De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een Hongaars drieluik in Utrecht

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een Hongaars drieluik in Utrecht

6 minuten leestijd

Op donderdag 29 maart werd door dr. A. Gergely, ambassadeur uan de republiek Hongarije in Nederland, een paneel onthuld in de tuin van het Academiegebouw in Utrecht, waar tot 1882 een Hongaarse Kapel stond. Bij die gelegenheid sprak ds. I. L. Tüschki, predikant voor de Hongaren in Nederland, over de achtergrond van het paneel. Hieronder volgt de tekst.

Een houtgravure, een bronzen reliëf, een granieten zerk. Dit zijn de zichtbare kenmerken van onze, met Hongaarse ogen bekeken plechtigheid van nu. Ik zou deze drie gaarna vergelijken met een triptichon, een drieluik, waarbij de linker en de rechter panelen geopend moeten worden, om ook het middelste goed, ja beter te kunnen zien en te waarderen. Vandaag staat het middelste paneel in de belangstelling: De Hongaarse Kapel. Haar gravure staat op het informatiepaneel.
Hoe en waarom kreeg een collegezaal van de Utrechtse Universiteit bijna 280 jaar geleden zo een unieke naam? Natuurlijk wegens het doelbewuste en regelmatige gebruik door de Hongaarse studenten. Maar wie waren deze Hongaren en hoe kwamen zij in dit representatieve gebouw terecht?
Als antwoord gaan wij het rechter paneel van de drieluik openen. Wij zien daarop een bronzen reliëf. Het origineel staat hier vlakbij, bij de ingang van het Grote Auditorium. De Hongaarse Reformatus Kerk schonk dit aan de Utrechtse Academie op het 300e Dies Natalis, in 1936, als blijvend teken van dankbaarheid voor de eeuwenlang ontvangen rijke weldaden. Een Peregrinus Hungarus, een Hongaarse student loopt van de Grote Calvinistische Kerk van Debrecen - naar de Utrechtse Dom - symbolisch, maar toen ook letterlijk, meer dan 1500 kilometer.
Onderaan dit reliëf staat een Latijns opschrift: aan de Utrechtse Academie, als de 'alma mater', d.w.z. aan de 'milde voedster-moeder', van haar zéér dankbare Hongaarse zonen. Maar hoe kan een universiteit zonder eigen inkomsten zijn studenten letterlijk voeden? Alleen met hulp van buitenaf, van milde weldoeners. Eén hunner namen lezen wij op het derde paneelluik, op een granieten zerk in de nabije Buurkerk: Daniël G. Bernard, oud-gouveneur van Oost-Indië, de stichter van de in 1761, mede voor Hongaren opgerichte Stipendium Bernardinum. Deze studiebeurs, waarschijnlijk als de oudste voor buitenlanders in Nederland, functioneert al 240 jaar bijna zonder onderbreking, tot op heden, onder beheer van de theologische faculteit. De drie luiken van het paneel: de weldoener, de Hongaarse Kapel en de Hongaarse studenten vormen één geheel. Zij zijn niet van elkaar te scheiden. Er was geen Hongaarse Kapel nodig zonder Hongaren en er waren geen Hongaren in Utrecht zonder weldoeners. Dit bijzondere verband waarschuwt ons, om deze drie niet alleen als cultuur-historische momentopnamen van de Nederlands-Hongaarse betrekkingen te beschouwen, maar veel meer: blijvende symbolen tot onze dagen toe. Laten wij een vluchtige blik werpen op dit unieke drieluik.

De Peregrinus Hungarus
Wie waren zij? Meestal jonge afgestudeerden die hun postgraduale studie zeer serieus namen. Door het Latijnstalige academieleven hadden zij echter weinig gelegenheid om goed Nederlands te leren. Lange preken in het Nederlands waren moeilijk te volgen. De studenten waren meestal puriteins-vrome jongeren, die persoonlijk grote behoefte hadden aan de zondagdiensten in hun eigen taal. Hun kleine groep hield waarschijnlijk al een tijd samenkomsten. Men wilde deze echter legitimeren en het gebruik van het Academiegebouw ook voor de toekomst verzekeren. Het initiatief kwam dus van de Hongaren, zoals dat ook uit de notulen van de Utrechtse Vroedschap (1722) gelezen kan worden. Ik citeer:

'Hungarische Studenten het bovenste Auditorium gegeven om in te prediken.
Op het verzoek door de Heeren Professores Theologia aan de Heeren Burgermeesteren gedaan, accoordeert de Vroetschap bij deze aan de Hungarische en Zevenbergse Studenten alhier permissie, omme des zondags ten elf uuren voornoems in het bovenste Auditorium van de Academie onder haar te houden haaren gotsdienst en te doen een predikatie.'

