Magdalena's morgenlied
'Toen ik bij 't lichten van de dag,
mijn hart nog brandend van verdriet,
mijn pas-verrezen Heiland zag,
herkende ik Hem niet.
Wie dreef mij zeven duivelen uit?
Wie reinigde mijn zieke geest?
Wie maakte mij tot hoogliedbruid
van 't edelst liefdefeest?
Hoe zichtbaar Hij mij uitverkoor,
mijn eigendunkelijk geloof,
te bang om wat ik zelf verloor,
bleef voor zijn goedheid doof.
Hij was het, die: 'Maria' zei
en mij tot nieuw ontwaken riep,
terwijl ik, heil en hel voorbij,
in dof berusten sliep.
Hoe werd het ledige der ziel
aan alle droefenis ontrukt,
zodra ik aan zijn voeten viel,
door schaamte neergedrukt!
Rabboni, die ik niet herkend
en toch bemind heb, gun voortaan,
dat zich mijn hele wezen wendt
naar waar Gij wordt verstaan.'
Anton van Duinkerken
Verzamelde Gedickten
Uitgave Spectrum, Utrecht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 maart 2002
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 maart 2002
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's