De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het gebed na de prediking [2]

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het gebed na de prediking [2]

DE EREDIENST

12 minuten leestijd

Het gebed na de prediking bestaat hoofdzakelijk uit twee delen: het antwoord op prediking en de voorbede. Tenminste: dat is in veel gemeenten wel de praktijk geworden. Dat betekent echter niet dat dat altijd zo was (of vandaag de dag zo is). Immers: we kunnen er ook voor kiezen om de voorbede een plaats te geven vóór de prediking Het voordeel daarvan is, dat het antwoord op de prediking kort en krachtig kan wat voor de gemeente, die toch wat 'moegeluisterd' is, de concentratie kan bevordere

De voorbede

Na in de vorige bijdrage stil te hebben gestaan b het eerste onderdeel van het gebed na de prediking urillen we nu onze aandacht richten op de voorbede. Het is een hoge roeping uan de gemeente om voorbiddend in de wereld te staan en er is dan ook alle reden ons voortdurend te bezinnen op het wezen en de vorm van de voorbede. Net als in mijn vorige bijdrage tuil ik beginnen met een mijns inziens jündamentele vooropmerking. Vervolgens waarschuw ik voor een paar valkuilen. Ten slotte bespreek ik drie categorieën uan voorbede die wekelijks aan de orde komen: het gebed voor de ivereld, voor de kerk en voor het persoonlijke leven.

Aansluiting bij de preek of bij de actualiteit?

Ik begin dus met een fundamentele vooropmerking. Deze cirkelt om de vraag, waar we in onze voorbede bij moeten aansluiten. Moet dat vooral bij de actualiteit zijn, of juist bij de inhoud van de prediking? We voelen wel aan dat hier geen sprake kan zijn van een exclusieve keuze voor één van beide. Maar het zal u als lezer na het voorgaande waarschijnlijk niet verbazen dat ik ervoor pleit om ook in de voorbede een duidelijke aansluiting te zoeken bij de inhoud van het verkondigde Woord. Ik heb hier twee argumenten voor.

Het eerste argument is van praktische aard. We moeten in onze voorbeden kiezen uit een veelheid van aandachtspunten. De stof voor de voorbede die ons vanuit de media en vanuit allerlei verzoeken om voorbede wordt aangereikt, gaat de ruimte van een enkele kerkdienst verre te boven. Er zal dus moeten worden geselecteerd en de voorbede zal over meerdere diensten (de morgen- en de middagdienst, de diensten van een heel jaar) moeten worden gespreid. Maar hoe maken we daarin een verantwoorde keuze? Door aansluiting te zoeken bij de inhoud van het verkondigde Woord geven we daar vorm aan.

Het tweede argument is van theologische

Valkuilen aard. De Heere Jezus heeft ons in zijn ge- ij bedsonderwijs overduidelijk gemaakt, dat , onze gebeden in zijn Naam (Joh. 14 : 14) en met het oog op Gods Koninkrijk (Mt. 6 : 9- 13) moeten zijn. Hij leert ons dus, om onze gebeden te borduren op het stramien van Góds bedoelingen. Om ons in die opdracht van onze Heiland te oefenen is het heilzaam in onze voorbede aansluiting te zoeken bij het gepredikte Woord.

Het bovenstaande pleidooi om de voorbede op het Woord af te stemmen, heeft ook te maken met een paar valkuilen waar ik zelf als voorganger telkens in dreig te vallen. De eerste valkuil ligt bij de neiging om de Heere God voor te schrijven wat Hij in bepaalde situaties moet doen. Hier ligt naar mijn gevoel echt een uiterst gevoelig punt, dat ik het best kan duidelijk maken met een paar voorbeelden. Op het moment dat ik dit schrijf, loopt het conflict tussen Israël en de Palestijnen met de dag meer uit de hand. Een Rotterdamse imam heeft schokkende dingen over homosexualiteit gezegd en het euthanasiedebat laat in allerlei opzichten flinke nabranders zien. Hoe stel je als voorganger in de gebeden deze dingen aan de orde? Wie bidt voor het conflict in het Midden-Oosten moet zich bewust zijn van het feit dat hij daar zelf een mening over

