De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Allerlei vertroosting in  Zijn wonden [I]

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Allerlei vertroosting in Zijn wonden [I]

Ds. A. H. VAN VELUW PROMOVEERT OP CHRISTELIJKE VERZOENINGSLEER

10 minuten leestijd

Gelukwens
Op donderdag 10 januari jl. promoveerde aan de theologische faculteit van de Rijksuniversiteit te Groningen A. H. van Veluw, hervormd predikant te 's-Gravenzande. Zijn werkstuk draagt als titel: De straf die ons de vrede aanbrengt. Als ondertitel kreeg het boek de woorden mee: 'Over God, kruis, straf en de slachtoffers van deze wereld in de christelijke verzoeningsleer'. (Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer, 2002; 296 blz.; prijs € 24, 90.) Een gelukwens willen we ook in de kolommen van de Waarheidsvriend aan onze collega doen toekomen. Een bekroning van de academische studie met een doctorsgraad blijft altijd iets moois, iets waarvoor bewondering past.
Deze bewondering wordt versterkt door het feit dat Van Veluw - zoals we dat noemen - 'pastorie-promovendus' is geweest. Naast het werk in de gemeente is tijd gevonden voor gedegen studie. Het kan niet anders of dat is niet alleen te danken aan de inzet van degene die gepromoveerd is, maar niet minder aan de opoffering van het gezin. Het doet dan ook goed te zien dat ds. Van Veluw zijn dissertatie aan vrouw en kinderen heeft opgedragen. Bewondering geldt evenzeer de opbouw van het boek. De schrijver ontpopt zich als een logisch en consistent denker. Zorgvuldig doet hij de diverse hoofdstukken op elkaar volgen in een bijzonder overzichtelijke uiteenzetting van de stof. Je weet op ieder moment, waar je in zijn studie aan toe bent. Het betoog is helder.
Bewondering is er ook vanwege het feit dat doctor Van Veluw - blijkens uitlatingen van hem in het Nederlands Dagblad - in zijn dissertatie de handschoen heeft willen oppakken, die prof. A. van de Beek neerwierp, toen deze opmerkte dat de gereformeerde theologie de afgelopen veertig jaar weinig aan de ontwikkeling van de theologie heeft bijgedragen. Van Veluw heeft zich deze uitspraak aangetrokken en probeert daar in zijn boek het nodige aan te doen.
Bewondering verdient deze studie eveneens, omdat geprobeerd wordt om in termen van het recht de verzoening te formuleren; iets waarin de auteur het huidige kerkelijke en wetenschappelijke klimaat niet mee heeft. De naam van Den Heyer zegt in dezen genoeg. God is toch liefde? Schrikken termen als straf en kruis, toorn en wraak de (post) moderne mens niet af? Dat weerhoudt Van Veluw echter niet om juist deze begrippen te analyseren en te doordenken. In dit artikel willen we Van Veluw zo objectief mogelijk volgen in zijn betoog. In een volgend artikel zullen we zijn studie van commentaar voorzien.

Cur filius mortuus est? - Waarom stierf de Zoon?
Verzoening - zo wordt in hoofdstuk 1 gedefinieerd - is het herstellen van relaties tussen God en mensen, en tussen mensen onderling. Daarmee heeft Christus' kruisdood te maken. Maar wat heeft Zijn dood er precies mee te maken?
In Bijbel en traditie is een breed scala aan antwoorden te vinden: Jezus' dood is offer, is betaling, is overwinning, is vergelding. Wat bedoelen we met dergelijke antwoorden? En hoe vertolken we zulke antwoorden heden ten dage? Het moderne levensgevoel heeft immers grote problemen met het feit dat God, Die óns oproept onvoorwaardelijk te vergeven, Zelf op de één of andere manier 'bloed wil zien'. Een weg door dit oerwoud van vragen kan gevonden worden in een analyse van begrippen als straf, genoegdoening, vergelding. Van Veluw denkt hiermee een begaanbare weg te kappen, omdat hij het vermoeden heeft 'dat door de analyse van deze begrippen in combinatie met een hernieuwde visie op slachtoffers in het strafrecht (...) ook op de betekenis van de verzoening door de kruisdood van Jezus Christus wel weer eens nieuw licht zou kunnen vallen' (cursivering van AHvV.). Te eenzijdig is namelijk steeds gekeken naar de daders.
In vogelvlucht gaat Van Veluw vervolgens de diverse visies op verzoening langs. Allerlei namen en begrippen uit heden en verleden passeren de revue. Daarna kiest hij positie op het terrein van wat genoemd wordt de systematische theologie. Hij wil namelijk aangeven hoe volgens hem dogmatische beweringen opgevat moeten worden: als uitspraken, waarin de waarheid over God en mens voor het voetlicht wordt gebracht. Tevens is de auteur er veel aan gelegen aan te tonen dat een onderzoek als het zijne voluit wetenschappelijk is.

