Een persoonlijke impressie
Amsterdam 2000
Bij het nemen van de laatste afslag, die toegang geeft tot de parkeergarage van de RAI, viel mijn oog op een aanplakbiljet. 'De magie van het kwaad' stond er te lezen. Of het de aankondiging van een bioscoopfilm, een theatervoorstelling of iets anders betrof, was in de drukte op deze Amsterdamse rotonde niet waarneembaar. Dat interesseerde me ook niet. Wat me op dat moment trof, was dat er, te midden van al het neo-paganisme, een van de grootste christelijke conferenties gehouden werd. In de RAI vonden ongeveer 10.000 evangelisten uit wel 209 landen vanaf 29 juli t/m 6 augustus hun dagelijks onderkomen. Deze trainingsconferentie was georganiseerd door de Billy Graham Evangelistic Association.
* * *
Via de Evangelische Alliantie waren er ook onder Nederlandse predikanten en kerkenraden uitnodigingen verspreid. Een vraag, die makkelijk naar boven kan komen, is: wat heeft een predikant op een evangelistenconferentie te zoeken? Wel, gelet op 'de toestand in de wereld', zoals de onlangs overleden mr. G. B. J. Hilterman daar wekelijks over sprak (trouwens, ook gelet op 'de toestand van de kerk') is een evangelistenconferentie voor een predikant eerder een 'must' dan een luxe.. Achteraf ervaar ik het als een geweldig voorrecht om een aantal avonden van deze conferentie te hebben bijgewoond. Nog afgezien van wat er allemaal gezegd is, laat het samenzijn met zoveel verschillende broeders en zusters uit zoveel landen de diepe indruk na, dat God doorgaat met Zijn werk! De kerk is bepaald niet ten dode opgeschreven, zolang het getuigenis aangaande Jezus' dood en opstanding nog op een dergelijke manier wordt levend gehouden.
Zes avonden
Amsterdam 2000 had voor haar gasten een afwisselend, maar ook intensief programma. Meerdere kranten en andere media hebben er uitgebreid verslag van gedaan. Mijn indruk ervan betreft alleen een zestal avonden. Indrukwekkend was de massale samenzang, waarin liederen van aanbidding, lofprijzing en verootmoediging met overgave werden gezongen. Prachtig (om te zien en te horen) waren de bijdragen van koren (o.m. uit Korea) en muziekgroepen. Maar het hoofdaccent lag steeds op de boodschap, die door verschillende bekende en minder bekende sprekers werd doorgegeven. De toespraken waren leerzaam en inspirerend. Wat me is bijgebleven van een toespraak van Franklin Graham (de zoon van Billy Graham, die vanwege ziekte helaas niet aanwezig was), is de nadruk, die hij legde op het bijbelse karakter van evangelisatie (en dus ook: prediking). Dat lijkt een open deur, maar als predikant loop je makkelijk het gevaar te denken dat jouw uitleg en actualisering van de bijbeltekst het zal moeten 'doen', maar de kracht en de autoriteit van de prediking ligt alleen in het Woord van God. Dat is het instrument van de Heilige Geest, waardoor mensenharten worden aangeraakt. Zeer waardevol vond ik ook de bijdrage van dr. Philemon Choi uit Hongkong. Hij sprak over 'het persoonlijke leven van de evangelist'. 'Wij zijn zo bezig met wat we doen in het openbaar; God gaat het om ons innerlijk. Daar wil de Heilige Geest vrucht dragen, in ons innerlijke leven. Belangrijk is dat we daarvoor ruimte scheppen. We zijn zo vaak verloren in activiteiten, dat we vergeten te rusten in Gods liefde.' We leven in 'the age of speed' waarin moderne technische middelen (de media, internet, telecommunicatie) interrumperen in ons persoonlijke leven. C. S. Lewis zei het al: 'de satan wil de wereld veranderen in één grote herrie, maar God spreekt in stilte'. Choi voorspelde dat de 21e eeuw 'de eeuw van geweld' zou zijn, vanwege nalatigheid t.o.v. het innerlijk. Daardoor krijgen negatieve gevoelens als haat en wrok eerder de kans om zich te nestelen. Deze eeuw zal ook 'de eeuw van verslaving' zijn; vanwege een innerlijk vacuüm vullen mensen zich met allerhande rommel. Hiertegenover is het van het grootste belang dat we weten weliswaar in de wereld, maar niet van de wereld te zijn. We hebben Jezus' bescherming voortdurend nodig, als we erop uit trekken.
