De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Om de toekomst van de kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Om de toekomst van de kerk

DE HERVORMDE SYNODE BIJEEN [I]

10 minuten leestijd

Het heeft de afgelopen maanden veel tongen losgemaakt en de gevoelens gekanaliseerd die er ten aanzien uan de toekomst uan de kerk in een groot en meeleuend deel uan de gemeenten leuen: het voorstel om te komen tot een unie uan Samen op Weg-kerken. In de Waarheidsuriend heeft ds. H. uan Ginkel er uitvoerig ouer geschreven. Vrijdag jl. sprak de heruormde synode erouer, op grond waarvan geconcludeerd moet worden: de bedoeling van de indieners is niet begrepen.

Het was zorg over het geheel van de kerk die de Confessionele Vereniging en de Gereformeerde Bond ertoe bracht dit voorstel het triomoderamen aan te bieden en aan de kerkenraden en classes toe te sturen. Want geconstateerd werd dat het SoW-proces leidt 'tot zodanige gewetensnood dat het doorgaan op de weg naar volledige eenwording van de drie kerken zal leiden tot een scheuring'. En 'een eenwordingsproces van kerken dat niet door allen kan worden meegemaakt, dient als mislukt te worden beschouwd'. Het unievoorstel doet niet alleen een beroep op confessioneel en/of gereformeerd denkende leden van de kerk, maar op ieder die verantwoordelijkheid draagt.

Omdat duidelijk werd dat het kerkordelijk benodigde aantal classes dat vraagt om agendering van het unievoorstel er zou komen, stelde het hervormde moderamen het aan de orde. Belangrijk was de vraag vooraf: Zou de synode het appèl verstaan, zou ze inzien dat het geen poging was tot vertraging van het SoW-proces, tot openlijke tegenwerking, maar dat het voortkwam uit een verlangen de kerk bijeen te houden? Zou de synode erkennen dat de feiten uit het rapport 'Discussie en besluitvorming over 'vereniging of federatie' in het Samen op Weg-proces' op zijn minst zeer onvolledig zijn? Om hierover het gesprek te voeren, had ds. Van Ginkel een uitvoerige reactie geschreven, die alle synodeleden was toegezonden.

Voortgezet gesprek

Synodepreses ds. A. W. van der Plas leidde de discussie in. Hij gaf aan dat het leven in alle gemeenten het moderamen aan het hart gaat, dat het gevaar herkend wordt dat gemeenten achterblijven. Vanwege hetzelfde motief als de indieners van het unievoorstel - om scheuringen te voorkomen - kiest het moderamen voor een snelle afronding van het proces. Daarbij stelt het voor te besluiten het gesprek met de bezwaarden voort te zetten en al het mogelijke te doen om scheuringen te voorkomen.

Dr. P. van den Heuvel, voorzitter van de commissie voor kerkordelijke aangelegenheden (KOA), zei dat het unievoorstel juridisch wringt, met name in de relatie van geünieerde gemeenten tot de landelijke kerk. Tevens vond hij de rechtspersoonlijkheid van geünieerde gemeenten niet duidelijk. Verschillende synodeleden dienden vervolgens een motie in.

Oud.-kerkvoogd B. Vellinga (dassis Hilversum) was dankbaar dat het moderamen inzag dat het unievoorstel een scheiding wilde voorkomen, maar vond het jammer dat niet gewacht is tot alle classes gereageerd hadden.

Ds. J. de Visser (classis Schiedam) zei dat als de gereformeerde synode kan afwijken van besluiten inzake de zelfstandigheid van de gemeenten, de hervormde synode dat ook moet kunnen. Hij vroeg om een inventarisatie van alle pijnpunten bij de bezwaarden, maar trok deze motie later in.

Ds. R. de Reuver (classis Alphen aan den Rijn) zag het unievoorstel als een signaal dat gehoord moet worden. Hij wilde de achterliggende zorg honoreren, maar het voorstel zelf niet. 'Het geeft voeding aan een geest van destructie die door de samenleving gaat, terwijl het in dit voorstel gaat om een belijdeniskerk in plaats van om een belijdende kerk.'

Ds. W. Meijer (classis Barneveld) herinnerde eraan dat het Nieuwe Testament ook grenzen aan de eenheid stelt. Terwijl gereformeerden ter plaatse zelfstandig willen blijven, lutheranen het homohuwelijk onopgeefbaar achten, moeten hervormden zich sterk maken om bijeen te blijven.

Ds. P. van der Kraan (classis Alblasserdam) legde de vinger bij besluiten uit 1986, 1990, 1993 en 1995, en stelde dat de discussie nooit echt over fusie en federatie gegaan is.

Ds. J. Holtslag (classis Rotterdam-2) zei dat het unievoorstel niet alleen leeft in classes waar bezwaarden de meerderheid vormen. Hij voorspelde grote wonden, als het triomoderamen in december 2003 de kogel door de kerk - het fiisiebesluit - laat gaan.

