Kerknieuws
AFSCHEID VAN MELISSANT
Op zondag 27 mei nam ds. J. G. Blom, na bijna acht jaar de hervormde gemeente van Melissant gediend te hebben, afscheid. Hij bepaalde zijn hoorders bij Jesaja 53 : 10c: Het welbehagen des HEEREN zal door Zijn hand gelukkiglijk voortgaan. Het thema van de preek was: Gods genadewerk, dat: 1. Rust op een goed fundament, 2. Aan bekwame handen is toevertrouwd en 3. Van zijn voortgang verzekerd is. Het was hem een behoefte om, gedrongen door de liefde van Christus, zijn gemeente tijdens deze afscheidsdienst nog eenmaal te bewegen tot het geloof, zoals hij dat in prediking en pastoraat ook in de afgelopen jaren steeds gedaan had. Gelijk het een herder betaamt, had hij zijn hoorders, al was het voor zijn gevoel altijd te kort, de weg des levens en des doods voorgehouden. Afziende van zichzelf, was het zijn intens verlangen om ook tijdens deze afscheidsdienst, te mogen roemen in vrije genade alleen.
Er was - aldus ds. Blom - bij velen verslagenheid toen bekend werd dat hij het beroep naar Poortvliet had aangenomen. Hoe moet het nu verder, vroeg men zich af. Op deze en andere vragen mocht het antwoord klinken vanuit de Schrift.
1. Het welbehagen des Heeren, in de ruimste zin genomen, gaat over alle dingen, maar in engere zin heeft het betrekking op het verlossingswerk van Christus. Van dat welbehagen, dat in de raad des vredes zijn beslag gekregen heeft, zongen de engelen in de kerstnacht.
2. Omdat Hij dat werk Zelf in handen heeft, is het aan bekwame handen toevertrouwd. Hem is gegeven alle macht in hemel en op aarde. Hij zit aan de rechterhand van Zijn Vader en van daaruit regeert Hij Zijn Kerk door Zijn Woord en Geest. En dat doet Hij met zoveel kracht, dat Hij de grootste vijand van vrije genade voor Zijn eeuwig Koninkrijk weet in te winnen.
3. Het is tot heil van zondaren, zodat ze delen in het hoogste geluk. Wij leggen de herdersstaf in uw midden neer en geven hem de Heere terug, maar de Heere zal Zijn gouden scepter toereiken aan een ieder die Hem als een arme en verloren zondaar in zichzelf, te voet valt. Gods genadewerk kan niet teniet gedaan worden, dat gaat ook zonder mij door, want het is aan de veilige handen van de Middelaar toevertrouwd. Wel ondervindt het Evangelie van vrije genade altijd tegenstand. Dat was ook ons deel. Niettemin mogen we weten dat de Heere de prediking van vrije genade in ons midden niet ongezegend gelaten heeft. Al dat andere valt weg en blijft er alleen dankbaarheid in mijn hart over dat de Heere mij heeft willen gebruiken tot zegen voor anderen.
Nu is het uur van scheiden gekomen. En dat doet pijn, omdat er banden gevallen zijn en omdat ik me gedragen mocht weten op de vleugelen van het gebed. Maar de trouwe God, Die voor mij zorgde, wil ook voor u zorgen. De grote Herder der schapen blijft. Bidt Hem, of Hij u spoedig een man in Zijn gunst wil zenden. Met de woorden van Paulus uit Handelingen 20 : 32: En nu, broeders, ik bevele u Gode, en den woorde Zijner genade, Die machtig is U op te bouwen, en u een erfdeel te geven onder al de getuigen, besloot ds. Blom zijn bewogen preek. Na de preek richtte hij zich nog tot allerlei instanties en personen in en buiten de gemeente met wie hij had samengewerkt. Hij riep de gemeente op in de moeilijke vacaturetijd, die nu komt, niet te klagen, maar te dragen en aan de Heere om een ander te vragen. Ds. Van Lingen uit Oude-Tonge, die namens de ring en de classis sprak, vergeleek ds. Blom met Nathanaël, in wie geen bedrog gevonden wordt. Zo eerlijk en oprecht noemde hij zijn prediking. Tenslotte roemde ouderling Leijdens de trouw waarmee ds. Blom het Woord had bediend, afwijzend van zichzelf, heenwijzend naar Christus. Hij deed een dringend beroep de gemeente om trouw te blijven opkomen en verzocht de scheidende predikant Ps. 119 : 9 toe te zingen.
