Boekbespreking
Boekbespreking Henk Vijver, Daarvoor hoefje niet christelijk te zijn - ^en pleidooi voor pluriforme organisaties. Uitgave Ten Have 2001, 208 blz., ƒ 34, 90.
Öe ondertitel van dit boek geeft meteen aan wat de intentie is van de auteur. Hij acht de verzuiling volstrekt achterhaald en vindt het als-overtuigd leerling van H. M. Kuitert gehïéel overbodig dat christenen zich apart organiseren in politieke partijen of andere verbanden, terwijl ook christelijke scholen in deze tijd beter vervangen kunnen worden door postchristelijke instituten. Postchristelijke organisaties proberen niet aanwijzingen voor het maatschappelijk handelen af te leiden uit het christelijk geloof, maar gaan voor hun normen en idealen te rade bij de algemene culturele traditie van de mensheid. Christenen kunnen daar volgens de auteur van harte aan meedoen, aangezien zij die culturele traditie zien als schepping, dat wil zeggen: door God gegeven. Maar hoe zit het dan met het beroep op de Bijbel? Dat beroep acht Vijver in morele discussies volstrekt overbodig, aangezien we onze morele waarden niet aan één of andere bijzondere openbaring behoeven te ontlenen. Er is dan ook - goed kuitertiaans - geen sprake van openbaring van Godswege. Kerken die zich voor hun morele stellingname op God beroepen, doen niets anders dan aan hun eigen menselijke moraal een extra lading geven door haar te interpreteren en te proclameren als Gods wil. Het is dus in de visie van Vijver een kwestie van eerlijkheid om daarmee op te houden. 'Het christelijk geloof is niet nodig voor de kennis van goed en kwaad, het is niet onmisbaar als motivatie om het goede ook metterdaad te doen, en het is ook niet onmisbaar om het liefdegebod te betrekken op buitenstaanders en vreemdelingen- Om het goede te kennen en het goede te willen doen, daarvoor hoefje niet christelijk te zijn' (167).
Naar mijn inzicht gaat Vijver hierin zelfs nog verder dan Kuitert, omdat laatstgenoemde in het christelijk geloof nog wel een bijzondere motivatie voor moreel handelen vindt.
Het is te begrijpen dat de auteur vanuit zijn opvattingen niets kan met het pleidooi van mr. A. Rouvoet voor een herkenbare christelijke politiek en evenmin met de waarschuwingen van prof. dr. A. van Deursen voor de morele uitholling in de Nederlandse samenleving naarmate deze zich afwendt van haar christelijke erfenis. In elk geval heeft de schrijver zijn mening zeer duidelijk kenbaar gemaakt. Zijn grondfout is dat hij meent met puur rationele argumentatie zijn positie te kunnen rechtvaardigen, terwijl er in feite een geloofsbeslissing aan ten grondslag ligt. De beslissing namelijk om het zelfgetuigenis van de Heilige Schrift als unieke en gezaghebbende openbaring van Godswege te verwerpen. Organisaties en scholen die aan dit fundamentele geloof vasthouden en daaraan ook in beleid en praktijk gestalte geven, hebben juist vandaag meer dan ooit bestaansrecht!
J. HOEK, VEENENDAAL
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 2001
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's