De heren professoren bespraken de aanvraag tot in detail met de Hongaren. Elke zondag 'ten elf uuren' zal een Hongaarse kerkdienst met preek gehouden worden in het bovenste auditiorium.
De kerkdienst voorzag niet alleen aan de plaatselijke, Utrechtse behoefte, maar werd in heel Nederland bekend - ook onder de Hongaarse studenten bij de andere universiteiten: in Leiden en Franeker, Groningen en Harderwijk. Vijf universiteiten in een relatief klein gebied te bezoeken was een uitdaging. De studenten zochten op een rondreizende manier, professoren die hen in hun studie het beste konden bijstaan. Om elkaar te treffen en hun ervaringen uit te wisselen was de Hongaarse kapel een duidelijk bepaalde, vaste plaats.
Naast de kerkruimte en het ontmoetingspunt was het gebouw ook nog een geestelijke, misschien zelfs een letterlijke werkplaats voor de belangrijkste prestatie van de Hongaarse studenten in Nederland: de zgn. Utrechtse Bijbel. Zij maakten de Hongaarse Bijbel tenminste zes keer letterlijk persklaar voor de Nederlandse drukker, in een periode van 70 jaar.

Weldoeners
In de tweede plaats richten wij onze blik op de weldoeners. Daniël Bernard blijft een vaste verbinder tussen verleden en heden, maar nog twee namen mogen juist in die lustrumdagen niet onvermeld blijven. Eerst de stichter van de universiteit: Voetius. Hij verzamelde regelmatig fondsen voor zijn meer dan 80 Hongaarse studenten. De naam van de tweede bleef anoniem onder de professoren, bij de aanvraag van de collegezaal voor de Hongaarse kerkdiensten. Hyeronimus Simonszoon van Alphen was de grootste weldoener, niet alleen voor de studenten hier, maar ook voor de Reformatus kerken in Hongarije. In het voorwoord van de Utrechtse Bijbel van 1730 schreven de Hongaarse studenten over deze weldoener. Hij kon de steun van de Staten en Stad Utrecht verkrijgen voor de financiering van de drukkosten.

Kapel
Onze derde blik kunnen wij niet werpen op de Hongaarse Kapel, alleen op haar gravure. In 1882 werd zij afgebroken, maar haar symbolische betekenis blijft voor de Hongaren bestaan. Om dit te verklaren moet ik u een geheim verklappen. Op de drietalige informatietafel staat in het Hongaars iets meer dan in de Nederlandse en Engelse tekst, namelijk een zinnetje over 1956. De Hongaarse geschiedenis is een aaneenschakeling van oorlogen, bezettingen door de buurlanden en onderdrukkingen. De laatste grote golf van duizenden vluchtelingen werd 45 jaar geleden met begrip en liefde ontvangen - door het hele Nederlandse volk - door de overheid, de kerken en de universiteiten. En zij kregen een nieuwe Hongaarse kapel, symbolisch een nieuw onderdak. Natuurlijk letterlijk kerkgebouwen voor de kerkdiensten van hun diasporagemeente, maar ook een onderdak voor het wederopbouwen van hun hele, nieuwe leven. Wij zijn een klein gezelschap bij elkaar. De vertegenwoordigers van de hedendaagse weldoeners, en de hedendaagse Hongaren. Onder de laatsten zijn onder andere de oud-vluchtelingen van 1956. Maar misschien nog belangrijker: de huidige Hongaarse studenten uit Oost-Europa. In 1990 is de laatste bezetting in Hongarije verdwenen. De poorten naar de Nederlandse universiteiten zijn - hoewel nog zeer beperkt - geopend. Wij hopen, dat deze poorten binnenkort verder open komen te staan voor de eeuwenoude en toch steeds vernieuwde band tussen onze twee volkeren. Moge deze Hongaarse drieluik een levendige herinnering blijven aan deze dag van het 73-ste lustrum van de Utrechtse Universiteit.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Een Hongaars drieluik in Utrecht

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's