De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

10 minuten leestijd

Evangelische theologie: verschuivingen

Onlangs werd aan de VU een studiedag gehouden met als thema 'Op zoek naar een evangelische theologie in de 21e eeuw'. Aanleiding was onder andere het verschijnen van de studie van Clark H. Pinnock en Robert C. Brow 'Ontketende liefde'. Een open geloofsontwerp dat ze het 'theïsme van creatieve liefde' noemen. In Hervormd Nederland schreef Teun van der Leer twee artikelen over verschuivingen in de evangelische theologie. In het eerste artikel (HN 9 februari 2002) gaat hij vooral in op de vaak ongenuanceerde manier waarop over de evangelikalen wordt geoordeeld maar ook op de wijze waarop laatstgenoemden de Bijbel soms hanteren: als een soort receptenboek of EHBO-gids met eenvoudige rechttoe rechtaan pleisters die op allerlei levensproblemen worden geplakt. Toch is Van der Leer van mening dat dit bijbelgebruik tot de uitzonderingen begint te behoren. 'Vrijwel alle leidinggevende evangelische theologen nemen tegenwoordig nadrukkelijk afstand van een fundamentalistische bijbelbeschouwing en hebben volop oog voor de kleurrijke variaties binnen de Schrift zelf.' Ook zijn ze zich ervan bewust dat alles van boven wel 'van boven' komt, maar dat het hier beneden wordt geïnterpreteerd en dus door de zeef van onze gevoelens, ervaringen, gedachten en culturele bagage heengaat. In ieder geval kun je van evangelikalen zeggen dat ze de Schrift voluit serieus nemen.

'Daar gaat het om en daarom is het zo "gek nog niet om de bijbel serieus te nemen in z'n eigen zeggingskracht. Het gaat er uiteindelijk niet om dat wij de bijbel beoordelen, maar (zoals Luther tegen Erasmus zei) dat bijbel ons beoordeelt.

Evangelischen willen het appèl serieus nemen. Het evangelie roept ons tot bekering en geloof. Het is de kern van Jezus' prediking: "Het Koninkrijk Gods is nabijgekomen, bekeert u en geloojt het evangelie" (Markus 1: 15). De bijbelse boodschap is niet vrijblijvend. Er staat wat op het spel. Er valt wat te kiezen. En het heeft iets oneigenlijks om daar niet rond voor uit te komen. Iede en zeker jongeren, hebben er recht op zo serieus te worden genomen dat ze een keuze kunnen maken. Ze zitten niet te wachten op eindeloosgewik en geweeg, dat er uiteindelijk op neerkomt dat het eigenlijk niet uitmaakt watjegeloojt.

Natuurlijk maakt dat uit. Wie zegt dat het eigenlijk niet uitmaakt welk geloof je aanhangt, zegt eigenlijk dat geen enkel geloof e wezenlijk toe doet. Maar er zaten en er zitten werelden van verschil tussen Bacil, Moloch en de God van Israël. En er gaapte en e gaapt een reusachtige kloojtussen Mammon en Jezus. "Het leven en de dood houd ik u voor", zeggen Mozes enjozua en Elia en remia en Jezus.

Het leven wordt plat en goedkoop als jongeren niet meer worden uitgedaagd na te denken over de vraag waar ze echt voor willen gaan, wat werkelijk hun hart heeft, welke keuzen daadwerkelijk ojfers waard zijn, die hun wat kosten. Martin Luther King moet eens gezegd hebben: "Wie niets heeft voor hij bereid is te sterven, heeft ook niets om voor te leven".

Daarom vinden evangelischen het van levensbelang dit appèl van het evangelie niet te verdoezelen, maar het zowel naar zichzelf als naar de mensen om hen heen steeds weer te laten klinken. Omdat dat eerlijk is en omdat dat mensen voluit serieus neemt. Als evangelischen over "de opdracht" spreken, bedoelen zij de zendingsopdracht aan de apostelen: "Gaat dan heen, maakt al de volken tot mijn discipelen" (Matth. 28 : 19). Dat de kerk apostolisch is, wil niet alleen zeggen dat zij het geloof van de apostelen serieus neemt, maar ook de opdracht aan de apostelen. Wij mogen de "volken" het goede nieuws niet onthouden. Dat vraagt om grote zorgvuldigheid maar daarin zijn we - ik zeg het eerlijk - geen meesters. Bekend is de cartoon van de man met het bord "Jezus is het antwoord", met daarachter iemand met het bord "Wat is de vraag? '"

" Teun van der Leer sluit zijn eerste bijdrage aan Hervormd Nederland af met een oproep om elkaar als evangelische en niet-evangelische christenen min- de der snel met etiketten min of meer af te schrijven.

