Verzoening binnen kerk en gemeente
Enkele weken geleden gaf ik in een artikel aandacht aan het boek uan prof dr.J. Douma 'Hoe gaan wij verder? ', waarin hij het vrijgemaakte gereform kerkelijke leuen (zelf-)kritisch tegen het licht hield op het punt uan de 'ware kerk' 'doorgaande reformatie'. In dat boek gaat hij ook in op conjlicten binnen zijn ker de daarmee ueriuante organisaties. Omdat wat hij schrijft herkenbaar is binnen het geheel uan de kerken, ga ik er hieronder nader op door.
Ik laat eerst volgen wat Douma schrijft: 'Het mag vermeld worden dat er feitelijk geen enkele vrijgemaaktgereformeerde organisatie is ontstaan of uitgegroeid zonder dat er zich ernstige conflicten voordeden. Het mag gezegd worden dat veruit de meeste conflicten zonder verzoening werden afgesloten. We waren al blij dat er zand over zulke kwesties ging, terwijl het voor een christen toch voor de hand ligt dat het bloed van Christus erover moet gaan om strijdende christenen weer bij elkaar te brengen. Het mag gezegd worden dat velen liever naar de heidense, maar onpartijdige rechter toestapten dan zich door eigen broeders en zusters te laten beoordelen en veroordelen.' Conflicten zijn gegeven met de gebrokenheid van het bestaan. Waar mensen samen zijn en vooral samen werken, zijn conflicten kennelijk onvermijdelijk. Ze komen veelvuldig in de gemeente voor, waar familievetes voortduren en mensen jaren onverzoend met elkaar leven. De censura morum bij het avondmaal functioneert hier ook niet. Mensen schuiven bij elkaar aan de avondmaalstafel, terwijl ze al lang in onmin met elkaar leven.
In een recent verschenen boek Vergeef me... ('verzoening tussen mensen en met God') vertelt ds. W. Smouter in zijn artikel 'Gelijk ook wij vergeven' over een dorpsruzie in de gemeente, waar zijn vader predikant was. Hij sprak een boer aan, die in die vete verwikkeld was, en vroeg hem hoe hij aan haat en aan eigen gelijk kon vasthouden als hij toch elke dag bad 'gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren'. De man keek hem ernstig aan en zei: 'Dominee heeft gelijk, dan zal ik dat voortaan weglaten'. Het gebroken leven blijkt sterker dan de leer. Pas wanneer zich een ernstig conflict binnen een kerkenraad of tussen kerkenraad en gemeente voordoet, wordt beseft, dat men zo het avondmaal niet kan vieren. Maar verder woekeren heel wat conflicten voort, het heilig avondmaal ten spijt.
Vergeving
Verzoening bij diep verstoorde relaties is geen eenvoudige zaak. Er zijn altijd twee partijen bij betrokken. Het kan voorkomen dat er bij de één schuldbesef en schuldbelijdenis doorbreken, terwijl de zaak waarom het gaat bij de ander zo diep zit, en er zulke wonden zijn geslagen, dat de schuldbelijdenis maar moeilijk wordt geaccepteerd en vergeving maar moeilijk wordt geschonken. In dit geval spreken we echter nog over de meest 'eenvoudige' weg naar een oplossing. Veel moeilijker wordt het wanneer schuldbesef aan beide zijden ontbreekt. Elk meent in (eigen) gelijk te staan.
In verband met de bede uit het Onze Vader 'Vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren', zegt de Heidelbergse Catechismus dat wie als 'arme zondaar' uit de schuldvergeving leeft, het getuigenis van Gods genade in zich bevindt 'dat ons ganse voornemen is, onze naaste van hart te vergeven'. Wie dat echter van harte wil, maar ook bij eerlijk zelfonderzoek geen concrete schuld bij zichzelf vindt, spreekt uit, zodra hij de ander vergeeft, dat die ander schuldig is.
eerde Schuldbesef en schuldbelijdenis en dan en de ook schuldvergeving moeten van k twee en kanten komen. Want wie is in een conflict brandschoon? Daarom vraagt vergeving om ontmoeting, om zo samen te buigen voor het Aangezicht van God in Christus, die de Eerste is als het om schuldvergeving en verzoening gaat. Gelukkig komt dat ook vandaag in de gemeente van Christus voor. Nochtans blijven er de onopgeloste gevallen. Smouter wijst er in zijn genoemde artikel op, dat er in zo'n situatie een moment kan of moet komen van 'loslaten' en 'overgeven', niet in wrok blijven omzien en in die wrok verder gaan, maar het laten in de handen van Hem, die rechtvaardig oordeelt.
