Globaal bekeken
In de altijd lezenswaardige Kroniek van prof. dr. H. W. de Knijff in Kerk en theologie stond in de laatste aflevering een snedig stuk over De evenementenmaatschappij. Hieruit het volgende fragment over onze 'maakbare' samenleving, ontleend aan een boek van de Duitse socioloog Gerard Schulze:
'(...) Dagelijks staan wij voor de noodzaak van vrije keuze (vroeger legde die noodzaak zich dwingend op) - wat kiezen wij aan kleding, voedsel, apparatuur, informatie, conversatie, contacten, reisdoelen? (...)
Geestig somt S. de verlegenheden op, waarin de mens zich tegenover de keuze van weer een ander merk (zonder veel verschil met het vorige) bevindt, aan de hand van de moderne drogist (beauty-shop!): "Daar vullen intussen zo soms de productvarianten voor haarverzorging de schappen. Dan gaat het weer om het gezicht: speciale zepen, reinigingslotions, maskers, dagcrèmes, nachtcrèmes, zalven voor bepaalde gezichtsdelen (b.v. de ooghoeken). De inhoudsanalyse van de bestellijsten van een afdeling voor lichaamsverzorging eist vandaag, dat er tussen hoofd en voet nauwelijks nog een vierkante centimeter van het menselijk lichaam is, waarop niet een eigen soort artikel van toepassing is."
De markt exploiteert de enorm gestegen koopkracht: deze duwt de consument in de laatste "reservaten van de exclusiviteit": wereldreizen, luxe-auto's, eigen huis en prestigieuze inrichting, dure sieraden, exquise restaurants - wat gisteren aan de upper ten was voorbehouden, wordt thans de standaard in de economische middenlaag van de bevolking. Hier is niets meer "gegeven, alles is maakbaar", ook de menselijke relaties: "Men wil eerst een ander soort relatie met elkaar, vervolgens een andere partner en ten slotte een andere identiteit". De maakbaarheid heeft enorme dimensies gekregen: psyche, relatie, familie, biografie, het lichaam - dat alles geldt in toenemende mate al als maakbaar, repareerbaar, revideerbaar. Met de veelheid van het aanbod ontstaat ook een houding van indifferentisme, de dingen worden belangeloos. Het doet er niets toe, of de radio aan of uit staat; aankopen geschieden zonder noodzaak: men wil de bestseller hebben, maar leest hem niet, enz. Er ontstaat ook een hele markt van aanbiedingen, die enkel beleveniswaarde hebben: bioscoop, geïllustreerde bladen, muziekconserven, vakantie-, evenementen-, vrijetijdsindustrie, enz.
Een en ander heeft ook een algehele herordening van milieus tot gevolg. De huidige mens zoekt zijn plaats niet zozeer in de primaire levensgemeenschappen van familie, arbeid, buurt en kerk, maar in nieuwe belevingsmilieus. Dit feit schept ook een geheel nieuwe arbeidsmarkt die een ware professionalisering van het beleven laat zien: "Entertainers, animateurs, reisleiders, volwassenen opvoeders, psychologen, sociaal werkers, cultuurarbeiders, vrijetijdspedagogen, ontwerpers, diskjockeys.'"
* * *
Van Jaco van Hoorn te Nieuwerkerk aan den IJssel ontvingen we onderstaande reactie op het artikel van ds. C. van Duijn in het nummer van 1 februari over de conferentie in Hongarije m.b.t. Kerkplanting:
'Het artikel "kerk in de stad" brengt me ertoe u een recente ervaring te schrijven, die ik had in mijn werk als leidinggevende bij de politie in Gouda.
Ik werd gebeld door een vrouw, die zich voorstelde als stadsgebedsleider en zij vroeg mij een gesprek. Op de afgesproken tijd ontmoett ik op mijn kamer in het politiebureau twee mensen; naast de vrouw ook een ouderling van een GB-wijk in Gouda. Zij zelf was verbonden aan een evangelische gemeente. Zij vertelden dat er sinds vele jaren in de stad een interkerke lijke groep was, als onderdeel van het Wereldwijde Stadsgebed. Hun inzet was erop gericht om voor allerlei problemen in de stad te bidden. Zij deden dit door reguliere gebedsbijeenkomsten, gebedsweken (iedere avond van die week in een andere kerk een gebedsbijeenkomst), maandelijkse gebedsbijeenkomsten met alle plaatselijke predikanten, gebedswandelingen, het verspreiden van gebedspunten via e-mail, etc. In het comité was nu bedacht dat ze wilden gaan bidden voor een groep jongeren die in de stad voor veel overlast zorgde en waar de politie dus druk mee was. Ze wilden er echter wel iets meer van weten dan alleen uit de krant. Daarvoor was het gesprek bedoeld. Dit Wereldwijde Stadsgebed bestaat overigens in veel grote steden in heel de wereld. In het artikel van ds. Van Duijn werd New York genoemd. Ik heb zelf mogen zien hoe het welzijn en de veiligheid de laatste jaren in die stad is gestegen. Toen schreef ik dat toe aan het goede beleid van de toenmalige burgemeester. Nu ik hoorde dat ook daar dergelijke groepen actief waren, krijgt deze vooruitgang ineens een andere dimensie.
Uiteraard kunnen mijn gesprekspartners veel meer over deze activiteiten vertellen dan ik. Ik moet eerlijk bekennen, ik voelde me innerlijk wel wat onwennig. In mijn functie leg ik allerlei contacten en maken we plannen om de problematiek te beheersen, ledereen die kan helpen is welkom. Dit was wel steun uit heel onverwachte hoek. Zeker toen aan het eind van het gesprek het aanbod kwam om het gesprek af te sluiten door voor mij, de collega's van de politie en voor ons werk te bidden.
Toch was het een geweldige ervaring. Ook een manifestatie van "kerk in de stad". Over kerkmuren heen.'
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's