BEVESTIGING EN INTREDE VAN KANDIDAAT G. BOER TE KAMPERVEEN
De hervormde gemeente van Kamperveen ontving jl. zondag 27 mei weer een eigen herder en leraar. In de morgendienst werd kandidaat Boer bevestigd door ds. A. Jonker uit Nijkerk. De bevestigingstekst was Jozua 1: 9: 'Heb Ik het u niet bevolen? Wees sterk en heb goeden moed, verschrik niet en ontzet u niet, want de Heere uw God is met u alom waar gij heengaat.' De gemeente werd erbij bepaald dat een predikant trouw behoort te zijn aan zijn Zender, aan zijn roeping en aan het Woord van God.
Aan de handoplegging namen deel ds. A. Jonker, ds. M. C. Batenburg, ds. A. A. W. Boon, ds. A. A. Floor, ds. J. van het Goor, ds. H. L. Versluis, ds. M. I. van Oordt en ouderling F. van 't Oever.
In de middagdienst deed ds. Boer intrede met het tekstgedeelte Markus 4: 26-29, de gelijkenis van het zaad. Ds. Boer zei dat God het zonder mensen kan doen, maar dat Hij ervoor kiest om mensen te gebruiken om het Woord te zaaien. 'Het volle Woord van God, waarin vervat zowel oordeel als verlossing, wil ik u brengen, met als centrale boodschap: 'Jezus Christus en Dien gekruisigd.' In de gelijkenis spruit het zaad uit terwijl de zaaier zelf niet weet hoe dat gebeurt. Een predikant kan het Woord brengen tot aan het hart. Pas als de Heilige Geest het in het hart brengt, komt er een oogst. Een predikant moet in die afhankelijkheid en in dat vertrouwen het Woord zaaien, aldus ds. Boer.
Aan het einde van de dienst legde ds. Boer voor het eerst de zegen op de gemeente. Na de dienst sprak hij een persoonlijk woord tot onder anderen de bevestiger, de consulent, de burgerlijke en kerkelijke overheid, de gemeente en familie. Daarna werd ds. Boer toegesproken door burgemeester J. Oosterhof namens de burgerlijke gemeente en door de consulent ds. M. C. Batenburg namens classis en ring. Ouderling H. van den Heuvel sprak namens kerkenraad en gemeente. Hij stond stil bij de verhuizing op 13 maart jl. van Stolwijk naar de kandidaatsgemeente Kamperveen waar alles rustig reilt en zeilt. Kort daarna kreeg Kamperveen echter te maken met de uitbraak van mond- en klauwzeer. Hierdoor kon de bevestigings- en intrededienst van 25 maart jl. geen doorgang vinden. Hij wenste ds. Boer toe dat hij een middel in Gods hand zal mogen zijn. Tot slot zong de gemeente ds. Boer psalm 121:1 en 4 toe.
DS. VELDHUIZEN NEEMT AFSCHEID VAN HERVORMD HUIZEN
Ds. H. Veldhuizen nam zondag 20 mei afscheid van de hervormde gemeente van Huizen. Hij ging met vervroegd emeritaat. Na een ambtsperiode van 33 jaar, waarvan ruim vijf jaar in Huizen, preekte hij afgelopen zondag voor het laatst als dienstdoend predikant.
Als uitgangspunt voor zijn preek koos ds. Veldhuizen Johannes 20 vers 30 en 31. Johannes schrijft daar dat de vele tekenen van Jezus niet allemaal opgeschreven kunnen worden. De tekenen die wel opgeschreven zijn, zijn bedoeld als evangelieverkondiging.
'Als het Evangelie wordt verkondigd, kunt u niet wegblijven uit de kerk. De verkondiging is bedoeld om u te laten geloven in Jezus, de Zoon van de levende God. Dat belijden is persoonlijk weten dat het bloed van Christus ook is gestreken aan de posten van uw hart, ' hield ds. Veldhuizen de gemeente voor.
Hij gebruikte het bijbelgedeelte ook nog om een ander punt naar voren te brengen. 'Ik heb zo'n 3500 preken gehouden. Maar ik heb lang niet alle bijbelgedeelten kunnen behandelen. De Bijbel is een onuitputtelijke bron. Jezus heeft het zelf ook gezegd: de Schrift is een goudmijn.'
Ds. Veldhuizen zei dat hij zijn ambtelijk werk alleen heeft kunnen doen door Gods genade. 'God heeft mij niet nodig gehad, maar ik heb God nodig gehad.' Het werk binnen de gemeente vond ds. Veldhuizen 'heerlijk'. Hij dankte God voor Zijn hulp in de afgelopen tijd. 'Hij heeft mij telkens weer bekrachtigd.' De gemeente mag hem vergeten, zei ds. Veldhuizen. 'Als u zich maar overgeeft aan Hem, die Zijn leven heeft gegeven.'
Ds. R. W. van Mourik bedankte ds. Veldhuizen namens de Centrale Kerkenraad voor zijn werk binnen de gemeente. 'God heeft u versierd met rijke gaven.' Ook P. A. Wiesenekker, scriba van de wijkgemeente, sprak woorden van dank. 'Vanuit een persoonlijke relatie met uw Heer een Heiland heeft u leiding gegeven aan de gemeente van Christus.'
