Boekbespreking
Eugen Drewermann,
Is er hoop voor het geloof? Over de betekenis van religie in onze tijd.
Uitgave Meinema, Zoetermeer 2000, 260 blz., ƒ 39,50.
Drewermann schrijft aan de lopende band lijvige boeken. In dit boek komt nogmaals ter sprake wat godsdienst in positieve zin kan betekenen voor een geheeld en bevrijd mens-zijn. Volgens de achterflap vormt het een soort synthese van zijn denken. Wie wel eens iets van Drewermann gelezen heeft wordt dan ook keer op keer herinnerd aan andere studies. Met name de r.-k. hiërarchie waarbij godsdienst instrument van de machthebbers wordt, moet het ook hier ontgelden. De term 'godsdienst' wordt breed ingevuld. De prediking van Jezus, Luther, Boeddha, Laotse, de islam... allemaal dragen ze bij tot een nieuw zicht op God, mens en wereld. Daarmee speelt Drewermann in op de syncretistische trend in onze tijd die zindert van religiositeit, maar zich afkeert van de traditionele theologie en zeker van de confessie van de kerk aangaande de ene Naam tot heil gegeven. In die zin is het boek zeer bevestigend. Je komt onder de indruk van de belezenheid van de auteur. Psychologisch-antropologisch valt er best een en ander uit dit boek te leren. Sympathiek is de bekommernis met de postmoderne mens in zijn gebrokenheid, zijn falen en zijn twijfels. Maar tegelijk krijg je al lezend het gevoel dat hier de essentie van het christelijk geloof volstrekt ondergraven wordt. En wat me bijzonder stoort is de zekerheid waarmee allerlei schriftkritische beweringen als feiten geponeerd worden. Ik denk aan de wijze waarop gesproken wordt over Jezus Christus en Zijn prediking aangaande het koninkrijk van God. Wie Drewermann volgt kan nog wel hoop koesteren voor het geloof. Ik ben bang dat het met het christelijk geloof bitter weinig heeft uit te staan. Er is wel iets anders wat me bezighoudt. Het feit dat Drewermanns werk steeds weer in vertaling verschijnt geeft aan dat er kennelijk een markt voor is. Waar zitten deze lezers? En wat trekt hen? Voor mijn gevoel moet je ze zoeken in de hoek van hen die wel religieus geïnteresseerd zijn, maar van de kerk en met name van haar dogma's afscheid genomen hebben. Dat betekent dan wel dat zij die met deze mensen in evangelisatie of apologetiek in gesprek treden er goed aan doen kritisch kennis te nemen van dit gedachtegoed om te weten wat onze tijdgenoten beweegt.
A. NOORDEGRAAF, EDE
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's