Ds. H. de Jong (classis Zwolle) zei de indruk te hebben dat een echte discussie op de synode niet mogelijk is, omdat de KOA steeds direct met een advies komt.

Ds. G. de Fijter (classis Kampen) noemde het voorliggende tijdpad een voorbeeld van een harder integratiebeleid, wat averechts kan werken. 'Alleen de dialoog kan verder helpen.' Hij stelde voor het grondvlak te raadplegen.

Oud. M. Burggraaf (classis Ede) zei dat de vrees voor scheuren geen bangmakerij is. Hij gaf aan geen moeite te hebben met de wijze waarop het SoW-proces kerkordelijk voortging, 'al ben ik niet met alles gelukkig en ben ik het soms fundamenteel ergens mee oneens.' Hij zei dat de eenheid van de kerk niet zonder de plaatselijke gemeenten kan en diende een motie in met het verenigingsbesluit te wachten tot tenminste de helft van de hervormde gemeenten is gefedereerd.

De kosten overrekenen

Ruim twintig sprekers wilden vervolgens hun visie geven, waarvoor ieder maximaal drie minuten kreeg.

Ds. W. Jöhlinger (classis Winschoten) schrok van het unievoorstel, waardoor alles ingewikkelder wordt.

Ds. A. C. Rijken (classis Bommel) zei altijd geprobeerd te hebben binnen de vaderlandse kerk te blijven, vanwege haar grondslag. Nu besluiten genomen zijn die tegen Gods Woord ingaan, hebben vele predikanten laten optekenen dat ze niet meegaan - 'laten we daarom nu de kosten overrekenen.' Diaken A. Guijt (classis Doorn) riep op de voor- en nadelen van een fusie en een unie naast elkaar te zetten.

Ds. H. J. Ekker (classis Edam) zei dat de synode eerder besluiten genomen had onder leiding van de Heilige Geest. Oud. A. Steensma (classis Buitenpost) vond het vooral tijd voor een finale beslissing inzake SoW. 'Het is jammer dat er zoveel gedreigd wordt.'

Ds. G. van Meijeren (classis Harderwijk) hoorde in het unievoorstel vooral een pleidooi voor een pastorale benadering. Hij vroeg of er in overgangsbepalingen voor bezwaarden iets opgenomen kan worden.

Ds. W. L. Smelt (classis Brielle) zei dat het unievoorstel het meest recht doet aan de huidige kerkelijke situatie. Ds. H.J.Jansen (classis Emmen) had erg veel moeite over dit onderwerp in hervormde kring te praten. We zijn toch in staat van hereniging?

Oud.- kerkvoogd N. A. de Jong (classis Rotterdam-i) vroeg wat de winst voor de wereld was als er meer hervormden afhaken dan er lutheranen bijkomen. Ds. A. A. S. ten Kate (classis Breda) vond het een onhervormd voorstel en noemde de onderlinge verschillen in het licht van de wereldkerk klein. Oud.-kerkvoogd J. van Heijst (classis Zeist) wilde landelijk alles doen om strijd en afscheiding te voorkomen, maar als lid van het triomoderamen ook loyaal zijn aan de uitvoering van de besluiten, wat spanning kan geven. Hij achtte het van belang dat snel helder wordt welke overgangsbepalingen ervoor hervormde gemeenten komen en wilde zijn steun geven aan moties die voor november duidelijkheid wilden over de mening van de gemeenten. Ds. V. Hinten (classis IJzendijke) was bang dat we als Mozes het beloofde land alleen van verre zouden zien. Ds. W. van den Brink (classis Nijmegen) wilde het unievoorstel aangrijpen om het geestelijk gesprek dat veertig jaar verwaarloosd is, eindelijk eens op te pakken.

Ds. D.J. H. Wolse (classis Flevoland) noemde de oplossingen die het unievoorstel de SoW-gemeenten voorhoudt, ongelukkig of onuitvoerbaar. Ds. J. H. Schrijver (classis Woerden) zei dat zijn bezwaren tegen Samen op Weg alleen maar toenemen vanwege onder meer de steeds grotere moderniteit. 'Wat dreigt, is de puinhopen van de fusie.'

Ds. H. Nekeman (classis Drachten) wilde mensen leren omgaan met onvrede en teleurstelling.

Oud. L. Nelck-Brinkmann (classis Zutphen) noemde het unievoorstel de zoveelste poging om SoW te vertragen, waardoor schade aan de kerk en de samenleving wordt toegebracht. 'We scheu-

ren nog niet, maar we slijten wel.' Ze riep op zich vooral in te zetten voor gerechtigheid en vrede.