RENSWOUDE
In een geheel gevulde koepelkerk werd op zondag 27 mei 2001 ds. C. G. Visser, voormalig predikant te Langerak, bevestigd door zijn zwager ds. A. van Wijk uit Herkingen. Hij gebruikte als tekst Hand. vs. 8, het middelste gedeelte 'En gij zult Mijn getuigen zijn'. Een blijde dag voor u, ds. Visser, en ook voor u als gemeente. Een dag van taakaanvaarding, te vergelijken met de discipelen die hier in Handelingen 1 voor het laatst door Jezus worden toegesproken. Er verandert iets. Ze worden eigenlijk van discipel apostel. Ze krijgen duidelijk een taakopdracht mee die met gezag en bevel zonder tegenspraak plaatsvindt Ook alle twijfel ontbreekt 'Gij zult', er zit niets anders op: het moet gewoon. Een opdracht om van God te getuigen. Ons hart moet daarvan vervuld zijn om in Zijn Naam de boodschap des Heils te brengen. Daar is voorbereiding en studie voor nodig; om van de grote daden Gods te spreken. Denk eens in: volkomen verzoening - volkomen uitkomst - oneindig durende zaken. Het is immers Gods getuigenis dat eeuwig zeker is. Het is een rijke zaak voor en door de HEERE hiervoor aangesteld te worden: voor u als persoon en predikant, maar ook voor u als gemeente: ontvangt dan ook uw predikant met eerbied en gebed, doe net als de eerste gemeente: wees eendrachtig rondom hem, in gebed en smeking en tracht met elkaar zo te beantwoorden aan de bevelsopdracht uit de tekst. Er zal dan blijdschap zijn in uw aller leven. Want God is dan ook met u tot aan de voleinding der wereld. 's Middags om 14.30 uur was de prachtige koepelkerk opnieuw geheel gevuld en deed ds. C. G. Visser intrede. Hij preekte voor het eerst als eigen predikant en gebruikte daarvoor 2 Petrus 1 vs. 19: 'En wij hebben het profetische woord dat zeer vast is en gij doet wel dat gij daarop acht hebt, als op een licht schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlicht en de morgenster opgaat in uw harten'.
Het thema was 'Licht op ons pad'. Gemeente, wat een sterke taaluitspraak toch om een intrede te doen. 'Wij hebben', zegt Petrus hier. Hij wijst op een stuk bezit: het onfeilbare profetische, toekomstgerichte Woord van God dat eeuwig zeker is. Dat mogen en moeten we gebruiken. Dat biedt ook grote mogelijkheden, nl. licht op ons pad. Om onze donkere levensweg op te klaren is het een lamp voor onze voet. Petrus weet dat. Hij heeft veel met Jezus zelf meegemaakt en persoonlijk beleefd. In zijn laatste brief, kort voor zijn eigen levenseinde beveelt hij het Woord Gods aan dat zeer vast en betrouwbaar is en, zo stelt hij, het is o zo belangrijk dat wij daarop letten, acht hebben. Maak van dat levende hoogwaardige woord gebruik. Dan gaat het geestelijk goed in uw leven: zelfs op zeer duistere plaatsen, ja tot in uw hart. Daar kan dan de morgenster opgaan, een licht tot verlichting schijnen, een nieuwe dag aanbreken. Gemeente, laten we met elkaar gehoor en gevolg geven aan Petrus' opdrachtsadvies, werken met de wijsheid en 't heerlijk licht dat ons allen toestraalt van Gods vriendelijk aangezicht.
Na dankgebed en voorbede volgden toespraken door burgemeester jhr. mr. K. S. H. Schorer, ds. mevr. T. C. M. Boekenstein- Dronkert als plaatselijk vertegenwoordiger van de Ger. Kerk, ds. Hendrikse als consulent, mede namens classis en ring en oudscriba A. van Walderveen. Deze dankte ook de consulent en andere hulpvaardigen die in de vacaturetijd tot steun waren geweest. De overleden predikant ds. D. N. Verhei nam door ziekte schriftelijk afscheid met ps. 93. De HEERE is en zij uw herder. Dat is en blijft voor ons allen gelden, en er werd op zijn verzoek staande gezongen ps. 145 : 1.