Het bovenstaande pleidooi om de voorbede op het Woord af te stemmen, heeft ook te maken met een paar valkuilen waar ik zelf als voorganger telkens in dreig te vallen. De eerste valkuil ligt bij de neiging om de Heere God voor te schrijven wat Hij in bepaalde situaties moet doen. Hier ligt naar mijn gevoel echt een uiterst gevoelig punt, dat ik het best kan duidelijk maken met een paar voorbeelden. Op het moment dat ik dit schrijf, loopt het conflict tussen Israël en de Palestijnen met de dag meer uit de hand. Een Rotterdamse imam heeft schokkende dingen over homosexualiteit gezegd en het euthanasiedebat laat in allerlei opzichten flinke nabranders zien. Hoe stel je als voorganger in de gebeden deze dingen aan de orde? Wie bidt voor het conflict in het Midden-Oosten moet zich bewust zijn van het feit dat hij daar zelf een mening over heeft en dat die mening zomaar de voorbede in de gemeente kan stempelen. En als dat gebeurt, is dat dan erg? In elk geval kan het mijns inziens niet zo zijn, dat de voorbede gekleurd wordt door een uitgesproken christenen-voor-Israël-standpunt of een uitgesproken Raad-van-Kerken-standpunt. de Maar hoe moet het dan wel? En wie wil bidden voor de andere twee genoemde voorbeelden komt al gauw voor dezelfde vragen . te staan.

Kortom: ik pleit voor een op het Woord afgestemde voorbede, met alle ruimte voor wat vanuit de actualiteit aan de orde moet komen.

We zijn, stuiten hiermee dus vooral op de vraag n. wat voorbede doen eigenlijk is. Doen we dat met de verwachting om God te verbidden, of doen we het vooral met de intentie om de dingen in Gods hand te leggen en ze daar te laten. Ik ben steeds meer geneigd voor dat laatste te kiezen. Natuurlijk kan ook ik diverse bijbelse voorbeelden noemen waarin God zich liet verbidden. En ik geloof er ook in. Maar te vaak liep ik er inmiddels tegenaan dat mijn eigen gebeden of die van anderen zozeer 'ideologisch' gekleurd waren dat ik achteraf moet zeggen: het is niet zo vreemd dat God Zich niet liet verbidden. Anders gezegd: wie van ons kan ooit zó overtuigd zijn van zijn eigen visie op dingen, dat hij kan geloven de Heere tot dat standpunt te bewegen? Ik schrijf dit expres zo scherp mogelijk neer, omdat het hier om uiterst cruciale dingen gaat. In elk geval moet iedere voorganger in de gebeden voortdurend aan zeer kritisch zelfonderzoek doen. En daarbovenop pleit ik voor een houding van ingetogenheid en afhankelijkheid, waarbij we ons 'beperken' tot het noemen van dingen, zonder al te veel in te vullen wat de Heere er mee moet doen. Een tweede valkuil stip ik alleen kort aan, omdat hij misschien wel in het verlengde van de vorige ligt. Ik bedoel de neiging om in onze voorbeden stokpaarden te berijden. Iedere voorganger heeft wel thema's die hem na aan het hart liggen. Meestal zal hij geneigd zijn daar veelvuldig aandacht voor te vragen in zijn gebeden. Maar juist daar kan ook een valkuil liggen. Voor we het weten worden we eenzijdig en slaakt de gemeente een diepe zucht als het punt weer voorbij komt. Ook hier past zelftucht en terughoudendheid.

Voorbede in de praktijk

Dan wil ik nu een aantal praktische opmerkingen maken. Eerst een paar algemene en daarna meer toegespitst op de drie categorieën van voorbede.

