De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Israël en de Kerk: een reactie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Israël en de Kerk: een reactie

4 minuten leestijd

In de Waarheidsvriend van i november jl. stond een recensie van mijn proefschrift dat ging over de uitleg van de Psalmen bij Athanasius van Alexandrië. De recensent, ds. M. van Campen te Waddinxveen, begint met lof toe te zwaaien aan de kwaliteit van het proefschrift. Woorden vallen als fraai, waardevol en knap.

Tegelijk heeft hij behoefte enkele kritische vragen te stellen en wel rondom de wijze waarop Athanasius en ondergetekende over Israël schrijven. Zulke vragen zijn niet alleen toelaatbaar, ze zijn ook goed en nuttig. Juist door elkaar te bevragen krijgen we de mogelijkheid ons inzicht aan te scherpen en te verbeteren. Het is echter wel verbazingwekkend - zacht gezegd - op welke wijze ds. Van Campen zijn vragen naar voren brengt. Hij heeft buitengewoon scherpe kritiek op de wijze waarop de kerkvaders in de vroege kerk, en in hun spoor de Reformatoren en ook ondergetekende, over Israël hebben gesproken en de Heilige Schrift hebben uitgelegd. Zijn felheid is zo groot dat hij durft te schrijven (ik citeer hem letterlijk): 'Zonder overdrijving kan men stellen, dat de vroegchristelijke hermeneutiek, die staat voor vergeestelijking, gepaard aan de substitutie-gedachte, de voedingsbodem is geweest voor een theologisch en kerkelijk anti-judaïsme, waardoor mede een bloedig spoor van jodenvervolging heen is achtergebleven.' Even verderop concretiseert hij dat 'bloedige spoor' door te spreken over de kruistochten, Hitier, pogroms. Zelfs Bin Laden komt om de hoek kijken als vijand van Israël.

Hier wrijf je je ogen uit en leest nog eens, en nog eens. Deze extreme wijze van denken is ons van bepaalde kant wel bekend (Hans Jansen!), maar wordt nu - alsof het een vaststaand feit betreft - ook in de Waarheidsvriend openlijk neergeschreven. Hoe moeten we hierover denken? Deze zomer las ik de biografie van G. Vaartjes over Herman de Man. De Man en zijn vrouw waren geboren joden, die tot het christelijk geloof waren overgegaan. In de oorlog zijn de vrouw van Herman de Man en veel van haar kinderen naar een concentratiekamp gevoerd en omgekomen. Al lezend vervult het je met diep mededogen en grote ontroering. Vreselijk: dit antisemitisme. En ds. Van Campen brengt nu dit antisemitisme in verband met de kerkvaders en hun Bijbeluitleg! Hier staat een mens perplex. Terwijl ik juist in mijn proefschrift heb laten zien hoe bij Athanasius op geen enkele wijze sprake is van antisemitisme.

Aangrijpend is hetgeen de joden de eeuwen door hebben doorleden. Dat gevoelen verbindt ds. Van Campen en ondergetekende. Maar niet het gevoelig medelijden brengt de waarheid voort, maar het onderwijs van Christus en de apostelen. Niet de historie van Israël - hoe aangrijpend zij ook is - bepaalt hoe wij de Schrift moeten uitleggen, maar de Heere Christus én alles wat rondom Hem is gebeurd bepalen hoe wij over Israël moeten denken. Ds. Van Campen voltrekt een ingrijpende breuk met de Schriftuitleg van de Vroege Kerk en de Reformatie. Met zeer grote gevolgen. Ondergetekende heeft grote bezwaren tegen deze breuk, en ook grote bezwaren tegen de massieve verbinding die ds. Van Campen legt tussen de Schriftuitleg van de kerkvaders en het antisemitisme. Ik kan het niet anders zien dan in strijd met de feiten. De kerkvaders zijn niet tegen het joodse volk als ras, maar wijzen op de ernst van het feit dat zovele van de joden de Christus afwijzen. Tegelijk geeft Athanasius aan een Israëliet die Christus te voet valt een ereplaats in de kerk! (zie mijn proefschrift). Ds. Van Campen doet door zijn felle en boute uitspraken zeer tekort aan de kerkvaders die dicht bij het N.T. staan en ons door hun diepe verworteling in het algemeen christelijk geloof zeer veel kunnen leren, ook aangaande de Schriftuitleg, ook aangaande Kerk en Israël.

Onlangs nog gaf ds. Van Campen aan dat er weer gesprek moet komen over Israël. Door zijn wijze van schrijven maakt hij de opening daarvoor niet al te groot: hoe moetje nog spreken als de ander grote woorden roept over kruistochten, antisemitisme en Hitier? Moet dit de manier worden waarop een bepaalde visie op Israël ingang vindt bij de mensen? Aan de andere kant is over dit onderwerp 'Israël' een diepgaand gesprek rond een open Bijbel dringend nodig. Hierbij speelt de visie op het Oude Testament en de uitleg ervan een grote rol. De kerkvaders en reformatoren hadden gemeen- • schappelijk een heel heldere visie hierop die ons van grote steun kan zijn. Bij hen die over het onderwerp 'Israël' nieuwe wegen inslaan hebben we nog geen helder onder woorden gebrachte en wetenschappelijk verantwoorde visie vernomen. Dat maakt het gesprek er niet gemakkelijker op. Misschien moet daarom het gesprek juist bij dit punt beginnen.

P. F. BOUTER, PUTTEN

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Israël en de Kerk: een reactie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's