Uit de pers
Verdriet onder de boeren
Het zal direct duidelijk zijn waar we het dan over hebben: mkz gevolgd door wat zo versluierd heet de 'ruimingen' van stallen en boerderijen. De door ons in het Westen zo innig aanbeden god 'economie' komt om zijn rechten: offer mij uw vee! Tranen, frustratie, woede en wanhoop sluipen de harten en levens van boeren in voor jaren, misschien wel voor heel hun leven. In HP-De Tijd van 30 maart 2001 schreef Bas Barkman een achtergrondverhaal onder de veelzeggende titel 'De vloek van Oene'. Ik citeer een fragment uit dit trieste verslag:
'Toeval of niet, sinds op dinsdag 20 maart 2001 de ernstige verdenking rees dat er mond- en klauwzeer was uitgebroken in Oene, heeft de zon er nauwelijks meer geschenen. Sneeuw, regen, een koude oostenwind en voortdurende bewolking domineerden, en illustreerden tegelijkertijd toepasselijk de gevoelens van de dorpenaren. "In Oene heerst een grafstemming, " zegt de dominee Van de Herik van de Hervormde Gemeente. "Stille verslagenheid."
Op straat gebeurt weinig, de meeste mensen zitten thuis. Vaak staat de televisie aan, meestal afgestemd op TV Gelderland, dat vrijwel dagelijks in het dorp aan het filmen is. En er wordt veel gelezen, hoewel de favoriete kranten, De Gelderlander en het Veluws Nieuws, al dagen niet meer bezorgd worden. Veel meer is er niet te doen; ook het normaal zo bloeiende verenigingsleven van Oene lig plat. Geen muziekconcours, geen trainingen en zaterdag geen wedstrijden bij voetbalvereniging Oene.
De paar winkels in het dorp zijn open, maar trekken nauwelijks klandizie. Alleen bij de supermarkt van Tessemaker is het woensdag en donderdag wel even druk geweest, toen er door veel dorpsbewoners in het groot inkopen werd gedaan. Maar verder is het al dagen heel stil in het dorp; zelfs bij café Dorpszicht, dat gezien de ligging net zo goed café Kerkzicht had kunnen heten, is weinig leven. Een enkeling aan de bar uitgezonderd, die meestal net zo triest kijkt als de barman. Jan de Graaf zit ook vrijwel de hele dag thuis. Hij vergelijkt de stemming in het dorp met die van de laatste week van maart in 1945, op de kop af 56 jaar geleden. "Pure oorlog, " zegt de 59-jarige boer. Op 22 maart van dat laatste oorlogsjaar bombardeerden Engelse toestellen een kruispunt in Oene, omdat ze eerdere doelen in Duitsland niet bereikt hadden en ze hun bommen toch kwijt moesten. Twintig Oenenaren, onder wie een paar kinderen, vonden de dood. "Qua impact op het dorp zijn de gevoelens van nu te vergelijken met die van toen, " meent De Graaf, die al vanaf zijn zeventiende boer is. Noodgedwongen, omdat toen zijn vader overleed en hij de oudste was. Dertig jaar lag hij onder de koeien, zoals hij het zelf omschrijft, en de laatste 21 jaar hield hij schapen. Zijn boerderij ligt op de weg na Welsum, dat aan de overkant van de IJssel ligt. Hij is verdrietig, niet eens zozeer over het lot van de dertig ooien, de vrouwelijke schapen, die hij zelf nog heeft staan. Hij zal ze kwijtraken, vreest hij. "Ik zit net aan de rand van de driekilometerzone, maar het komt akelig dichtbij."
