De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zo ik niet had geloofd... [5]

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zo ik niet had geloofd... [5]

9 minuten leestijd

In het vorige artikel toonde ik aan dat de relatie tussen God en ons hechter is dan die tussen een man en vrouw. Een huwelijksrelatie kan scheurtjes vertonen met als gevolg dat man en vrouw uiteengaan. Gelukkig gebeurt dit laatste niet altijd! Van vele huwelijken kan gezegd worden dat zij goed zijn en man en vrouw elkaar trouw blijven. Maar ook al is dit het geval, dan komt er toch een moment dat aan een huwelijksrelatie een einde komt. Wanneer is dit het geval? Wanneer een man of vrouw sterft. Dan bestaat de relatie niet meer. Zij heeft opgehouden te bestaan. De relatie in het geloof met God houdt nooit op. Zij is een eeuwigdurende relatie. Dat wil niet zeggen dat de relatie er altijd een in het geloof is. Het geloof houdt een keer op. Dat zal op het moment zijn dat het geloof in aanschouwen overgaat Dan zullen wij Hem zien van aangezicht tot aangezicht die onze ziel heeft liefgehad.

Trouw

Een van de zaken die het meest bij het geloof opvallen is dat God trouw is en trouw blijft. Helaas kan dit van de gelovige niet altijd gezegd worden. Hoe vaak dwaalt men af! Hoe menigmaal is men de Heere ontrouw! Het komt voor dat men zich onmetelijk ver uit de gemeenschap van God zondigt. Is de ontrouw in een huwelijk groot, dan komt er een dag dat de partner die bedrogen wordt zal zeggen: 'Ik ga niet verder met je; aan ons huwelijk komt een einde'. Maar zo doet de Heere niet! Hoewel Hij het volste recht heeft, maakt Hij geen einde aan de relatie. Hij blijft trouw! Er staat geschreven: 'Ook al zijn wij ontrouw, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelf niet verloochenen'.

Vraagt men naar de oorzaak van de trouw des Heeren, zo bestaat er geen ander antwoord dan: liefde. Ik hoor Joost van den Vondel zeggen: 'Geen liefde komt Gods liefde nader, geen liefde is zó groot'. De Heere zoekt steeds opnieuw Zijn afvallige bruid op. Hij verzoent Zich met haar. En dat vele, vele keren. Want dat eigen wegen gaan komt bij de gelovige niet een keer voor, doch vele, vele malen. Toch blijft de Heere trouw. Ik moet zeggen: dit is niet te begrijpen. Dat is iets in God wat niet onder woorden te brengen is. Ik kan alleen hiervan schrijven: het gaat ons verstand te boven. Wel zal de verwondering groter worden naarmate de trouw van God meer ondervonden wordt. Wij blijven ons verbazen tot het einde toe. Het is al een wonder als de Heere één keer in genade naar ons omziet. Maar nog groter wonder is het als Hij dit steeds doet. Het Woord houdt ons terecht voor: 'Hij laat niet varen het werk van Zijn handen'.

Geen vrijbrief

Van de trouw des Heeren kan misbruik gemaakt worden. Op grond van het feit dat de Heere de ongelovige trouw blijft, kan iemand menen dat het er niet zo op aankomt, hoe men leeft. Wanneer deze mening leeft, heeft men nog nooit verstaan wat het inhoudt het eigendom van de enige troost in leven en sterven te zijn, nl. de Heere Jezus Christus. In Romeinen 6 lezen wij van mensen die van mening zijn dat zij tegen de geopenbaarde wil des Heeren d.i. Zijn wet kunnen ingaan. De genade is overvloeiender dan de zonde! Wat dit laatste betreft hebben zij volkomen gelijk. Niemand behoeft hieraan te twijfelen of te wanhopen. Met andere woorden: nooit behoeft iemand te zeggen dat zijn zonden te groot zijn en zij om die reden niet vergeven zouden kunnen worden. Er is overvloedige genade! Het bloed van Jezus Christus reinigt van alle zonden. Maar ook al is er overvloeiende genade, zo is dit nog geen vrijbrief om dan maar raak te leven en te denken: 'De Heere maakt het toch wel goed met mij'. Zo'n gedachte is verderfelijk en zij leidt ten verderve.

Dat de Heere trouw is, is een groot wonder. Dit wonder wordt - zoals ik schreef - steeds groter. Maar het misbruik maken hiervan is contrabande. Men kan ook zeggen: het is een blasfemie (Godslastering). De bede van de gelovige is en blijft: 'Neem mijn leven, laat het Heer' toegewijd zijn aan Uw eer'.

Heilig leven

Het leven dat de gelovige voor ogen staat, is geen leven van raak niet, smaak niet en roer niet aan. Ook geen leven waarin men zichzelf een wet is. De gelovige gaat het om heilig voor God te leven. Waar bestaat dat heilige leven uit? Uit een leven in overeenstemming met Gods wil. Dat wil zeggen dat Gods wet het in het leven voor het zeggen krijgt.

Het zal eenieder duidelijk zijn dat ik dit niet moralistisch bedoel. Wanneer dit het geval is, is men niet vreemd aan de haarkloverijen van de Farizeeën. Het gevolg daarvan is dat het leven tot een dwangbuis wordt gemaakt. Ook bestaat het gevaar dat daarin het heil gezocht wordt. Let wel: heil, genade is nooit in moralisme te vinden. Ook bestaat daarin geen vrijheid. Heil en vrijheid zijn er alleen in Jezus Christus te zoeken en te vinden!