BEROEPEN TE:
Alblasserdam: R. W. van Mourik te Huizen Stolwijk: J. P. J. Voets te Arnemuiden
AANGENOMEN NAAR:
Genemuiden: M. A. Kuijt te Veen Tiendeveen-Nieuw-Balinge: kand. H. G. van Ziel te Wilnis
BEDANKT VOOR:
Sprang: P. Molenaar te Scherpenzeel Oud-Beijerland: R. W. de Koeijer te Giessendam-Neder-Hardinxveld Groot-Ammers: R. W. de Koeijer te Giessendam-Neder-Hardinxveld
20 JAAR CONTACTKRING DRENTHE-FRIESLAND-GRONINGEN
De Contactkring van predikantsvrouwen is niet meer weg te denken in 'het Noorden'. Twintig jaar geleden, op 27 april 1981, vond de eerste ontmoeting plaats op initiatief van mevrouw Janny Lekkerkerker. De andere predikantsvrouwen waren de dames Wilma de Leede, Riet de Fijter en Nel Snoei. Die eerste ontmoeting was zodanig stimulerend dat men besloot om dit voort te zetten. Zo ontstond de Contactkring van predikantsvrouwen uit Drenthe, Friesland en Groningen.
De kring blijkt nu al twintig jaar in een behoefte te voorzien. Predikantsvrouwen ervaren het contact met elkaar als een zegen. Je kunt dingen zeggen die je niet zomaar, in de gemeente waar je man predikant is, vertelt. Er is vertrouwen en gemeenschap, ondanks de wellicht verschillende achtergronden en invalshoeken. Maar er is een goede basis, namelijk de bereidheid en het geloof om samen te buigen onder het Woord van God. Dat geeft samenbinding en zusterlijke vriendschap. Het blijkt ook, dat predikantsvrouw zijn in 'het Noorden' een bijzondere ervaring is die een grote impact heeft op het persoonlijke leven, maar ook op het geloofsleven.
Dezer dagen (op 17 mei) werd het vierde lustrum - met een feestelijk tintje - gevierd in Streekcentrum Sebaldeburen. Dat is tevens de plaats waar maandelijks wordt bijeengekomen. Een aantal predikantsvrouwen, dat nu in het Westen woont, was voor deze gelegenheid naar Sebaldeburen gekomen, evenals de huidige deelneemsters van de kring. Herinneringen werden opgehaald, de ontmoeting en herkenning waren hartverwarmend en inspirerend. Er was een korte bijeenkomst in de kerk van Sebaldeburen. Daar werd gezongen (met aan het orgel ds. A. Slingerland) en gemediteerd door mevrouw Emmie van Wijk. Gods leiding en Zijn trouw mochten hier centraal staan.
Aan het einde van deze dag werd een kleine bundel uitgereikt die gevuld is met herinneringen van huidige en vroegere bezoeksters van de contactkring. Een goede dag om met dankbaarheid op terug te zien.
NELLIE TEEKENS-KRIJGSMAN
SYMPOSIUM ZORG DUURT HET LANGST TER OPRICHTING CHRISTELIJK ECOLOGISCH NETWERK
In september 1998 werd door Stichting Aardewerk het Christelijk Ecologisch Appèl aan minister Pronk aangeboden. Dit Appèl is een breed gedragen oproep aan de overheid en samenleving om ecologie en economie opnieuw met elkaar te verbinden. Vijftien organisaties die het appèl ondertekenden (hieronder genoemd) organiseren nu samen op donderdag 21 juni a.s. op de Eemlandhoeve in Bunschoten een symposium getiteld Zorg duurt het langst. Dit symposium wordt georganiseerd ter oprichting van het Christelijk Ecologisch Netwerk (CEN), een samenwerkingsverband tussen meer dan tien maatschappelijke organisaties.
Gastsprekers zullen zijn o.a. dr. H. H. F. Wijffels (voorzitter SER) en prof. dr. ir. G. van Dijk. Een inspirerende inleiding met een vervolg, want de genodigden kunnen zich in middagprogramma aansluiten bij een van de werkgroepen met de thema's Bedrijfsleven & Duurzaam Ondernemen, Geloof Kerk & Duurzaamheid of Landbouwpraktijk & Voedselvoorziening. Deze werkgroepen zullen na het symposium als projectgroepen van het CEN gaan functioneren.
Het CEN wordt opgericht ter bevordering van de uitvoering van de aanbevelingen van het Appèl, en bevordert tevens breed gedragen visievorming en activiteiten. (Christelijke) organisaties die elkaar vinden in dit netwerk, kunnen op een effectieve manier bijdragen aan bewuste doorleving van zorg voor de schepping. Het CEN staat open voor nieuwe leden. Aan het symposium kunnen deelnemen: de vertegenwoordigers van de aangesloten en potentieel betrokken organisaties en deskundigen op de deelgebieden van de werkgroepen.
