De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

8 minuten leestijd

V andaag in deze rubriek aandacht voor twee nieuwe uitgaven over hervormde gemeenten. De Oudheidkundige vereniging Arent thoe Boecop (secr. G. Ruijs, Smedestraat 10, 8O8T EH Elburg) te Elburg gaf een boekje uit, getiteld De Hervormde gemeente te Elburg, met bijdragen over 'de geschiedenis van Elburg tot 1560' (H. Rietberg), 'Reformatie' (J. H. Th. Wieldraaijer), fragmenten uit de 17e en 18e eeuw (L. Westland), 'Kerkscheuringen' (H. Rietberg), 'Confessionelen en bonders' (W. van Norel), 'Kerkbelang' (J. C. Beumer), 'Kerkvoogdij' (W. van Norel), 'Diaconie' (J. H. Th. Wieldraaijer), 'De Grote of St.-Nicolaaskerk' (W. J. de Gunst) en de orgels (M. Seijbel). Uit dit boek twee fragmenten.

• Vragen over dopen (1590)

'Het dopen uan kinderen en niet-ingezetenen leverde problemen op. Wat moest je doen, "indien enige lantlopers, die sich Heydenen noemen, begeeren haere kinderen in de Gereformeerde kercke te laten dopen? " Daarover bogen de theologen in de provinciale synode zich. Zij gaven het advies om eerst een goed uit te zoeken of de doopouders zelf gedoopt u/aren, maar vooral ook, of het kind zelf al niet eerder gedoopt was! "Want meermaels is bevonden, dat dusdanige liederi om nieuwe pillegeltte krygen haere kinderen op verscheydene plaetschen hebben laeten dopen." "Pillegelt" was een som gelds, die de kerk gaf aan hen die hun kinderen lieten dopen. Ook moesten deze "lantlopers" eens goed onderhouden worden over hun levenswandel, want het leek de theologen voor hen veel beter "int sweet haeres aenschyns haer . broott eerlick te gewinnen".'

• Onvrede

'Vanaf 1854 schreef de kerkenraad meermalen brieven aan de synode uit onvrede over de koers die werd ingeslagen. Mogelijk had dit te maken met de komst van ds. Gildemeester, die op zondag 6 mei 1853 in Elburg was bevestigd. Op 3 mei 1854 besloot de kerkenraad aan de synode te schrijven, niet in te stemmen met het plan uan een nieuiue bijbelvertaling. Alleen ds. Pare' wilde aan tekening in de notulen dat hij tegen deze brief was. Op 30 juni werd de conceptbrief goedgekeurd. Op dezelfde vergadering besloot de kerkenraad er bij de synode op aan te dringen de leer van de Hervormde Kerk te handhaven. Bovendien vroeg de kerkenraad ondertekeningsformulier voor predikanten te veranderen. De brief eindigde met: "De kerkenraad dringt er op aan met al de ernst der liefde tot de waarheid, die in Christus is, en t de vrede in de Ned. Hervormde Kerk, die in d dagen vooral dreigt over te gaan in de meest noodlottige strijd".

Het nieuu/e Reglement voor de Diaconieën werd in 1855 besproken. Aan de synode u/erd geschreven dat de nieuwe regels de zelfstand heid van de kerkenraden te na zouden komen, en dat de diaconieën verlaagd zouden worden tot uitvoerders van de wil van anderen. De br eindigde met: "tevens verklarende dat hij zich niet zal kunnen onderwerpen aan enig reglement van een strekking alzo verderfelijk als het thans ontivorpene".

Een jaar later schreef de kerkenraad u/eer aan de synode. Deze keer naar aanleiding van een conceptreglement voor kerkelijke tucht. De ker kenraad vreesde dat "de leer als grondslag zo worden vervangen door de reglementen en dat de verklaring van de term onchristelijke leer een kwestie zou zijn van subjectieve gevoelens hetgeen in de tegenwoordige toestand geen voldoende maatstaf is".'

an de hand van J. A. Zijdervelt verscheen 't Kerkdurp Noulant (Nieuw- V land), uitgave Grafisch Centrum s Gorinchem, waarin alle predikanten van Nieuwland vanaf de Reformatie voor het voetlicht komen. Hieruit twee fragmentdn:

Johannes van Leesten

NIEUWLAND 1678 | OVERLEDEN 1690 Johannes van Leesten, gedoopt Utrecht, september 1651, zoon van Ni colaas van Leesten en Annichien van Giesvelt, kivam als predikant naar Nieuwland.

1689 'Op 27 augustus gingen enkele personen uit Nieuwland naar de drossaard van "het Land van Ar kei" in Gorinchem en deden daar een boekje open over de dominee Dirck van Gendere, schoolmeester te Noulant en 50 jaar oud, Bastiaan Ariensz, 60 jaar oud en Floris Cornelis van den Burggraaf, 25 jaar oud, verklaarden namens de kerkenraad dat in maart 1688 de dominee op bezoek was bij de weduwe van Joost B. en bij haar had gegeten. Nadat er was gelezen en een gebed was gedaan, nam de dominee de messen die naast zijn bord lagen en zei: "Eén is voor de kwaaienbek (hiermee doelde hij op een diaken) en de ander voor de hondenbek". De weduwe van Joost B. zei hem dat zulks geen taal voor een dominee was en dat hij hiermee moeilijkheden zocht. Hierna stond de predikant op en ging zijns weegs.

