De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De schaamte te boven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De schaamte te boven

4 minuten leestijd

Slottoespraak ds. B. J. van Vreeswijk

Gekomen aan het einde van de behandeling van het nu synodaal geschrift 'Jezus Christus, onze Heer en Verlosser' spreek ik graag mijn blijdschap uit. En dat om verschillende redenen.

Ten eerste vanwege het door ons behandelde onderwerp, als synoden die de laatste jaren met name zich moesten buigen over organisatie en structuren, financiën en herstructurering. Nu zijn we vanmorgen in groepsverband, vanmiddag en vanavond in gezamenlijke vergadering, bezig geweest met een geestelijke plaatsbepaling. Misschien mag ik zeggen: een oefening in geloof en gelovig spreken. De blijdschap wordt dan alleen maar groter als er, ondanks gehoorde kritiek en geuite punten van zorg, door ons een document in handen werd gehouden dat brede weerklank vond in de harten.
Jaren van polarisatie liggen achter ons. Strijd over de ruimte in de kerk. Is zij pluriform of pluraal? Het kost telkens weer moeite zowel binnen als buiten de kerk om het uit te leggen of het ene of het andere gezichtspunt gezamenlijk te accepteren. Voorkeuren die uiteenlopen van de hantering van de belijdenistraditie als een verbleekte achtergrond tot een onveranderlijk op de voorgrond geplaatst dictaat drijven ons vaak ver uiteen. En nu klinkt een belijdend spreken uit lutherse, hervormde en gereformeerde monden over Jezus Christus, onze Heer en Verlosser.

Mag er in de tweede plaats ook geen blijdschap zijn dat we kennelijk onze schaamte te boven zijn? Hoe vaak zal al niet in verschillende inleidingsformulermgen in de kerkdiensten zijn uitgesproken dat we in verbondenheid of gemeenschap met de kerk van alle eeuwen en plaatsen ons christelijk geloof belijden. Maar hoe gelovig en hoe christelijk durfden we ons verder te uiten? We verontschuldigen ons soms met het feit dat in onze dagen de tijd van de grote verhalen voorbij is. En nu dit geschrift. Is het de magerte van de wetenschap die ons wel van alles ontnam maar geen geestelijk voedsel aan ons schonk? Is het de leegte van onze individualiserende samenleving die ons steeds meer eenzaamheid oplevert? Is het de prikkeling van evangelicale en charismatische stromingen? Wat van dit alles waar moge zijn, vandaag hebben we een inhoudelijke inhaalslag geleverd. Een Naam is opnieuw met blijdschap verheven: Jezus de Christus. Een toekomst is beleden: de weg tot God, de Vader. De belijdenis is bevraagd, de wetenschap gelovig tegemoet getreden. En dat niet apart, zoals de laatste tijd sommige synode- en kerkleden wensten, maar gezamenlijk. Verhoogt dat juist niet de kracht van ons spreken? Jezus is Kurios, Jezus is Heer. Soter van de oikoumene, Redder van de wereld.

Daarbij past het slot van de psalmbundel:
Alles wat adem heeft, love de HEERE, Hallelujah!

Of met de nieuwtestamentische lofprijzing uit ons geschrift: opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Heere, tot eer van God, de Vader!

Ik spreek ten slotte met blijdschap dank uit aan de schrijver, als eerste ontwerper van dit geschrift, aan de meelezers, aan de leden van de Generale Raad KTO, van de commissie en sectie die intensief betrokken waren. Veel denkwerk en tijd is geïnvesteerd in herschrijving en aanvulling om iets moois te kunnen aanbieden. Er was intensief overleg in een grote mate van openheid. Dank ook aan u, synodeleden, die vanuit betrokkenheid stem gaf aan uw hart. Een eindpunt hebben we niet bereikt. Me dunkt wel een moment waarin we teruggevallen zijn op de bron, die ons lief is en laven kan.

               * * *  

Met handreikingen gaat dit synodaal geschrift de kerken in. Ik spreek de hoop uit dat het gespreksstof zal zijn voor jong en oud en door mag klinken in een samenleving die naar het lijkt steeds minder om weet te gaan met het leven en de dood. Laten we vanuit de grond van ons hart mogen zeggen op Wie wij hopen, uit wiens hand ons leven komt, in wiens hand ons leven rust. Die ons leven is tot in eeuwigheid. Ik dank u.

Lunteren 1 december 2000 B. J. van Vreeswijk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De schaamte te boven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 2000

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's