Hij heeft het al eens eerder meegemaakt, beginjaren zestig, mond- en klauwzeer. "Dan kreeg je een bord op het hek, en mochten mensen een week of zes geen mensen op het erf komen. Ze lieten het gewoon uitzieken. Daar dat kwam je als boer wel weer overheen, zelf als er een paar van je beesten afgemaakt moesten worden." Nu is dat anders, verdwijnen plotseling alle koeien, schapen, geitjes varkens van de mooie en gezonde bedrijven in Oene. "Het zijn bijna allemaal gesloten bedrijven; ze fokken de beesten, ze mesten ze en ze brengen ze weg. Hier heeft geen ruilverkaveling plaatsgevonden. Zestig, zeventig koeien is hier al heel wat. Vaak zijn dat prachtige veestapels; het resultaat van tientallen jaren zorgvuldig opbouwen. Die jongens zijn in een keer het hele levenswerk van hun opa's en vaders kwijt. Koeien waar die mensen echt van houden. Het is triest dat juist een kleine gemeente het slachtoffer wordt van zo'n ziekte."
Hetzelfde verdriet is intussen te vinden in dorpen om Oene heen: Olst, Welsum, Vaassen en in een dorp op afstand van Oene en wel in Kootwijkerbroek. Daar wordt een hele dorpsgemeenschap van meer dan 200 bedrijven geconfronteerd met een niet te peilen verdriet. Ik moest denken aan wat de oude profeet Habakuk ooit zag en daarom zei: '... dat men de kudde uit de kooi afscheuren zal en dat er geen rund in de stallen wezen zal'. Ik weet het: Habakuk zei er nog meer bij. Hij beleed zijn geloof dat hij nochtans in de HEERE van vreugde zou opspringen. Maar ik zou daar voorlopig niet over durven preken in Oene of Kootwijkerbroek. Met bijbelteksten en dikke woorden slingeren helpt niemand.
***
Oordeel Gods?
Ds. Tj. de Jong (Staphorst) haalde de landelijke pers met zijn uitspraken dat we dezer dagen in Nederland de rekening krijgen gepresenteerd van de verlating van Gods wetten en geboden. Ik citeer twee reacties daarop die ik tegenkwam in de landelijke pers. Allereerst de reactie van prof. Auke Jelsma in Hervormd Nederland van 31 maart 2001 er onder het opschrift: 'Wij hebben gezondigd':
'Volgens de eindredacteur van Het gekrookte riet, dominee De Jong, moet de uitbraak van mond- en klauwzeer "zonder meer en een oordeel Gods dat over ons land komt" genoemd worden.
Daar wil ik niet lacherig over doen. Per slot van rekening heeft hij de bijbel achter zich. De profeten van het Oude Testament wisten in dat opzicht ook van wanten. Regelmatig interpreteerden zij bepaalde gebeurtenissen op soortgelijke wijze. Volharding in het kwaad kan een lawine van onheil veroorzaken. Het Nieuwe Testament doet het wat kalmer aan. Jezus weigerde soms een direct verband tussen bepaalde rampen en het uitbreken van Gods toorn te leggen. Daarvoor gaat het te grillig toe in het leven, wist Jezus, en worden vaak juist die mensen door onheil getroffen die zich niet aan wetsovertredingen schuldig hebben gemaakt. In iede geval lijkt hij er voorkeur aan gegeven te hebben het oordeel wat meer naar het einde van de menselijke geschiedenis te verschuiven. Eens bij het laatste oordeel zal het mensen aangerekend worden als ze zich niet over gevangenen en armen en vluchtelingen ontfermd hebben. Maar met enige moeite zijn er ook best teksten in het Nieuwe Testament te vinden waarin een verband gelegd wordt tussen menselijk gedrag en het oordeel van God. Ananias en Saffira vallen dood als zij zich beter voordoen dan zij zijn.
Dus ik wil van harte de woorden van mijn hervormde collega De Jong serieus nemen. Dit kost me ook hierom geen moeite, omdat ik een typering als het oordeel van God gelijk stel aan het besef dat misdadig gedrag zich onverbiddelijk tegen de maatschappij keert die zich daaraan schuldig maakt. Dus als wij in onze samenleving verkeerd met dieren omspringen, als ons consumptiegedrag slecht is, als economische belangen voorrang hebben boven de zorg voor ons milieu, dan zal dat ons opbreken, dan kun je een gekkekoeienziekte en een uitbraak van mond- en klauwzeer verwachten. Zo'n ontwikkeling mag je van mij een oordeel van God noemen. Natuurlijk moet je dat niet speciaal de boerenstand aanrekenen. Met elkaar hebben wij ons als samenleving schuldig gemaakt, kleine groepen daargelaten. Vandaar dat die oudtestamentische profeten zich bij de beschrijving van Gods oordeel vaak solidair met het volk verklaarden. "Wij hebben gezondigd".
