De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

5 minuten leestijd

H. van Dam, Bijbelse vertellingen voor jonge kinderen: deel 2, uitg. Den Hertog, 263 blz.
In deel l van 'Bijbelse vertellingen voor jonge kinderen' schreef de auteur de meest eenvoudige geschiedenissen uit de Bijbel, 125 verhalen in totaal. Ook dit deel bevat 125 bijbelverhalen, 73 uit het Oude Testament en 52 uit het Nieuwe Testament, heel eenvoudig verteld, voor, zoals de titel aangeeft, jonge kinderen.
Het is geen gemakkelijke opgave om zo'n tweede deel te schrijven en daarbij de verhalen die al in deel 1 verteld zijn, zoals de schepping, de zondeval, de zondvloed, Jozef verkocht naar Egypte, enz., over te slaan. De schrijver lost dat op door in vele vertellingen kort terug te grijpen naar wat in deel 1 verteld is. Daarin is hij m.i. goed geslaagd, al is zo'n herhaling om begrijpelijke redenen wel eens erg compact.
Het zijn inderdaad eenvoudige, begrijpelijke vertellingen, allemaal van ongeveer dezelfde lengte (twee pagina's), met bij elke vertelling een heel kleurrijke illustratie van Jaap Kramer. Met de inhoud heb ik echter bijbels-theologisch gezien veel moeite. Vele verhalen eindigen met de toepassing dat we de Heere iedere dag om een nieuw hart moeten bidden. Is dat een juiste toepassing? Zo bijvoorbeeld in de geschiedenis van Jezus en Nicodemus. Jezus zegt niet, als hij nader over de wedergeboorte spreekt: opdat een iegelijk die bidt om geloof of om wedergeboorte, niet verderve, maar: opdat een iegelijk die gelooft... Paulus zegt tot de gevangenbewaarder in Filippi: 'Geloof in de Heere Jezus Christus, en gij zult zalig worden, gij en uw huis' en niet: bidt om dat geloof. We zingen het ook: 'Gelooft Zijn heil- en troostrijk woord, verhardt u niet, maar laat u leiden'. Nergens komen we in dit deel ook tegen dat onze kinderen kinderen van het verbond zijn en dat ze in de Heere Jezus mogen geloven (zie het dankgebed van het doopformulier), waarbij we bidden om trouw in de opvoeding opdat de kinderen in de Heere Jezus zullen opwassen en toenemen. Ook stuit ik steeds op zinnen als: Abraham 'werd gehoorzaam aan de Heere. Hoe kwam dat? Daar zorgde de Heere Zelf voor. Wat een wonder. Ja, dat kan de Heere alleen'. Of in de Nicodemusgeschiedenis: 'De Heere kan maken dat je verdrietig bent over je zondig hart en dat je de Heere lief krijgt en naar de Heere gaat zoeken'. Of bij de tollenaar Levi: 'De Heere kan zorgen dat we Hem willen volgen, zo sterk is Hij'. Het kind krijgt de gedachte dat het buiten het heil staat en dat het als een wonder helemaal van de Heere moet komen. Nu is dat laatste ook zo. Maar het wonder is dat het van de Heere komt en dat de Heilige Geest zo werkt dat we dat mogen geloven en in het geloof mogen aannemen. Verschillende keren kom ik ook tegen dat de Heere Jezus betaalde voor de zonden van Zijn volk (blz. 195, 196). Dat is niet de bijbelse breedte en diepte van het werk van Christus.
De uitgever heeft dit deel, mede door de prachtige illustraties, bijzonder mooi uitgegeven. Waarom is er echter nergens een illustratie van Jezus? Doet dat niet tekort aan het waarachtig menszijn van Jezus? Al met al zijn het voor mij genoeg redenen waarom ik met deze kinderbijbel grote moeite heb.

Huizen               H. Veldhuizen

Baukje Offringa, Groeien als een boom. Verhalen bij symbolen en thema's uit de Bijbel, uitg. Meinema, 200 blz., ƒ39,50.
De titel van dit boek spreekt voor zichzelf. Het werd geschreven als een nieuwe verhalenbundel voor catecheten, leerkrachten van basisscholen en leidinggevenden aan kindernevendiensten e.d., en bevat zeven thema's (groeien als een boom, bron van levend water, gelukkig zijn, vrede, waarheid en verdraagzaamheid, vriendschap en licht), rond welke thema's steeds een aantal verhalen geweven is: eigentijdse verhalen, verhalen met een historische achtergrond, fabels, sprookjes, oude joodse verhalen, enz.
Op zichzelf zijn het aardige verhalen. Toch heb ik met een aantal dingen moeite. In de eerste plaats: dreigen deze verhalen niet de bijbelse verhalen (die de kinderen toch vooral moeten horen?) te verdringen? Waarom niet gewoon het bijbelverhaal verteld, met de toepassing al naar gelang de leeftijd van de kinderen, temeer daar in onze tijd de bijbelkennis bij veel kinderen toch al gering is? In de tweede plaats: de verhalen zijn sterk gericht op verdraagzaamheid, gerechtigheid, lief zijn voor elkaar, enz. Op zichzelf zijn dat heel belangrijke thema's. Maar ik mis de betekenis van het verzoeningswerk van Christus en dat is, ook voor kinderen, toch heel wezenlijk.
Ik heb ook een paar vragen: betekent de opstanding van Christus alleen maar dat Zijn verhalen en wat Hij de mensen geleerd heeft nog steeds doorverteld worden en Hij zo in die verhalen blijft voortleven? (blz. 24 en 27) Waarom het verhaal van de blinden en de olifant? Om de kinderen te leren dat ieder mens maar een klein stukje van de waarheid ziet? (blz. 137) Of het verhaal van de drie ringen van Lessing, met als toepassing dat joden, christenen en moslims zelf moeten bewijzen of hun godsdienst de ware is? (blz. 140) Kinderen mogen best doordrongen worden van het unieke van Christus als de Weg, de Waarheid en het Leven, wat verdraagzaamheid ten opzichte van mensen van andere religies niet hoeft uit te sluiten maar insluit. En ze mogen (moeten) vooral vroeg doordrongen worden van de noodzakelijkheid van het geloof in Christus als de enige Naam tot zaligheid gegeven. Wanneer dat niet doorklinkt doen we aan het Evangelie tekort. Wat niet wil zeggen dat een aantal verhalen kan gebruikt worden om de boodschap van de Bijbel te verduidelijken als er geen bijbelverhaal voorhanden is.
De auteur was als theologe vele jaren werkzaam in het godsdienstonderwijs en in het kerkelijk jeugdwerk.

Huizen               H. Veldhuizen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 2000

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 2000

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's