Globaal bekeken
E en lezer gaf mij ter inzage enkele vergeelde kranten van weleer. Hieruit enkele fragmenten.
• De Bijbel wees de (oorlogs)weg
'Volgens een Israëlisch persbericht heeft men de Israëlische legercommandant Yadhin gevraagd hoe het hem tijdens de veldtocht tegen Egypte gelukt is de Egyptenaren in de Negebwoestjjn bij verrassing in de flank aan te vallen. Zijn antwoord: "Het geheim staat in de Bijbel".
Yadhin is een bekende archeoloog en hij had door een intensieue bestudering uan het Oude Testament een uergeten, maar slechts met een dunne zandlaag ouerdekte verkeersweg ontdekt, waarlangs hij zijn troepen toen in een snelle opmars de Egyptenaren in de rug liet aanvallen. In de staat Israël pleegt men uaak te zeggen: "Keer de Bijbel steeds opnieuw om, want alles staat erin". Dat heeft men thans in praktijk gebracht. (Kirche in der Zeit).'
(Rijn en Gouwe, 28 maart 1959)
• Hoe Albert Schweitzer reageerde toen hij in 1954 de Nobelprijs voor de vrede kreeg.
'Zo men weet is onlangs aan dr. Albert Schweitzer de Nobelprijs uoor de vrede toegekend, 't Is interessant te uernemen hoe de tijding hiervan in Lambarene (Frans Congo, waar de wereldberoemde man sinds uele jaren werkzaam is) bekend werd.
Een bloeduerwant uan de dok ter uing op een auond door de radio dit bericht op. Aanstonds begaf hij zich naar de kamer uan zijn chef en Albert Schweitzer, opgeschrikt uit zijn schrijfwerk, hoorde het nieuws. Hij boog het hoofd en was ontroerd. Dankbaar, dat zijn gedachte "eerbied uoor het leuen" erkend wordt en ueld begint te winnen, blij omdat hij nu onbezwaard door geldzorgen doorgaan kan met het bouwen uan het dorp uoor de melaatsen. Nu kan hij ook andere instellingen die noodlijdend zijn helpen.
Alles aanleiding tot grote ureugde en toch... er was een wolk op zijn uoorhoofd en zacht kwamen daar de woorden: "Ach, ik kom mijzelf uoor
als de illustratie uan het machtige woord uan Jezus: Wie heeft, die zal gegeven worden. Ik krijg prijzen en onderscheidingen, omdat ik door onderscheidingen al bekend ben. Ach, en ik sta anderen in de zon, die ook zouden willen dat licht op hen viel en die het ook verdienen en nodig hebben. Deze ouerweging begeleidt mij op het laatste gedeelte uan mijn pelgrimstocht op deze aarde".
De andere morgen om half zei/en stond de drager uan de Nobelprijs met enige arbeiders een uerblijf in orde te maken uoor een wild zwijn, dat hem gebracht was met gezwollen poten, waarvan hij er maar drie gebruiken kon.' (Zondagsblad Nieuwe Leidsche Courant, 27 maart 1954)
• Wijlen senator H. Algra (ARP) over 'reformatorisch', toen van de 'reformatorische zuil' nog niet echt sprake was:
'En in deze discussie om woorden en namen, die ons zelf en anderen duidelijk moet maken, wat we zijn en bedoelen, uraag ik nu speciale aandacht voor het woord reformatorisch.
Dat is door een gelukkige ontwikkeling meer dan de bouen besproken termen uan uerwatering en besmetting urij gebleven. Het spreekt duidelijk uan onze oorsprong. Wij zijn een partij uan de Heruorming. En da'a'rin en daardoor een nationale partij.
Historisch betekent dit al terstond, dat het bij ons gaat om andere fundamenten en richtlijnen dan bij Rome en bij de Revolutie. En niet alleen historisch gezien. Het leidt tot een eigen conceptie van gezag en vrijheid, een afwijzing van staatsabsolutisme in politieke en economische zin als een uoorloper van de in Openbaringen 13 getekende staat en dus als een begin der uiterste goddeloosheid. Het leidt tot de erkenning uan de overheid als Gods dienaresse, maar tegelijk tot het handhaven uan de mondigheid en de vrijheid van het volk. Het leidt tot een diepe opvatting uan de geestelijke strijd en uan de plicht tot erkenning uan gewetensbezwaren. De lijnen lopen door, ook in onze tijd, en zij beginnen dieper in te snijden.
Het betekent dat alles uerband houdt met het meerdere en het primaire in de Reformatie: de persoonlijke, directe aansluiting bij de Heilige Schrift, zonder een rangorde uan geestelijken en • leken, waarbij de directe verantwoordelijkheid uan de laatsten wordt uitgeschakeld. Koningin Elizabeth I uan Engeland, die waarschijnlijk alleen uit politieke overwegingen de koninklijk gedirigeerde Reformatie in haar land handhaafde, vond het ergerlijk, dat zelfs dienstmeisjes de uitspraken uan mijnheer de vicaris in twijfel durfden trekken, omdat de huisvader in het gezin, waarin zij dienden, het bij het bijbellezen na de maaltijd anders had uitgelegd. Groen van Prinsterer gaf veel erger nis, toen hij zich uerzette tegen de nieuwe clerus van zjjn tijd, nl. "de wetenschap". Hij durfde het bestaan, te schrijven, dat een eenvoudige man, door Woord en Geest verlicht, de verborgenheden van het Evangelie vaak beter verstond dan de priesters in de moderne tempels der wetenschap. (...)
Daarom is het bedenkelijk, vanuit Amerika de verzamelnaam fundamentalisten te importeren, en hem als een etiket te plakken op allen, die de uitspraken der Heilige Schrift letterlijk nemen. Zulk een omschrijving zegt op zich zelf niets. Maar elk schematisme is hiergevaarlijk: wij hebben de Schrift te aanvaarden, "zoals het er staat" - dat was de kracht der Reformatie - en haar niet te behandelen als elastiek, dat passen moet om onze pakjes. Dit is geen buigen voor het Woord van God.
Wanneer wij als Reformatorische partij een kracht willen zijn en worden in het volksleven, dan zullen wij grote en heilige ernst moeten maken met wat de Bijbel ons zegt. Die ernst is veel meer in het geding, dan de interpretatie uan sommige teksten. En als het ernst is, dan is het een ontmoeting van overgave in gehoorzaamheid en bevrijding door verlossing.' (Nederlandse Gedachten, 9 nov. 1963)
V.D.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's