Om maar heel praktisch te beginnen: de voorbedepunten kunnen het beste puntstgewijs genoteerd worden. Vrijwel niemand kan dat allemaal uit het hoofd doen en niets is zo vervelend als het vergeten van (door gemeenteleden gevraagde) voorbede. Het voorbereiden van de voorbeden is dan ook een zeer precies en arbeidsintensief werk.

Vervolgens is het bij het bedenken van voorbedepunten goed om eerst na te gaan welke voorbedepunten uit de thematiek van de preek voortkomen. Dat levert soms verrassende voorbedepunten op. In een tweede ronde kan dan worden nagegaan wat de actualiteit van ons vraagt.

Het is ook goed als de gemeente bij de voorbede betrokken is. Een heel vruchtbare mogelijkheid is om aan verschillende commissies in de gemeente van tijd te vragen om concrete voorbedepunten aan de dragen. Wanneer daar een rooster van gemaakt wordt, kan het ook tot een mooie spreiding komen en wordt er niet elke week voor alles een beetje gebeden.

Nog een overweging: het is belangrijk dat er in de gemeente een helder 'voorbedebeleid' bestaat. In Gouda hebben we bijvoorbeeld afgesproken om de persoonlijke voorbeden altijd in de morgendienst te doen en dus van twee wijken samen ongeacht wie er voorgaat. Dat schept duidelijkheid en dat bouwt op.

Ten slotte: voorbedepunten vallen hoofzakelijk in drie categorieën. Toen ik mijn eerste dienst moest houden, gaf ds. A. van Brummelen mij het advies mee om de drieslag wereld-kerk-persoonlijk aan te houden. En daar draait het inderdaad allemaal om. We willen deze drie categorieën nu nader bezien.

Voorbede voor de wereld

De voorbede voor de wereld omvat verschillende aspecten. We mogen vrijmoedigheid vinden in de overtuiging dat onze God Schepper is van hemel en aarde en dat Christus heeft ontvangen alle macht in hemel en op aarde. Hij is de Koning der koningen en de Heer aller heren.

In de voorbede voor de wereld krijgt uiteraard ook de voorbede voor de overheid een plaats. Naar het woord van Paulus in 1 Timotheüs 2 : 2 moeten we hier denken aan koningen en hooggeplaatsten. Het ligt voor

In de voorbede voor de wereld krijgt uiteraard ook de voorbede voor de overheid een plaats. Naar het woord van Paulus in 1 Timotheüs 2 : 2 moeten we hier denken aan koningen en hooggeplaatsten. Het ligt voor

de hand om hierbij allereerst aan ons koningshuis te denken. In een tijd waarin de monarchie een steeds minder vanzelfsprekende plaats in onze samenleving inneemt is de bede voor onze koningin en kroonprins van groot belang. Het is daarbij goed om te waken voor het al biddend uitdragen van al te persoonlijke overtuigingen in de discussies die gaande zijn. Bij de overheid denken we verder uiteraard aan Eerste en Tweede Kamer en de regionale en plaatselijke overheden. Wat nog steeds minder vanzelfsprekend is, is de voorbede voor het Europese Parlement. Toch mag juist daar onze aandacht wel meer en meer naar uitgaan, aangezien steeds meer besluiten daar worden genomen. En verder mogen we bij overheden zeker niet vergeten te denken aan allen die verantwoordelijkheid dragen in bedrijven en instellingen. Op dat punt kan de Woordbediening weer het best als leidraad dienen.

Voorbede voor de kerk

Een belangrijke theologische vraag is waar de voorbede voor Israël een plaats moet krijgen. Immers: als we een drieslag hanteren moet Israël onder één van de categorieën vallen. Zelf zoek ik deze plaats bij voorkeur op het snijpunt van wereld en kerk. Na de voorbede voor de wereld bid ik eerst voor Israël, als Gods heilig volk onder de volken. En daarna bid ik voor de kerk, die op de olijf van Israël geënt mag zijn. Over de valkuilen bij de voorbede voor Israël schreef ik hierboven al.