In zijn tweede bijdrage in HN van 16 februari gaat hij nader in op de al genoemde studie van Pinnock. Laatstgenoemde vindt dat de boodschap van het evangelie vaak verduisterd is door verkeerde godsbeelden en verwrongen bijbelgebruik waardoor het 'goede nieuws' soms verworden is tot 'slecht reen, nieuws'. Het nieuwe doordenken van de bijbelse boodschap vindt plaats vanuit deze ene overtuiging: de Schepper is de liefhebbende Vader. Teun van der Leer geeft in de volgende woorden de inhoud van Pinnocks studie weer:

'Dat leidt inderdaad tot een behoorlijke breuk met het calvinisme voor wat betreft r het traditionele godsbeeld en de verkiezin en verzoeningsleer. Misschien dat deze zin uit de inleiding de beste samenvatting is: "In r de bijbel ligt de nadruk op Gods kwetsbaarheid en zijn openheid: veeleer dan de geschiedenis bij voorbaatte determineren, je- schept God menselijke wezens met de mogelijkheid hem te verrassen en te behagen". Met grote arminiaanse vrijmoedigheid geven Pinnock en Brow de menselijke vrijheid het volle pond. De geschiedenis is echt open; ons leven en onze keuzen doen ertoe. Go neemt onze vrijheid zo serieus dat hij er zelf kwetsbaar van wordt en zeljs nederlagen waar- lijdt. Vrijheid omvat immers de mogelijkheid tot afwijzing, omdat liefde nu eenmaal nooit opgedrongen kan worden. God is de vader, die niet meer kan doen dan wachten op de verloren zoon.

Daarmee wordt ajscheid genomen van de klassieke verkiezingsleer. God heeft alle mensen in Christus verkoren en hij wacht slechts totdat zij bij hem "thuiskomen". Dat Go mensen door een tevoren genomen besluit zou verwerpen, achten de auteurs volstrekt "verwerpelijk". Toch geloven zij niet dat alle mensen "vanzelf" worden gered. Juist omdat ze de menselijke keuzevrijheid serieus nemen, heeft de mens ook de vrijheid God te blijven verwerpen en uiteindelijk zelf te kiezen voor de hel. Die is overigens geen eeuwigdu plaats van pijn - alsof de ziel onsterfelijk zou zijn, wat een onbijbelse Griekse gedachte is - maar een plaats van vernietiging: annihilatie.

In de hel gaan mensen (nogmaals: naar eigen keuze) letterlijk "verloren". Enigszins oneerbiedig werd deze veranderde zienswijze in de wandelgangen van het VU-congres peerd als "niet creperen, maar cremeren". Ook de klassieke verzoeningsleer wordt door Pinnock en Brow bekritiseerd. Die is veel te juridisch. Het gaat niet over "contractbreuk", maar over verbroken relaties die hersteld moeten worden. En God is "van den beginne" uit op dat herstel en hoeft er niet door de kruisdood van zijn zoon toe te word "overgehaald". Jezus stierf"niet om verandering in Gods houding teweeg te brengen, maar om onze houding ten opzichte van God te veranderen. Het probleem ligt bij ons, niet bij God.'

In feite, aldus Van der Leer, draait alles om relaties. De drie-eenheid van God rende wil zeggen dat God zelf een gemeenschap is van liefhebbende wederkerige relaties. Het klassieke denken over God maakt van Hem een onbewogen God, niet in staat tot het aangaan van een relatie. Bij Pinnock is er een heel levendig en bewegelijk beeld van God: gety- de liefde die in God stroomt, stroomt ook naar de wereld en raakt betrokken op al haar vreugde en verdriet. Wie gewend is vanuit gereformeerde inzichten te denken, voelt wel aan dat Pinnock in zijn studie nogal wat omver gooit.