De schoolmeester Dirck van Gendere en Joost H., schipper te Meerkerk, verklaarden verder namens de kerkenraad van Noulant dat omtrent begin juli 1689 op een maandagmiddag Joost H. een half vat bier aan de pastorie bezorgde en binnen werd gevraagd. Ook de schoolmeester was genodigd. De dominee sprak met beide personen onder meer over de inwoners van Nieuwland. Hij zat over hen te schelden en te lasteren en zei zelfs dat het oneerlijke mensen ivaren. Beide heren raakten hierover met hem in discussie, waaropjoost H. de dominee zei dat het niet goed was om zo over zijn gemeenteleden te schelden. Beiden probeerden hem hiervan te overtuigen.

Joost H. verklaarde verder, niet uit wraak of zo dat hij op een avond in juli 1689 om ongeveer io uur, buiten vaartijd, dominee Van Leesten zag staan en dat deze graag naar de overkant wilde. Joost H. nam een schuitje dat daar lag

de steeds verwarrender wordende discussie, toen hij voorstelde de beraadslagingen op te schorten. 'Er ligt een gigantische hoeveelheid informatie. Daarom heb ik grote zorgen over de kwaliteit van de besluiten'. Hij stelde voor de besprekingen op te schorten, het triomoderamen en de SoW-commissie beheerszaken op te dragen zo spoedig mogelijk een commissie van deskundigen voor te dragen, die door de kleine synode van 14 december benoemd kan worden. Dan kan haar werkopdracht ook vastgesteld worden. Voor dit ordevoorstel stemden 94 synodeleden, waarmee het aanvaard was.

Ds. A. W. van der Plas merkte op dat de triosynode wellicht op 1 maart in een extra vergadering bijeenkomt, als er beter onderbouwde voorstellen klaarliggen.

Geschiedenis

Om deze synodale malaise te kunnen plaatsen, is een blik in de geschiedenis van de arbeidsorganisatie van de SoW-kerken nodig. Wie herinnert zich nog het rapport 'Mensen en structuren' (1994), waarin voorgesteld werd de arbeidsorganisaties van de drie kerken ineen te schuiven, ver voordat de behandeling van de kerkorde ten einde zou zijn? Het was te voorzien dat het proces onder druk van de arbeidsorganisatie zou komen te staan. In die zin is het voorstel van ds. R. de Reuver om nu te komen tot een vervroegd fusiebesluit de wereld op haar kop. We herinneren ook aan de toen gehoorde fundamentele kritiek van onder meer prof. J. A. B. Jongeneel, die aangaf dat aan dit rapport nergens een fundamentele bezinning op de wezenlijke roeping van de kerk en de daarbij horende taken ten grondslag lag. Ook daarom is het weinig geloofwaardig er nu voor te pleiten kerk-zijn en arbeidsorganisatie los van elkaar te zien, zonder te herinneren aan de in 1994 gesproken woorden.

In 1996 kwam een vervolgrapportage over de aansturing van de arbeidsorganisaties, die een blauwdruk voor de ene arbeidsorganisatie inhield. In de commentaar die daarop door de eindredacteur in ons blad is verwoord, werd al de vinger gelegd bij de aanvechtbare gedachte dat het personeel dat in dienst staat van de ambtelijke vergaderingen, het tempo (mede) mag bepalen. De toenmalige voorzitter van de stuurgroep gaf aan dat de bestuursorganen zo complex waren dat uitbreiding van de top noodzakelijk was, terwijl betaling van de nieuwe structuur uit de quota - uit de gemeenten! - moest komen.

onze contacten de komende jaren wel in het LDC zouden moeten liggen, maar wilden een signaal afgeven over de onkerkordelijke wijze waarop de arbeidsorganisatie werd opgetuigd. Het signaal is terecht gebleken.

onze contacten de komende jaren wel in het LDC zouden moeten liggen, maar wilden een signaal afgeven over de onkerkordelijke wijze waarop de arbeidsorganisatie werd opgetuigd. Het signaal is terecht gebleken.

Hoe verder? Een zakelijk gezonde en ook bij de kerk passende vorm van dienstverlening kan alleen ontworpen worden, als de bereidheid bestaat van de gemaakte fouten in het verleden te leren. Daartoe zal de te benoemen commissie van deskundigen ook een echt onafhankelijke commissie dienen te zijn, waarbij zakelijk inzicht en liefde voor de kerk de twee pijlers zijn die het werk moeten dragen. Dan alleen kan deze commissie, los van de uitkomst van haar werk, vertrouwen bij de synodeleden herstellen.

En hoe het dan moet met de ongeveer 200 personeelsleden (van de 150 arbeidsplaatsen zijn er vele deeltijdbetrekkingen) die dreigen hun werk te verliezen? Het is duidelijk dat de kerk voorop mag lopen in het aanbieden van een sociaal plan voor hen. En daarna moet nuchter vastgesteld worden dat het in de kerk nooit gaat om de dienstverleners, maar om de dienst zelf. Deze dienst vindt allereerst in de gemeenten plaats, door hen die tot het ambt geroepen zijn en door vele vrijwilligers.

P. J. VERGUNST, APELDOORN

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 december 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 december 2001

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's