Ik heb er dus niets op tegen wanneer de Staphorster predikant De Jong de mond- en klauwzeerepidemie als een Godsoordeel typeert. Wat ik dan wel gek vind, is de wijze waarop hij die zonden die dit oordeel opgeroepen hebben, nader omschrijft. Dan heeft hij het merkwaardigerwijs niet over onze vraatzucht, onze speklappensamenleving, onze dierenmanipulatie, maar over recente wetgeving. Kennelijk doelt hij hierbij op de erkenning van homorelaties en de euthanasiewet. Daarover mag van mij best gediscussieerd worden, maar dan in een ander verband. Want nu gaat hij over de schreef, maakt zich schuldig aan een zonde die wij in kerkelijke kring regelmatig begaan. Zonden die volgens hem Gods oordeel over ons uitroepen, blijkens die gedragingen te zijn waar hij vrij van is. Hij is geen homo. Hij is geen arts die met ondraaglijk lijden geconfronteerd wordt. Kijk, dat mag nou net niet volgens het evangelie. Dat is opmerkelijk lichtzinnig voor een dominee van Het gekrookte riet. We mogen niet over de splinter in het oog van onze naaste oordelen, als wij de balk in eigen oog over het hoofd zien. Ik heb dat altijd een rare uitdrukking van Jezus gevonden. Als kind al zat ik te piekeren over die balk die wij kennelijk in onze ogen met ons meezeulen. Maar de bedoeling is duidelijk. Het is prima om attent op Godsoordelen te zijn. Het lijkt mij ook onweerlegbaar dat verkeerd gedrag onheil oproept. Maar dan wel uitgaan van tekortkomingen van onszelf. Geen gekke verbanden leggen. Want dan misbruik je een ellendige situatie zij als de mond- en klauwzeerepidemie om op heel ander terrein de samenleving naar je hand te zetten. Dominee De Jong mag wel uitkijken. Daar zou wel eens een oordeel van God op kunnen volgen.
***
In het dagblad Trouw van 28 maart 2001 reageerde Willem Breedveld eveneens op ds. De Jongs stelling en hij zette boven zijn reactie Gesel Gods.
Overstromingen, rampen, pestilentiën. AI sinds de zestiende eeuw zien orthodoxe protestanten in deze gebeurtenissen de gesel Gods en wel vanwege de onuitroeibare, zedeloze praktijken die telkens de kop opsteken in de lage landen. Zo vreemd is het daarom niet dat de orthodoxe predikant Tj. de Jong uit Staphorst, tevens eindredacteur van het orgaan Het gekrookte riet, in de mkz-epidemie de straffende hand Gods ontwaart. Hooguit is het verbazingwekkend dat hij precies weet wat de toorn van God heeft gewekt, namelijk het optreden van een letterlijk 'godloze regering', die met een beroep op de volkswil euthanasie, abortus en de prostitutie heeft gelegaliseerd en die er ook al niet voor terugdeinsde de zondagsrust om zeep te helpen.
Deze hovaardij van de predikant (namelijk te weten wat God denkt) valt te betreuren, want met een iets ander verhaal had De Jong de epidemie wel degelijk als een straf kunnen voorstellen. God straft mensen soms door hun hun zin te geven. We wilden toch zo nodig met een laaggeprijsde biefstuk op de eerste rang zitten? Accepteer dan ook het feit dat dieren daarvoor ondergebracht moesten worden in productiefabrieken; genetisch kwetsbaar gemaakt omdat ze slechts van enkele vaders afstammen. En omdat ze bovendien ook nog eens van hot naar her gesleept worden, van de ene intensieve veehouderij naar de andere, kan een enkel virus al gauw een ramp veroorzaken.