Deelnemende organisaties van het CEN zijn: Christelijk Nationaal Vakverbond, Contact Christen Agrariërs, Evangelische Alliantie, Gereformeerd Maatschappelijk Verbond, Instituut voor CultuurEthiek, Platform Boeren Ethiek en Levensbeschouwing, Reformatorisch Maatschappelijke Unie, Stichting De Eemlandhoeve, Stichting Kerk en Wereld, Stichting Aardewerk, Time to Turn, Werkgroep Kerk en Milieu SoW Kerken, Wetenschappelijk Instituut SGP, Wetenschappelijk Instituut CDA, Wetenschappelijk Instituut ChristenUnie.
WOORD & DAAD COMITÉ SOEST HELPT SCHOOL IN HAÏTI
Het regionale comité Soest van de Stichting Reformatorische Hulpaktie Woord & Daad organiseert gedurende twaalf maanden verschillende activiteiten waarvan de opbrengst bestemd is voor één doel: de uitbreiding van een school in Haïti met drie klaslokalen. Voor dit project is ƒ 60.000, nodig. Het Woord & Daad-comité zorgt voor de financiën mede dankzij een subsidie van de Nationale commissie voor internationale samenwerking en duurzame ontwikkeling (NCDO). Dit betekent concreet dat iedere gulden die het comité 'ophaalt', verdubbeld wordt door de NCDO. Het comité streeft ernaar ƒ 36.000, - bij elkaar te brengen. Het overige benodigde bedrag wordt bijgelegd door de NCDO.
Gedurende het projectjaar - dat tot 1 april 2002 loopt - organiseert het comité diverse activiteiten zoals zang- en muziekavonden, workshops en huis-aan-huis collecten. De eerstvolgende activiteiten die op de agenda staan, zijn een zomerzangavond op zaterdag 30 juni in de Pauluskerk in Baarn. Aan de avond wordt meegewerkt door het chr. gem. koor Cantate Deo uit Amersfoort o.l.v. Martin Eilander. Ds. J. A. de Koeijer uit Bodegraven verzorgt de opening en de sluiting van de avond.
De aanvang is 20.00 uur. Op woensdag 25 juli 2001 vindt er in de N.H.-kerk van Lage Vuursche een orgelconcert door G. Chr. de Gier plaats.
Medewerking wordt verleend door Marlies van Setten (hobo), Heleen Roeleveld en Sabine Burgers (panfluit). Het concert begint om 19.30 uur.
EINDFASE VASTSTELLING KERKORDE IN ZICHT
De nieuwe kerkorde van de Samen op Wegkerken krijgt steeds vastere vorm. De triosynode zal in het najaar van 2001 een begin maken met de besprekingen van de ordinanties van de kerkorde in tweede lezing. Besproken worden dan de reacties van kerkenraden en andere kerkelijke vergaderingen. Op de agenda zullen staan de ordinanties 1, 5, 6, 7 (respectievelijk over het belijden van de kerk, de eredienst, de bediening van de heilige doop en de viering van het heilig avondmaal) en de generale regeling voor de kerkmusicus en de kerkmuziek. Naar verwachting worden de andere ordinanties in het najaar van 2002 afgerond. Met het vaststellen van de ordinanties zullen de Samen op Weg-kerken een belangrijke mijlpaal bereiken in de fusie van de drie kerken. Ds. A. W. van der Plas, de nieuwe hervormde preses, sprak tijdens de synode nogmaals expliciet de kerken toe om te werken naar een echte fusie. Enkele synodeleden brachten de federatiegedachte naar voren als (voorlopig) eindstation van de samenwerking tussen de kerken. Maar Van der Plas herinnerde eraan dat de unie- of federatiegedachte nog in 2000 door de synode is afgewezen. Deze zal dus ook niet meer ter discussie komen.
SOW-KERKEN BEZINNEN ZICH OP KERKELIJK SPREKEN IN SAMENLEVING
De Samen op Weg-kerken gaan zich bezinnen over het spreken van de kerk in de samenleving. Dat kondigde ds. J. W. Doff aan tijdens de bespreking in de triosynode op 11 mei over de instructie van de scriba-SoW. In dat kader kwamen onder meer de publieke activiteiten van de synodesecretaris aan de orde. De commissie die de bespreking had voorbereid pleitte voor een meer herkenbaar gezicht van de kerk naar de maatschappij en de overheid. Ds. L. van den Berg uit Ermelo stelde evenwel voor, dat de scriba pas naar buiten zou mogen treden als hij eerst de bestuurlijke organen had geconsulteerd die inhoudelijk verantwoordelijk zijn. Ds. W. J. W. Scheltens uit Lunteren vatte het dilemma samen met: 'Het is waarschijnlijk typisch protestants om bang te zijn voor het spreken van haar "bisschop" naar buiten toe. In de Rooms-Katholieke Kerk ontstaat er echter juist angst als de bisschop naar binnen spreekt'. De synode wees het voorstel van ds. Van den Berg af. Ds. Doff benadrukte dat de scriba als één van de woordvoerders namens de Samen op Weg-kerken naar buiten treedt. Ook de synodevoorzitters treden wel op als woordvoerder.
