Vrienden-dienst
'Niemand heeft meerder liefde dan deze, dat iemand zijn leven zette voor zijn vrienden' (JOHANNES 15 :13)
We zijn andere woorden gewend. Vraag maar voor wie Jezus Zijn leven gaf, en menig keer zal het antwoord luiden: voor zondaren. Of, wat algemener: voor ons mensen. Betrek er nog een ander theologisch begrip bij - het woord verzoening - en dan zijn het vijanden die met God verzoend worden. Eén keer liet Paulus zelfs uit zijn pen vloeien dat we een God hebben die goddelozen rechtvaardigt. In dat rijtje hoort het woord vrienden toch zeker niet thuis!?
Vrienden betekenen veel voor elkaar. Doen veel voor elkaar, en gaan zelfs tot het uiterste. In de discipelkring ving ik het ook op. Petrus hoorde dat ze aan zijn Meester zouden komen. De Heiland deelde hen zelf mee dat in de komende nacht Hij overgegeven zou worden in de handen van politiek, militair en godsdienstig gespuis. Zijn leerlingen worden erop voorbereid; het zal hen te machtig worden en allen zullen geërgerd worden. Dan hoor ik de stem van Petrus: het mag dan wel zo zijn dat allen geërgerd zullen worden, maar uitgezonderd mijzelf! Komt niet aan mijn Vriend, mijn Meester en Heiland, of je komt aan mij. Al zou ik voor U moeten sterven, ik zal mijn leven voor U zetten... Praat me niet negatief van deze Petrus. Goed, een toontje lager, een tikkeltje bescheidener zou geen kwaad kunnen, maar hier spreekt brandende liefde. Niemand heeft meerder liefde dan hij die zijn leven zou willen zetten voor zijn Heiland. Ik zou het Petrus niet zomaar nazeggen. En denk ik aan al diegenen die gemarteld en gedood worden omwille van het geloof, dan zeg ik: wat hebben zij een ontzettend grote liefde voor de Heere Jezus Christus. Inderdaad, groter liefde is niet voorstelbaar. Jezus laat deze tekstwoorden volgen op het voorgaande in vers 12 waar Hij spreekt over Zijn liefhebben van de discipelen. Kijk, zo groot is Mijn liefde voor jullie, wil Hij hier zeggen, dat Ik Mijn leven voor jullie zal zetten. Liefde die boven alles uitgaat, onnavolgbaar. Liefde die voor alles uitgaat, navolgenswaardig. Dit laatste aspect klinkt hier zeker in de kontext door. Dringend appèl om zo in liefde met God en de naasten te leven vernemen we. In navolging van Hem. Naar Jezus' eigen woord blijkt hier de ware vriendschap; in vers 14 zegt Hij immers dat we Zijn vrienden mogen heten zo we doen wat Hij ons gebiedt.
Ik keer terug naar dat eerste aspect: liefde die boven alles uitgaat, onnavolgbaar. Zo heb Ik u liefgehad, zegt de Heiland. Mijn leven gezet. Groot zou Zijn liefde zijn geweest als Hij met inzet van al Zijn krachten, van heel Zijn vermogen Zaligmaker was. En als Hij met inspanning van al Zijn krachten Zijn werk zou doen, mag ik er ongetwijfeld veel van verwachten. Zijn inzet gaat echter verder. Zijn leven zet Hij ervoor op het spel. Hoogst denkbare inzet. Zo doet alleen Hij.
Het woord dat de Heere Jezus gebruikt, geeft aan dat Hij aan meer denkt dan het biologische leven op zich. Het gaat om het leven naar zijn psychische, emotionele kant. Als je daar naar ziet, dan is het zo dat het Hem veel heeft gekost. Hoe groot was niet Zijn angst. Wat kan heftiger zijn dan kwellende doodsangst? Verschrikkingen overvielen Hem aan alle kant. Al dat gespot, gespuw, gesar en gegesel ging Hem door merg en been heen. Tot in het diepst van Zijn ziel raakte het Hem. Onmenselijke en onwaardige bejegening laat je niet onberoerd, integendeel. En zou ik ooit kunnen bevatten wat Hij doormaakte toen Hij zich van God verlaten voelde. Zijn ziel bezweek toen op Golgotha het zonlicht week. Dat alles werd voor hen te heftig. In dat gebeuren tussen Vader en Zoon in Getsemané en op Golgotha houdt geen mens, geen vriend het meer uit. In die nacht van bange en lange worsteling kun je alleen maar worstelen met eigen onmacht en radeloosheid. Bij het zien van Judas en zijn trawanten slaat de angst hen om het hart. In paniek kiezen ze het hazenpad.
Jezus alleen kon op zo'n wijze Zijn leven inzetten. Zelfs Zijn beste vrienden blijft Hij een steenworp voor. Een beslissende afstand overigens. Dat moeten vrienden hier leren. Zijn en mijn liefde zijn niet van gelijke waarde en hoogte. Zijn liefde is altijd meer, hoger. De mijne is ontoereikend. Zijn liefde ging tot het alleruiterste. Zijn liefde is volmaakt. Aan mijn liefde kleeft het tekort. De zonde bezoedelt haar. Ze is gebrekkig en schuldig. Gelukkig, Eén is er van Wie de liefde zo volkomen en zuiver is dat alle tekort en schuld in mijn liefde smelt als sneeuw voor de zon. Ik denk aan een emotioneel verwaarloosd kind. Een lieve adoptiefmoeder ontfermt zich over hem. Hij houdt van die nieuwe moeder, ook al is hij niet in staat om net zo'n grote liefde aan die moeder te geven, als die moeder aan hem. Maar wat is hij gelukkig met die grote liefde van haar!
Voor vrienden. Dat woord blijft wel staan. Zeker, in ander verband vallen de woorden als zondaren, goddelozen en vijanden. Maar wie gelooft heeft toch een band met deze Zaligmaker!? Een band van liefde. Laat mij dan de mindere, de schuldige zijn, maar dan heb ik Hem nog wel lief. Juist daarom heb ik Hem lief. Ik kan me er alleen maar over verwonderen dat ik een vriend van Hem mag zijn. Niet zozeer vanwege mijn liefde voor Hem. Veelmeer die liefde van Hem. Laat ik maar één keer zo zeggen: daarom is Hij mijn allerbeste Vriend. En dat mag je gerust genade noemen.
F. MAAIJEN, ZIJDERVELD
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's