Herwonnen paradijs [I]
'En hij toonde mij een zuivere rivier van het mater des levens, klaar als kristal' [Openb. 22 : ia]
Met Johannes op Patmos mogen wij het laatste visioen uit de Bijbel zien. Wat getoond wordt, is bijzonder en onvergetelijk! Eén van de engelen die de laatste oordelen van God over deze oude zondige wereld voltrokken hebben, heeft Johannes meegenomen naar een hoge berg. Vandaar is hem het nieuwe Jeruzalem in al haar pracht getoond. Stil ligt de heilige stad met de prachtigste materialen te glanzen in hemels licht. Maar... is er in die schitterende stad ook leven, leven voor mensen? Echt, eeuwig leven in de ongestoorde gemeenschap met de Heere? Nou en of. Goddank!
Hier zien we waar: 'en het Leven was het licht der mensen' (Joh. 1:4). In een nieuw beeld wordt ons de stad van God voorgesteld. Zij neemt de vorm aan van een tuin, van de hof van Eden. Wat een Godswonder. Eeuwen geleden werd de toegang naar het paradijs geblokkeerd vanwege Adams en Eva's zonde. Niemand kon de engel met vlammend zwaard passeren (Gen. 3 : 24). En kijk nu eens: het paradijs is herwonnen.
Hoe bestaat het? Wel, Jezus Christus heeft dit mogelijk en werkelijk gemaakt met het offer van Zijn leven. De liefde van Christus voor Zijn Vader en Zijn rechten, maar tevens voor Zijn kerk en kosmos worden nergens heerlijker gezien en geproefd dan in het nieuwe Jeruzalem. De Middelaar heeft op aarde en in de hemel niet gerust voordat het paradijs terug is, d.w.z. het leven en de gloria in de nabijheid van God. Het is aangetoond tot op de laatste bladzijde van de Bijbel: de toegang is vrij door Golgotha! De poorten van Gods Rijk staan open. Hier wordt de liefde van en met God Drie-enig genoten, rust geschonken en het vette van Gods huis gesmaakt.
God heeft de Zijnen en het Zijne terug. En Zijn kinderen hun God en Vader! In het beeld van water, van een zuivere rivier van het water des levens die door de Godstad loopt, is het ons voor ogen gesteld. Dit beeld herinnert aan het oude paradijs (Gen. 2 : 10). De aarde, de schepping werd indertijd door God voorzien van het onmisbare water dat leven geeft. Nadat de weg naar het paradijs afgesloten was en mensen in ellende, tussen dorens en distels moesten wonen en werken, heeft God toch in Zijn beloften de onsterfelijke verwachting naar nieuw leven, naar Zijn toekomst gewekt en brandende gehouden. Met name in Israël.
Op de tempelberg tijdens het Loofhuttenfeest, wanneer de priesters het water uit de Gihon bron uitstorten bij het altaar, wordt de belofte uit Jesaja 12 : 3 uitgeroepen: 'en gij zult water scheppen met vreugde uit de fontein van het heil'.
Het is ook aan andere profeten dan Ezechiël en Zacharia getoond (Ez. 47; Zach. 14).
De beloften onder het Oude Verbond gegeven en verwacht; hebben evenwel in Christus Jezus hun vervulling. Want uitgerekend op het Loofhuttenfeest roept de Heiland: ' Zo iemand dorst heeft, die kome tot Mij en drinke'. In Hem is inderdaad leven en overvloed. Hij is de Fontein van levend water. Ps. 46 krijgt in Christus zijn beslag. En een Samaritaanse vrouw profiteerde er met vele anderen uit Israël en de volken van.
'Indien gij de Gave van God kende en Wie Hij is Die tot u zegt: geef Mij te drinken, zo zoudt ge van Hem hebben begeerd en Hij zou u levend water gegeven hebben. Wie daarvan drinkt zal in eeuwigheid niet dorsten...' (Joh. 4). De realiteit van Jezus' getuigenis is in Openbaring 22 door Johannes met de stukken aangetoond.
Wie gedronken heeft van Christus in de bediening van Woord en sacramenten, wie Zijn liefde en het leven uit Hem ingedronken heeft, die verlangt Hem nog meer te kennen! Weet u daarvan? Verlangt u naar heil en verzadiging van vreugde voor Gods Aangezicht? Welnu dat is mogelijk. Aan dat hopend verlangen wordt voldaan. Uit Zijn volheid ontvangen wij genade voor genade (Joh. 1). Ezechiël zag de stroom al voller, breder en dieper worden. Het leven met Christus wordt steeds intenser en rijker genoten door de Heilige Geest. Die neemt het immers uit Hem en verkondigt het ons. Hij eigent toe wat wij in Christus hebben. Hij leidt in alle waarheid en tot de volle waarheid.
Op aarde, in de schepping en in het leven van alledag worden water en leven en geluk minder. Zeker in het warme Oosten. Maar ook ons bestaan is van begin tot eind bedreigd.
De stroom van levend water in het nieuwe Jeruzalem droogt nooit op. Vandaar dat er sprake is van een rivier. Dat duidt op volheid, op de hoogst denkbare overvloed. De rivier van God is vol water (Ps. 65). En het is geen vervuild of bedreigend water, zoals in de oude schepping door onze schuld. Het water in de nieuwe schepping is klaar, doorzichtig als kristal. Niet schadelijk of troebel, niet onaangenaam en nimmer verdervend.
Terecht heet dit water levenswater, dat door Gods hart en hand is bereid en in goede banen is geleid. Aan Johannes en via hem aan de Kerk der eeuwen is van Hogerhand getoond, dat het volledige, heilzame en heerlijke paradijsleven terug is. Voor eeuwig. Waar? In God. In het nieuwe Jeruzalem. Bereid voor allen die Hem vrezen. Ook voor u, voor jou?
P. KOEMAN, BARNEVELD
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's