
* * *
Dezer dagen werd bij uitgeverij Den Hertog, te Houten opnieuw uitgegeven de beschrijving van de 'Krachtdadige bekering of overbrenging uit het Jodendom tot het Christendom' van Sara Ephraïm Diamant, in het bekende boek 'Een diamant door God geslepen'. Toen ze het in de synagoge al niet meer vinden kon, kwam ze 'langs een roomse kerk' toen haar gezin de kermis van Maastricht bezocht:
'Op weg daarheen kwamen wij langs een roomse kerk, waarbij een groot kruis stond met een Christusbeeld, dat pas opnieuw geverfd was. Dit ziende werd ik inwendig zeer getroffen in mijn hart bij de gedachte aan de onuitsprekelijke smarten van zulk een lijden. Ik werd zozeer door medelijden aangedaan, dat ik in weemoed moest uitroepen; 'O God, welke moordenaars moeten dat geweest zijn! O, zie eens, die ontzaglijke wonde, waar zij Hem doorstoken hebben. O, als Hij toch de Messias geweest is, Die komen moest om Israël te verlossen, ach, wat heeft Hij dan daarvoor geleden!'
Mijn man meende dat ik op dat moment niet goed bij mijn hoofd was. Hij antwoordde: ' Als je gek wordt, dan zal ik je in hét verbeterhuis laten brengen. Wat gaat het ons aan, wat er achttienhonderd jaar geleden gebeurd is. Wat Hij, Die daar hangt, gekregen heeft, zal Hij zeker wel verdiend hebben!'
Dit gezegde ging als een zwaard door mijn ziel Ik moest hem antwoorden: 'Nu ben jij een nog groter moordenaar dan degenen die Hem gekruisigd hebben!'
'Kom vrouw', zei hij, 'laten we verder gaan, want je bederft onze hele dag. We hebben nu onze laatste cent naar onze kinderen gestuurd; we moeten nu maar weerzien om wat te verdienen.'
Stilzwijgend gaf ik hieraan toe en samen gingen we weer verder. Mijn man en onze zonen gingen naar de kermis; ik zou intussen de stad weer doorgaan om bij de huizen van stand te vragen of er werk voor mij was. Dit anders zo verdrietig en vruchteloos omzwerven was mij nu een aan gename taak, omdat ik juist daardoor ongemerkt gelegenheid kreeg om dat kruisbeeld, dat zo'n bijzondere indruk op mij gemaakt had, en dat sindsdien mijn gehele ziel op een vreemde manier bezighield, nog eens te gaan bekijken. Het duurde dan ook niet lang, of ik stond voor de tweede keer voor diezelfde kerk. Ik staarde met geboeide blikken op het Voorwerp waar ik mij naar toegetrokken voelde. Terwijl ik daar helemaal vrij en onverschillig voor alles wat om mij heen gebeurde stond, smaakte ik te midden van een sombere gemoedsstemming een ongekend genot, wat mij vrij lang daar deed blijven Maar mijn plicht als vrouw en moeder gebood mij om eindelijk toch verder te gaan.'
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's