De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

In het radioprogramma Deze week van zaterdag 25 november II. noemde ik i.v.m. het 'nochtans' van het geloof het laatste gedeelte van de profeet Habakuk. Een luisteraar zond mij het lied over de vijgenboom en de wijnstok, zoals het werd gedicht door mevr. C. de Groot-Klein. Men had het net voor de uitzending in de huiselijke kring gezongen. Het is te zingen op de wijs van lied nr. 647 van de bundel van Joh. de Heer en komt in verschillende bundels voor:

Al zou de vijgenboom niet bloeien,
Geen opbrengst aan de wijnstok zijn,
Tóch zal mijn beker overvloeien,
Want Jezus geeft mij vreugdewijn.
Al draagt ook de olijf geen vruchten,
Ontbreekt het koren op het veld,
Met Hem heb ik geen kwaad te duchten
Die zelfs mijn hoofdhaar heeft geteld.

Al loopt geen schaap meer in de weiden,
En staat geen rund meer in de stal,
Toch zal ik mij in Hem verblijden,
Die is. Die was, en komen zal.
Hij maakt mijn voeten als der hinden,
Zodat ik op mijn hoogten treed,
'k Zal mij aan zijn beloften binden,
En word met Zijn gezag bekleed.

Al kwellen ziekten, zorgen, machten.
Ik zal hen met Gods Woord verslaan.
Ik blijf Zijn Beeld in mij verwachten.
Al klaagt de boze mij ook aan.
Nochtans, ja nochtans zal ik juichen!
De Heere, Heere is mijn kracht!
En iedre vijand zal zich buigen
Voor Hem, die alles heeft volbracht!

               * * *

In Zuid-Afrika is het wat de prediking betreft ook niet alles. Althans volgens een brief van ouderling Vissen te Pretoria in Die Hervormer (Nederduitsch Hervormde Kerk van Afrika). Een fragment eruit:

'Ek doen 'n beroep op alle predikante om op te hou om die Satanse werk vir hom te doen. Volg God en wees weer vir ons gemeentes geestelike en nie net teologiese leiers wat te papbroekig is om by name oor sektes, valse leringe, die Satan en die opvallende sonde te preek nie. Ek daag predikante om op te hou om die gemeente te pamperlang met melkkos en babataai. Kragtens Matteus 10 : 34 mag niemand Sy kinders se groeistrem met nog-kant-nog-wal mooipraatjes wat ons as soldate lamlê en weerloos laat nie. As dit wat ons wil hoor, as veilige uitweg gepreek word vir dit wat ons móét hoor, word ons vir die onwis na die ewige vuur gelei.'

               * * *

De opperrabbijn van Jeruzalem was in Nederland. Eén van zijn uitspraken was: 'Het lam en de leeuw konden samen leven in de ark van Noach omdat ze een gemeenschappelijke vijand hadden: het water.'

               * * *

Bij uitgeverij Boekencentrum (Zoetermeer) verscheen een boek Symbolen en cymbalen met 'de beste gedichten uit de christelijke traditie van de twintigste eeuw'. Hier laten we zomaar een willekeurig gekozen gedicht uit deze prachtige bundel volgen. De dieren van Aart van der Leeuw (1876-1931):

De landman gaat, nu de avond is gevallen,
En de arbeid slaapt, voor 't laatst zijn hoeve rond;
Hij keurt het werk der knechts in schuur en stallen,
En als zijn schaduw volgt hem trouw de hond.

Hij toeft bij 't vee, en luistert hoe het ademt;
Rond schoft en horen hangt een warme damp,
Die met een geur van zomer hem bewademt.
En in een nimbus nevelt om de lamp.

Dan loopt hij tastend langs de ruif der paarden,
Verwelkomd door een dreunend hoefgeklop;
Hij spreekt hen aan, en streelt een ruig behaarden,
Een speelsch hem toegestoken manenkop.

En als hij eindelijk, rustig na 't volbrachte.
De handen boven 't vlammend houtvuur heft,
Vervult hem nog de ontroerende gedachte
Aan wat rondom hem leeft en 't niet beseft.

Hij peinst, en leest in 't boek met koopren sloten
Het hoofdstuk uit, dat Noachs tocht beschrijft,
Hoe de arke met haar simple reisgenooten
Lang op den oeverloozen zondvloed drijft.

Gansch in het wonderbaar verhaal verloren,
Terwijl hij mijmrend in den haardgloed staart,
Lijkt het hem of, door God daartoe verkoren,
Hij met zijn dieren over 't water vaart.

               * * *

Nederland gaf opnieuw tien procent (!) méér uit aan 'De Sint'. En kerkelijke gemeenten of organisaties tobben om de begroting rond te krijgen!

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's