Leiding
Ingrijpend is het voor een gemeente of binnen de kerk wanneer mensen, die leiding geven, in conflict en (blijvend) onverzoend met elkaar leven, hetzij doordat geen verscheidenheid wordt geaccepteerd, hetzij doordat 'de waarheid' tot op de laatste millimeter wordt uitgevochten, hetzij door pure jaloezie maar niet zelden ook omdat karakters botsen. Karakters blijken vaak onbekeerlijk. Hoe vaak wordt in zulke gevallen niet gezegd: hier op aarde kon men niet met elkaar leven, terwijl men elkaar voor de Troon van God zal ontmoeten. In feite is het een onverdragelijke gedachte dat dominees of kerkenraad sleden niet met elkaar overweg kunnen in één gemeente. De meeste conflicten worden zonder verzoening afgesloten, zegt Douma. Dat moest binnen kerk en gemeente niet mogelijk zijn. Soms breken de weerstanden pas bij de dood. Aangrijpend is het voorbeeld van verzoening tussen twee vooraanstaande mannen uit het recente verleden in de kerk, toen de één in coma lag en er op verzoek van de ander het gebed om vergeving was. Nee, ik noem geen namen, maar de zaak zelf is in breder kring bekend. Waarom moet het eerst zo ver komen? Feit is, dat daar, waar zich een min of meer principieel geding in de gemeente of in de kerk voordoet, de kans op conflicten sterk aanwezig. Omdat geestelijke zaken hartstochten losmaken. De voorbeelden zijn vele. Leiding geven aan kerk en gemeente is een kwetsbare aangelegenheid. Alsof echter niet juist niet binnen het ambt harde harten zouden moeten breken onder de verzoenende handen van Christus.
Collectief
Soms vertalen conflicten zich door in partijschappen. Dat is in feite binnen de kerk en binnen de gemeente het meest ingrijpende. In Paulus' dagen al was de één van Paulus en de ander van Apollos (1 Kor. 3). Paulus zegt dat echter (N.B.) zélf en vat het samen onder het woord 'vleselijk'. Hij weet zich met Apollos niet anders dan een dienaar van het Evangelie, elk met eigen gave, waardoor mensen tot geloof komen. Hij heeft geplant, Apollos heeft gesproeid en God liet het zaad ontkiemen. Van de partijschappen laat hij niets over. Wij blijven vaak gemakkelijk berusten in partijschappen. 'Het zal blijven kraken en scheuren tot de jongste dag', zei ooit ook prof. Douma. Berusting daarin strijdt toch echter met het paulinisch vermaan? !
Het punt is, dat waar partijschappen optreden, er zoiets als collectieve schuld ontstaat, waarbij de een zich achter de ander verschuilen kan en de handen in on-schuld kan wassen. Nochtans hebben individuen deel aan collectieve schuld. Soms kan één persoon verantwoordelijk zijn voor het begin van een partijschap. De geschiedenis kent dan ook voorbeelden van persoonlijke schuldbelijdenis in deze. Het kan echter ook zijn, dat iemand ontdekt binnen het collectief zelf schuldig te zijn, zich
solidair weet met de schuld van het geheel en dan plaatsvervangend schuld belijdt of de partij de partij laat. Want ook collectieve schuld kan voor Gods Aangezicht niet bestaan. Heilzaam is het als in zulke gevallen een profeet opstaat, die de toon van de boete vindt en het middel mag zijn tot verzoening. Dat mag men op dit moment toch wel bidden voor de partijen, die in het Midden-Oosten tot de tanden gewapend tegenover elkaar staan? Zou daar nog ooit een Gods-vrede - ik bedoel het letterlijk - kunnen komen? Maar niet minder mag er het gebed zijn om collectieve verzoening in de kerk, waar verbanden onverzoenlijk tegenover elkaar staan. Het ergst is het daar, waar men op dezelfde geloofsbasis staat.
Eigen kring
Wat Douma voor zijn kring zei, moeten wij voor onze kring belijden: conflicten die zonder verzoening worden afgesloten. Daarvoor behoeft men niet terug naar een ver verleden. Daarvoor kan men dicht bij huis en eigen tijd blijven, in de gemeenten en in de kerk. Het Samen op Weg-proces bijvoorbeeld bracht in hervormd gereformeerde kring tegenstellingen teweeg, die zich soms hebben doorvertaald in persoonlijke conflicten of ook in partijschappen. We zouden er niet mee moeten kunnen leven. Het is ook gemakkelijker erover te schrijven dan om tot daadwerkelijke verzoening te komen. Want ook hier gaat ieder uit van het eigen gelijk. Maar mij dunkt dat we er elkaar in kerk en gemeente aan moeten blijven herinneren dat onverzoenlijkheid niet kan, tussen mensen niet, tussen organisaties of kerkelijjke verbanden niet, tussen kerken niet.
'Zover het Oosten is van het Westen, zover doet Hij onze overtredingen van ons', zegt Psalm 103. Om Christuswil, die als Hij gescholden werd, niet wederschold.
'Vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren', leerde Christus ons bidden. God vergeeft niet omdat wij vergeven, maar opdat ook wij vergeven.
v.D.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 augustus 2001
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 augustus 2001
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's