Boekbespreking
P. J. Margry, Teedere Quaesties: religieuze rituelen in conflict. Confrontaties tussen katholieken en protestanten rond de processiecultuur in 19e eeuws Nederland. Hilversum, uitgeverij Verloren, 2000, 688 pag., ƒ95,-.
Bij de uitgeverij van de fraaist uitgevoerde (kerk)historische studies, die de opmerkelijke naam van 'Verloren' draagt, verscheen een bijzonder interessante studie voor allen die belang stellen in de cultuurhistorische aspecten van de Nederlandse kerkgeschiedenis. P. J. Margry heeft een gedegen onderzoek gedaan naar de polarisatie in de samenleving van de negentiende eeuw vanwege de roomse processiecultuur. Daarin geeft hij een zeer uitvoerige bespreking van alles wat in de rooms-katholieke traditie aan uiterlijke manifestatie in het openbaar werd tentoongesteld. De fenomenologie van de processie, de betekenis van de rituelen waarmee de openbare ruimte min of meer gesacraliseerd werd, het wordt alles zeer uitvoerig en goed gedocumenteerd geïnventariseerd. Dat er nu juist in de negentiende eeuw op vele plaatsen in Nederland conflicten ontstonden, die soms zelfs met geweld gepaard gingen en die de overheid ertoe brachten om in 1848 een processieverbod in te stellen, wordt door de schrijver een 'paradoxale' zaak genoemd. Het was immers een gevolg van de vrijheid van godsdienst en de scheiding van kerk en staat, dat de roomse kerk in Nederland een opleving liet zien van de demonstratieve processiecultuur. Voor de Franse tijd, onder het ancien régime van de Republiek, waren de roomsen eraan gewend geraakt om hun rituelen in de besloten ruimte van de sacrale plaatsen gestalte te geven. Nu er echter een nieuwe 'vrijheid' kwam, in het nog steeds als hoofdzakelijk protestants geldende Nederland, om het 'rijke roomse leven' te etaleren, wilde men daar ook volop gebruik van maken. De processies waren belangrijke factoren in de rooms-katholieke emancipatie, die in Nederland op zijn beurt ook weer van protestantse kant hevig verzet opriep. De aprilbeweging van 1853 is daarvan een bekend voorbeeld. De agressieve bekeringsdrang die er van roomse kant soms uitging, wekte uiteraard een tegenreactie op bij diegenen die vonden dat Nederland toch vooral een protestantse natie was en moest blijven. Het gaf geen pas dat de roomsen door hun openbare processies de publieke ruimte in bezit namen en min of meer tot een 'kathedraal' in de open lucht maakten. Vandaar dat de wetgever een processieverbod nodig vond, dat tot ver in de vorige eeuw is blijven bestaan. In 1957 was er nog een geruchtmakende rechtszaak inzake een illegale processie in Geertruidenberg.
De processieproblemen vormden 'teedere quaesties' waar de overheid vaak niet goed raad mee wist. Ze hebben bijgedragen tot de verzuiling van onze samenleving. Wellicht zal er nu wat glimlachend worden aangekeken tegen de demonstratieve optochtelijkheid uit de tijd van het 'rijke roomse leven' en de felle reacties daarop. Wij kunnen het ons in onze tijd niet meer echt voorstellen dat men zich daar toen zo druk over maakte. We schudden ons hoofd als we ook heden ten dage iets zien van dergelijke rituelen, bijvoorbeeld in Noord-Ierland, waar men - nu van protestantse kant - de 'oranjemarsen' houdt. De tijd van optochten en protestmarsen lijkt in Nederland definitief voorbij. Toch blijft het de vraag of dat alleen maar positief is. Bij alle afwijzing van processies als zodanig, het moge duidelijk zijn dat rechtgeaarde protestanten niets moeten hebben van de 'poppenkast' die rondgedragen wordt om het volk onder religieuze bekoring te brengen, toch 'ging' men nog ergens voor, waar men 'heilig van overtuigd' was. Dat gold trouwens ook de protestanten die zich er terecht zorgen over maakten en zich juridisch verzetten. Kom daar nog eens om, in ons postmoderne tijdperk.
Margry heeft een boeiende studie geschreven die veel inventariseert en daardoor niet altijd zo vlot leest, maar die zeker de moeite waard is voor geïnteresseerden in de geschiedenis van de negentiende eeuw, temeer daar er over het verschijnsel dat hij heeft bestudeerd verder niet zoveel te vinden is. Nogmaals mag het gezegd worden dat het boek prachtig is uitgegeven, met treffende illustraties, waarbij het me overigens opviel, dat veel plaatjes 'spotprenten' waren van protestantse kant.
M. A. van den Berg
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2000
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's