Oud. A. A. Snijders (classis Delft) zei dat gewetensnood niet het laatste woord heeft, 'dat heeft de Schrift. Wie de keuze voor een unie wijs vindt, zal creatief meedenken.'

Ds. J. Stelwagen (visitator-generaal) erkende dat het unievoorstel liefde tot de kerk toont, 'maar de visitatie komt ook in een ander deel van de kerk waar frustratie is over het trage verloop.' Hij zei dat duidelijkheid nu de voorkeur verdient, al is het negatieve duidelijkheid.

Ds. J. Tadema (classis Dokkum) vroeg of het in de kerk om de mens of om de eer van de Heere gaat.

Ds. E. Westrik (classis Den Haag) meende dat het unievoorstel alle bezieling uit de kerk zou slaan. Hij wilde niet kiezen tussen orthodoxie en katholiciteit: 'Ik houd van de Bond en ik houd van SoW.'

Aduiseur prof. dr. L. J. uan den Brom zei dat er geschermd werd met bijbelteksten. 'Het unievoorstel weerspiegelt de verdeeldheid die er in de samenleving ook is'.

Goede overgangsbepalingen

Dr. P. van den Heuvel ging in zijn beantwoording in op de principiële verantwoordelijkheid van de synode. 'Als we opnieuw naar het grondvlak gaan, sluipt er een democratische tendens in onze besluitvorming'. De in de synode uitgesproken zorg zal de KOA honoreren, zegde hij toe, door met goede overgangsbepalingen te komen. Ook gaf hij aan dat er in het verenigingsmodel federatieve elementen zijn opgenomen.

Dr. B. Plaisier, secretaris-generaal van de hervormde synode, zei dat het moderamen met de modaliteitsorganisaties zal blijven spreken én dat 'er gesprekken met het Gekrookte Riet en het Comité in de maak zijn, om nogmaals te horen waar het schuurt'.

Alleen de motie van ds. De Reuver werd aangenomen, op advies van het moderamen. Daarin is verwoord dat het signaal van het unievoorstel over dreigende breuken uiterst serieus genomen moet worden, maar dat de weg naar een unie niet begaanbaar is. Opnieuw besloot de synode dus serieus met signalen om te gaan, waarbij de vraag gesteld moet worden of ze in staat is een gesprek met bezwaarden tot een echt gesprek te doen zijn. Op een herhaling van zetten en het aangeven hoeveel ruimte er plaatselijk geschapen is, zit niemand te wachten. Het zal moeten komen van een samen luisteren naar de Schrift, de belijdenis van de kerk, stemmen uit onze traditie. Daarbij zet ik een vraagteken bij de geloofwaardigheid van de aangenomen motie, omdat juist de indiener, ds. De Reuver, niet inging op de intentie van het voorstel. Noch de Confessionele Vereniging, noch de Gereformeerde Bond beijvert zich voor een belijdeniskerk in plaats van een belijdende kerk; beide willen geen voeding geven aan destructieve krachten in de kerk en de samenleving; beide weten heel goed dat de gereformeerde traditie vruchtbaar wil zijn in de brede bedding van de kerken enzovoorts. Dat is allemaal eerder uitgesproken.

Met 23 van de 70 stemmen tegen nam de synode het voorstel van het moderamen aan: het SoW-proces conform eerder genomen besluiten en met inachtneming van de daarvoor voorgeschreven procedure, voort te zetten in de richting van vereniging van de NHK, de GKN en de ELK. Er was dus precies tweederde voor de weg naar vereniging! Die tweederde is volgend jaar in een verdubbelde synode ook nodig bij de stemming over het fiisiebesluit.

Eerlijke kans

Ds. G. de Fijter verwoordde aan het eind van de beraadslagingen zijn gevoelens: 'Wij hebben vandaag niet bereikt wat de indieners willen - het gesprek over de toekomst van de kerk.' Dat is helemaal juist. De indieners hebben vanaf het begin gezegd dat het gaat om de visie achter het unievoorstel, waarbij over kerkordelijke knelpunten doorgepraat moet worden. De inzet van de KOA bij punten waarop het wringt, is een goedkope manier om het voorstel geen eerlijke kans te geven.

Het is vrijdag (opnieuw) duidelijk geworden: Samen op Weg moet doorgaan. De uitvoerige analyse van ds. H. van Ginkel van vijftien jaar SoW-besluiten speelde geen rol, omdat de kerk SoW-discussies moe is en met inhoudelijke thema's aan de gang wil. Dat laatste is begrijpelijk en herkenbaar, maar in de bezinning over de voortgang van Samen op Weg, gaat het wel om de toekomst van de kerk in Nederland.

We pleiten op Psalm 94: 'Want de Heere zal Zijn volk niet begeven, en Hij zal Zijn erve niet verlaten'. Hoe kunnen we anders verder?

P. J. VERGUNST

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juni 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Om de toekomst van de kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juni 2002

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's