Pastoraat seizoensarbeid?
PASTORAAT [11]
In de maanden mei of juni wordt veel kerkenwerk afgesloten. Vaak met een bezinningsonderwerp, soms met een evaluatie. Immers: kerkenwerk is winterwerk. In september, soms op een hete zondag, staat de kerkdienst in het teken van de opening van het winterwerk. Voor de zomer geldt: er zijn voorzieningen getroffen om in crisissituaties te kunnen helpen. Het bezoekwerk ligt stil. De vakantieperiode is aangebroken.
Pastoraat kent geen vakantie. Om maar bij het kernbegrip pastor, herder te blijven: de herder en de kudde zijn dag in, dag uit in touw. Wie een herderstaak heeft, kan niet zonder goede vervanging weg.
Ik werd daar in een vakantie mee geconfronteerd. Zo midden op de dag zag ik de boer, bij wie ik gastvrijheid genoot, met gestrekte pas naar de schapenwei gaan. Ik volgde hem met belangstelling. Een schaap lag op zijn rug, en kon niet overeind. Met een klein handje helpen stond hij weer op zijn vier poten. Zonder hulp kan dat op den duur fataal zijn. Dus: voorziening, omzien naar elkaar dient er te zijn, of het nu winter of zomer is. Zonder betuttelend of belerend te willen wezen: Die ereplicht schijnt toch niet aan een ieder die deze verantwoordelijkheid draagt, duidelijk te zijn. Wij horen nog wel eens, dat men het er op laat aankomen. Het pastoraat valt stil. Juist in een periode, waarin zoveel spanning wordt beleefd door eenzaamheid en zorg. Om maar niet te denken aan b.v. een plotseling overlijden. Wanneer dan gezocht moet worden naar geestelijke bijstand, naar een ambtsdrager die in de uitvaartdienst kan voorgaan, is er voedingsbodem geschapen voor een verstoring van een pastorale relatie, soms voor jaren of voorgoed.
In dit verband een advies: laat iedere kerkenraad in zijn vergadering voor de vakantie zich er van vergewissen dat er een netwerk van pastorale zorg is, waarin geen onverantwoorde mazen voorkomen. Stimuleer elkaar om in de zomertijd juist eens hen die door ouderdom, door een handicap, door chronisch verdriet ervaren dat zij met het grote geheel niet meekomen, te bezoeken, of op bezoek te vragen! En vooral: informeer de (wijk)gemeente(n), die goede buur zijn. Stel je open voor het ontvangen en verlenen van bijstand.
Pastoraat heeft met name te maken met onze zorg voor hen die ons zijn toevertrouwd of aan wie wij zijn toevertrouwd. De eerste pastorale nood komt naar voren in het verhaal van Kain en Abel. De vraag van Kain is: ben ik mijns broeders hoeder, herder? Het antwoord is: ja! Dat heeft consequenties, die het overwegen waard zijn.
Nu is het goed om te beseffen dat vakantie een 'must' is geworden. Het valt mij telkens weer op dat iemands afwezigheid met de mededeling: hij/zij is met vakantie, volledig gelegitimeerd is. Van deze 'holy days' moetje afblijven, wie zal het hoge recht van vakantie willen betwisten? Ik doe dat ook niet. Toch is het goed te beseffen dat wij leven in dit welvarende krachtenveld, waarin dat allemaal mogelijk is. Een groot deel van de mensheid, ook in eigen omgeving, kent dit voorrecht niet. En in een situatie van rijkdom is het goed om te weten dat wij geen slaaf van het schema van deze wereld mogen zijn. Dat is een enorme verleiding. In de navolging van Christus mag je in vrijheid en verantwoordelijkheid beslissingen nemen, die alles te maken hebben met je relatie tot God en naaste. Wat heeft in dit licht prioriteit, wat weegt het zwaarste?
Het is een voorrecht wanneer wij als christenen in een relatie van hulp en zorg staan. Daar mag in de vakantietijd niet lichtvaardig over worden gedacht. Je kunt niet zo maar zeggen: over drie, vier weken zijn wij weer thuis. De vraag moet worden gesteld: hoe komen wij verantwoord die weken door? Nu is er gelukkig een ruime mate van comunicatiemiddelen. Je moet ze wel gebruiken, ook al schrik je soms terug van de prijs. Advies: Neem in uw vakantiebudget een flink bedrag aan telefoonkosten op: bijv. € 100-150, als het er even afkan. En een regelmatig schriftelijk contact kan ook veel gevoelens van eenzaamheid verdrijven. Een brief met liefde geschreven kan een creatie vanuit de recreatie zijn. Iets om te lezen en te herlezen. Met name als je daarin aangeeft, dat wij ons aan elkaar verbonden weten in gebed, in vertrouwen in de God van het verbond. Een stukje toerusting van de gemeente, een ontwikkeling van levensstijl ook voor dit aspect van het bestaan is geen luxe. Het behoeft geen breedvoerige onderbouwing. Heel eenvoudig, niet simpel: heb je naaste lief als jezelf.
J. L. W. KOPPENHOL
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's