ZINGEN AAN ZEE IN SCHEVENINGEN
Ook dit jaar zal er Deo volente weer veel gezongen worden in Scheveningen aan zee.
Want daarmee kunnen 'de grote werken van God' in een wereld vol 'kleine werken van mensen' het best worden doorgegeven. Tenslotte is 'zingen dubbel bidden'. Ook het kerkgebouw in de duinen, de Prinses Julianakerk aan de Nieboerweg, gaat daarvoor op de tweede pinksterdag, maandag 4 juni a.s., uitnodigend open. Aan deze pinkstermaandagzangdienst werken mee het bekende christelijk mannenkoor 'De Gouwestem' uit Waddinxveen o.l.v. Martin Mans met Arjan Breukhoven als organist. De meditatie wordt verzorgd door ds. P. Vermaat.
Het thema van de dienst zal zijn 'Pinkstervuur: uitblussen of aanwakkeren', n.a.v. 1 Thess. 5 : 19. Er zal ook veel samenzang zijn. De kerk is open vanaf 08.45 uur. Er is ruime parkeergelegenheid. De dienst begint om 09.30 uur en de samenzang tien minuten eerder. Eenieder is hartelijk welkom. Na afloop van de dienst is er gelegenheid tot ontmoeting en gesprek rond koffie en fris in het wijkgebouw Thabor, v. Boetzelaerlaan 286, tel. 3552439. Daar zal ook een boekentafel zijn. Voor verdere informatie kan men terecht bij de heer J. Prins, Sportlaan 67, tel. 070- 35161682.
DE REGENBOOG
Toen de ruiming van het vee ten gevolge van het mkz-virus in volle gang was, hebben bewoners van de Veluwe laatst de regenboog zien staan. Het was hun een teken van God, Die de trouw aan Zijn schepping bewaart. Naar aanleiding van deze opmerkelijke gebeurtenis is in de serie 'Stemmen uit Jeruzalem' op 25 mei jl. een overdenking over Genesis 9 : 12 en 13 verschenen, met als titel 'De regenboog. Teken van Gods schoonheid, liefde en trouw'. Ds. B. H. Weegink uit Katwijk aan Zee verzorgde deze uitgave. Hij bewerkte daartoe een opmerkelijke preek die in de vorige eeuw door dr. A. J. Th. Jonker in Heemstede werd uitgesproken en later door prof. dr. M. van Rhijn werd gepubliceerd. Bij Drukkerij De Jong, de uitgever van genoemde serie, zijn exemplaren verkrijgbaar. Adres: Postbus 5, 8560 AA Balk (Fr.); tel. 0514 609050.
REDACTIE 'STEMMEN UIT JERUZALEM'
In de redactie van de prekenserie 'Stemmen uit Jeruzalem' heeft drs. B. H. Weegink, hervormd predikant te Katwijk aan Zee, de plaats ingenomen van de op 1 maart jl. ontslapen ds. D. van Heyst. De veertiendaagse 'groene' prekenserie beleeft thans haar honderdste jaargang. Ze ontstond als vervolg op het 'Amsterdamsch Zondagsblad Tot Getuigenis der Waarheid' dat eind negentiende eeuw ophield te bestaan. De redactie van de serie wordt gevoerd door een tweetal predikanten uit de Vriendenkring van dr. H. F. Kohlbrugge. Ds. J. ter Steege, hervormd predikant te Steenwijk, is redactiesecretaris. Ter gelegenheid van een eeuw 'Stemmen' verschijnt binnenkort bij Drukkerij De Jong een jubileumgeschrift over de geschiedenis en betekenis van deze gedrukte preken.
KERKELIJKE VISITATIE IS BLIJ MET VERHELDERING VAN DE PROBLEMATIEK
Deel oud-kerkenraadsleden Ned. Herv. Kerk stopt kerkgang na beëindiging ambtstermijn. In de afgelopen tien jaren zijn in 17% van de hervormde gemeenten van Nederland gemiddeld meer dan vijf ambtsdragers afgehaakt na het beëindigen van het lidmaatschap van de kerkenraad. Gedurende vier tot twaalf jaar zijn zij als ouderling, diaken of ouderling-kerkvoogd actief geweest in het centrum van de gemeente, maar na het aftreden als ambtsdrager schiet het zondagse kerkbezoek er dikwijls bij in. De redenen voor dit afhaken zijn vooral te vinden in het zakelijke klimaat van de kerkenraad en in de zwaarte van de taken van ambtsdragers. In veel gevallen is ook het karakter van de streek debet aan de terugval in het kerkbezoek. Het probleem wordt met name herkend in midden-orthodoxe gemeenten. Het SoW-karakter van gemeenten speelt daarbij geen rol. Deze gegevens zijn het resultaat van een onderzoek onder 150 hervormde gemeenten in Gelderland. Het onderzoek, waarvan het rapport de titel 'Ik geloof het wel' draagt, is door dr. Henk de Roest als universitair docent praktische theologie verbonden aan het Hervormd Theologisch Wetenschappelijk Instituut (HTWI), verricht in opdracht van het hervormde College van Visitatoren-Generaal.
