Wel identiteit, geen isolement
GZB, IZB EN HGJB GEROEPEN OPNIEUW KERKELIJKE POSITIE TE BEPALEN
De erkenning van het kerkelijke karakter van het werk van de GZB kreeg vaste vorm in de overgangsbepalingen van de kerkorde van 1951. Pas in 1988 werd het werk HGJB en IZB door de kerk erkend, toen beide bonden een samenwerkingsovereenkomst met de hervormde synode aangingen. GZB had contact met de Raad voor de Zending HGJB met de Hervormde Jeugdraad en IZB met het Hervormd Evangelisatorisch Beraad. Maar al deze gesprekspartners bestaan niet meer. Wat nu?
Dr. P. J. Visser legde er de vinger bij, in een artikel in het GZB-jubileumboek 'Met het Woord in de wereld', dat in februari verscheen. Hij noemt het opvallend dat in het beleidsplan 1998- 2002 'met geen woord gerept wordt over de positie van de GZB binnen het Samen op Weg-proces. Klaarblijkelijk wordt deze binnen de nieuwe structuren gehandhaafd op een vergelijkbare wijze als voorheen' (pag. 293). Dit roept een klemmende vraag op: waarom is de Gereformeerde Bond op regionale avonden over zijn kritische positie inzake Samen op Weg intensief in gesprek met hervormd-gereformeerde (gemeente)leden en hebben de drie modalitaire uitvoeringsorganisaties - tegenwoordig MUO's genoemd - verregaande contacten binnen het landelijke dienstencentrum (LDC) en de regionale dienstencentra (RDC's)? Is hier een tegenstelling of is het juist een in de praktijk herinneren van de kerk aan haar eigen belijdenis, in jongeren-, evangelisatie- en zendingswerk? Ds. J. van Oostende (algemeen secretaris GZB), N. Belo (directeur HGJB) en ds. D. Ph. C. Looijen (predikant-directeur IZB) mogen het zeggen. Hun verantwoording naar de gemeenten.
Raamovereenkomst
De overeengekomen samenwerking van de drie MUO's met LDC en RDC's ligt inmiddels vast in een raamovereenkomst. Als uitvloeisel hiervan zijn afspraken uitgewerkt in protocollen. Deze raamovereenkomst heeft een voorlopig karakter, tot een eventuele vereniging van de Samen op Weg-kerken. Dan zal de inhoud ervan in de kerkorde verwerkt zijn. Raamovereenkomst en protocollen, het zijn woorden die ver van het bed van de gemiddelde HGJB-donateur of het GZB-lid staan.
Belo over de totstandkoming: 'De raamovereenkomst met het LDC is vanuit de MUO's voorbereid in opdracht van de dienst MDO (Missionair en Diaconaal werk en Oecumenische relaties) en KTO (Kerkopbouw, Theologie en Opleiding). Inmiddels zijn de generale raden voor MDO en KTO akkoord met de overeenkomst, evenals onze drie besturen. Momenteel wordt er gesproken over inkadering in de kerkordelijke bepalingen.'
Waarom lijkt dit alles stilzwijgend te paren? Ds. Van Oostende: 'De GZB heeft er niets over gepubliceerd, omdat we als drie bonden hierover gezamenlijk naar buiten wilden treden. In onze jaarverslagen vermelden we steevast summier ons standpunt inzake Samen op Weg, maar daar krijgen we geen enkel commentaar op.' Belo: 'Dat geldt voor de HGJB ook. Ons beleid is dat we op een constructieve wijze betrokken zijn bij het SoWproces met het oog op jeugd en jongeren in de breedte van de kerk.'
Waarom was die raamovereenkomst nodig? Ds. Looijen: 'Vanwege de onduidelijkheid die ontstaat als er een nieuwe arbeidsorganisatie in de kerk komt, terwijl wij afspraken hadden met de vorige. De nieuwe arbeidsorganisatie is gekoppeld aan de drie samen op weg zijnde kerken.'
Ds. Van Oostende: 'De regionale dienstencentra wilden graag met de MUO's in gesprek over samenwerking. Toen er een akkoord over was, zei de Generale Raad MDO: 'Dit kan helemaal niet. Zo'n protocol kan alleen hangen aan een raamovereenkomst van het landelijk dienstencentrum en de MUO's.' De landelijke kerk zelf heeft dus de wens geuit tot een raamovereenkomst te komen.'
