Boekbespreking
Liter - Christelijk Literair Tijdschrift 13, Barnard-nummer: Boekencentrum (079- 3.628.628). Ook verkrijgbaar in de boekhandel, prijs ƒ15,-.
15 augustus werd dr. Willem Barnard/Guillaume van der Graft tachtig jaar. De redactie van Liter zag hierin aanleiding een aflevering van het Christelijk Literair Tijdschrift te wijden aan het werk van Barnard. Tjerk de Reus redigeerde dit nummer en schreef er ook zelf een belangrijke bijdrage in. In een woord vooraf meldt hij dat fascinatie voor Barnards werk drijfveer was voor dit speciale Barnard-nummer.
Henk van der Ent (als dichter bekend onder de pseudoniemen Anton Ent en Marieke Jonkman) opent met een bijdrage over De dichter en zijn stilte. De stilte is uitgangspunt en kern van de poëzie van Van der Graft, zo stelt hij. De stilte is tegelijk het eindpunt van de poëzie. Waar stilte is, daar wordt poëzie geboren. Het Woord roept tot het leven. De taal breekt de boeien los. 'Wat is een gedicht? /Een verstekeling in/ de stilte, /op woorden betrapt'. Het moet eerst stil worden wil spreken geboren worden. De grofheid en de bruutheid van een cultuur uit zich vooral in het lawaai dat geproduceerd wordt.
Kees van der Zwaard vertelt in een boeiend autobiografisch drieluik Over het lezen van Barnard. In een eerste deel probeert hij, al teruglezend in de editie van de Verzamelde Gedichten uit 1982 inclusief zijn eigen aantekeningen uit die jaren, zichzelf terug te vinden in het verstaan van Van der Grafts poëzie. In een tweede deel geeft hij fragmenten uit een lezing die hij hield tijdens de Boekenweek van 1998 (thema 'Mijn God'). Hij gaat in op een gedicht van Van der Graft waarin de regel staat: 'Maar/ god is een woord/uit de onderkast'. Ik kan het niet laten de fraaie oneliner te citeren: 'Als u iets over dit thema ('Mijn God') wilt weten, kunt u ook naar de kerk komen, want daar is het elke week boekenweek'. Prachtig! In een derde deel geeft hij zijn commentaar bij het onlangs verschenen derde proefschrift over Barnard en wel van Maria Pfirrmann 'Uw naam is met wijn geschreven'. Van der Zwaard vindt dat ze te veel uitleg geeft van Barnards poëzie. Gedichten moet je laten staan, vindt hij. Wie het wel doet 'maakt van tegenwoordige tijd voltooide tijd'. Fraai gezegd en tot troost van poëzielezers die er gedurig moeite mee hebben tot verstaan van poëzie te komen en toch intens genieten van wat ze lezen. Hij verwijt het zelfs Van der Graft als hij vindt dat deze soms ook strofen schrijft die meer theologie dan poëzie bevatten.
Tjerk de Reus schrijft een diepborend essay, zoals we dat veelal van hem gewend zijn, over Van der Grafts poëzie in de jaren '90. Hij stelt zichzelf de vraag: is Van der Graft door de jaren heen dezelfde gebleven? Zijn z'n thema's constant of traden er wijzigingen op. Hij gaat terug naar het eerste decennium van zijn dichterschap om zo te zoeken naar punten van overeenkomst en verschil in de poëzie van de jaren '90. Zijn voornaamste conclusie is: Uit het gebruik van het woord 'mythologisch' kan vastgesteld worden dat zijn poëtisch credo gelijk is gebleven. 'Ware poëzie kan niet anders dan mythologisch zijn'. Als De Reus zoekt naar een passende leesbril komt hij uit bij het werk van de godsdiensthistoricus uit Groningen prof. dr. G. van der Leeuw (1890-1950). Uit wat deze geleerde te berde bracht over 'moederreligie contra vaderreligie' is veel te verklaren in Van der Grafts poëzie. Moederreligie doet afbreuk aan het besef van schepping en geschiedenis en dat stuit op continu verzet van de dichter. Deze 'moeder' is een kille moeder. Het gaat om het bewind van het Woord, aldus De Reus in een boeiend en interessant essay.
Dr. A. J. Plaisier schenkt aandacht aan de lekenspelen die Barnard schreef Hij oordeelt onder andere: '...de lekenspelen worden mysteriespelen en drijven af van het ministerie-spel. Ze zijn te weinig gemeentelijk en te veel Barnardiaans'. Plaisier eindigt overigens met een drietal positieve opmerkingen over het belang van Barnards lekenspelen. Het lekenspel heeft missionaire betekenis, vindt hij, omdat het probeert het bijbelverhaal in de maalstroom van het (post)moderne bewustzijn te gooien.
Dichter Jaap Zijlstra geeft een persoonlijke impressie van zijn omgang met het werk van Van der Graft en Willem Jan Otten biedt een leesverslag over het boek Stille omgang. Barnard en Werkman ten slotte ontmoeten elkaar rond het gedicht 'Heemse herzien'. Mooie foto's van Barnard en zijn gezin zijn aan het geheel toegevoegd. Als altijd is ook dit nummer van Liter fraai uitgevoerd onder de deskundige hand van de vormgever Steven van der Gauw. Het Barnard-nummer is het laatste wat Tjerk de Reus als redacteur voor Liter heeft gedaan, aldus redacteur Dirk Zwart. Hij meldt ook het vertrek van Teunis Bunt. Jammer voor dit voortreffelijke tijdschrift dat beide heren zich terugtrekken. Ik kan geïnteresseerd geraakte lezers van deze aankondiging aanbevelen dit Barnard-nummer aan te schaffen, voor de luttele prijs van ƒ15,-. Voor weinig geld hebt u dan veel lezenswaardigs in handen.
J. Maasland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's