George Carey
Bijzonder aansprekend heb ik ook de toespraak van de aartsbisschop van Canterbury, George Carey, ervaren. Zijn onderwerp was: 'De prediking van Christus in een gebroken wereld'. Zijn analyse van de gebrokenheid van de wereld als gevolg van de zonde was diepborend. 'De leer van de erfzonde is de enige doctrine, die je overal kunt waarnemen', zei hij. Maar de menselijke natuur heeft de neiging ervoor weg te kruipen. De westerse cultuur heeft drie alternatieve 'redders*, die een antwoord moeten geven op de gebrokenheid van de wereld: 1) therapie, 2) onderwijs en 3) welvaart. Op zich kende hij aan deze dingen wel een waarde, maar dan een relatieve (!) toe. Je mag er niet alles van verwachten. Bij wat hij zei over de derde 'redder' keerde Carey zich tegen het 'welvaartsevangelie' : 'het goede nieuws is niet het welvaartsevangelie, maar het Evangelie, waarin het kruis centraal staat'. (Deze krachtig uitgesproken zin werd door een luid applaus uit de zaal ontvangen.) 'Vertrouwen op wat in plaats komt van Christus, leidt nergens toe! Wat voor redder heeft de wereld nodig? Een tolerante Christus, die ook zijn bijdrage levert aan de voorraadschuur van religies? Dat is niet de Christus van Romeinen 5.' (Dit hoofdstuk was vooraf gelezen.) 'In de onvergelijkbare persoon van Christus ligt de kern. Als we daarvan afwijken, wijken we af van de hartslag van het christelijk geloof. Dit Evangelie verandert mensen.'
Tegelijkertijd waarschuwde Carey voor fundamentalisme; 'christelijk geloof is niet bang voor geleerdheid. Als Jezus zegt dat Hij de Waarheid is, hebben we van de waarheid niets te vrezen. Uit onderzoek is alleen maar winst te halen. Laten we het mysterie van God met nederigheid benaderen en niet bang zijn voor discussie'. Tot slot ging Carey in op de vraag: 'wat voor soort kerk moet deze Christus brengen?' 'Deze conferentie', zei hij, 'heeft mensen uit 209 landen bijeengebracht, maar we herkennen Christus in elkaar.' Alle (plaatselijke) kerken zag hij als een authentieke uitdrukking van het ene Lichaam van Christus. Tegelijk signaleerde hij, dat er verschrikkelijk veel mis was, ook in zijn eigen (Anglicaanse) kerk. Er was eens een bisschop, die zei: 'Zeg mijn priesters, als ik dood ben, dat ze om mij geen traan laten, omdat ik dan niet doder ben dan zij al jaren waren'. Sommige predikers zijn er in de kerk alleen maar op uit om te 'overleven'. Ze kunnen er om financiële redenen niet weg. Ze doen puur routinematig hun werk. Opvallend vond ik dat Carey ruimte liet voor 'een zekere vrijzinnigheid' in de kerk, zolang men 'het geloof van de kerk' maar aanvaardde. Hij waarschuwde voor de 'radicale vrijzinnigheid, waar het menselijk oordeel tot rechter wordt verheven'. Hij wenste echter niet een 'dogmatisch fundamentalisme', maar openheid in onderzoek en discussie.
Cultuur
Naar de buitenwacht toe pleitte hij voor 'een zowel diepgeworteld als toegankelijk geloof'. In dit verband noemde hij de Alpha-cursus. Het kerkelijk leven moet geworteld zijn in de cultuur, maar mag er niet door worden gecontroleerd. En effectieve evangelisatie is verbonden met het hele leven. Er kan door evangelicale christenen nog meer gedaan worden aan sociale noden, liefdevolle, trouwe prediking én liefdevolle, trouwe handeling zijn beide onmisbaar. Evangelisatie omschreef hij als 'de natuurlijke reactie van gelovigen, die in vuur en vlam staan voor Jezus'. M.b.t. sommige kerkdiensten hekelde hij 'het gemis aan enthousiasme en de saaiheid. 'De liturgie mag geen harnas worden!' (De zaal applaudisseert, waarop Carey gevat reageert: 'nou, dit is in elk geval niet slaapverwekkend!') En direct voegt hij eraan toe: 'Ook aanbiddingsdiensten zonder liturgie kunnen problemen krijgen: daar valt men vaak in herhaling.'
Ter bemoediging sloot hij af met een verwijzing naar Augustinus; op een zwak moment in zijn bediening had hij het liefst eronder weg willen lopen. Toen schreef Gregorius de Grote hem: 'Laat de last van het werk en kwade tongen je niet tegenhouden, maar weet dat je grote werk gevolgd wordt door een grote heerlijkheid'. Tot slot voegde Carey de evangelisten toe: 'God riep je. Hij make je getrouw. Hij zegene je!'
Mijlpaal?
Mijn vurige hoop is dat de inhoud van deze conferentie nog lang zal blijven naklinken. Het zou me niet verbazen, als later blijkt dat Amsterdam 2000 een belangrijke mijlpaal was in de kerkgeschiedenis van de 21e eeuw. Inmiddels zijn de ongeveer 10.000 evangelisten weer naar de velden teruggekeerd, die wit zijn om te oogsten. De woorden van Billy Graham, die hij hen aan het einde van de conferentie via een video-opname toevoegde, zullen nog vers in hun geheugen liggen. Ze hebben ons allemaal veel te zeggen. Hij riep op 'om een vuur te ontsteken, dat door Gods genade nooit meer zal worden gedoofd'. 'Draag een lichtend vuur uit, dat het gif van racisme, armoede en ongerechtigheid terugdringt. Houd de fakkel hoog, die mannen en vrouwen naar morgen en naar de eeuwigheid voert. Wakker de vlam aan van het vernieuwde geloof in de Schriften als Woord van God. Wakker de vlam aan van de eredienst en evangelisatie als speerpunten van de kerk. Laten we met een brandend hart het Evangelie verkondigen in de kracht van de Geest, in alle hoeken van de aarde!'
Hoogblokland L. P. J. Blom
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's