Op genoemde studiedag ging o.a. dr. en C. van der Kooi, docent dogmatiek aan de VU, op de thema's van Pinnock in. Ik citeer daarvoor uit het verslag dat Theo Klein maakte in het Centraal Weekblad van 8 februari 2002 onder de titel Zoektocht nog lang niet ajgerond.

'Veel feller in zijn commentaar op Pinnock was dr. Cees van der Kooi, docent aan de

VU. De grote verdienste is dat Pinnock evangelikalen bewust maakt van de vraag: "Klopt jullie godsbeeld? " Dat lijkt dan ook zijn enige verdienste. Voor de rest is Pinno visie vooral een samenraapsel van het theologisch debat van de afgelopen 70 jaar waarbij hij te snel een aantal theologische knopen doorhakt.

Een van de knopen die Pinnock doorhakt is de oude vraag: is God een alomtegenwoordig principe waardoor de geschiedenis slecht een ontvouwing is van een te voren bedacht en vastgelegd plan? Of heeft de mens vrijh voor of tegen God te kiezen? Pinnock kiest voor het laatste: God is alwetend noch almachtig: Hij biedt de mens zijn liefde aan, maar de mens kan weigeren.

"Het lijkt zo redelijk, deze oplossing. Het is ook aantrekkelijk want het lijkt te voorkomen dat de geschiedenis een systeem wordt, waar door Gods alwetendheid al het handelen, elke keus al vast ligt en bevroren is. De mens wordt niet gedwongen, hij wordt uitgenodigd. Hij is wezenlijk vrij om ja te zeggen en God als vader wacht of het kind zich cks wil laten binnennodigen."

Maar dan rijzen bij Van der Kooi juist de vragen. "In hoeverre raaktGod hier onde worpen aan de mens, aan de tijd? In hoeverre is God nog de Heer, de Kurios? Staan we juist hier, waar Pinnock de moderne autonomie volmondig beaamt, ook niet voor de s gruwelijke kant van hun theologie. God verliest het. Tegenouer de keus van het koppige eid kind is de vader machteloos. Is dat echt het evangelie? Of wordt in het open theïsme het evangelie voorgesteld als een voordelige aanbieding. Alleen als je heel stom bent, laatje deze kans voorbij gaan."

Volgens Van der Kooi heeft de Reformatie met de door Pinnock verfoeide Calvijn op dit punt dieper gezien. "Verkiezing is een vrolijk woord. Het betekent dat God niet uitgepraat is, waar mensen uitgepraat zijn. Het verwerpelijke van Pinnocks visie is niet dat te groot gedacht wordt van de menselijke beslissing, maar dat te min wordtgedacht van Gods Heer-zijn, van zijn heerlijkheid."

Van der Kooi verwijt Pinnock geen onbijbel- r- se, • maar eenzijdige theologie. In de bijbel komt zowel de lijn voor van God als soevereine God, als de God die de gemeenschap zoekt met de mens. "Die twee lijnen moetje naast elkaar laten staan en niet de een tegenover de ander wegschrappen. Mogen w er echter voor bewaard blijuen gedreuen te worden door een theologie waar het primaat en de overmacht van de genade niet het eerste en vooral het laatste woord heeft.'

Het blijft boeiend om te zoeken naar een doelgerichte verkondiging van het evangelie aan de mens van deze tijd. Pinnocks studie moge dan de nodige kritiek oproepen, te waarderen is wel de hartstocht om het evangelie ook werkelijk door te geven naar zijn diepste intentie: het is God te doen om de mens, God kiest in Christus onvoorwaardelijk voor de mens, Zijn heil is voor ieder die het evangelie hoort en het met een levend geloof leert beamen.

Het maart-nummer van het evangelisch theologisch tijdschrift Soteria zal helemaal aan de theologie van Pin- e nock gewijd zijn. Informatie: uitg. Merweboek, tel. 0184-419224.

J. MAASLAND

Rectificatie: In de vorige aflevering van deze rubriek schreef ik over 'Kerk en Theologie', januari 2002. Daarin zou een van de Kroniekschrijvers zijn: prof. dr. J. A. B. Ouweneel. Dit moet uiteraard zijn: prof. J. A. B. Jongeneel. Mijn excuses voor de vergissing.

JM

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's