De jeugd van Wilnis, Kampen, Gouda
HGJB bespreekt met predikanten overdracht van gereformeerde kernnoties
Gereformeerde bagage voor jongeren. Zo'n zestig hervormd-gereformeerde predikanten waren woensdag 11 oktober rond dit thema in Putten bijeen. Aanleiding was het 90-jarig bestaan van onze Hervormd- Gereformeerde Jeugdbond, volgende maand. Is het goed om jongeren in onze tijd nog 'lastig te vallen' met gereformeerde kernnoties als Gods majesteit, Zijn verkiezing, met begrippen als zonde en genade? En hoe kun je als predikanten die leerstellingen zó presenteren vanaf de kansel en in het catechisatielokaal dat jongeren die als winst, als noodzakelijke proviand in hun rugzak ervaren? Die vragen waren aan de orde.
Niet je vriendje
Gelukkig gaat het HGJB-feestje niet alleen óver jongeren maar richt de bond zich ook óp jongeren. Tijdens de studiedag lag er het boekje 'Bagage of ballast!? Gereformeerde notities voor jongeren'. Om even de toonzetting te proeven een citaat: 'Zegt het jou nog wat, dat je hervormd-gereformeerd bent? 'Hè...? Gereformeerd? Ben ik gereformeerd dan?' Nou ja, misschien niet, maar de HGJB is het wél! Dat wil zeggen: hervormd op een gereformeerde manier. En dat gereformeerde betekent onder andere dat we de zogenaamde 'gereformeerde belijdenis' hoog willen houden. (...) Als HGJB vonden we dat we hierover maar eens moesten nadenken, mét jongeren! Gereformeerd zijn, dat betekent bijvoorbeeld dat God voor jou maar niet je vriendje is, maar een God die ver boven jou verheven is.'
In een aparte bespreking zal in De Waarheidsvriend op dit boekje worden ingegaan. Hier stippen we alvast de inhoud aan. In vier bijdragen wordt een poging gedaan een gereformeerd kernmoment naar jongeren over te dragen: ds. J. J. Verhaar (Houten) schrijft over 'Gods majesteit en onze menselijkheid', ds. J. Maasland (Barneveld) over 'Gods voorzienigheid en ons lijden', ds. W. Markus (Bergschenhoek) over 'Gods verkiezing en onze keuze' en ds. H. van den Belt (Delft) over 'Gods genade en onze zonde'. Tussen deze bijdragen staan voor jongeren verschillende denkopdrachten, opdat ze de hoofdstukken niet alleen lezen, maar vooral verwerken. Kortom: onze jeugdouderlingen, leiders van jeugdverenigingen of jongerengesprekskringen kunnen om deze uitgave niet heen!
Het boekje bevat verder het resultaat van een enquête die de HGJB onder 503 catechisanten in een leeftijd van 15 tot 21 jaar over hun beleving van een aantal gereformeerde kernnoties hield. Deze jongeren zijn afkomstig uit-Alblasserdam, Barneveld, Bergschenhoek, Genemuiden, Polsbroek, Wilnis, Houten, Oud-Alblas, Kampen, Hierden, Hoevelaken, Eethen, Boven- Hardinxveld en Gouda. Dus waarschijnlijk uit een gemeente die op de uwe lijkt...
Signaalfunctie
Op de studiedag legde HGJB-directeur N. Belo de vinger bij een aantal opvallende resultaten. Hij gaf vooraf aan dat de uitkomsten van het onderzoek genuanceerd moeten worden. Het is niet het einde van alle tegenspraak, het zijn geen keiharde conclusies, maar er is wel sprake van een signaalfunctie. Belo gaf aan dat jongeren zich bewust zijn van Gods majesteit en heiligheid, zich voor Hem klein voelen, maar zich in Zijn ogen toch ook van waarde weten. Jongeren staan voor de grote vragen van het lijden: zo twijfelt zestig procent door het lijden in deze wereld wel eens aan God, vindt 78 procent het door dit lijden moeilijk om het christelijk geloof in de wereld te verkopen. Ze weten dat God met het lijden te maken heeft, maar vinden het moeilijk aan te geven op welke manier.
Over het thema 'uitverkiezing' blijkt de minste eensgezindheid in denken. Zo vindt 70 procent dat het uiteindelijk van jouzelf afhangt of je gaat geloven, terwijl ook 78 procent de stelling onderschrijft dat het een wonder is als je tot geloof komt. De antwoorden lopen hier wat door elkaar heen. Belo concludeerde voorzichtig dat onze jongeren redelijk gereformeerd denken. 'Maar onduidelijk is hoe hun visie tot uiting komt in het dagelijks leven. Als jongeren gereformeerd denken, zijn ze het dan ook? Of wordt de goede bagage later alsnog als ballast ervaren?' De HGJB heeft een goed thema gekozen! Heel erg nodig is het dat ouders en ambtsdragers, jeugdwerkers én voorbidders binnen de christelijke gemeente de leef- en denkwereld van de jongeren goed kennen. In dit opzicht lijkt mij veelal sprake te zijn van een forse lacune. Dat is voor niemand een verwijt, want de veranderingen in ons leefklimaat gaan snel, maar juist daarom kan de uitslag van dit onderzoek dienstig zijn. Daartoe kunnen de enquêtevragen ook binnen de eigen gemeente gebruikt worden. Als er mogelijkheden te over zijn om het gesprek te openen, zal het vooral aankomen op de bereidheid daartoe. Zinvol om bij de verdere doordenking mee te nemen is het signaal van ds. M. A. van den Berg naar het ontbreken van een vraag of jongeren denken dat de verzoening van Christus alle mensen geldt. 'Dan zou wellicht negentig procent ja hebben gezegd. Dat is schokkend, niet voor de jongeren, maar voor ons ouderen, voor onze prediking.'
