Het boek
'Een boek, geschreven van binnen en van buiten, verzegeld met zeven zegelen.'' Openbaring 5 : 1b
Johannes ziet ook in dit gedeelte de Heere Jezus Christus vol majesteit op Zijn troon in de hemel. Daarmee mag de kerk bemoedigd worden en gerust zijn; Hij regeert, hoe de vijand ook woedt. De strijd zal er zijn tot het einde, maar de overwinning is zeker. Die is voor Hem en Gods kinderen zullen daar eeuwig in mogen delen. Daarvan wil de Heere in dit visioen weer iets openbaren om zo de Zijnen telkens te vertroosten.
In hoofdstuk vier zag de oude apostel hoe daar de Heere door de gehele schepping zal worden grootgemaakt, want Hij is het waardig alle eer te ontvangen; dat is de jubel in de hemel voor de troon daar.
Terwijl de apostel blijft kijken naar de hemel en verwonderd zal zijn geweest over dit heerlijk vergezicht, ziet hij een boekrol in de rechterhand des Heeren. Wat betekent die boekrol? Wel, deze stelt het verloop voor van de geschiedenis, die door de eeuwiglevende God is bepaald. Er staat dus iets beschreven over de raad Gods in die boekrol. En dan beschreven van buiten en van binnen. Dat was in die dagen zo de gewoonte. Een belangrijk stuk werd getekend en verzegeld door getuigen. Om nu aan de buitenkant te kunnen zien waar het in hoofdzaken om ging in dat stuk, werd aan de buitenkant een korte samenvatting gegeven van wat aan de binnenkant uitvoerig geschreven was. En dat God die rol in Zijn rechterhand houdt, wijst erop, dat Hij bezig is met de afwikkeling van de daarin beschreven geschiedenis. De HEERE werkt door en houdt ook alles in Zijn handen. Uiteindelijk maakt Hij geschiedenis.
Nu is dit boek verzegeld met zeven zegelen. En wie zal dat openen? Wie is waardig om dit boek te openen, roept de heraut uit. Dat boek moet open om de plannen die daarin vermeld zijn werkelijkheid te laten worden. Noch uit de hemel, noch van de aarde, noch uit de boze, duivelse wereld komt een antwoord. Nergens is er iemand te vinden die het waardig is en daarom in staat is om dit boek te openen. Dus niemand kan de raadselen oplossen, niemand kan deze wereld tot een goed einde brengen. Dat betekent dan dat de voltooiing van Gods Koninkrijk niet bereikt zal worden, want daar loopt uiteindelijk de geschiedenis op uit.
O; vele machten denken dit wel te kunnen. Goddeloze en godsdienstige aanbiedingen; vele verlossers door de eeuwen heen; allerlei rekenaars, die ten slotte bedrogen uitgekomen zijn. Niemand is waardig om dit boek van de wereldgeschiedenis te openen en die geschiedenis tot zijn doel te brengen. Dan betekent dit ook, dat geen mens ooit zalig zal worden.
Als Johannes dat ziet, gaat hij wenen. Hoe hijgt hij en met hem de kerk naar de voltooiing van het heil, dus naar de volkomen verlossing en zaligheid, naar de uiteindelijke verdelging van alle boze machten, want dan zal God zijn alles en in allen. Niemand dit waardig? Dan zal het heil nooit in volheid werkelijkheid kunnen worden en dus ook nooit volmaakte heerlijkheid met de Drie-enige God.
Plotseling krijgt Johannes toch antwoord. Uit de mond van een van de oudsten klinkt het: ween niet, de Leeuw van Juda's stam heeft overwonnen om het boek te openen. Dat is de Heere Jezus Christus, de wortel Davids. Daar ligt de oplossing voor alle vragen en raadselen. Enkel Christus is het antwoord. Hij is het waardig om dit boek te openen en de geschiedenis af te wikkelen tot het einde toe, en dan wel een goed einde voor de kerk des Heeren. Hij is het waardig, want Hij heeft overwonnen en is de Koning der koningen.
