De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

7 minuten leestijd

D

ezer dagen verschenen drie kloeke lezenswaardige boeken. Uit elk laten we een fragment volgen.

Hebe Kohlbrugge, ooit in verzet tegen het nationaal-socialisme en het communisme, beschreef haar leven in Twee maal twee is uijf ('Getuigen in Oost en West', uitgave Kok, Kampen). Over de Amsterdamse dominee Jan Koopmans, met wie ze bijzondere contacten had en die in de oorlog om het leven kwam, geeft ze iets weer uit een informatie van dr. A. A. Spijkerboer en uit een brief van K. H. Miskotte:

• 'Koopmans uiilde de kerk op het komende conflict voorbereiden door, naar analogie van de Theologische Verklaring uan Barmen, stellingen te formuleren. Zijn stelling was:

"De Kerk bidt, dat het einde uan deze oorlog moge betekenen de vernietiging van die machten die, open of bedekt, de Kerk vervolgen, de vrijheid der prediking beperken, en niet alleen het christelijk leven maar ook de eenvoudige menselijkheid door middel van geweld of angst onmogelijk maken. Zij bidt dat deze tirannie verdreven wordt en de regeerders zich onder Gods woord buigen. Zij bidt om vrede met gerechtigheid, omdat slechts, waar recht gezocht kan worden de prediking der Kerk en het menselijk leven mogelijk zijn."

Koopmans deed ook iets wat de synode van Barmen nagelaten had: in zijn vierde stelling verwerpt hij vanuit zijn christelijk geloof het antisemitisme:

"Het heeft God behaagd, ons zijn Woord te geven door de dienst van de joden. Elk antisemitisme moet de Kerk van Jezus Christus afwijzen op grond van het feit, dat Jezus een jood was. Nog steeds denkt God-op bijzondere wijze aan het volk. Hij heeft het lief. De erkenning hiervan kan slechts voeren tot een ootmoedig omgaan met de joden, tot een ondubbelzinnig protest tegen welk antisemitisme ook en tot daadwerkelijke hulp aan hen, die daardoor in deze tijd getroffen worden."

Koopmans hoopte dat anderen hun handtekening onder zijn stellingen zouden plaatsen, zodat ze met enig gezag gepubliceerd zouden kunnen worden. Maarop een in Utrecht gehouden bijeenkomst van predikanten en hoogleraren vonden de meesten dat te gevaarlijk! Kort daarna kwam de Duitse inval in ons land en toen was het te laat. Koopmans' stellingen zijn later uitgewerkt tot het geschrift "Wat wij wel en wat wij niet geloven", dat tijdens de bezetting illegaal verschenen is.

Dat op die bijeenkomst in Utrecht een meerderheid - ons land was nog buiten de oorlog! - het te gevaarlijk vond om Koopmans' stellingen aan de kerk aan te bieden zegt wel iets. Maar . wie wilde weten wat er komen ging, kon dat weten, zeker toen vanaf mei 1939 regelmatig de reeks "Berichten uit den Duitschen Kerkstrijd" ging verschijnen. Ze werd geredigeerd door Berkhof en enkele anderen en verscheen regelmatig in een oplage van driehonderd exemplaren.'

• K. H. Miskotte aan O. Noordmans Amsterdam, 26 maart 1945

'Zeer vereerde Noordmans, Nu moet ik u schrijven ouer Jan Koopmans. Hem is iéts overkomen: hij zou het niet goed vinden, wanneer u er geen kennis van droeg. U was zijn geestelijke vader.

Jan - het is niet te verwerken en blijft voortdurend bitter - Jan is zaterdagavond 24 maart 's avonds om halftien overleden.

U moet weten: iedere dag worden hier tientallen gefusilleerd; ditmaal moest het weer eens in het centrum zijn, op een spitsuur, nl. tegen 9 uur 's morgens om de voorbijgangers te kunnen dwingen om te kijken en de terror tot in de zielen te doen doorwerken.

Op maandagmorgen 12 maart gebeurde het dat 42 jonge mensen in het Weteringplantsoen werden gevoerd van de wagen afgeladen en voor de mitrailleur gesteld. Ontdaan maar toch getrokken om de gruwel te zien stond Jan met anderen voor het venster; een kogel vloog over het water en de straat en trof hem in het linkeroog...

Hij was mij zo verwant: hij was zo volstrekt mijn meerdere. Beide waren wij "lui", uit wanhoop over kerk en wereld, zoals wij die ondergingen; maar hij hervatte zich, hij vond concentratie, hij kreeg stijl, hij bond zich met een exclusieve liefde aan de gereformeerde belijdenis.'

