Een zalige schare
'Een schare, staande voor de troon en voor het Lam.' Openbaring 7 : 9 ged.
Als we zo bij de gang van de geschiedenis worden bepaald in de Openbaring van Johannes, dan moeten we ook wel opmerken dat elk mens op reis is. En van elke reis geldt, dat deze ook ergens uitkomt, een doel heeft. In dit verband kunnen we zeggen, dat wij allen op reis zijn naar de eeuwigheid. Dat kunnen we wel heel gemakkelijk zeggen, maar de grote vraag is dan wel hioe wij op reis zijn. Of we zijn op reis naar het Vaderhuis met zijn vele woningen, of we hebben onze levenstent nog heel vast gehecht aan deze aarde. En wat kunnen wij, mensen, bekoord worden door deze wereld en alles ook, dat ons daarin geboden wordt. Wat is veel schijnbaar vol schoonheid en wat lijkt veel ook van een geweldige inhoud. Toch is alles van deze wereld uiteindelijk maar een zeepbel.
Hoe arm is de mens, die al zijn verwachting stelt op dit tijdelijke, op dit vergankelijke. Wat heeft de wereld ten slotte te bieden? Mozes zegt zo nadrukkelijk, dat het uitnemendste van alles moeite en verdriet is. Dat is het gevolg van de zondeval, de opstand tegen God, de Schepper van hemel en aarde. En wie van ons kan daar vroeg of laat niet over meepraten? We leven in een gebroken schepping. Een schepping, die zucht onder de rechtvaardige vloek. En naar recht zouden alle mensen, die gevallen schepselen, eeuwig onder de vloek moeten rusten om zo onder te gaan in de rampzaligheid.
In het tekstgedeelte horen we echter van een rijk vergezicht op de eeuwigheid. Niet, dat alle mensen dit eenmaal werkelijk zullen aanschouwen en ook meemaken. Naar verdienste elk mens de eeuwige duisternis, maar toch ziet Johannes meer! Een leven, waarin kennis aanwezig is van de Zaligmaker, kent een blij vooruitzicht. En dat is in de strijd op deze aarde tot zoveel troost en bemoediging.
De oude apostel, ver van de gemeente vandaan, worstelt met de vraag wat er van Gods Koninkrijk terecht zal komen. Zullen er wel mensen zalig worden, de hemelse stad eeuwig bewonen? Op het stille strand mag Johannes een blik werpen in de hemel, want het gordijn van de toekomst wordt weer voor hem weggeschoven. Eerst zag hij het oordeel, dat zal komen over de vijanden van God en Zijn Koninkrijk. Dezen zullen ondergaan onder de toorn van God en het Lam.
Maar na deze zag ik, en ziet! Wat Johannes ziet? Een grote schare. Niet in duisternis, niet in de hel. De hemel is open. Open voor allen, die de Heere vrezen. Dat is de blijdschap in grote druk: Johannes ziet en hoort een grote schare. Die schare is de kerk van alle eeuwen en plaatsen. Een ontelbare schare lezen we in Gods Woord. Dan moeten wij ook maar niet tellen. Neen! Strijden om in te gaan. De vraag is met nadruk, of wij ook bij die schare behoren. Want dan is er reeds troost in het leven nu, vooral ook wanneer er zorgen en noden zijn in het leven. Wanneer er diepe of moeitevolle wegen zijn, wanneer er benauwdheden zijn in de goede strijd des geloofs. Het behoren bij die schare geeft waar geluk, het geluk, dat eeuwig zal bestaan. De wereld kan misschien veel bieden, zeer aantrekkelijke zaken, maar Gods werk op aarde is, dat er een schare zal zijn, die het hoogste en enige geluk zal ontvangen. Een schare, overal vandaan bijeen gebracht. Een schare, vrij door het bloed van het Lam, losgekocht uit de duisternis, verlost uit het geweld van de duivel, de vorst der duisternis. O, hoe rijk en wonderlijk is het werk des Heeren! Naar recht voor de mens een gesloten paradijs, maar hier ziet Johannes een grote schare in de hemel. Dat brengt de oude apostel tot aanbidding. Hoe groot zijn de ontfermingen van de Heere. Er is zaligheid!
Behoort u of behoor jij ook reeds tot die schare? Wanneer dat mag gelden? De vraag is dan, wat we in ons leven gedaan zullen hebben met het Woord van zonde en genade, met de prediking van wet en Evangelie. Met de oproep om te zien op die rijke Christus voor een arme zondaar. O, velen maken zich daar helemaal niet druk om. We zullen nog wel eens zien ter gelegener tijd.
Weet u! Alle mensen zullen eenmaal voor die troon staan, namelijk op de oordeelsdag. Dan zal er ook een schare zijn, die wordt weggezonden. Weg naar de duisternis, in het eeuwige oordeel. Hier is ook een schare: die blijft in de hemel. Zijn dat mensen, die beter hebben geleefd of dat verdiend hebben? Neen, ze hebben lange, witte klederen. Door het bloed van de Heere Jezus Christus gewassen en daarom rein, smetteloos wit. Dat is het grote verschil. Dat maakt zo'n groot onderscheid tussen mensen en mensen. Gewassen door het bloed van de Zaligmaker. Dan mag er ook een rijk vergezicht zijn, een blij vooruitzicht, dat de kinderen des Heeren op deze aarde streelt. Als een zondig mens in geloof op het Lam ziet, met Hem verbonden mag zijn, dan wordt het eenmaal een staan voor de troon en een niet vergaan. Staan om Zijn naam groot te maken om de Heere en het Lam in aanbidding alle lof, eer en dankzegging toe te brengen. Om daar met de engelen het 'Heilig, heilig, heilig is de HEERE der heirscharen' uit te jubelen.
Zult u eenmaal meezingen? U kunt het nog leren. De eerst tonen van dit lied worden op deze aarde door Woord en Geest geleerd. Geleerd, wanneer er gerust mag worden bij Hem, Die alles heeft volbracht en ook een volkomen overwinning heeft behaald. Dit mag de rijke boodschap zijn, die de Heere nog laat verkondigen, en die ook toegepast wordt in het hart door de Heilige Geest. Die van genade mogen leven, zullen dan eenmaal staan, zonder verschrikken, voor de troon in de hemelse heerlijkheid. Hoe groot toch is het goed, dat de Heere voor Zijn kerk heeft weggelegd!
Oud-Beijerland L. Groenenberg
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 2000
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 2000
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's