De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Enige opmerkingen bij en over Zacharia 14 [4]

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Enige opmerkingen bij en over Zacharia 14 [4]

4 minuten leestijd

Exegetische moeilijkheden

Wanneer we in een kort overzicht de inhoud van het hoofdstuk voor het voetlicht hebben gebracht, komt nu aan de orde het verstaan van de daarin vervatte boodschap van God. Nu wil ik niet meteen zeggen 'er zijn zoveel meningen over de betekenis en de bedoeling van dit bijbelgedeelte als er exegeten zijn', maar toch.

Als ik eerst een enkele stem mag laten klinken, dan wijs ik erop dat reeds Luther in zijn dagen verklaarde 'in dit hoofdstuk, ik geef dit zonder meer toe, ben ik er niet zeker van wat de profeet nu eigenlijk behandelt en bedoelt'. Daarbij plaatst hij dit gedeelte niet in de eindtijd, zoals velen toen deden, maar in die van de verwoesting van Jeruzalem en de gebeurtenissen bij de afsluiting van de verkondiging van het Evangelie. De exegetische school van Keil was heel sober in de exegese en bevreesd al te overhaaste conclusies te trekken. De bijbelkritische exegeten weten daarentegen eigenlijk geen raad met dit hoofdstuk, als veel later toegevoegd en niet van Zacharia afkomstig. Hengstenberg acht delen van dit hoofdstuk geheel van toepassing op de messiaanse tijd van begin tot eind.

Tijdbetrokken of boventijds?

Een van de eerste en grote vragen is of in dit hoofdstuk gezinspeeld wordt op een historische situatie die zich heeft voorgedaan. Is deze profetische tekening en schildering op een bepaalde tijd betrokken? Of overstijgt het hoofdstuk alle grenzen van tijd? Daarover zijn de meningen zeer verdeeld. Ik noem er enkele: Leupold, die een studie over de profeet schreef, is van oordeel dat in de beginverzen niet van een actuele verovering en ontzetting daarna van Jeruzalem sprake is. De man van God spreekt (ver) beeldend en tekent de situatie die zich steeds in de tijd van het Nieuwe Testament zal voordoen, en wel die van gedurige aanvallen op en redding van de gemeente en de gelovigen (1-5). Maar een geheel nieuwe toestand, zoals nooit tevoren is gezien, ontstaat na de Dag des Heeren, vooral in de verzen 6-11. Een puur letterlijk verstaan leidt tot een tragisch misverstaan. Na de straf over de opstandige volken worden alle onder de definitieve heerschappij van de God van Israël gebracht. Dan is alles volkomen en eeuwig heilig. Vonk in zijn 'Voorzeide Leer' wijst erop 'dat we ook bij het lezen van dit laatste hoofdstuk tot een geheel andere slotsom komen dan chiliastische medechristenen'. Zij zouden het Jeruzalem van Zacharia identificeren met wat vandaag Jeruzalem heet en is in menig boek en in de media. Met zijn opmerking over de chiliasten zijn we precies weer terug bij het begin. Immers het woord 'chiliasme' is afgeleid van het Griekse woord chilios = duizend en betekent volgens het woordenboek 'geloof aan een duizendjarig vrederijk op aarde'. En van een duizendjarig 'rijk' spreekt immers Openbaring 20, waarover de exegetische lezing ging.

Apocalypse of profetie?

Wanneer we in Zacharia 14 van doen zouden hebben met Apocalypse, verstaan als onthulling van het wereldeinde en van wat direct daaraan voorafgaat, zou de beantwoording van de vraag of dit hoofdstuk ook past bij en in Openbaring 20 gemakkelijker te beantwoorden zijn. We zouden dan twee soortgelijke schriftgedeelten hebben te bespreken. Maar is het laatste hoofdstuk van Zacharia apocalyptisch te noemen? Gaat het daarin strikt genomen over het einde van de wereld? Dat zal heel moeilijk volgehouden kunnen worden. Maar spreekt de profeet dan vooral tot zijn volk en over de tijd waarin hij zelf leefde? Gaat met name hoofdstuk 14 niet ver boven zijn eigen tijd uit?

Profetie is soms eschatologie

Moeten we niet bij nadere bestudering van dit hoofdstuk zeggen dat dit slotgedeelte van de profetie veel meer eschatologie tot inhoud heeft, dat wil dus zeggen breder gezien en genomen moet worden en een stuk toekomstverwachting bevat? Edelkoort heeft dit sterk bepleit. In een eschatologisch vergezicht zou hij de troost aan zijn volk hebben gegeven die hij zelf gekend heeft toen God hem opnieuw deed profeteren in de hoofdstukken 9- 14. Was het heden veelszins teleurstellend, de toekomst zou heerlijk zijn. We komen dat meer tegen bij de profeten; denk maar met name aan Jesaja en Ezechiël. En bedenken we ook dat wanneer het om de vervulling van Gods beloften gaat, deze in fasen geschiedt. Soms vindt vervulling van wat God beloofd heeft plaats nog in de tijd van de profeet zelf. Soms geschiedt de vervulling met de komst van de Messias. En er zijn beloften die eerst (ten volle) in de eindtijd worden vervuld.

W. CHR. HOVIUS, APELDOORN

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 april 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Enige opmerkingen bij en over Zacharia 14 [4]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 april 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's