V

an wijlen ds. H. G. Abma, die menige bijdrage in de Waarheidsvriend schreef, vooral ook in zijn veertiendaagse Kroniek, verschenen partijredevoeringen (vorige week besproken door ir. L. van der Waal) onder de titel Tot welzijn van het volk (uitgave Guido de Brèsstichting, 's-Gravenhage). Hier volgt een alle partijen overstijgend fragment:

'De armoe dampt van de wereld af. Vooral de geestelijke. Daarom mogen wij, hoezeer volgelingen van Groen van Prinsterer, nooit als parool uitgeven dat in het isolement ons doel en onze bestemming liggen. Wat er in het isolement ligt, stellig niet het oogmerk waarnaar wij streven. Niet in het isolement, maar in het engagement in betrokkenheid en verbondenheid om niet slechts voor de onzen en voor huisgenoten van het geloof, maar voor allen geestelijk, sociaal en materieel het goede en het noodzakelijke na te jagen. Met alle politieke mogelijkheden, die ons ten dienste staan. Dat is de wil Gods. Wanneer wij te kennen geven dat de eer Gods ons hoogste wit in feite is, moeten wij in praktijk brengen dat de ijkende toets en de proef op die kapitale som de liefde is waarmee wij alle mensen daadwerkelijk genegenheid toedragen. Wij zoeken het niet alleen uoor de onzen. Dat laatste doet per saldo elke belangengroep, waarvan er zovele zijn dat zij elkaar de pas afsnijden. Christelijke politiek gaat er niet in op om een paar eigen straatjes schoon te vegen. Christelijke politiek brengt mee dat wij lasten dragen. Dat wij dat willen vooral. Men geeft ons na dat wij af en toe erg lastige mensen zijn. Dit kan wel eens het geval zijn. Misschien maken wij het soms te bont. Maar als wij wel lastig zijn, doch geen vinger uitsteken om enige last te dragen deugen wij niet. De Bijbel geeft geen permissie om te doen als een dominee in de kerk wanneer die uitgaat. Om tegen iemand te zeggen: Ga heen in vrede en om daarop te laten volgen: Word warm en word verzadigd. Wij willen Schriftgebonden politiek. Akkoord, maar dan wel conform het ganse Woord in al zijn delen. Wij mogen geen partijen van de Schrift onbelicht, dat wil zeggen onverricht laten.'

O

ver mr. W. Aantjes verscheen een proefschrift van Roelof Bouwman De val van een Bergredenaar

('Het politieke leven van Willem Aantjes', uitgave Boom, Meppel). Aantjes is afkomstig uit Bleskensgraaf. Hij was in het verleden lid van de GB en schreef van tijd tot tijd in de Waarheidsvriend. Hier volgt een fragment over politiek Bleskensgraaf kort voor de Tweede Wereldoorlog:

'Aanhangers uan de Gereformeerde Bond waren in geen uan beide partijen dominant (in de ARP zwaaiden leden van de Gereformeerde Kerken de scepter en de SGP stond sterk onder invloed van de Gereformeerde en Oud-Gereformeerde Gemeenten, twee kleine, ultra-orthodoxe kerkgenootschappen), maar dat nam niet weg dat zowel antirevolutionairen als staatkundig-gereformeerden om electorale redenen hun uiterste best deden om ook uoor bonders aantrekkelijk te zijn. De ARP gebruikte vooral de Tweede-

Kamerleden H. Visscher (hoogleraar in de theologie in Utrecht en mede-oprichter van de Gereformeerde Bond), J. Severijn (Visschers opvolger als hoogleraar en tussen 1940 en 1966 voorzitter van de Bond) en L. F. Duymaer van Twist (tweede voorzitter van de Bond) voor het werven uan hervormd-gereformeerde kiezers. De SGP, op haar beurt, beschikte sinds 1925 - naast partijleider G. H. Kersten - in de persoon uan de al genoemde hervormde dominee Zandt decennialang over een parlementariër die in bondskringen groot gezag genoot.

In het door bonders gedomineerde Bleskensgraaf vormden de ARP en SGP dan ook de twee grote politieke machtsblokken. Bij de Tweede- Kamerverkiezingen uan 1937 vergaarden de antirevolutionairen i8g van de 497 uitgebrachte stemmen (38, 0 procent) en de staatskundig-gereformeerden 136 (27, 4 procent). De andere politieke partijen kwamen er in het dorp nauwelijks aan te pas: de SDAP kreeg 46 stemmen, de liberale Vrijheidsbond 44, de Vrijzinnig Democratische Bond (VDB) 16, de CHU 15, de NSB 7, de RKSP 5 en de CPN 2.'

V.D.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's