Toespraak van de synodepreses
Voorzitter, Een jaar geleden mocht ik als preses van de hervormde synode het woord tot u richten en ik ben blij, dat u mij daarvoor vandaag opnieuw de gelegenheid geeft. Het is een goed gebruik om u te groeten namens het moderamen van de synode en het triomoderamen. We hebben elkaar als moderamen en bestuur van de Gereformeerde Bond in de afgelopen tijd verschillende keren ontmoet en we hopen ook in de komende tijd in gesprek te blijven. Dat is nodig, want al gingen de meningen van u als bestuur en van ons als moderamen soms uiteen, we willen beiden de kerk dienen. We delen de zorg voor het geheel van de kerk en ik wil ook vandaag nog eens onderstrepen, hoezeer die zorg voor alle gemeenten ons als moderamen op het hart ligt. Dat geldt ook die gemeenten in de kring van de Gereformeerde Bond, waar bezwaren leven tegen de koers die de synode tot heden toe heeft uitgezet. Uit ervaring weten we dat in talrijke gemeenten sprake is van een bloeiend kerkelijk leven. Dat is ook voor het geheel van de kerk van grote betekenis, precies zoals men in deze gemeenten van anderen in de kerk kan leren. Wij hebben elkaar nodig en we hebben samen de opdracht van God ontvangen om elkaar te dienen met wat Hij ons aan gaven heeft gegeven.
In dat licht heeft het moderamen in overleg met het triomoderamen besloten het unievoorstel op de agenda te plaatsen voor de komende synodevergadering, ook al hebben tot heden slechts enkele hervormde classes gevraagd om een vergadering van de synode. Het moderamen heeft in de afgelopen tijd duidelijk gemaakt, dat het bij de beoordeling van het unievoorstel in de lijn blijft van eerdere synodebesluiten. Uiteraard zal dat ter synode worden toegelicht. Verder wordt in een rapport voor de Generale Synode onder de titel 'Vereniging van de Samen op Weg-kerken' een overzicht gegeven van de discussie en besluitvorming over 'vereniging of federatie' in het Samen op Weg-proces. Eén van de conclusies in dat rapport is, dat tussen 1986 en 2001 al in tien synodevergaderingen de mogelijkheid aan de orde is geweest om in plaats van vereniging te kiezen voor federatie of unie van de kerken. Het lijkt me echter nu niet gepast op de bespreking en de besluitvorming van de synode vooruit te lopen. De ambtelijke vergadering is de plaats waar in onze kerk besluiten genomen dienen te worden en waar in de ontmoeting van de ambten gesproken kan worden over de weg die wij als kerk te gaan hebben. Die ambtelijke weg verdraagt zich echter moeilijk met massale acties, door wie die ook gevoerd worden. Terecht hebt u dat niet gewild en hebt u de kerkenraden opgeroepen via de classes te reageren of het moderamen direct in kennis te stellen van hun gevoelen.
Eén ding wil ik vandaag bijzonder onderstrepen: we mogen de Kerk dienen, omdat we weten dat God ons daar geplaatst heeft. Dat geeft ons een bijzondere verantwoordelijkheid voor de Kerk, omdat ze Gods Kerk is. We spreken soms gemakkelijk over 'onze' gemeente. Maar juist als we belijden dat Christus de Koning der Kerk is, moeten we voorzichtig zijn met het gebruik van die uitdrukking. Veelmeer past ons verwondering, dat Hij ons daar een plaats wil geven. In dat licht lees ik ook de uitdrukking die telkens terugkomt in de publicaties van het hoofdbestuur van de Gereformeerde x Bond: 'wij blijven op onze post.' Wie in de Kerk verantwoordelijkheid draagt, wordt met talrijke vragen geconfronteerd. Dat merkt u als hoofdbestuur en het geldt ook voor ons als moderamen. Zullen we echter tot een zegen kunnen zijn, dan kan dat alleen, wanneer we biddend alles verwachten van Gods Geest en de genadekracht van de Heere Jezus Christus. Dat zal dan ook de wijze tekenen, waarop het onderling gesprek gevoerd wordt en de manier waarop wij ons uiten in de pers en in de vergaderingen.
Er is veel aan de orde in onze tijd, niet alleen binnen kerk, maar ook in ons land. Mensen zoeken houvast. Kunnen ze dat ook bij ons vinden? Zijn we als kerk en gemeenten wel een lichtend licht en een zoutend zout, een stad op een berg die niet verborgen kan blijven? Ik vind het opvallend, dat al die beelden voor de Kerk niet naar binnen gericht zijn, maar naar buiten. Wat komt daarvan bij ons terecht? Ik ben wel eens bang, dat de vragen rond SoW onze aandacht dermate gevangen houden, dat we hieraan nauwelijks toekomen. In veel gemeenten in de kring van de Gereformeerde Bond is de betrokkenheid op de bediening van Woord en sacramenten groot. Dat uit zich in meeleven op allerlei gebied. Maar de recente gebeurtenissen in ons land stellen ons ook voor de vraag, in hoeverre wij het volk nog kunnen bereiken met de verkondiging van het Evangelie?
Ik illustreer dat met enkele voorbeelden. De morgendiensten zijn in veel gemeenten goed bezet, maar hoe is dat met de middagdiensten? Ook in grote gemeenten van Gereformeerde Bondsmodaliteit komt het aantal predikantsplaatsen onder druk te staan. Een ander voorbeeld, dat ook voor kleinere gemeenten geldt: dertig jaar geleden waren er regelmatig ouders die nauwelijks meeleefden, maar hun kinderen wel wilden laten dopen. Dat gaf dikwijls aanleiding tot intensieve gesprekken in de kerkenraad en met deze ouders. Hoe vaak komt dat nu nog voor? Veel van de kinderen die toen gedoopt werden, hebben vandaag evenals hun ouders het zicht op de kerk verloren. De rand van niet-meelevenden groeit. Daarom is het zaak om ons te bezinnen op de wijze waarop we vandaag gemeente zijn. Het geestelijk leven zoals dat gevonden wordt in de gemeenten van de Geref. Bondsmodaliteit, met de nadruk op de persoonlijke ervaring van Gods genade, kan mensen van onze tijd aanspreken, die vragen naar spiritualiteit. Het heeft een eigen plaats binnen het geheel van de kerk en dat is waardevol voor het geheej. We kunnen elkaar niet missen, want we zijn aan elkaar gegeven.
Daarom wil het moderamen het gesprek over de toekomst van de kerk met kracht voortzetten, met classes en gemeenten en ook met u als hoofdbestuur en wensen we u van harte Gods zegen toe over uw arbeid.
A. W. VAN DER PLAS
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 2002
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's