Ongelukken in de pastorie
Een evaluatie
Zowel ds. G. Herwig als de redactie van de Waarheidsvriend ontving meerdere reacties op de artikelen Ongelukken in de pastorie, die ds. Herwig ons ter plaatsing aanbood. In bijgaand artikel gaat ds. Herwig in op de reacties die hij ontving. Het thema dat is aangeroerd vraagt verdere doordenking, zeker ook gezien het toenemend aantal gevallen van burn-out in de pastorie. De redactie beraadt zich op een vervolg.Red.
De vijf door mij geschreven artikelen, getiteld 'Ongelukken in de pastorie' hebben nogal wat reacties opgeroepen, zowel uit diverse pastorieën als van 'gewone' gemeenteleden.
In het vijfde - slotartikel - gaf ik al aan wellicht nog één keer de pen ter hand te moeten nemen voor een soort evaluatie. Nu de reacties wat gaan afnemen is wellicht het moment daar rijp voor. Ter overweging geef ik de volgende evaluatiepunten:
1. Verschillende reacties attendeerden mij erop, hoe belangrijk de weg is die gegaan wordt vóórdat men de pastorie ingaat. We kunnen dan denken aan roepingsbesef, aan de opleiding (voor sommigen fulltime, voor velen parttime, met alle voor- en nadelen van dien), maar ook aan de steun die gegeven wordt uit de gemeente, waartoe de a.s. predikant behoort. Juist in de categorie studenten/kandidaten, die voortijdig afhaken met de studie of wel kandidaat worden, maar hun roeping niet bevestigd zien door een beroep, wordt vaak die broodnodige steun schromelijk gemist. Veel 'ongelukken' vinden al plaats, voordat de pastorie bewoond wordt. Meerdere malen is er van diverse kanten op gewezen, dat in de 'route' naar het ambt van predikant veel te weinig aandacht wordt besteed aan de 'persoon', die zich voorbereidt op zijn ambt. Veel predikanten besluiten binnen tien jaar iets anders te gaan doen! 'k Heb overigens de indruk, dat dit met name gebeurt in kringen buiten de gereformeerde gezindte, maar toch...
2. In 'Globaal bekeken' is een brief afgedrukt van een ervaren predikantsvrouw. Zij onderstreepte de vréugde van het mogen leven in de pastorie met alle beslommeringen van dien. Die vreugde onderstreep ik graag met haar! Zijn dienst is werkelijk een vreugdedienst! Maar in veel pastorieën keert de enthousiaste vreugde van de eerste jaren op enig moment om in het tegendeel! Hooggestemde verwachtingen kwamen niet uit, men wist niet om te gaan met kritiek op de prediking, op het pastoraat, op de catechese, op de wijze waarop het pastoriegezin iets probeert te bewaren van een stukje eigenheid, problemen ontstonden met de kerkenraad, met collega's, de werkdruk bleek te hoog. In zwakke momenten gebeurde er dan net dat ongeluk, waardoor het functioneren van de predikant in de gemeente niet langer kon worden gecontinueerd. Losmaking bleek dan soms de enige weg... Hoe ingrijpend voor een predikantsgezin! En hoe ingrijpend om te zien hoe eertijds fanatieke volgelingen van een dominee dan openbaar komen als bikkelharde vijanden.
3. Is een predikant authentiek? Mag hij authentiek zijn? Dat zijn twee vragen, die in de praktijk van het dagelijks leven alles met elkaar te maken blijken te hebben. Juist daar gebeuren ongelukken, waar een predikant probeert te voldoen aan verwachtingen, die te hooggespannen zijn, óf waar een predikant zichzelf in z'n argeloosheid zo onschendbaar acht, dat zijn arrogante houding uiteindelijk wel tot ongelukken moet leiden. In dat verband heb ik ondermeer geschreven over 'humor in de pastorie'. Dezer dagen bladerde ik bij de voorbereiding van een catechismuspreek weer even in het boekje van wijlen ds. H. G. Abma: 'Een glimlach door de tranen heen', meditatieve notities bij de Heidelbergse Catechismus. De milde glimlach, uitkomend in het meesterlijk hanteren van het woord, is vrucht geweest van het feit, dat 'Eén zijn tranen gedroogd had' (in het voorwoord door ds. G. H. Abma). In dat 'weten' des geloofs mag er met veel vreugde worden gezaaid; dan maakt het wat dat betreft niet uit of een predikant staat in een één- of meermansgemeente. Gezegend is die meermansgemeente, waarin de dienstdoende predikanten in goede sfeer met elkaar juist zichzelf kunnen zijn. Dan blijkt ieder eigen gaven en talenten te hebben. En waar in de brede bedding van de gemeente een predikant ook gelegenheid krijgt die gaven en talenten ten dienste te laten komen van de gemeente, daar mag vaak met vrucht worden gewerkt. Hier in Wierden ervaren we dat met z'n drieën als een grote zegen; met blijdschap mag worden gewerkt, samengewerkt en daardoor gebouwd!
4. Wat te doen, door de predikant, de predikantsvrouw, de broeders van de kerkenraad, wanneer er sprake is - vaak na rijke zegeningen - van verslapping, ingezonkenheid, waarbij het gevaar van ongelukken levensgroot is? Er is 'werkbegeleiding', maar als niet op tijd signalen worden afgegeven, als een predikant zelf niet ziet in welk gat hij dreigt te vallen, dan komt die 'begeleiding' te laat. Gevaar in de gereformeerde gezindte is wellicht, dat we - vanwege de waardigheid van het ambt - niet kunnen/durven onderscheiden tussen de ambtsdrager en de persoon, die dat ambt bekleedt! Laten wijze, door Godsvrucht en levenservaring gestempelde gemeenteleden niet schromen met veel liefde en takt op tijd 'waarschuwingsschoten' te lossen, waardoor een ongeluk wellicht kan worden voorkomen.
5. Sommige gemeenten krijgen binnen een periode van grofweg tien jaar veel schokken te verduren. Soms is dat gewoon 'eigen schuld' van de kerkenraad, doordat ze een predikant beroepen, die niet past bij de 'nestgeur' van de betreffende gemeente. Wat dat betreft kun je soms bij de vermelding in de krant van het aannemen van een beroep al haast zien aankomen, dat er de komende tijd wel ongelukken móeten gebeuren. Kerkenraden moesten soms gewoon ook wijzer wezen. Er zijn helaas gemeenten die in enkele jaren tijd bijkans verwoest worden, waar het Woord Gods niet of nauwelijks ingang meer vindt, waar de koers van de gemeente zo radicaal wordt omgegooid, dat het 'gewone' gemeentelid het niet kan meemaken. Wat dat betreft mogen we in onze kring wel voorzichtig wezen en zuinig zijn met wat we nog hebben, door Gods genade!
Ten slotte: Wat ik mocht aanreiken geldt dunkt mij niet alleen voor hervormd gereformeerde kring, maar voor de hele gereformeerde gezindte. Breder onderzoek met het doel om daaruit wijze lessen voor de toekomst te trekken zou wellicht sterke aanbeveling genieten. Vooralsnog heb ik slechts bespreekbaar willen maken wat blijkbaar onbespreekbaar werd gehouden, met alle schadelijke gevolgen van dien. Laten de dienaren van het Woord, de kerkenraden en gemeenten om hen heen maar veelvuldig bidden:
O Vader, dat Uw liefd'ons blijkt,
O Zoon, maak ons Uw beeld gelijk,
O Geest, zendt Uwen troost ons neer.
Drie-enig God, U zij all'de eer!
G. Herwig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2000
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2000
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's