Door het sluiten van de raamovereenkomst erken je het bestaan van de dienstencentra, terwijl er in hervormd-gereformeerde kring mensen zijn die deze centra voorbarig vinden.
Ds. Van Oostende: 'Wij accepteren de besluiten van de kerk. De kerk heeft vooruitlopend op een fiisiebesluit, besloten de arbeidsorganisaties ineen te schuiven en onder te brengen in een passend gebouw. Dat is haar verantwoordelijkheid, haar zaak. Alle organen waarmee wij samenwerkten, verdwenen, dus er was voor ons geen andere keuze dan te volgen.' Ds. Looijen: 'Ik ervaar zelf hierin wel dat spanningsveld.
Dat zit er ook, omdat dingen soms sneller gaan dan je zelf bevroedt. Om te voorkomen dat er een achterstand in informatieverstrekking ontstaat, willen wij door dit gesprek ook communiceren waarmee wij bezig zijn. Wij worden door de herstructurering gedwongen opnieuw onze positie te bepalen. Als je protesteert, stel je je buiten het geheel.' Belo: 'Sinds 1988 werken we met de kerk samen. Als haar organisaties veranderen, heeft dat voor ons gevolgen. Mensen in ons werkveld ervaren soms overigens al een spanningsveld als ze horen dat HGJB en GZB een relatie hebben met organisaties in onze Hervormde Kerk. Dit heeft alles te maken met je visie op de kerk.' Ds. Looijen: 'Als je kiest voor een kerkelijke positie - en daarvoor hebben we alle drie gekozen - is de consequentie dat je meegaat met wat des kerks is. Anders ben je als bond niet betrouwbaar. We hebben immers altijd gezegd dat we ons werk wilden doen onder de synode. In onze jaarverslagen is dit marginaal verwoord.' Belo: 'En op ledenvergaderingen is het kort geduid.'
Ds. Hovius, tweede voorzitter uan de GZB, vormde vorig jaar een adhoc-commissie, die stelde dat voortgaand gesprek en overleg binnen het raam van het SoW-proces alleen zal kunnen plaatsvinden, wanneer inzake de verzoening klip en klaar is uitgesproken waar de Hervormde Kerk voor staat. Dat zal ook voor de GZB heel spannend geweest zijn? Ds. Van Oostende: 'Het beraad van ds. Hovius had te maken met het fusiebesluit van de drie kerken, niet met de beslissing één arbeidsorganisatie te creëren. Die arbeidsorganisatie is synodebreed aanvaard. De samenwerkingsorganen van de kerk sorteren alvast voor op de komende fusie.'
Voorzichtigheid
'Ik denk dat de GZB uit voorzichtigheid in het laatste beleidsplan niet spreekt over Samen op Weg, zoals dr. Visser opgemerkt heeft. Bij de voorbereiding is het wel ter sprake geweest, maar omdat de situatie zo moeilijk ligt, wilden we niet met boude uitspraken komen. Er is een summiere formulering opgenomen. We hebben ons kerkloyaal opgesteld, en onze positie binnen de kerk willen zoeken en behouden. De GZB volgt de besluitvorming van de synode.
Ds. Looijen: 'De IZB heeft meer een beschouwende dan een stellende formulering opgenomen.' Ds. Van Oostende: 'Wij hebben ook expliciet aangegeven dat de ontwikkelingen wel doorgaan. In ons laatste jaarverslag wordt gezegd dat het overleg met de Samen op Weg-kerken en de organen constructief verloopt. Met opzet is daar het woord 'constructief gebruikt.'
Ds. Looijen: 'Het feit dat wij hierover niet met onze leden discussiëren, komt misschien omdat wij concreet laten zien waarin je elkaar in de kerk nodig hebt en aanvult, terwijl de Gereformeerde Bond heel de inhoudelijke bezinning te voeren heeft. Dan heb je een andere discussie dan bij uitvoeringszaken. De GB heeft een stem in het beleid van kerkenraden, als het gaat over de eredienst en het ambt. De bonden zijn afgeleid van de ambtelijke verantwoordelijkheid en kunnen met hun identiteit in de kerk volledig zichzelf zijn.'