Aanleiding
Het College van Visitatoren-Generaal dat in de Nederlandse Hervormde Kerk regelmatig aan de synode rapporteert over het kerkelijk leven, signaleerde enige tijd geleden de problematiek. Het college vroeg zich af in welke omvang het probleem speelde en wat de kerk daaraan zou kunnen doen. De visitatoren besloten daarop nader onderzoek te laten doen over aard en omvang van de problematiek en over de motieven die daarbij een rol spelen.
Respons
Het onderzoek concentreerde zich op hervormde gemeenten in Gelderland. Deze provincie is representatief voor kerkelijk Nederland door de afwisseling van grote steden en dorpen en door de gemêleerdheid van modaliteiten. In de eerste fase van het onderzoek werden alle 265 hervormde gemeenten in Gelderland schriftelijk benaderd of zij de problematiek herkenden. Daarop hebben 150 gemeenten gereageerd.
De helft van deze 150 gemeenten herkende de problematiek. Bij 40% van deze laatste groep zijn minstens vier ambtsdragers in de afgelopen tien jaar afgehaakt. Bij 24% gaat het om meer dan vijf ambtsdragers. In de tweede fase werden ook de oud-ambtsdragers zelfbij het onderzoek betrokken. Zij ontvingen via hun kerkenraad het verzoek van de onderzoekers om mee te werken. 56 oud-ambtsdragers uit ca. 21 gemeenten hebben daarop uitgebreid schriftelijk en anoniem gereageerd.
Omvang
Wat de omvang van de problematiek betreft zijn de onderzoekers enigszins geschrokken. Omrekenen naar het gehele land zou betekenen dat de problematiek in de helft van de 1350 hervormde gemeenten speelt en dat in de afgelopen tien jaar bij ongeveer 2700 oud-ambtsdragers, na hun aftreden als kerkenraadslid, de motivatie om naar de kerk te gaan sterk is afgenomen. Omdat de eredienst een wezenlijk onderdeel betreft van de kerkelijke gemeente, is er volgens de onderzoekers reden tot bezorgdheid (§ 1.2). Daar staat echter tegenover dat een dertigtal gemeenten uit de Achterhoek stelt dat dit vooral te maken heeft met de mentaliteit van de streek. Het komt voor dat gemeenteleden die voor hun taak in de kerkenraad al nauwelijks naar de kerk gingen, door hun verantwoordelijkheidsgevoel tijdens het ambt hun kerkbezoek intensiveren, maar na hun aftreden in het oude patroon terugvallen (§ 5.2.5). Van de 51 Gereformeerde-Bondsgemeenten die reageerden, gaven maar vijf gemeenten aan het probleem te herkennen. Dit is lager dan het gemiddelde.
Negatieve ervaringen
Een belangrijk deel van het rapport betreft de analyse van de negatieve ervaringen die tijdens de ambtstermijn bij de oud-ambtsdragers hebben geleid tot een afname in het kerkbezoek (§ 5.2). Het onderzoek richtte zich op negatieve ervaringen in een aantal velden: kerkenraad, de gemeente als geheel en de kerkdienst. Daarbij werden vooral de factoren klimaat, taak, leiding, identiteit en structuur onder de loep genomen. Daarnaast bleek dat het afhaken ook beïnvloed werd door factoren in de persoonlijke levenssfeer of door de sociale sfeer van de streek.
Ten aanzien van de redenen voor het afhaken signaleren de onderzoekers verschillen in de antwoorden van de benaderde kerkenraden en van de oud-ambtsdragers zelf. De kerkenraden menen dat de redenen grotendeels betrekking hebben op (negatieve) ervaringen met het klimaat in de kerkenraad. Daarnaast zien zij de redenen voor verminderde motivatie vooral in het geheel van de gemeente, de streek en de persoonlijke levenssfeer. De eredienst wordt daarbij nauwelijks genoemd als participatieveld voor negatieve ervaringen (pag. 71). Voor de oud-ambtsdragers zelf vormt het klimaat ook een belangrijke factor voor de verminderde kerkgang na hun aftreden. Met name het negatieve klimaat van onveiligheid en een gering vertrouwen van de groepsleden in elkaar vormden een bron van onvrede. Men voelde zich vaak 'niet serieus genomen'. Ook de wijze van besluitvorming in de kerkenraad wordt als onbevredigend ervaren. Ten aanzien van de gemeente als geheel voelden oud-ambtsdragers soms een verschil van identiteit en modaliteit, waardoor zij zich er minder thuis gingen voelen. Daarnaast zijn factoren in de persoonlijke levenssfeer van belang. Het rapport geeft daar in § 5.2.6 een overzicht van. Toch speelt in de redenen van de oudambtsdragers niet één bepaald participatieveld een prominente rol, zoals de kerkenraad of het geheel van de gemeente. De onderzoekers houden daardoor de mogelijkheid open dat de verminderde kerkgang niet alleen is terug te voeren op negatieve ervaringen tijdens het lidmaatschap van de kerkenraad.
