De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Job, een echtgenoot

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Job, een echtgenoot

5 minuten leestijd

'Toen zei zijn vrouw tot hem: Houd gij nog vast aan uw oprechtheid? Zegen God, en sterf. Maar hij zei tot haar: Gij spreekt als een der zottinnen spreekt, ja, zouden wij het goede van God ontvangen, en het kwade niet ontvangen? In dit alles zondigde Job met zijn lippen niet.' Job 2 : 9 en 10

Alles is Job kwijt. Wie zal kunnen begrijpen wat dat is? Zijn bedrijf weg. Vele malen erger: zijn kinderen in één klap kwijt aan de dood. En... zijn vrouw verloren aan het leven. Als vrouw staat ze niet meer als een hulp naast hem. Intussen speelt zich hetzelfde tafereel af als in hoofdstuk 1. Satan is er weer als de kinderen Gods komen om zich voor de HEERE te stellen. Van satans veronderstelling was niet veel uitgekomen. Job schreef Gode niets ongerijmds toe. Opvallend is dat het gesprek bijna eender verloopt. Met deze aanvulling: en hij houdt nog vast aan zijn oprechtheid, hoewel gij Mij tegen hem opgehitst hebt om hem te verslinden zonder oorzaak. Vasthouden aan oprechtheid, het zijn de woorden die zijn vrouw straks ook in de mond neemt. Opgehitst zonder oorzaak. Dezelfde woorden als van satan: om niet. En intussen: Job heeft de HEERE niet vaarwel gezegd. Toen antwoordde satan... Hij houdt nooit op. Het was toch voorbij nu? Maar hij gaat door: huid voor huid. Hij heeft het leven en de gezondheid nog. Strekt Uw hand uit! Opnieuw doet de HEERE dat niet, maar Hij geeft satan wel de mogelijkheid om Jobs gezondheid aan te tasten. Toen ging satan uit. Hij laat er geen gras over groeien. Onmiddellijk gaat hij over tot actie. We laten de beschrijving achterwege en zien het resultaat: Job in zak en as. Toen zei zijn vrouw... Soms zie je mensen die gezamenlijk - in het huwelijk - door stormen zijn heengegaan. Het kan een huwelijk zo verdiepen. Soms zie je ook het omgekeerde: het huwelijk leed schipbreuk in de stormen van buiten af. Toen zei zijn vrouw: zegen God en sterf. Wat zou Job meer pijn gedaan hebben: de huidaandoening of de woorden van zijn vrouw? Wat is er van terechtgekomen: een hulp als tegenover hem? Laten we intussen wel bedenken dat zij ook hetzelfde heeft meegemaakt, behalve de aantasting van de gezondheid. Zegen God en sterf! Wat zegt ze eigenlijk? Precies datgene wat de satan wil. Ongewild en misschien wel ongemerkt loopt ze exact in het straatje van satan. Ziet u zijn listen? Misschien wel dezelfde als in ons eigen leven. Haar redenering is duidelijk: stop er maar mee. Het levert toch niets op. Je bent zo oprecht maar wordt in geen enkel opzicht meer gezegend, Dat betekent voor Job wel een extra slag na de vele slagen. De ondersteuning van zijn vrouw ook nog kwijt. Zegen God. Dat wil zeggen: zeg Hem vaarwel. Het kan trouwens ook een eufemisme voor vloeken zijn. Dat zou zelfs nog kunnen betekenen dat ze daarmee de doodstraf voor haar man riskeert (afhankelijk van de plaatsing in de tijd van dit bijbelboek). Hoe dan ook, ze geeft duidelijk aan wat Job moet doen: de HEERE de dienst opzeggen. Hoe reageert Job erop? Je spreekt als een zottin. Is dat geen zonde? Er stond toch van Job dat hij met zijn lippen niet zondigde? Je vrouw een dwaas noemen... Nee, dat doet hij niet. Hij zegt: je spreekt zoals een dwaas spreekt. Wat zegt een dwaas dan? De trotse dwaas zegt in zijn boos gemoed - zo meldt ons toch de psalmdichter - er is geen God. En daarom zegt Job tegen zijn vrouw: praat toch niet als een dwaas. In plaats van dat hij steun ontvangt van haar, worstelt hij nog om het behoud van zijn vrouw. Leef en spreek niet alsof er geen God is! Het is als horen we op de achtergrond Christus worstelen om Zijn bruidsgemeente. Leef en spreek toch niet als dwazen, waar de wereld vol van is. Maar geloof in Mij en word behouden!
Intussen legt Job geduldig uit: zouden we het goede van God ontvangen en het kwade niet van God ontvangen? Niemand ontkomt er in het leven aan dat er ook kwade dagen komen. Je kan veel dagen van voorspoed ontvangen van de HEERE, maar vroeg of laat komt het moment van kwade dagen. Het ouder worden. Beperkter worden. Zouden we deze dagen niet van de HEERE ontvangen? In het voorgaande stond dat Job in dit alles niet zondigde. Nu staat het er iets anders: in dit alles zondigde Job met zijn lippen niet. Zou hij het mogelijkerwijs in zijn hart wel gedaan hebben? Ongetwijfeld zal het in zijn hart gestormd hebben. En zo staat Job alleen! Alleen? Nee dat is niet mogelijk. Denk maar aan de woorden van het avondmaalsformulier. Hij werd verlaten opdat wij nooit meer verlaten zouden worden. Eén was er ooit echt alleen. Jezus Christus. Door God en mensen verlaten. En zou dan voor de gelovigen van het oude verbond evenzeer gelden: nooit alleen? Trouwens het blijkt ook: op dat ogenblik verschijnen zijn vrienden. Ondanks alles wat op hun gesprekken is aan te merken geldt toch: daar toont de HEERE dat Job niet alleen is. Wellicht is er ook wel een lezer van deze meditatie die zich - zeker in deze maanden - alleen voelt. Maar alleen zijn we nooit. Christus stond alleen! Het begon eigenlijk al toen Hij over lijden en sterven begon. Toen kwam Hij alleen te staan. De discipelen probeerden Hem af te houden van die weg. In Getsemane konden ze niet met Hem waken. Op Golgotha verliet Hem Zijn Vader... Onvoorstelbaar ogenblik! Niet voor niets was er de nacht tevoren een engel uit de hemel om Hem te sterken. Tegelijkertijd beseffen we - ondanks alle vragen van het leven - daarop ziende en lettend op Zijn vrijwillige alleen zijn - ondanks alle vragen van: wat een liefde! Zo lief had Hij zondaars, ja ook mij! Hij wilde vrijwillig alleen de weg van verzoening gaan. De weg van gehoorzaamheid tot in de dood. Als we dan ooit in nood gezeten (nu of op een ander tijdstip), geen uitkomst zien, wil dan nooit vergeten: deze God verlaat ons niet!

Kampen               G. H. Koppelman

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 2000

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Job, een echtgenoot

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 2000

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's