Relaties: verbroken en hersteld
Welke relaties zijn er in hemel en op aarde en tussen hemel en aarde? Talrijke, zo laat het tweede hoofdstuk zien: zakelijke, persoonlijke, met rechten en plichten, van vriendschap en liefde, neergelegd in een contract of onuitgesproken.
God gaat een relatie aan met mensen door met hen een verbond te sluiten. Het initiatief daartoe ligt volledig bij Hem, maar Zijn doel is dat het verbond tweezijdig wordt. De Wet, de Thora is de tijdelijke uitdrukking van deze eeuwige relatie.
Helaas (hoofdstuk 3) worden deze en andere relaties geschonden en verbroken, door begeerte, egoïsme enz. Dat is de zonde. Zij kunnen echter ook worden hersteld. Bij een zakelijke relatie zijn daarvoor - naast de vaststelling van de schuld - drie mogelijkheden: de benadeelde partij kan het kwaad door de vingers zien, of zij legt straf op, of de schuldige partij kan genoegdoening/compensatie geven. 'Door de vingers zien' is echter geen oplossing, omdat het kwaad daarbij niet gezien wordt als iets wat de relatie heeft geschonden.
Bij een persoonlijke relatie zijn er drie factoren van belang voor het herstel van de verhouding: bepaling van de schuld, tonen van berouw en schenken van vergeving. Let wel: berouw kan de vergeving niet verdienen, omdat zij geschonken wordt uit genade; maar vergeving kan het berouw ook niet afdwingen. Maar beide zijn wel nodig voor herstel van de relatie. Een dader kan zijn berouw onderstrepen door boetedoening, die echter niet verward mag worden met genoegdoening. Boetedoening geldt namelijk voor persoonlijke relaties, genoegdoening voor zakelijke.

Straf, schuld en gerechtigheid
In het vierde hoofdstuk wordt het begrip straf aan een grondige analyse onderworpen. Straf is een 'voelbaar gemaakte afkeuring' of 'leedtoevoeging' als reactie op een handelen dat moreel verkeerd is. Blijkbaar vinden wij als samenleving een terechtwijzing nodig en leggen wij elkaar sancties op, als een wet of regel is overtreden. Straf kent verschillende doeleinden: zij wil recht doen aan wat geschonden is, zij kent een opvoedkundig motief, zij wordt - in bepaalde verhoudingen - gegeven uit liefde. Ook wordt gestraft met het oog op afschrikking en bescherming.
Onderzoek naar het gebruik van dit begrip in de Bijbel toont aan dat voor het element van vergelding een belangrijke positieve rol is weggelegd. Hetzelfde is te zeggen van het woord wraak: als God de wraak toekomt (Rom. 12: 19), dan wil Hij die oefenen omdat Hij waakt over het recht. 'Kortom: vergelding (en ook wraak) is ten principale genoegdoening aan de geschondenheid van slachtoffers en bewerkt daardoor harmonie, heil en sjalom.'
Bij straf hoort onlosmakelijk schuld. Immers, straf zonder schuld is onrecht. Wanneer is er sprake van schuld? Wanneer de oorzaak van een bepaald kwaad ligt bij de (verantwoordelijke, redelijke) mens zelf. Van Veluw nuanceert het begrip schuld als volgt: er is schuld in de betekenis van schuldig-zijn (= persoonlijke schuld; in het Latijn: culpa) én in die van schuld-hebben (= zakelijke schuld; in het Latijn: debitum). Wanneer God straft, doet Hij dat vanuit Zijn gerechtigheid. Daarmee voert Hij geen 'lik-op-stuk-beleid' (HJL), maar is Hij uit op het recht en het heil van wie onrecht lijden. 'God is barmhartig en daarom ook rechtvaardig.' Al met al: straf beoogt recht te doen aan slachtoffers (door hun genoeg te doen) én aan daders (door hen voor verantwoordelijke mensen te houden).

