De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

B ij uitgeverij Verloren te Hilversum verscheen een proefschrift van Lotte Jensen, getiteld 'Bij uitsluiting voor de vrouwelijkse sekse geschikt'. Het handelt over 'Vrouwentijdschriften en journalistes in Nederland in de achttiende en negentiende eeuw'. De plaats van de vrouw kwam wat de protestants christelijke kring betreft o.a. aan de orde in het 'literaire vrouwentijdschrift' Maria en Martha (1844-1856), met o.a. als medewerkers C. E. van Koetsveld, C. S. Adama van Scheltema en J. J. L. ten Kate. Hier volgen twee fragmenten:

• 'In een lange bijdrage gericht tot de "christenvrouwen van onzen tjjd" riep de Nutspredikant S. Piccardt de lezeressen bijvoorbeeld op om zich te verenigen in vrouwenverenigingen. Zij dienden zich in samenwerking met plaatselijke predikanten ouer de minder bedeelden te ontfermen en teuens het evangelie onder hen te verspreiden. Vooral de "huismoeders" hadden een gewichtige taak, ook al drukten de huishoudelijke verplichtingen op hun schouders:

Maar ook buiten hare woning kunnen en moeten christelijke vrouwen dit doel zoeken te bevorderen. Het is eene heilige taak die aan allen, ook aan huismoeders is voorgesteld. Wij zijn overtuigd dat de laatste, bij de eigenaardige zorg aan de huishouding verbonden, daartoe niet zoo rijke gelegenheid hebben, en behooren volstrekt niet tot de zulken die haar zooveel willen opleggen als noodwendig schaden moet aan de trouwe vervulling hare eerste en voornaamste verpligtingen. Wij keuren het zelfs af als het een om het ander verwaarloosd wordt. Da neemt evenwel niet weg, dat wij haar de meest geschikte noemen, om deze belangen te behartigen, u/ant hare meerdere jaren en ondervinding verschaffen haar ruimeren gang en geven meer nadruk aan hare woorden. Zij kan uit eigene ervaring getuigenis geven, hoe naauwgezette pligtsbetrachting zich met zorg voor de geestelijke belangen uereenigen kan. En door de ondervinding die zij, alzoo werkende opzamelt, wordt zij de geschikte leidsvrouw en leermeesteres voor anderen, die, met haar hetzelfde doel wenschen te bereiken. Het bezoek der armen in hunner woningen, zoo als dit bij sommige vrouwenverenigingen reeds gebruikelijk i achten wij hoogst weldadig.

De "huismoeders" dienden hun ervaring ouer te brengen op anderen, want, zo stelde Piccardt, . "overal moeten vrouwenverenigingen in het leven geroepen worden". De "huismoeders" konden op hun beurt een voorbeeld nemen aan andere vrouwen. In de a tikelen ouer armenzorg in Maria en Martha werden dikwijls beroemde vrouwen uit het verleden en heden besproken, die als navolgenswaardige exempla fungeerden. Zo werd de bij- t belse Dorkas uitvoerig beschreven door A. G. Bruinses (pseudoniem uan J.J. Beckering). Bruinses verheugde zich over het feit dat vrou wen zich reeds onder de naam Dorkas verenig- in- den om het armoedeprobleem te bestrijden.'

• 'Een vrouw (...) die als inspirator kon funge ren was Van Meerten-Schilperoort. Deze pionierster op het terrein uan de gevangenen- en armenzorg in Nederland leverde zelfbij drage aan Maria en Martha en sprak daarin uit eigen ervaring. Inmiddels was zij echter de zeventig jaar gepasseerd en zij vreesde dat zij nie te lang meer actief zou kunnen zijn. Ze verzocht de lezeressen van Maria en Martha dan ook "met vromen ernst" te luisteren naar de stem "van eene bejaarde vriendin" die misschien voor het laatst tot hen sprak. Haar boodschap luidde als volgt:

Dochters van Nederland! het is op uwe schouderen, dat wij dezen last willen leggen. Gij zijt het, die deze grootsche taak o u nemen zult. Het is op u, dat de hoop van Nederland gerust. Gij zijt de uitverkorenen Gods, die dit groote werk, de beschaving en opheffing deze arme volksklasse, op u zult nemen. Gij, de bevallige bloesemknoppen der jeugd, gij zult dit groote werk helpen volvoeren!'

• In het blad Onze roeping werden Nederlandse vrouwen opgeroepen te treden in de voetsporen van buitenlandse schrijfsters:

'In naburige landen ziet men vrouwen met de pen in de hand, nadat zij de naald hebben nedergelegd, en met dezen arbeid even vaardig, even vlijtig voortgaan. Waarom zou de vrouw in Nederland dit niet eveneens doen, en daardoor aan haar echtgenoot de hulpzame hand bieden?

Te zeer heerscht het beginsel dat de man alleen de inkomsten moet bezorgen en de vrouw de uitgaven. Waarom zou ook zij niet bijdragen om de materieele welvaart van het huisgezin te bevorderen door aanwending harer talenten, harer kundigheden? Maar die moet zij dan ook kunnen verkrijgen niet alleen, maar zelfs gron- s, dig kunnen verkrijgen. Men schenke de vrouw alzoo de gelegenheid zich te bekwamen in hetgeen zij tot hare roeping noodig heeft, men geve haar een vollediger opleiding, een uitgebreider onderwijs. Zij heeft daar recht op, en dat is de emancipatie, door velen verkeerd verstaan, dat zij onttrokken worde aan de onmondigheid r-waarin hare onwetendheid haar noodzakelijk doet verkeeren.'

V.D.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's