Open relatie
In de raamovereenkomst wordt de verwac ting uitgesproken dat er ooit een momen komt, waarop het werk van de MUO's aan de kerk overgedragen zal worden. Wann is dat moment? Belo: 'Het is een formulering die ook in de vorige overeenkomst stond, eigen aan ons werk in de kerk. De HGJB stopt als de kerk haar werk zodanig belijnd uitvoert, dat een bond het niet meer hoeft te doen. Dat is ook de opzet van ons werk.'
Dus Silvosa, het HGJB-gebouw, is een huurpand? 'Nee, het is geen huurpand, maar wel goed te verkopen!' Ds. Looijen: 'Die formulering komt uit de kerkordebepaling over de GZB. Het werk zal overgedragen worden, als de kerk als geheel er verantwoordelijkheid voor kan nemen.' Ds. Van Oostende: 'Nu zien we dat nog niet voor ons, maar het zou wel heel erg wenselijk zijn, als dat moment er gauw komt. Dat zou de kerk en onze beweging zeer ten goede komen, opdat we niet meer tegenover elkaar komen te staan.'
Hoe is de verhouding tussen GZB en de dienst buitenland van MDO? 'Onze relatie is opener geworden, er wordt meer waardering geuit. Men zegt nu: 'Wat zou het geweldig zijn, als jullie bij ons erbij zouden zitten.' Nee, de GZB is niet veranderd, maar de houding van de Raad voor de Zending/MDO wel. Vroeger werden we geduld, maar nu ontmoeten we respect.'
Ds. Looijen: 'Een club hobbyisten is een professionele organisatie geworden. De IZB heeft contact met de dienst binnenland van MDO, die zelf erg zoekt naar een eigen plek. Wij hebben daarom een minder herkenbare partner dan het vroegere HEB. Je kunt niet zeggen dat de IZB lijkt op het HEB van veertig jaar geleden. De tijd is veranderd; je moet ingaan op de vraagstelling van deze tijd, zonder op te geven waarom het ten diepste gaat. ' De verlegenheid is er ondertussen niet minder over hoe we het Evangelie in deze tijd moeten communiceren, hoe we een beweging naar buiten moeten maken.'
Belo: 'De HGJB heeft contact met de dienst Opbouw en Educatie van KTO, minder officieel Samen op Weg-jeugd-werk genoemd. Onze relatie is echt stukken verbeterd. De landelijke Her- n vormde Jeugdraad zat vroeger in de neer sfeer van links activisme. Nadat zijn beleidsplan twee keer afgewezen is, heeft deze jeugdraad gekozen voor kerkelijk jeugdwerk. Er kwam over en weer herkenning. Op directie- en stafniveau zijn er nu veel inhoudelijke gesprekken.'
Leren jullie van hun aanpak, zij van jullie identiteit? 'Wij leren van SoW-jeugdwerk onder andere dat de manier waarop je de boodschap communiceert, ook belangrijk is, vooral wanneer de ander niet dezelfde kerktaal spreekt. Van ons leert SoW-jeugdwerk dat wij ergens voor staan, dat een duidelijke identiteit goed communiceert met jongeren.'
In de praktijk getoetst
Sleutelwoorden in de raamovereenkomst z erkenning, vertrouwen en wederkerigheid. Vult u die eens in naar de praktijk. Ds. Looijen: 'Erkenning is datje elkaar serieus neemt, datje samen hart voor de kerk hebt. Er is een tijd lang miskenning geweest. Erkenning van de inhoud van eikaars werk is een ander punt.'
Ds. Van Oostende: 'Moet je niet zeggen dat je hem of haar erkent als de ander zich als een gelovige manifesteert? Datje geen oordeel over de ander uitspreekt.' Ds. Looijen: 'Je erkent dat de verschillen die je bij elkaar ziet, ook aanvullend werken. De gemeente Delfshaven, die door ds. De Jong gediend wordt, loopt niet om het buurthuiswerk heen, roept niet vanuit een toren over de hoofden heen zonder de handen vuil te maken. In de praktijk ontmoet je ook andere kerkelijke werkers. Dan zal iemand als Herman IJzerman van het oecumenisch Pastoraat Oude Stadswijken toevoegen dat er inhoudelijk en principieel veel verschillen zijn, maar men vindt elkaar, omdat ieder hart voor de mensen heeft. Jezus zag de schare, wij hebben er vaak overheen gekeken of er van afstand naar gekeken. Onze overtuiging moet in de praktijk getoetst blijken te zijn.'