Vreugde van Handelingen 2
Een jeugdbond wil nog wel eens nadenken over een nieuwe werkvorm. Wellicht daarom was het dat HGJB-voorzitter ds. W. Markus de studiedag 'op causerie-achtige wijze meditatief' opende. Aan de hand van Handelingen 2 : 17 zei hij dat onze jongeren in de best denkbare tijd leven. 'Zegt u dat zondag ook maar eens tegen hen.' Het is de tijd van Gods wereldwijde uitdeelprogramma. Als de Heilige Geest hen vol maakt van Christus, gaan ze profeteren wat ze zien. Dat is Gods wil uitleggen, maar vooral: de schijnwerpers op de Heere Jezus richten. Wat zoeken onze jongeren, vroeg ds. Markus, op allerlei dagen en festivals? De vreugde van Handelingen 2. Daarom: 'Loopt het wel eens over in onze diensten?'
Ds. Markus vulde de tekst uit Handelingen concreet in door Annemarie een visioen van het komende Koninkrijk te doen beleven, waar geen overleg over catechese en jeugdwerk meer nodig is, waar handgranaten gebruikt zullen worden als tuinverlichting. En door Frits in gesprek te brengen met zijn opa, die juist droomde van het Jeruzalem met de gouden poorten. 'Waar de Geest het leven vervult, zal veel gebeuren. Daar zullen we de zonde weer erg vinden, daar zal ook de vreugde over de vergeving zijn. Daar zullen jongeren ouderen uitnodigen om mee te zingen: Mijn Jezus, 'k heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.'
De lezing van dr. J. Hoek, 'Gereformeerde bagage voor jongeren', zal volgende week in ons blad verschijnen. Hij pleitte hierin niet tevreden te zijn met het brengen van een zuivere boodschap, maar om te zoeken naar een evenwichtige mix met de gerichtheid op de hoorder. Sterker dan vroeger is aansluiting bij de jongerenleefwereld nodig.
In zijn bijdrage analyseerde hij ook de uitslag van de enquête. Gezien het feit dat zeventig procent van de jongeren het eens is met de stelling dat het uiteindelijk van jezelf afhangt of je gaat geloven, sprak ds. Hoek over de triomf van Arminius in hervormd-gereformeerde kring 372 jaar na Dordt. Hij gaf er zijn collega's later in de discussie een goede raad bij: 'Ga maar eens een aantal teksten over de verkiezing bepreken. Laat de gemeente de rijkdom van die verkiezing zien. Dat is beter dan de thematiek uit de belijdenis verzwijgen. Wie in dit opzicht onbevangen naar de Schrift luistert, leert de belijdenis verstaan.'
Karikaturen
Betrokken ging dr. Hoek in op de vier bijdragen in het gepresenteerde boekje. Aan de 'geduldige uitlegger' ds. Verhaar, die de kernwoorden aan de hand van de belijdenis spelt, vroeg hij: 'Moeten we niet dieper ingaan op de vraag: Is er wel een God? Kunnen we naar jongeren toe meteen inzetten bij Calvijn en De Brès?' Aan ds. Maasland, die juist bij de eigentijdse vragen inzet en die de notie dat het lijden ons van Gods kant toekomt wil lezen als via Gods kant, vroeg hij: 'Heeft Ursinus het niet iets minder stamelend bedoeld?' Aan de 'verhalende schrijver' ds. Markus, die niet bij de catechismus maar bij karikaturen over de verkiezing inzet, vroeg hij: 'Moet u niet positief-thetischer over de verkiezing spreken?' Aan ds. Van den Belt, wiens bijdrage existentieel toegespitst genoemd werd, vroeg hij: 'Moet de link naar de jongeren niet nog meer gelegd worden?'
De vraag die overblijft, was: Hoe vullen wij de rugzak van onze jongeren? Dr. Hoek gaf suggesties, hier en daar met verwijzing naar anderen: 'Wij zijn geroepen tot het omtalen van de belijdenis, met een sterke nadruk op de affectieve, de bevindelijke kant' (C. den Boer), 'want gereformeerde theologie is eigentijdse theologie' (C. G. Vreugdenhil). Kernbegrippen interesseren jongeren niet automatisch, wat niet betekent dat alleen relevant is wat jongeren willen. Het moet vooral blijven gaan om Christus, Die Zijn leven gaf voor verloren mensen. De kerk moet terug naar haar 'core business', de genade (W. Smouter). De jongerenwerker moet lef, moet hart hebben voor de jongeren én voor de boodschap. 'Laat kerktaal daarom aansluiten bij de spreektaal' (J. Blaauwendraad), want de boodschap is aan ouderen en jongeren toevertrouwd. We gaan uit van de gegeven waarheid, in de wetenschap dat de Geest ons voortleidt in het verstaan daarvan.
Elke inspirerende studiedag vraagt om een vervolg. De boodschap van de Schrift en onze jongeren zijn het waard. Vanuit de nadruk op Christus en Zijn werk is breed geloofsonderricht onze blijvende roeping.
Apeldoorn P. J. Vergunst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's