Globaal bekeken
In De Wekker troffen we onder de titel Luthers verdriet het volgende fragment uit een brief van Luther aan zijn vriend en medewerker Justus Jonas, geschreven te Wittenberg op 23 september 1542.
'Ik denk dat je wel gehoord zult hebben dat mijn allerliefste dochterje Magdalena is wedergeboren tot het eeuwige Rijk van Christus. En hoewel mijn vrouw en ik alleen maar behoorden te danken, en blij moesten zijn vanwege dit gelukkige einde en dit zalige sterven, waardoor de macht van het vlees, van de wereld, van de Turk en de duivel is ontvloden - is toch de kracht van de tedere gevoelens van ouders zo groot, dat wij dit niet kunnen zonder te snikken, zonder van harte te zuchten en het allerdiepste zielsverdriet te ervaren. Want iedere trek, ieder woord, iedere beweging van dit levende en stervende, dit allergehoorzaamste, zeer volgzame en zeer liefhebbende dochtertje staat zo diep in ons hart gegrift, dat zelfs het sterven van Christus, waarmee immers geen ander sterven te vergelijken is, de droefheid niet helemaal, zoals het zou moeten, kan verdrijven. Dank dan God maar in onze plaats. Heeft Hij, Die ons vlees zó heeft verheerlijkt, ons geen grote genade bewezen? Je weet dat zij zo'n mild, zacht, vriendelijk karakter had. Geloofd zij de Heere Jezus Christus, Die haar geroepen, verkoren en verheerlijkt heeft. O, mocht mij en ons allen zo'n sterven, ja zo'n leven ten deel vallen; dat alleen smeek ik van God, de Vader van alle vertroosting en barmhartigheid.'
* * *
In Die Hervormer (Zuid-Afrika) troffen we twee rijmseis uit Die Afrikaanse Patriot (1876) onder de titel Vanweleer en Te'enswoordig:
• 1776
Boer ploeg hom moe;
Dogter melk die koe;
Vrou is an 't spinne;
Seun ry gerwe binne;
Geld in die kas!
• 1876
Boer is op swier;
Dogter speul klavier;
Vrou sit in satyn;
Seuntjie leer Latyn;
Plaas is belas!
* * *
Van de trouwe lezer van ons blad, de 84-jarige Cornelis Lambregtse (Grand Rapids) ontvingen we het volgende gedicht van zijn hand, getiteld Ontkleed overkleed:
'Eens daagt de dag waarop ik eindelijk moet sterven,
en vaak vraag ik me af hoe 't mij dan zal vergaan,
en wat dat zijn zal als 'k mijn lichaam af moet staan
en wij elkaar vanaf dat tijdstip moeten derven.
Dat zal dan 't eind zijn van ons innig samenzwerven
door 't korte leven, en van onze levensbaan;
dan vangt voor mij een nooit doorgronde fase aan,
omdat wat ik steeds ik genoemd heb moet verderven.
't Is een mysterie dat ik nimmer zal verstaan
maar dat als sterveling ik toch moet ondergaan
om daarna zo onsterfelijkheid te verwerven.
O Christus, die ook hierin mij zijt voorgegaan,
geef mij 't geloof dat 'k dan niet naakt voor U zal staan
maar, net als U, een nieuw, verheerlijkt lichaam erven.
v.d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 september 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 september 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's