Ds. Van Oostende: 'Vertrouwen is in dit kader een moeilijk begrip. Waarom staat de GZB nog apart van het kerkelijke zendingswerk? Er is onvoldoende vertrouwen geweest om het zendingswerk in het geheel in te brengen. Je komt nu tot een brede erkenning, maar vertrouwen om het geheel over te geven, is er nog niet. De beduchtheid dat er dan accenten verloren gaan die wij als noodzakelijk zien, speelt mee. Alleen door het maken van duidelijke afspraken ontkom je aan de oude posities, waarin je tegenover elkaar staat. Het gebrek aan vertrouwen zit ook in de toppen van onze vingers, omdat wij als hervormd-gereformeerden altijd een minderheid geweest zijn.'
Ds. Looijen: 'Wij hebben geen instituut in de kerk dat zegt: Nu aan het werk samen.' 'De bonden in de kerk hebben vaak de functie vervuld van de orden in de Rooms-Katholieke Kerk, die wél geïncorporeerd waren', zei iemand ooit op de synode. Die orden zijn de kerk tot heil geweest.' Ds. Van Oostende: 'De synode zou er ijn allang voor moeten zorgen dat wat minderheden zeggen, niet overstemd wordt, maar in maximale kaders een plek heeft.' Ds. Looijen: 'Ik zie hierin wel een ontwikkeling. Vroeger werden we altijd weggestemd, maar nu is er een gesprek.'
Belo: 'Het begrip wederkerigheid heeft met die vorige woorden te maken. Als je dingen samen uitwisselt, kan er wederkerigheid ontstaan. De HGJB verwijst naar het RDC, als een gemeente om advies vraagt en ons blijkt dat het materiaal van een regionaal dienstencentrum beter past. Een RDC verwijst omgekeerd naar ons. Vanuit het RDC Zuid-Holland wordt op een themadag over tienerwerk niet alleen het materiaal van SoW-jeugdwerk, maar ook dat van de HGJB en Youth for Christ besproken. Zoiets zou in het verleden ondenkbaar zijn.' Betekent dat ondertussen niet datje aan de andere kant gemeenten verliest die jullie materiaal niet meer gebruiken? 'Nee, ik kan niet zeggen dat wij gemeenten kwijt raken. In sommige gemeenten krijgt de predikant soms de opdracht leidinggevenden in het jeugdwerk toe te rusten, maar veelal lukt dat toch niet. Toerusting van het kader dat het jeugdwerk verricht, doe je er niet even bij.'
Ds. Looijen: 'Het omgekeerde van wederkerigheid is eenkennigheid. En dat is ook niet goed, want juist jongeren zijn alles aan het verkennen. Het zou merkwaardig zijn als je de eenkennigheid wilde bevorderen.' Belo: 'Dat geeft soms wel een discussie met leidinggevenden in de gemeente die identiteit bewaren koppelen aan afschermen. Identiteitssterkte kan echter ontstaan in het vergelijken met andere stromingen, waarbij je eigen traditie helder wordt.'
U bent positief over de kansen en mogelijkheden die er voor de MUO's in de toekomst zijn. Begrijpt u dat de liefde tot de Hervormde Kerk echter niet automatisch en op dezelfde wijze meegaat? Ds. Looijen: 'De Hervormde Kerk gaat mee. We snijden de band met de historie niet door. Die Hervormde Kerk is mij zeer lief om haar geschiedenis, om haar sterke en zwakke kanten, maar met die kerk staat of valt de kerk in Nederland niet. Zij moet voort in deze tijd. En wij moeten helder maken wat ons beweegt in ons staan in de kerk. Daarom hecht ik aan dit gesprek.'
P.J. VERGUNST, APELDOORN
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's