Moralisme kan de genade en de vrijheid in de weg staan. Ja, zij kan zelfs verstikkend werken. Nu zeg ik niet dat de oorzaak alleen moralisme is, ten gevolge waarvan mensen de kerk hebben verlaten en wat nog erger is: Jezus Christus uit de weg zijn gegaan. Toch vrees ik dat het moralisme er wel aan meegewerkt heeft.

Een kerkenraad, een school of ouders kunnen zoveel regeltjes vaststellen dat jongeren een aversie (weerzin) krijgen tegen de redelijke godsdienst. Zij zeggen: 'Het geloof hoeft voor ons niet als het toch alleen maar bestaat uit wetjes en regeltjes'.

Laten wij als ouderen en leidinggevenden oppassen dat wij onze jongeren niet zozeer regeltjes en wetjes voorhouden als wel dat Jezus Christus door ons centraal wordt gesteld. Het kan niet anders of het geloof in Jezus Christus zal ijveren naar een heilig leven. In dat heilige leven heeft niet het moralisme een plaats, maar de heilige wet des Heeren. Meer dan eens horen wij de Heere in Zijn Woord zeggen: 'Weest heilig, want Ik ben heilig'.

Een werkwoord

In wat ik eerder in dit artikel schreef, zal duidelijk zijn geworden dat het geloof een werkwoord is. Eerder werd er onder ons gesproken over werkzaamheden van het geloof. Van die geloofswerkzaamheden naar God toe liet ik reeds het een en ander lezen. Echter... er zijn niet alleen werkzaamheden naar Boven, naar God, doch zij zijn er niet minder naar onze naaste toe. Het geloof heeft zijn uitingen in het hiernamaals!

Die uitingen beslaan niet een bepaald terrein van het leven, maar alle terreinen van het leven! Een gelovige zal zich als gelovige laten kennen in z'n gezin (voorzover men een gezin bezit), maar men zal ook weten op zijn werk dat hij een gelovige is. Hij gelooft dus niet alleen op zondag, maar hij doet het alle dagen van de week. Ook speelt zijn geloof een rol als hij zijn stem uitbrengt voor de gemeenteraad, Provinciale Staten en Tweede Kamer. 't Zijn slechts een paar voorbeelden die ik kan geven; zij zijn echter met tientallen uit te breiden. Een gelovige doet anders en denkt anders dan iemand die niet gelooft. In wat hij denkt of doet zal hij de eer van God op het oog hebben. Het 'gij geheel anders' staat in z'n hart gegrift. Aan het 'geheel anders' zal hij gekend worden.

Het is wel heel jammer als dit niet gebeurt. Men komt op zondag wel in de kerk, maar er is niets van het geloof te merken op de overige dagen van de week. Dan gebeurt het bij een begrafenis dat een buitenkerkelijke zegt: 'Ik wist niet dat die man gelovig was; ik heb er nooit iets van vernomen'. Wellicht dat iemand denkt: dit komt toch zeker onder ons niet voor? Helaas gebeurt dit meer dan wij denken. Het geloof is een juweel! Het is evenwel geen juweel dat in de kluis verborgen blijft. Dit juweel mag gezien, dit juweel móét gezien worden. Anders gezegd: het geloof is een werkwoord. Anderen mogen het horen en zien wat het geloof ons waard is. Wij mogen als gelovigen een zoutend zout en een lichtend licht zijn. Eigenlijk schrijf ik het niet goed. De Heere Jezus zegt het anders. Hem horen wij zeggen: 'Gij zijt het zout der wereld'. Hij heeft het dus over wat men is en niet over wat men zou kunnen zijn. Kort samengevat: het geloof is in beweging. Het is zowel naar God als naar de naaste toe in beweging. Het is geen paradox (tegenstelling) als ik stel: hoe meer het geloof naar God toe in beweging is, des te meer zal het ook naar de naaste zijn uitstraling hebben. Dit zal zijn in woorden, werken en gedachten.

Trouwens, ook de gemeente zal er wel bij varen als het geloof van de gelovigen werkzaam is. Naarmate er geloofswerkzaamheden zijn, naar die mate zal er liefde tot elkaar zijn. Wanneer zij er niet of spaarzamelijk zijn, zal de liefde er niet of slechts gering zijn.

Soms hoort men wel eens dat men in de gemeente zo weinig van elkaar kan verdragen. Zou dit soms te maken kunnen hebben met de kwaliteit van het geloof? Ik vraag maar, ik oordeel niet. Wel ben ik ervan overtuigd dat men niet altijd kan zeggen, dat het de Heilige Geest is die het geloof werkt en versterkt. Natuurlijk, ik ben het er helemaal mee eens. Toch kan het ook wel eens zijn dat wij de Geest bedroeven of wat nog erger is dat wij de Geest uitblussen. Wat is daarom steeds opnieuw nodig met name als de geloofswerkzaamheden vrijwel afwezig zijn? Onderzoek met het Woord erbij of wij de Heilige Geest niet bedroeven.

Zwak- en kleingeloof

Voordat ik verder ga met nog iets meer te zeggen over wat ik hierboven heb geschreven, wil ik eerst iets schrijven over het zwak- en kleingeloof. Ik heb in een van de voorgaande artikelen nogal nadruk gelegd op de zekerheid van het geloof, maar toen achterwege gelaten dat er ook wel van zwak- en kleingeloof sprake kan zijn. Daarover vanwege een vraag daarnaar een volgend keer.

G. S. A. DE KNEGT, BARNEVELD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 2001

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Zo ik niet had geloofd... [5]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 2001

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's