Dan ziet Johannes, in het midden van de troon en in het midden tussen de vier dieren en de ouderlingen, een Lam, staande als geslacht. Een Lam? Is dat die Leeuw, uit de stam van Juda? Is dat die Overwinnaar? Zo'n zwak Lam? Ja; het geheim in het Koninkrijk Gods is, dat Christus het Lam is en juist zo is Hij Overwinnaar. Daarom ziet Johannes Hem ook staande als geslacht. Als Gekruisigde is Hij Overwinnaar. Zo heeft Hij duivel, dood en hel overwonnen. Hij boog Zich onder die machten, onder die vloek en onder dat oordeel. Hij gaf Zich geheel over en heeft zo al die machten, die vloek en dat oordeel overwonnen. Zo de schuld van Gods volk weggedaan. Niemand was hiertoe in staat want niemand kon en wilde zo diep bukken. Hij kon en wilde het wel, als waarachtig God en waarachtig en rechtvaardig mens. Zo alles volbracht en zo zal de geschiedenis tot zijn voltooiing komen en de kerk zal komen tot het volle heil, tot volkomen zaligheid.
Gij zijt waardig om dit boek te openen, want Gij hebt ons Gode gekocht met Uw bloed. Dat zal het nieuwe lied zijn, dat gezongen wordt door de vier dieren, dat is de schepping, en door de ouderlingen, dat is de kerk van alle eeuwen en plaatsen. Het Lam mag het boek openen, want Hij heeft alles overwonnen. Dan mag het ook door het ware geloof geweten worden, dat het goed komt, hoe zwaar de strijd ook in de tijd zal zijn. Hoe onbegrijpelijk ook vaak de loop van de geschiedenis kan zijn. Het zal goed komen, want de Zaligmaker zal het goed maken. Zo mag de kerk op aarde strijden, de goede strijd des geloofs, wetende dat de uitkomst zeker is. Om zo in die strijd maar steeds te putten uit Hem, het Lam, dat een volkomen Zaligmaker is en Zijn volk zeker de zegen zal geven.
Dat maakt die Kerk op deze aarde wel klein. Zeker, vaak klein in getal, maar we bedoelen hier klein in zichzelf. Als enkel de Heere Jezus Christus het waardig is om die boekrol te openen, dan ligt er nooit iets in de mens, en dan is dus ook die kerk steil en diep van Hem afhankelijk. Dat maakt elk kind des Heeren klein. Dan wordt het, zoals Maarten Luther vaak zei: bedelaars blijven tot het einde toe. Maar het zijn wel schatrijke bedelaars, want zij worden onderhouden door Hem, Die de Overwinnaar geworden is en eeuwig als Koning zal heersen. Bij Hem is een grote schat van heil, dat nimmermeer vergaat en daar mogen die bedelaars uit putten. En dat betekent altijd maar weer: rijk verzadigd te worden. En! Eenmaal het hoogste goed, namelijk om altijd met de Heere te mogen Zijn. Want in dat boek, dat de Zaligmaker zal openen en waarvan geldt, dat Hij ook alles, beschreven in dat boek, zal uitvoeren, staan alle namen van die bedelaars. Eenmaal zullen zij allen de woningen in het hemels Jeruzalem zeker betrekken. Hoe zijn wij allen nu op reis? Er wordt in deze tijd veel gereisd en velen verwachten veel te doen en te zien in een tijd van vakantie. Bezitten we ook een verwachting die verder reikt dan dit tijdelijke? Zien we in geloof dat Lam Gods? Of zien we wat voor ogen is? Wat we met onze natuurlijke ogen zien, zal vergaan, want de gedaante dezer wereld zal volgens dit boek zeker veranderen. Als we alleen hiermee rekenen, hebben we ten slotte niets. En die dat Lam, de Leeuw uit Juda's stam mogen aanschouwen? Die zullen eenmaal meer dan overwinnaars zijn, om Hem, Die alles heeft volbracht.
Oud-Beyerland L. Groenenberg
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's