Bij de voorbede voor de kerk denken vooral jongere predikanten waarschijnlijk eerder aan de plaatselijke gemeente dan aan de kerk in haar geheel. Er is onmiskenbaar sprake van een congregationalistische tendens in het denken over de kerk. Het is dus belangrijk juist in de voorbede aan de landelijke en wereldwijde kerk te denken. De voorbedepunten voor de plaatselijke gemeente kunnen heel goed door verschillende commissies worden aangeleverd.

Voorbede voor persoonlijke noden en vreugden

Er is in mensenlevens heel wat gaande. Vreugde en verdriet, geboorte en dood, huwelijk en echtscheiding, lichamelijke en psychische problem, het is er allemaal en stempelt ook het leven van gemeenteleden. Het is ronduit uniek in de wereld, dat al deze dingen in de gemeenschap van de gemeente kunnen worden gebracht, zodat er vervolgens voor gebeden of gedankt kan worden. Ik denk dat wij wel eens te weinig beseffen hoe bijzonder dat is. Inmiddels worden hiermee wel meteen twee kanten van de zaak zichtbaar. In de persoonlijke voorbeden gaat het om bidden, maar ook om delen met elkaar. En dat laatste vraagt dus om informatievoorziening van de gemeente. En op dit punt luistert het allemaal erg nauw. Een paar praktische opmerkingen wil ik maken. In de eerste plaats: het gebed mag niet als informatiemedium naar de gemeente toe fungeren. Ik hoorde een predikant eens zó bidden: 'Wij bidden U voor mevrouw Y van de Lijsterbeslaan 15, die in het Academisch Ziekenhuis in Utrecht is opgenomen met een ernstige tumor.' Op zo'n moment gaan bidden en informeren door elkaar heen lopen. De informatie die de gemeente nodig heeft, moet aan het gebed voorafgaan. Een andere belangrijke overweging is, dat voorbede als het kan met dankzegging afgerond moet worden. Wanneer in de gemeente een of meerdere malen voor een bepaalde zorg wordt gebeden, is het van groot belang eraan te denken dat er ook gedankt wordt wanneer Gods hulp mocht worden ervaren of uitkomsten werden gezien.

Een laatste overweging is dat duidelijkheid in het voorbedebeleid van groot belang is. Waar wordt in de gemeente wél voor gebeden en waarvoor niet. Het lijkt me van belang dat hierover ook in de kerkenraad wordt gesproken.

Het Onze Vader en stil-gebed

In vele gemeenten groeit het gebruik om de voorbede af te sluiten met het Onze Vader. Wie daar eenmaal aan gewend raakt, gaat het missen als dat niet meer gebeurt. Een moment van stil gebed tijdens de voorbede biedt een goede mogelijkheid om plaats te geven aan specifieke verlangens van afzonderlijke gemeenteleden, die een voorganger uiteraard niet kan vertolken. Bij de voorbede tijdens de diensten van bid- en dankdagen heb is zelf inmiddels de gewoonte om meerdere van zulke momenten te hebben. Na iedere categorie van voorbede volgt er zo'n stil moment en het is mijn stellige indruk dat dit ertoe bijdraagt dat de dienst niet vooral als preekdienst met een extra lang gebed wordt ervaren.

Ten slotte

Een citaat van Eugene Peterson over de Psalmen als voorbeelden van gebeden van de gemeente. 'De Psalmen zijn daden van gehoorzaamheid, antwoorden aan de God die tot ons gesproken heeft. God komt en spreekt. De Psalmen zijn onze antwoorden.' Zo ook al onze gebeden.

B. J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 2001

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Het gebed na de prediking [2]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 2001

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's