Hoe diep de crisis is, blijkt pas goed als de treurnis van de getroffen boeren peilen. Zij moeten het meemaken hoe hun veestapel, vaak ook hun levenswerk, in één klap om zeep wordt geholpen. Het is maar al te begrijpelijk dat die getergde boer nu eist dat zijn vee ingeënt moet kunnen worden; ook al weet hij maar al te goed dat als minister Brinkhorst hem zijn zin zou geven, zijn veestapel op termijn ook ten dode is opgeschreven, doodeenvoudig omdat er dan niets te exporteren valt. Tenzij Europa als geheel omgaat, maar dat is voorlopig een illusie. Maar gesteld al dat het toch zover komt? Ook dan is het einde niet in zicht. Enten wel eens bij uitstek het middel kunnen zijn om de bestaande, intensieve veehouderij op dezelfde voet voort te zetten. De noodzakelijk geachte omslag zou zodoende voor een van jaren uitgesteld worden, netzo lang we weer met de neus op een nieuwe ramp worden gedrukt.
Tenminste, dat geluid liet de oud-staatssecretaris van Europese zaken en oud-eurparlementariër Piet Dankert (PvdA) afgelopen maandag voor de Avro-microfoon horen. Vaccinatie zou wel eens uitstel van executie kunnen opleveren. Daarmee zijn we het mkz-virus weer even de baas en komt er van de noodzakelijke omslag naar een minder intensieve veehouderij bitter weinig terecht. In NRC Handelsblad schreef de dierenarts Knol diezelfde maandag iets soortgelijks. Pleiten voor vaccinatie kan gemakkelijk ontaarden in pleiten voor handhaven van de moderne industriële agrarische productiemethoden. Daarmee kunnen dierziekten in de zo productiefabrieken op afstand worden gehouden en dus hoeft het systeem niet te worden veranderd, terwijl dat nu juist toch hard nodig is.
Beide pleidooien voor een noodzakelijkgeachte omslag kunnen worden opgevat als een ouderwetse oproep tot een "bekeert u". Maar dat is wel een andersoortige bekering dan dominee De Jong voor ogen staat. Die schijnt te denken dat als de SGP maar in de regering komt, het mkz-virus vanzelf een halt zal worden toegeroepen. Knol en Dankert daarentegen getuigen van een echtere bekering, meer in de geest van Jesaja 42 : 3, waarin voor echte bekeerlingen de troostende woorden staan: "Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken en de rookende vlaswiek zal Hij niet uitblusschen; met waarheid zal Hij het recht voortbrengen".'
Ik wil eerlijk bekennen me meer thuis te voelen bij deze twee reacties dan bij die van ds. De Jong. Omdat er méér verootmoediging uit spreekt, méér besef van gemeenschappelijke schuld aan het dierenleed en het leed van de boeren en hun gezinnen. Dat laat onverlet dat de wetgeving waar ds. De Jong op doelt verwerpelijk blijft. Ten slotte, ook in het dagblad Trouw (23 maart 2001) stond een voor deze ramp gemaakt gedicht te lezen van de dichter Rutger Kopland (dr. G. W. Marchal citeerde het ook al in Confessioneel) en daarmee sluiten we voor dit keer weer af. In wat voor wereld, in wat voor land leven we eigenlijk, waar dit kan en mag en moet?
Deze maatregel
Ik zag jou in het journaal.
Ik hoorde de nieuwslezer zeggen
dat de boerderij waar je woonde en werkte was geruimd.
Ik probeerde niet te kijken
maar ik zag je toch een paar seconden
in een grote grijper door de lucht zweven:
Je zware lichaam, je poten, je uier
je zwaaiende kop.
De nieuwslezer zei dat je dood een maatregel was
die brede instemming had gevonden en legde
het papier waarop dat stond weg.
Kon ik maar denken: je was maar een dier;
Kon ik dat maar denken.
J. MAASLAND
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's