Straf die vrede brengt
In het vijfde en laatste hoofdstuk bespreekt Van Veluw de beelden en modellen uit Bijbel en traditie betreffende de verzoening. Uitvoerig dient hij Den Heyer van repliek, voor wie deze beelden en modellen elkaar tegenspreken. Van Veluw ziet ze daarentegen als elkaar aanvullend en uitleggend. Vervolgens richt Van Veluw zich op Anselmus, bij uitstek de, theoloog die geprobeerd heeft het geheim van de verzoening met juridische begrippen enigszins te vertolken. Hij deed dat in zijn beroemd geworden geschrift: 'Cur deus homo? '; Latijn voor: 'Waarom werd God Mens? ' Gods eer is geschonden, zo betoogt Anselmus. Deze eer is echter niet iets ín God Zelf. Daarom behoeven we ook niet te spreken over de stilling van Zijn toorn of dat Hij eerst 'bloed wil zien' of een betaling voor Zichzelf nodig heeft. Dat zijn - in Van Veluws interpretatie - karikaturen van Anselmus' theorie. De geschonden eer is veeleer iets buiten God, namelijk de orde van Zijn gerechtigheid. Nauwkeuriger: Zijn gerechtigheid in de schepping. Want deze is Gods werk, en daarom is het Zijn eer te na haar aan haar lot over te Iaten, nadat ze geschonden is. Concreet betekent dit dat God het onrecht, dat tot Hem roept van de aardbodem en aan de dag treedt in weduwen en wezen, armen en verdrukten, niet kan en niet wil laten bestaan.
Hoe gaat God daarbij te werk? Voor het antwoord op deze vraag buigt Van Veluw eerst terug naar de verschillende relaties die er in hemel en op aarde zijn. Zo is er de (persoonlijke) relatie tussen God en zondige daders. In deze relatie worden schuld en kwaad weggewerkt door middel van berouw en vergeving. 'Deze wil tot onvoorwaardelijke vergeving van God toont ons bijvoorbeeld de zogenaamde 'gelijkenis van de verloren zoon'.'
Relatieherstel voor de slachtoffers wordt tot stand gebracht, omdat God de verantwoordelijkheid aanvaardt voor de ellende, hun aangedaan. Hij maakt hun zaak tot de Zijne. - Hoe doet God dat? Door de zonde af te keuren en de bestraffing daarvan op Zich te nemen, boete te doen en de slachtoffers juridisch genoegdoening te schenken. - Waarom kan God dit doen? Omdat Hij de Schepper-Koning is, Wiens eer het is het onrecht te herstellen, dat slachtoffers door daders - beiden Zijn schepselen! - is aangedaan. - Welke middelen gebruikt God daarvoor? Ten eerste de vleeswording van Zijn Zoon; daarin 'ontledigt' Hij Zich (Fil. 2: 7) en knielt Hij neer voor de slachtoffers. Ten tweede de doodstraf, die God Zelf als de zwaarste straf op Zich neemt. In deze daden is God 'plaatsbekledend' bezig, omdat Hij mensen voor straf en boete niet wil laten opdraaien. Zo komt er genoegdoening en in deze zin is er dan ook sprake van 'verzoening door voldoening'. Voor de duidelijkheid: God kan deze straffende vergelding in de plaats van de daders op Zich nemen, omdat hier sprake is van een zakelijke, zogenaamde 'debitum-schuld' (die in principe overdraagbaar is) en niét van 'culpaschuld' (deze kan niét overgedragen worden). Met het oog op deze laatste, persoonlijke schuld heeft het kruis van Christus geen primaire functie, behalve dat het toont dat God vergevingsgezind is.
Naast de gerechtelijke genoegdoening, die op Golgotha haar beslag heeft gekregen, stelt God door middel van Christus' opstanding aan slachtoffers ook materiële genoegdoening in het vooruitzicht. In het laatst der dagen komt de 'verzoening door voldoening' tot haar voltooiing, omdat slachtoffers dan een nieuw ongeschonden leven ontvangen. Wel zal het dan nog tot verzoening moeten komen tussen daders en slachtoffers. Voor diegenen onder hen die zich aan God hebben toevertrouwd, zal daarvoor op dat moment de mogelijkheid zijn. Zo laat God in het kruis van Christus zien dat Hij de zonde straft en aan slachtoffers genoegdoening verleent. Vanuit dit oogpunt kan er - ook bij bovenstaande herijking van begrippen - sprake zijn van 'de straf die ons de vrede aanbrengt'.

Niet positief
Tot zover de weergave van de inhoud van de dissertatie. Nu al melden we dat het commentaar dat we de volgende keer op het proefschrift zullen geven, niet positief zal uitvallen. Van Veluws concept en conclusies laten namelijk bitter weinig over van wat de kerk alle eeuwen door beleden heeft: dat wij allerlei vertroosting vinden in Christus' wonden (NGB art. 21).

H. J. LAM, NIEUWERKERK AAN DEN IJSSEL

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Allerlei vertroosting in  Zijn wonden [I]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's