Aanbevelingen
De onderzoekers hebben alle onderzochte kerkelijke gemeenten ook gevraagd naar aanbevelingen. Deze zijn deels gericht op oud-ambtsdragers en deels op de huidige ambtsdragers, om de problematiek in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen (hoofdstuk 6). Deze hebben met name betrekking op het open communiceren van de kerkenraad en op nader persoonlijk en geestelijk contact als samenbindend element. Ook zou de structuur verbeterd kunnen worden door voor de kerkenraad een werkgroepenmodel te hanteren in plaats van de huidige structuur. Het onderzoek besluit met een opsomming van alle genoemde aanbevelingen van de respondenten, zonder daar een uitspraak over te doen. Volgens De Roest biedt het onderzoek goede handvatten om met de uitkomsten aan de slag te gaan: 'Het rapport geeft de kerken de kans om aan de hand van deze analyse aan zelfonderzoek te doen. De vragen waren voor de kerkenraden al voldoende aanleiding voor intensieve gesprekken.'
Reactie
Namens het College van Visitatoren-Generaal zegt voorzitter ds. J. Stelwagen in een eerste reactie blij te zijn met het onderzoek omdat de omvang van de problematiek nu duidelijk is en er dus ook iets aan gedaan kan worden. 'Kerkenraden zullen meer aandacht moeten besteden aan het klimaat binnen de kerk(enraad) en aan de manier van omgaan met elkaar. Oud-kerkenraadsleden moeten de gelegenheid krijgen om negatieve ervaringen uit hun ambtsperiode te kunnen uitspreken. Voorwaarde is wel dat een kerkenraad kritiek durft toe te laten', aldus Stelwagen. Hij vindt het als visitator niet vreemd dat het ambt als een zware taak wordt ervaren in een tijd waarin het aantal vrijwilligers afneemt. Het landelijke visitatie-college zal volgens Stelwagen het rapport binnenkort in eigen gelederen nader bespreken en de visitatoren in de regio's stimuleren het onderwerp tijdens hun periodieke visitatièbezoeken aan de orde te stellen. Het college zal het moderamen voorstellen een samenvatting van het rapport te verzenden aan alle kerkenraden met de vraag deze problematiek intern te bespreken.
In een eerste reactie namens het hervormd moderamen zegt synodevoorzitter ds. A. W. van der Plas te hopen dat 'ambtelijke vergaderingen zoals een kerkenraad een geestelijk karakter hebben, waar men van hart tot hart in gesprek kan zijn en ruimte is voor elkaar'.
BEZINNINGSAVONDEN MET JOODSE SPREKERS
Israël staat in de belangstelling. Alleen al vanwege het weer opgelaaide geweld van de afgelopen maanden krijgt het joodse volk in de media meer dan gewone aandacht. In de kerken is de afgelopen jaren ook een stuk bezinning op gang gekomen over de verhouding tussen de kerk en het joodse volk. Verheugend, zeker gelet op het feit dat Israël de eeuwen door amper in het blikveld van de christenen is geweest. Het kenmerkende van deze hernieuwde interesse in het Joodse volk was meestenrijds eenrichtingsverkeer. Er werd geschreven en gesproken over de joden, maar wat weten de christenen intussen van het jodendom zelf? Kennen we de joodse drijfveren, feesten, riten en symbolen? De Stichting Vrienden van het Cheider organiseert drie bezinningsavonden, waarin bevriende joodse rabbijnen aan het woord komen. De eerste twee avonden - in Middelharnis en in Gouda - zijn inmiddels gehouden. Het thema van alle avonden is: Geloofsopvoeding in het jodendom. De laatste avond wordt gehouden in Gouda op D.V. 12 juni 2001. Spreker: legerrabbijn W. van Dijk te Amsterdam. Plaats: Christelijke Hogeschool Ede, Oude Kerkweg, aanvang 19.45 uur. Toegang gratis.
Inlichtingen bij de secretaris van de Stichting Vrienden van het Cheider, dhr. J.W. Overeem. Tel. 0318-519404
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's